37 020 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2027

Nr. 69 MOTIE VAN HET LID ARMUT

Voorgesteld 29 oktober 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat een grote groep kinderen met een vve-indicatie nog niet aan voor- en vroegschoolse educatie deelneemt en kinderen die mogelijk in aanmerking komen voor vve niet altijd in beeld zijn;

constaterende dat uit de praktijk blijkt dat ouders zich niet alleen door onbekendheid met vve, maar ook door administratieve drempels niet aanmelden voor vve;

constaterende dat het programma Kansrijke Start gericht is op kinderen in kwetsbare omstandigheden en deze kinderen veelal ook in aanmerkingen komen voor vve;

overwegende dat drempelloze samenwerking tussen Kansrijke Start en voor- en vroegschoolse educatie ervoor kan zorgen dat kinderen met een vve-indicatie daadwerkelijk deelnemen aan vve, wat bijdraagt aan het voorkomen van achterstanden;

overwegende dat eenvoudigere aanmeldprocedures, minder formulieren, één aanspreekpunt voor ouders en hulp bij het invullen van formulieren voorbeelden zijn van manieren om administratieve drempels te verminderen;

verzoekt de regering om samen met gemeenten en betrokken partijen de aansluiting tussen Kansrijke Start en vve te verbeteren én in kaart te brengen welke administratieve drempels voor deelname aan vve worden ervaren en hoe deze kunnen worden weggenomen, en de Kamer uiterlijk in het eerste kwartaal van 2027 te informeren over mogelijke maatregelen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Armut

Naar boven