21 501-20 Europese Raad

Nr. 2464 MOTIE VAN HET LID VAN DER PLAS

Voorgesteld 12 oktober 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er nooit een overtuigende meerderheid voor de Natuurherstelverordening heeft bestaan, omdat de beslissende Oostenrijkse stem voor de Natuurherstelverordening werd uitgebracht tegen de wens van de eigen regering in;

constaterende dat Nederland tegen de Natuurherstelverordening heeft gestemd;

overwegende dat bij de uitwerking van de natuurherstelplannen de kosten voor de voorstanders concreter worden;

overwegende dat een inventarisatie waar in het dictum om wordt verzocht, de uitvoering van de afspraak uit het coalitieakkoord over de Natuurherstelverordening niet opschort;

verzoekt de regering tijdens de komende Europese top te inventariseren of er nog steeds een meerderheid is voor deze verordening, en de Kamer hierover te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van der Plas

Naar boven