36 922 Wijziging van de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de verstrekking van een aanvullende tegemoetkoming aan studenten die onder het studievoorschotstelsel hebben gestudeerd

Nr. 11 AMENDEMENT VAN HET LID BECKERMAN

Ontvangen 21 september 2026

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel B, wordt aan onderdeel 3, subonderdeel c, toegevoegd «en wordt «twaalf maanden» vervangen door «negen maanden»».

Toelichting

De aanvullende tegemoetkoming voor (oud-)studenten die nadeel hebben ondervonden van het leenstelsel stelt als voorwaarde dat deze ten minste 12 maanden onder dit stelsel gestudeerd hebben. Het kabinet sluit hierbij aan op de bij de aanvankelijke tegemoetkoming gestelde voorwaarden. Het kabinet wijst er daarbij op dat de tegemoetkoming bedoeld is voor diegenen die voor een substantieel deel onder het leenstelsel hebben gestudeerd, maar benoemt ook dat elke grens enigszins arbitrair is.

Met dit amendement wordt deze periode teruggebracht tot 9 maanden, voor zowel de aanvullende tegemoetkoming als met terugwerkende kracht voor de aanvankelijke tegemoetkoming. Er zijn immers ook studenten die een heel collegejaar onder het leenstelsel gestudeerd hebben, maar minder dan 12 maanden ingeschreven hebben gestaan of studiefinanciering hebben aangevraagd. Het is namelijk mogelijk om een 1-jarige master geheel af te ronden in minder dan 12 maanden. Het is daarmee niet logisch om studenten die minder dan 12 maanden onder het leenstelsel gestudeerd hebben uit te sluiten van de tegemoetkomingen. De indiener stelt een periode van 9 maanden voor, omdat deze aansluit bij de gedachtegang die ten grondslag ligt aan de aanvankelijk voorgestelde 12 maanden, maar beter aansluit op de periode waarin studenten daadwerkelijk kunnen afstuderen.

Beckerman

Naar boven