Verslagen van de commissie voor de Verzoekschriften

IX
VERSLAG OVER HET ADRES1 VAN A. KOVALTCHOUK TE APELDOORN BETREFFENDE HET HANDELEN VAN DE DOUANE

Vastgesteld 30 januari 2002

De commissie2, gelet op de door de staatssecretaris van Financiën verstrekte inlichtingen,

overwegende,

dat adressante zich er in de eerste plaats over beklaagt dat de klachten van haar en wijlen haar echtgenoot over het optreden van ambtenaren van de douane, toen zij in oktober 1998 vanuit Moskou arriveerden op Schiphol, niet naar behoren zijn afgehandeld,

dat adressante en haar echtgenoot zich hadden beklaagd over het brutale, onvriendelijke optreden van die ambtenaren, die bovendien hun koffers met geweld openden toen zij daar zelf uit nervositeit niet in slaagden,

dat het hoofd van de betreffende douanepost weliswaar zowel schriftelijk als mondeling verontschuldiging heeft aangeboden, doch er niet in is geslaagd vast te stellen welke ambtenaren bij het incident betrokken waren, hetgeen naar de mening van adressante erop duidt dat er geen behoorlijk onderzoek heeft plaatsgevonden naar het incident, laat staan dat gerichte maatregelen genomen zijn kunnen worden,

dat het inderdaad bevreemdend is dat kennelijk niet valt na te gaan welke ambtenaren op een bepaald tijdstip bij een bepaalde controlepost dienst hadden en het begrijpelijk is dat adressante geen genoegdoening ondervindt van een algmeen gestelde verontschuldiging,

dat adressante zich er voorts over beklaagt dat de schade aan de koffers slechts met een symbolisch, want niet toereikend bedrag is vergoed,

dat het hoofd van de betreffende douanepost echter stelt dat adressante in een eerder stadium wel degelijk akkoord is gegaan met het aangeboden bedrag en dit bedrag zèlf heeft genoemd als een toereikende vergoeding,

dat uit de correspondentie blijkt dat de klacht over de materiële schadevergoeding inderdaad verbazing heeft gewekt bij de douane, hetgeen overigens niet uitsluit dat adressante onbedoeld instemming heeft laten blijken,

dat adressante zich er voorts over beklaagt dat de douane geen (mede)-aansprakelijkheid heeft erkend voor het overlijden van haar echtgenoot in april 1999 als gevolg van hartklachten, die volgens haar in belangrijke mate zijn veroorzaakt door ergernis en verontwaardiging over het incident op Schiphol, en derhalve geen immateriële schadevergoeding heeft aangeboden,

dat echter, juist in verband met de ernst van het feit van dit overlijden, een aansprakelijkstelling in verband met een verondersteld causaal verband uitsluitend langs gerechtelijke weg kan plaatsvinden;

van oordeel,

dat adressante van overheidswege deels onzorgvuldig is behandeld voor wat betreft het feitenonderzoek naar het incident, doch dat er voor het overige voor de Kamer geen aanleiding is in deze aangelegenheid verder te treden,

stelt de Kamer voor ten aanzien van dit adres over te gaan tot de orde van de dag.

De voorzitter van de commissie,

Stevens

De griffier van de commissie,

Van Dijk


XNoot
1

Dit adres en de stukken welke de commissie bij haar onderzoek ten dienste hebben gestaan, liggen op het commissiesecretariaat Verzoekschriften, Lange Poten 4, Den Haag, ter inzage van de leden.

XNoot
2

De commissie bestaat uit de leden: Stevens (CDA) (voorzitter), Rensema (VVD), Ter Veld (PvdA), Dupuis (VVD), Dölle (CDA) en Platvoet (GroenLinks).

Naar boven