31 936 Luchtvaartbeleid

CJ MOTIE VAN HET LID NICOLAÏ

Voorgesteld 29 september 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Rechtbank Den Haag heeft geoordeeld dat de Staat praktische en effectieve rechtsbescherming moet bieden die toegankelijk is voor alle ernstig gehinderden en slaapverstoorden en waarbij de belangen van het individu voldoende geïndividualiseerd en gemotiveerd worden meegewogen;

constaterende dat de regering heeft bevestigd dat ernstige individuele geluidhinder of slaapverstoring op zichzelf geen grond voor handhaving vormt zolang de toepasselijke Lden- en Lnight-grenswaarden van het LVB worden nageleefd;

constaterende dat de individuele rechtsbescherming volgens de regering daarmee in hoofdzaak bestaat uit de mogelijkheid naleving van de juridisch bindende grenswaarden af te dwingen;

constaterende dat de inspecteur-generaal van de ILT in de deskundigenbijeenkomst van de Kamer over de nieuwe handhavingspunten heeft verklaard dat deze «best heel ruim zijn vastgesteld» en dat «de kans heel klein is dat deze handhavingspunten in de praktijk van invloed zijn op keuzes die daar gemaakt worden» en dat de Minister in het mondeling overleg met de Kamer heeft erkend dat bij het vaststellen van de grenswaarden een ruime marge is aangehouden;

overwegende dat het enkele bestaan van juridisch handhaafbare grenswaarden nog geen praktische en effectieve rechtsbescherming oplevert indien die grenswaarden zo ruim zijn vastgesteld dat zij onder redelijkerwijs te verwachten omstandigheden nauwelijks een daadwerkelijke begrenzing van de geluidbelasting vormen of in de praktijk geen of nauwelijks aanknopingspunten voor handhaving bieden;

verzoekt de regering het ontwerpLVB en, voor zover nodig, de daarmee samenhangende regelgeving zodanig aan te passen dat voor ernstig gehinderde en slaapverstoorde omwonenden. praktische en effectieve rechtsbescherming wordt gewaarborgd die voldoet aan wat de rechtbank heeft verlangd;

verzoekt de regering daarbij ervoor zorg te dragen dat deze rechtsbescherming niet uitsluitend afhankelijk is van de overschrijding van de thans voorgestelde jaarlijkse Lden- en Lnight-grenswaarden indien deze grenswaarden in de praktijk geen of nauwelijks aanknopingspunten voor handhaving blijken te bieden, maar dat wordt voorzien in juridisch afdwingbare normen of andere concrete voorzieningen waarmee de belangen van ernstig gehinderde en slaapverstoorde omwonenden daadwerkelijk en, waar nodig, geïndividualiseerd kunnen worden beschermd,

en gaat over tot de orde van de dag.

Nicolaï

Naar boven