30 821 Nationale Veiligheid

Nr. 340 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 juli 2026

Op verzoek van de Minister en Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) een Versnellingsnetwerk ingericht. Dit netwerk richt zich op het meer weerbaar maken van de fysieke infrastructuur van Nederland tegen hybride en militaire dreigingen. Op 25 juni is door de voorzitter van het Versnellingsnetwerk, Christophe van der Maat een rapport aangeboden over twee thema’s: de dreiging van drones voor vitale objecten en netwerken en de afhankelijkheid van vitale processen van satellietsystemen voor plaats-, navigatie en tijdsbepaling (PNT).

Het vertrekpunt van het netwerk is het perspectief van de vitale aanbieders zelf: hoe ervaren zij de dreiging, welke dilemma’s komen zij tegen, wat kunnen zij zelf doen en waar stuiten zij op grenzen? Het netwerk heeft het buitenperspectief verbonden aan beleidsmatige ontwikkelingen bij de diverse betrokken departementen. Het rapport is daarom ook gelijktijdig aangeboden aan de Ministers van Justitie en Veiligheid, Defensie en Economische Zaken en Klimaat. Met deze brief bied ik uw Kamer dit rapport aan.

Ik ben blij met de verschillende opbrengsten van het Versnellingsnetwerk.

Specifiek ten aanzien van drones geven de partijen binnen het netwerk aan dat de inzet van drones grote kansen biedt voor logistiek, inspecties en hulpverlening.

Tegelijkertijd is sprake van een groeiende zorg over de toename van ongewenste drones. Zo zijn er eind 2025 diverse drone-incidenten geweest. Daarbij zijn (vermoedelijk) drones waargenomen in de nabijheid van kritieke infrastructuur en militaire objecten. In reactie daarop is een interdepartementale ambtelijke werkgroep Versnelde Aanpak tegen Ongeautoriseerde Drones-activiteiten gestart (VATOD). De VATOD heeft als doel om op korte en middellange termijn de weerbaarheid tegen ongeautoriseerde drone-activiteiten in Nederland te versterken. Daartoe brengt deze werkgroep mogelijke maatregelen in kaart op het gebied van detectie, interventie, preventie en beeldopbouw. Zo heeft de VATOD onder meer recentelijk – via de vakdepartementen – een aantal concrete handvatten gedeeld met vitale aanbieders om hen te ondersteunen bij het uitvoeren van een risicobeoordeling specifiek in relatie tot drones. Deelnemers van deze ambtelijke taskforce zijn het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Justitie en Veiligheid, Defensie, Economische Zaken en Klimaat, Buitenlandse Zaken, Algemene Zaken en de politie, de Koninklijke Marechaussee en het Openbaar Ministerie. De bevindingen van het Versnellingsnetwerk vormen een belangrijke aanvulling op de VATOD. Het advies is gedragen door meer dan 50 organisaties en geeft daarmee de bereidheid van deze organisaties aan om versneld weerbaar te worden. Het advies biedt daartoe ook concrete handvatten en wat deze organisaties verwachten van de overheid. De bevindingen van het Versnellingsnetwerk worden betrokken bij de verdere uitwerking van de maatregelen van de taskforce. Daarover wordt de Kamer dit najaar geïnformeerd.

Het tweede thema is de afhankelijkheid van vitale processen van satellietsignalen voor plaats, navigatie en tijd (PNT) en de mogelijke risico’s die daaruit kunnen ontstaan. PNT-uitval treft alle vitale sectoren tegelijk. Het ontvouwt zich niet in seconden maar in uren en dagen van toenemende cascade-effecten. Bovendien is een gemanipuleerd signaal soms gevaarlijker dan een uitgevallen signaal: wie een «gespoofed» signaal voor waar aanneemt, weet niet eens dat er iets mis is. Het monitoringonderzoek op vier Nederlandse vitale locaties registreerde in een korte meetperiode al 77 verstoringen.

Op het gebied van uitval PNT is het belangrijk te wijzen op de eerdere onderzoeken die zijn uitgevoerd, de Inventarisaties Kwetsbaarheden Uitval Satellietnavigatie (IKUS 1 en 2) uit 2017 en 2023. Het versnellingsnetwerk heeft gebruik gemaakt van en voortgebouwd op de constateringen en aanbevelingen.

Het Versnellingsnetwerk adviseert om PNT als «nutsvoorziening» te gaan beschouwen en de regie te beleggen bij één ministerie. En om te investeren in een Nationaal Tijdnetwerk.

Een deel van de uitwerking op de OFL adviezen moeten met en door andere ministeries gerealiseerd worden. Gezien de urgentie is dit interdepartementaal al in voorbereiding en zal dit ook een onderdeel zijn van onze uitgebreidere reactie op de adviezen aan de Kamer.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, V.P.G. Karremans

Naar boven