Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36800-XX nr. G |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.
Officiële publicaties van de overheid.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 36800-XX nr. G |
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 juli 2026
In deze brief geef ik de stand van zaken weer met betrekking tot verschillende – door uw Kamer aangenomen – moties en toezeggingen met betrekking tot asielopvang.
Motie van de leden Perin-Gopie (Volt) c.s. over het stimuleren van duurzame kleinschalige opvang1
Vanwege de enorme druk op het opvanglandschap is het de dagelijkse inzet van het COA en het kabinet om voldoende opvangcapaciteit te realiseren. Op dit moment wordt nog te veel gebruik gemaakt van dure noodopvang. Het kabinet wenst deze uit te faseren door meer langjarige opvanglocaties mogelijk te maken. Ook kleinschalige opvanglocaties kunnen daaraan bijdragen, bijvoorbeeld voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen (amv). Per business case maakt het COA een inschatting over de haalbaarheid van een locatie en geeft daarbij aan welke faciliteiten door de gemeente georganiseerd moeten worden (uiteraard kan een kleine locatie bijvoorbeeld geen 24/7 beveiliging of een huisartsenpost hebben). De Duurzame Gemeentelijke Opvang (DGO) modaliteit kan handvatten bieden aan gemeenten om de invulling van hun asielopgave op meer zelfstandige wijze vorm te geven. Het kabinet blijft doorlopend in gesprek over de opvangdruk met alle betrokken partners. Onder andere de provinciale regietafels (PRT’s) zijn daarvoor een belangrijk gremium.
Toezegging naar aanleiding van vragen van het lid Van der Goot (OPNL), over een periodiek overzicht naar de Kamers sturen voor het bijhouden van de ontwikkeling van kleinschalige opvang en het monitoren van welke voorgenomen kleinschalige opvang niet gerealiseerd kan worden
In december 2025 werd uw Kamer per brief2 geïnformeerd over de laatste stand van zaken omtrent de ontwikkeling van reguliere kleinschalige asielopvang3 door het COA (hierna kso). Dit conform de toezegging van mijn ambtsvoorganger, naar aanleiding van het verzoek van lid Van der Goot4 (OPNL), om uw Kamer periodiek te informeren over de realisatie van kso en de redenen waarom locaties zijn afgevallen. Hierbij moet worden opgemerkt dat naast kso van het COA er ook diverse kso’s zijn voor amv (Nidos).
Reguliere kso’s zijn COA-opvanglocaties met 150 of minder opvangplekken. Hiervoor zijn diverse vormen mogelijk. Het streven is om kso’s zoveel als mogelijk in de buurt van reguliere opvanglocaties te realiseren.
Als eerste wil ik aangeven dat het COA reeds een groot aantal kleinschalig noodlocaties heeft en daarnaast vele kleinschalige amv-locaties. Daarnaast wordt gewerkt aan kleinschalige reguliere locaties. Op peildatum 17 juni 2026 zijn er 27 KSO-leads. De eerste kleinschalige reguliere locatie is per 5 januari 2026 in gebruik genomen. Drie van dergelijke locaties gaan mogelijk nog dit jaar open. Daarna zal ingebruikname gefaseerd plaatsvinden, gedurende de jaren 2026, 2027, 2028.
De reden van het tempo van ontwikkeling van kso locaties is gelegen in het feit dat er verkennende gesprekken met gemeenten zijn. Het verdere traject van het realiseren van een opvanglocatie neemt vaak tijd in beslag. Ook gaat het bij sommige locaties om enkel een terrein zónder infrastructuur. Bij dit soort locaties koste het tijd voordat een opvanglocatie geschikt is voor bewoning.
Totaal zijn er vanaf 2024 tot 17 juni 2026 50 kleinschalige coa-locaties afgewezen of on hold gezet. Hieronder een samenvatting van de afwijzing van deze locaties.
|
Afwijsreden |
Aantal leads |
|---|---|
|
Aanbieder heeft zich teruggetrokken |
5 |
|
Eigenaar teruggetrokken ivm bedreiging |
1 |
|
Eigenaar vraagt te hoge huursom |
3 |
|
Gekozen voor andere locatie in gemeente/regio |
9 |
|
Gemeente onderzoekt of zij locatie zelf kunnen ontwikkelen en exploiteren |
2 |
|
Gemeente voldoet al aan verdeelbesluit |
1 |
|
Locatie niet geschikt |
10 |
|
Na verdeelbesluit is de opgave van gemeente op 0 gegaan |
1 |
|
Ontbreken bestuurlijk draagvlak |
18 |
|
Eindtotaal |
50 |
In de komende periode zullen de knelpunten in het realiseren van reguliere kso’s nader in beeld worden gebracht. Hierover zal de Tweede Kamer per brief worden geïnformeerd.
Toezegging over het niet tornen aan bestaande afspraken tussen gemeentes en het COA die zijn neergelegd in een getekende overeenkomst5
In december werd uw kamer voor het laatst over deze toezegging geïnformeerd. Dit kabinet heeft extra middelen vrijgemaakt waarmee het COA tot 83.000 opvangplekken langjarig kan vastleggen. Om dit in de praktijk te realiseren is het van groot belang dat gemeenten hun wettelijke taak voortkomend uit de spreidingswet nakomen. Het kabinet ondersteunt hierin waar dat gewenst en mogelijk is. Hiermee kan ook de huidige druk op de asielopvang verlicht worden. Ontstane situaties waarin onverhoopt langer een beroep wordt gedaan op een opvanglocatie dan vooraf was vastgelegd kunnen hiermee in de toekomst worden voorkomen.
Motie ingediend door het lid Huizinga-Heringa, J.C. van de Christen Unie over het duurzaam exploiteren van opvangplekken door het COA6
Met het Coalitieakkoord en de voorjaarsbesluitvorming zijn de financiële middelen om de stabiele financiering bij COA te realiseren geregeld. Daarmee zijn middelen vrijgemaakt zodat COA ca. 83.000 opvangplekken meerjarig kan vastleggen.
Hiermee kan op termijn toegewerkt worden naar een stabiel opvanglandschap met voldoende opvangplekken, waardoor ook verhuisbewegingen van asielzoekers kunnen worden beperkt. Om dit te kunnen realiseren blijft voorlopig ook de uitvoering van de spreidingswet van belang.
Toezegging naar aanleiding van een vraag van het lid Janssen (SP), om toe te zien dat in het wekelijkse persbericht dat het Ministerie van Asiel en Migratie uitbrengt over de asielinstroom de link «lees meer» wordt geactiveerd zodat op eenvoudige wijze een uitsplitsing van de asielinstroom te zien is.7
De IND rapporteert maandelijks de volledige onderverdeling van eerste asielaanvragen, herhaalde aanvragen en gezinshereniging op hun website (Asieltrends). Om te voldoen aan de vele vragen die er zijn over de asielinstroom worden de totaalcijfers ook wekelijks gepubliceerd in het genoemde persbericht.
Naar aanleiding van de vragen van het lid Jansen is in het persbericht nu ook de uitsplitsing tussen eerste asielaanvragen en nareis binnen de totale asielinstroom opgenomen. Daarnaast wordt in het persbericht een link geplaatst naar de website Asieltrends, zodat van de volledige onderverdeling kennisgenomen kan worden.
Toezegging, naar aanleiding van een vraag van het lid Dittrich (D66), over de wijze waarop kwalitatief toezicht wordt gehouden op kleinschalige niet-COA-opvang8
Via artikel 3b Wet COA kan het COA met een gemeente overeenkomen dat de volledige exploitatieverantwoordelijkheid voor een opvangvoorziening wordt overgedragen aan het college van burgemeester en wethouders van die gemeente. De doorwerking hiervan in de lagere regelgeving betekent dat VGE-gemeenten bij exploitatie aan hetzelfde wettelijke kader moeten voldoen als het COA. Via artikel 22a Rva zijn vrijwel alle materiële en immateriële opvangverplichtingen van overeenkomstige toepassing verklaard op gemeentelijke opvangvoorzieningen. Daarmee vallen VGE-gemeenten onder hetzelfde rechten- en plichtenpakket als COA-locaties.
De Spreidingswet bepaalt dat de Minister van AenM toezicht houdt op de kwaliteit van opvangvoorzieningen. Ongeacht of deze door COA, of onder verantwoordelijkheid van de gemeente wordt geëxploiteerd. Gemeentelijke exploitatie valt formeel onder interbestuurlijke toezicht, waarop ook de kwaliteit van de opvang onder valt.
Gemeentelijke Exploitatie is op dit moment nog in uitwerking en dus nog niet mogelijk. Hoewel nog niet besloten, is het mogelijk én ligt het voor de hand om de Inspectie JenV als uitvoerende partij aan te wijzen.
Bevindingen en de verdere opvolging van het verbetertraject, zodra de IGJ het definitieve landelijke ontwikkelplan heeft beoordeeld
Vorig jaar heeft de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) onderzoek gedaan naar de regio Apeldoorn van Nidos. Hierover is uw Kamer destijds geïnformeerd. Volgens de IGJ zetten medewerkers van Nidos zich met bevlogenheid en passie in. De IGJ heeft echter een aantal tekortkomingen geconstateerd, die risico’s met zich meebrengen. Nidos heeft naar aanleiding van het rapport een resultaatanalyse uitgevoerd om na te gaan of de tekortkomingen die in de regio Apeldoorn zijn vastgesteld, ook in de overige regio’s van Nidos voorkomen. Daarnaast heeft Nidos de door de IGJ geformuleerde verbeteracties vertaald naar acht overkoepelende doelstellingen die voor alle regio’s zullen gelden. Op basis daarvan is een Landelijk Ontwikkelplan opgesteld. Zoals toegezegd door mijn ambtsvoorganger informeer ik hierbij de Kamer over de bevindingen in andere regio’s en over de verdere opvolging van het verbetertraject.
Uit de analyse die Nidos heeft gedaan, bleek dat de tekortkomingen die de IGJ in Apeldoorn heeft vastgesteld in gelijke of mindere mate ook in de rest van het land gelden. De tekortkomingen zien in het bijzonder op een aantal punten. De professionele afwegingen over de veiligheid van jongeren moeten worden verbeterd, en goed worden vastgelegd. Ook dient Nidos meer proactief methodisch te werken, en moet de begeleiding van de opvanggezinnen worden verbeterd.
Het Landelijk Ontwikkelplan dat Nidos heeft opgesteld richt zich op drie aspecten. Ten eerste gaat het om het verankeren van de pedagogische visie en de methodiek. Vanwege de grote groei van Nidos is het nodig om alle (nieuwe) medewerkers opnieuw op te leiden over de visie en methodiek. Met verschillende maatregelen wil Nidos dit weer gaan implementeren en/of borgen. Daarnaast richt het Ontwikkelplan zich op ondersteuning, instrumenten, tools en deskundigheidsbevordering. Hierbij richt Nidos zich specifiek op de onderwerpen veiligheid, seksualiteit, netwerk en opvang en wonen in gezinsverband. Ten slotte worden op een aantal van deze onderwerpen het beleid en de werkinstructies geactualiseerd.
De IGJ heeft inmiddels gereageerd op het plan. Zij geeft aan in het plan een zorgvuldige en brede aanpak te herkennen, waarin aandacht is voor zowel inhoudelijke ontwikkeling als versterking van de organisatie. De Inspectie ziet het Landelijk Ontwikkelplan als een waardevolle en positieve stap richting verdere versterking van de jeugdbescherming binnen Nidos. Tegelijkertijd noemt de IGJ enkele aandachtspunten. Zo vraagt de Inspectie om in de verdere concretisering aandacht te hebben voor wat de verbeteringen concreet voor jongeren en opvangouders gaan betekenen. Daarnaast wijst ze op het hoge ambitieniveau in relatie tot de uitvoerbaarheid.
Samen met de IGJ heb ik er vertrouwen in dat Nidos de noodzakelijke verbeteringen kan realiseren.
Vanzelfsprekend blijft mijn ministerie in gesprek met Nidos over de implementatie van het Landelijk Ontwikkelplan.
De Minister van Asiel en Migratie, G. van den Brink
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36800-XX-G.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.