Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum brief
Eerste Kamer der Staten-Generaal1995-199624439 nr. 134C

24 439
Wijziging van het Burgerlijk Wetboek, de Ziektewet en enkele andere wetten in verband met loondoorbetaling door de werkgever bij ziekte van de werknemer (Wet uitbreiding loondoorbetalingsplicht bij ziekte)

nr. 134C
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 januari 1996

Bij de behandeling van het voorstel van WULBZ door de Tweede Kamer is motie 24 439 nr. 19 aangenomen. In deze motie wordt gevraagd om binnen 6 en 12 maanden na inwerkingtreding van WULBZ te rapporteren over: «de positie van chronisch zieken, de aantallen afgesloten verzekeringen in het midden en kleinbedrijf, de variatie in premies, de verschillen tussen die premies en de premies onder de huidige Ziektewet, de aard van de controlevoorschriften zoals die door werkgevers aan werknemers ter zake van ziekte zijn gegeven, het aantal gevallen waarin second opinion is gevraagd, het aantal door werknemers aangespannen juridische procedures, de ontwikkeling van het aantal aanstellingskeuringen en het aantal gevallen waarin bijstand is verleend omdat loon noch ziekengeld werd ontvangen».

Bij de behandeling van het wetsvoorstel zijn ook nog andere punten genoemd waaraan aandacht besteed zou moeten worden bij evaluatie of het in beeld brengen van de werking van de in dat wetsvoorstel opgenomen maatregelen. Een aantal hiervan hangt samen met aandachtspunten die genoemd zijn bij eerder besproken maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen en ter verbetering van arbeidsomstandigheden. Een overzicht van de samenhangende evaluatiepunten is neergelegd in de bijlage.

Zoals reeds is aangekondigd bij de behandeling van het voorstel van WULBZ is inmiddels aan IVA Tilburg en Bureau AS/tri opdracht verleend tot het opzetten van onderzoekinstrumentarium berustend op een werkgeverspanel en het verrichten van 7 periodieke metingen bij dat panel tussen januari 1996 en mei 1998. In dit panel worden bedrijven ingedeeld in 11 bedrijfstakken. De beoogde omvang van het panel (ongeveer 4000 bedrijven) maakt het mogelijk over ieder van die bedrijfstakken betrouwbare uitspraken te doen, maar ook over verschillen tussen bedrijven van verschillende omvang binnen iedere bedrijfstak. Bij realisering van de beoogde omvang van het panel zal het voorts mogelijk zijn betrouwbare uitspraken te doen over verschillen tussen bedrijven van gelijke omvang uit verschillende bedrijfstakken.

Het doel is door die periodieke metingen, aangevuld met afzonderlijk onderzoek bij deelnemers aan het panel, informatie te verkrijgen over:

– de werking van de maatregelen bij werkgevers, waaronder risicoselectie en inzet flexibele arbeidskrachten,

– de kosten en baten van de maatregelen voor werkgevers,

– primaire preventie door bedrijven,

– secundaire preventie door bedrijven,

– omvang ziekteverzuim,

– omvang arbeidsongeschiktheid,

– verzekering loondoorbetalingsverplichting bij ziekte,

– arbeidsvoorwaarden bij ziekte/arbeidsongeschiktheid, inclusief de aard van de controlevoorschriften zoals die door werkgevers aan werknemers ter zake van ziekte worden gegeven,

– verhaal en de gevolgen daarvan voor werknemers,

– arbeidsdeelname door chronisch zieken en gehandicapten,

– toepassing van reïntegratiemaatregelen.

Daarenboven is in het onderzoeksprogramma van SZW onderzoek voorzien naar:

– reacties van werknemers op en gevolgen voor werknemers van de maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen, inclusief het gebruik van «second opinion»,

– de werking van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium,

– het aanbod en gebruik van verzekeringen inzake het «WAO-gat» en inzake de loondoorbetalingsverplichting, inclusief de premies die daarvoor moeten worden betaald.

Hierbij dient men zich wel te realiseren, dat bij een aantal van deze onderwerpen de betreffende maatregelen slechts kort van kracht zijn op het moment van onderzoek en in sommige gevallen nog zelfs ingevoerd moeten worden, zodat deze metingen en onderzoeken van de werking van die maatregelen slechts een voorlopig beeld kunnen geven.

Overigens zal een deel van de benodigde informatie ontleend kunnen worden aan de periodieke kwantitatieve voortgangsrapportages via de reguliere informatiekanalen (CBS, uitvoeringsorganen sociale zekerheid, Ctsv). Deze voortgangsrapportages betreffen:

a. ontwikkeling van het ziekteverzuim,

b. ontwikkeling van het arbeidsongeschiktheidsvolume,

c. volume-effecten van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium waaronder de herkeuringsoperatie,

d. toepassing reïntegratie-instrumenten,

e. regeling van en geven van «second opinion».

Voorts zal ik in overleg met mijn collega van Justitie nagaan hoe inzicht verkregen kan worden in aantal en aard van door werknemers aangespannen juridische procedures.

Tenslotte zal worden nagegaan waar bijstand is verleend omdat loon noch ziekengeld werd ontvangen.

Met de periodieke metingen, aangevuld door incidenteel onderzoek bij deelnemers aan het werkgeverspanel en met onderzoek dat daarenboven zal worden uitgevoerd, wordt mijns inziens in bevredigende mate een invulling gegeven aan de informatiebehoefte die door uw Kamer tot uitdrukking is gebracht bij het signaleren van relevante onderwerpen voor evaluatie en monitoring ten aanzien van de relevante wetgevingstrajecten.

Om te beginnen komt de rapportage van de eerste metingen met behulp van het genoemde werkgeverspanel, betreffende de reacties van werkgevers op het van kracht worden van WULBZ, het door hen ontvangen aanbod van verzekeringsarrangementen voor de loondoorbetalingsverplichting en hun reactie daarop, in september 1996 beschikbaar.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

R. L. O. Linschoten

BIJLAGE

Thema's en Aandachtspunten terzake Evaluatie en Monitoring van de diverse maatregelen ter vermindering van het gebruik van de wettelijke arbeidsongeschiktheidsregelingen en ter verbetering van arbeidsomstandigheden.

– Aktiviteiten gericht op verbetering van arbeidsomstandigheden en de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden als zodanig,

– aktiviteiten gericht op vermindering van het ziekteverzuim, de mate van ziekteverzuim als zodanig,

– aktiviteiten gericht op vermindering van de kans op arbeidsongeschiktheid en het optreden van arbeidsongeschiktheid als zodanig,

– aktiviteiten gericht op arbeidsdeelname door arbeidsongeschikt geworden werknemers, chronische zieken, en gehandicapte personen en de mate van arbeidsdeelname door deze personen als zodanig,

– de relatie tussen werkgever en werknemers in verband met arbeidsomstandigheden, ziekte en arbeidsongeschiktheid (zoals selectie- en aannamegedrag),

– baten en kosten voor werkgevers en gevolgen daarvan voor de concurrentieverhoudingen tussen bedrijven,

– operationalisering en werking van het nieuwe arbeidsongeschiktheidscriterium,

– aard en mate van begeleiding van arbeidsongeschikten,

– aanbod van particuliere verzekeringen inzake de loondoorbetalingsverplichting alsook het «WAO-gat»,

– uitkerings- en financiële positie van werknemers, verzekerden en uitkeringsgerechtigden,

– werkwijze van uitvoeringsorganen van de sociale zekerheid,

– werkwijze van arbodiensten,

– doorwerking maatregelen op derden,

– macro-effecten.