30 995 Aanpak Wijken

Nr. 122 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING EN RUIMTELIJKE ORDENING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 juli 2026

Sinds 2022 wordt in 20 stedelijke gebieden, de zogeheten focusgebieden binnen het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV), gedurende 20 jaar gewerkt aan stelselmatige verbeteringen die elkaar versterken: betere woningen en wijken, veiligere buurten en meer bewoners mee laten doen in de samenleving in de vorm van school en werk. Het blijvend verbeteren van het toekomstperspectief van bewoners in deze gebieden vraagt om structurele investeringen, intensieve samenwerking en additionele inzet op het bestaande beleid.

De Specifieke Uitkering (SPUK) Kansrijke Wijk(hierna: SPUK KW) is een regeling binnen het NPLV voor het sociaal domein. In de eerste tranche van deze regeling zijn voor de periode 2023–2025 middelen gebundeld van de Ministeries VRO, SZW, OCW en VWS op de hoofdthema’s preventie armoede en schulden, re-integratie, veerkracht en weerbaarheid, de ontwikkeling van het jonge kind, school en omgeving en planvorming voor een gezonde leefomgeving. Daarbij zijn ook integrale middelen beschikbaar.

Vanuit kennisinstituut Movisie en het Verwey-Jonker Instituut is onder de vlag van kennisplatform WijkWijzer in opdracht van de ministeries een overkoepelende monitor en evaluatie uitgevoerd. De monitor geeft inzicht in de uitvoering, de resultaten en de werking van de interventies op de afzonderlijke hoofdthema’s, de integrale aanpak en samenwerking in de focusgebieden.1 Met deze brief bied ik u de eindrapportage van de monitor SPUK Kansrijke Wijk eerste tranche aan. Dit doe ik mede namens de Minister van Werk en Participatie en de Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie. Ik zal daarnaast in deze brief ook invulling geven aan enkele toezeggingen uit het commissiedebat Leefbaarheid en Veiligheid van 8 april jl. Op de overige toezeggingen zal ik in het najaar terugkomen.

De belangrijkste bevindingen van de monitor SPUK Kansrijke Wijk

De monitor laat zien dat de integrale inzet vanuit het NPLV en specifiek de SPUK KW werkt. In vrijwel alle domeinen is het bereik van doelgroepen merkbaar vergroot, met name onder groepen die eerder moeilijk in beeld kwamen.

Het bereik van voorschoolse educatie is in veel gebieden toegenomen door betere samenwerking tussen partners en de inzet van toeleidingsconsulenten. Het bereik in de gebieden ligt inmiddels gemiddeld op 80%, waar het landelijk in 2024 op 76% lag. Op het gebied van re-integratie leiden de interventies tot meer participatie en betrokkenheid onder bewoners, zowel richting werk en opleiding als maatschappelijke activiteiten. In totaal hebben bij benadering ruim 5.000 inwoners re-integratiebegeleiding ontvangen. Ook zijn er 300 opstap- of instapbanen gerealiseerd en nog eens 77 buurtbanen. Voor al deze activiteiten geldt dat deze mede bekostigd worden vanuit de SPUK KW, naast de reguliere inzet. Binnen het thema preventie armoede en schulden zijn er onder andere financiële educatieve activiteiten georganiseerd voor 2.700 kinderen en jongeren. Om inwoners met financiële zorgen te ondersteunen wordt mede ingezet op het informele circuit. Binnen het thema veerkracht en weerbaarheid dragen de interventies bij aan een positieve identiteitsontwikkeling van jongeren en zorgen voor een nieuwe verbindingen in de wijk tussen jongeren, organisaties en voorzieningen. Hierdoor ontstaat een beter beeld van wat nodig is en kan eerder worden bijgestuurd indien nodig.

Daarnaast zien we dat interventies vaak meervoudige effecten hebben, wat betekent dat investering in een onderwerp zich ook uitbetaalt in resultaten voor andere onderwerpen. Het creëren van wijkbanen draagt bijvoorbeeld bij aan het onderhoud van de wijk en organiseren van buurtactiviteiten wat de sociale cohesie weer stimuleert. Ouders die hun kind naar de voorschoolse educatie kunnen brengen krijgen de ruimte om deel te nemen aan leerwerktrajecten, dit draagt bij aan de ontwikkelkansen van ouder en kind.

Succesvolle aanpakken kenmerken zich op alle domeinen door nabijheid en ruimte voor maatwerk. Aanwezig zijn en net wat meer aandacht maken het verschil voor inwoners van de NPLV-gebieden. In deze gebieden met gestapelde problematiek werkt een gebiedsgerichte aanpak waaraan meerdere partners zich committeren, zowel in het publieke als private domein en door samenwerking tussen formele en informele partijen.

De monitor laat bovendien zien dat interventies vaak functioneren ondanks het systeem in plaats van dankzij. Bredere knelpunten zoals verkokering, complexiteit van systemen en samenwerking tussen organisaties en informele netwerken worden geadresseerd. Het NPLV biedt – mede door de SPUK KW – een werkwijze die deze knelpunten niet alleen kan signaleren maar ook daadwerkelijk kan doorbreken. De SPUK KW helpt lokale partners beter samen te werken en biedt een financieel fundament om de opgave in de gebieden aan te pakken. De inzichten uit deze monitor zullen worden meegenomen bij de uitvoering van de SPUK KW tweede tranche.

Bredere kennisdeling binnen en buiten het NPLV

De monitor van de SPUK KW is onderdeel van de bredere kennisinfrastructuur van het NPLV. Onder de vlag van WijkWijzer werken diverse kennisorganisaties samen om kennis, leren en netwerkontwikkeling van leefbaarheids- en veiligheidsopgaven te stimuleren en breder toegankelijk te maken. Tijdens het commissiedebat Leefbaarheid en Veiligheid van 8 april jl. (Kamerstuk 30 995, nr. 121) heb ik toegezegd2 uw Kamer te informeren over hoe goede voorbeelden en resultaten extra aandacht kunnen krijgen en hoe gemeenten buiten het NPLV hier ook van kunnen profiteren.3

Goede voorbeelden en veelbelovende interventies in de NPLV-gebieden worden actief ontsloten via onder meer WijkWijzer en de website leefbaarenveilig.nl. Dat geldt tevens voor goede voorbeelden om de deelname aan voorschoolse educatie te vergroten, waartoe een motie van de leden Armut en Rooderkerk oproept die de Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie in het debat van 17 juni jl. heeft overgenomen.4 Het gaat hierbij om praktijkverhalen, artikelen, handreiking en monitoringsrapportages. De opgedane kennis wordt niet alleen binnen de NPLV-gebieden gedeeld, maar ook beschikbaar gemaakt voor andere gemeenten en samenwerkingspartners die werken aan leefbaarheids- en veiligheidsvraagstukken. Een voorbeeld hiervan zijn de zogenoemde AandeBak-garanties in Rotterdam-Zuid, waarbij jongeren worden begeleid naar werk met als sluitstuk een baangarantie. Deze aanpak wordt inmiddels in meerdere NPLV-gebieden toegepast.

Waar mogelijk worden inzichten met elkaar verbonden. Zo koppelt het NPLV-gebied Tilburg Noordwest de AandeBak-aanpak aan de interventie Boost Impact uit het programma Preventie met Gezag van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Jongeren die risico lopen af te glijden naar criminaliteit worden daarbij begeleid naar werk en toekomstperspectief. In 2025 hebben 57 jongeren in Tilburg Noordwest zich aangemeld voor een Boost Impact-traject: 30 jongeren hebben het traject afgerond, 11 jongeren zijn uitgestroomd naar werk.

Daarnaast wordt kennis gedeeld over het verbeteren van de fysieke leefomgeving, woningkwaliteit en woningbouw in NPLV-wijken. Voorbeeld hiervan is het project De Mix in Utrecht Overvecht, waar wordt gewerkt aan het behouden van bewoners die willen doorstromen naar een duurdere woning in de wijk. Dit doen ze door 179 middeldure huurwoningen aan te bouwen voor de 80 gesloopte sociale huurwoningen waarvoor er elders in de stad 135 terug geplaatst worden. Of Vrieheide in Heerlen-Noord waar met behulp van het Volkshuisvestingfonds 51 verpauperde woningen zijn gerenoveerd.

Bundeling van middelen richting de NPLV-gebieden

Tijdens het commissiedebat van 8 april verzocht het lid Grinwis5 om uw Kamer te informeren over wat er nodig is budgetten per gebied te bundelen.

De NPLV-gebieden ontvangen verschillende regelingen op het gebied van wonen, veiligheid en het sociaal domein. Zoals in deze brief beschreven wordt een deel van deze middelen in het sociaal domein gebundeld in de SPUK KW. Van 2026 tot en met 2028 loopt de tweede tranche van deze regeling. Het bundelen van deze middelen stelt de allianties in staat om op een integrale wijze de gestapelde problematiek aan te pakken. Ook beperkt het de administratieve lasten met betrekking tot de aanvraag en verantwoording. Als coördinerend bewindspersoon verken ik in overleg met de departementen en de gebieden welke mogelijkheden er zijn om budgetten toe te voegen aan de SPUK KW. Daarbij neem ik ook het vereenvoudigen van de uitvoering van de regeling mee. Zo is bijvoorbeeld op basis van de ervaringen uit de gebieden een wijziging van de regeling in voorbereiding die de administratieve lasten van de SPUK KW verder vermindert.

Daarnaast zijn ook middelen op het veiligheidsdomein beschikbaar uit de SPUK Preventie met Gezag 2026–2029 van het Ministerie van JenV. Ook op het fysieke domein zijn er verschillende regelingen die neerslaan in de NPLV-gebieden zoals het Volkshuisvestingsfonds (VHF) en de Realisatiestimulans. Binnen de Realisatiestimulans zijn voor de NPLV-gebieden speciale opslagen voorzien voor openbare ruimte en collectief maatschappelijke voorzieningen en capaciteitsondersteuning. Op het gebied van verduurzaming heeft het kabinet de ambitie uitgesproken om via het NPLV de wijken met de grootste energiearmoede te helpen. Momenteel wordt onderzocht of de SPUK KW ook benut kan worden voor de lange termijnaanpak van het verminderen van energiearmoede. Hierbij moet het bundelen van middelen op zichzelf geen doel zijn, maar een middel om de problematiek effectief aan te pakken. Het onderbrengen van verschillende financiële middelen in één brede regeling vraagt om een gerichte en zorgvuldige afweging. De hierboven genoemde regelingen beslaan verschillende beleidsdomeinen en doelstellingen en kennen andere bestedingseisen of verantwoordingsverplichtingen. Waar domeinen elkaar onvoldoende versterken ten behoeve van een integrale aanpak of de vereiste mate van beleids- en bestedingsruimte te veel verschilt, kan het bundelen van middelen juist meer bureaucratie opleveren voor zowel NPLV-gebieden als het Rijk.

Kinderopvang en vaccinatiegraad in NPLV-gebieden

Tijdens het commissiedebat van 8 april jl. verzocht het lid Moorman om uw Kamer te informeren over de afname van kinderopvanglocaties in de NPLV-gebieden en de mogelijkheid om gratis kinderopvang aan te bieden.6 Naar aanleiding van het signaal van lid Moorman is bij de NPLV-gebieden nagegaan of zij zich herkennen in het beeld dat er een afname is van kinderopvanglocaties doordat commerciële aanbieders naar andere wijken trekken. Het beeld dat hieruit naar voren komt, verschilt per gebied. Hierbij is het goed om op te merken dat gemeenten kunnen sturen op passende huisvesting voor kinderopvangaanbieders en op die manier kunnen bijdragen aan het kinderopvangaanbod in NPLV-gebieden.

Buiten kijf staat dat goede kinderopvang essentieel is voor de doelstellingen van het NPLV. Kinderopvang maakt het voor ouders mogelijk om arbeid en zorg voor hun kinderen te combineren en het stimuleert kinderen in hun ontwikkeling. Met het programma Jonge Kind, onderdeel van de SPUK KW, werken we gericht aan het verhogen van het bereik van voorschoolse educatie. Daarnaast zetten gemeenten vaak aanvullend in op toeleiding naar kinderopvang. Ook zijn er gemeenten die in bepaalde (NPLV-) wijken of op bepaalde locaties binnen de huidige kaders gezinnen gratis kinderopvang aanbieden, ongeacht of ouders wel of niet werken. Het kabinet werkt aan een wetsvoorstel voor een nieuw financieringsstelsel voor kinderopvang. Dit nieuwe stelsel is eenvoudiger voor ouders, biedt hun (financiële) zekerheid en maakt kinderopvang betaalbaarder. Ook het nieuwe stelsel blijft kinderopvang gericht op werkende ouders. Wel biedt dit wetsvoorstel gemeenten meer ruimte om inwoners extra te compenseren in de kosten van kinderopvang, bijvoorbeeld ouders met lagere inkomens of gezinnen in een kwetsbare positie. Gemeenten kunnen hierin eigen keuzes maken en zo gericht ondersteuningsbeleid voeren, ook in de NPLV-gebieden. Het kabinet onderzoekt mogelijkheden om gemeenten eerder al meer ruimte te geven voor het vergoeden van de eigen bijdrage. De Tweede Kamer wordt hier na de zomer nader over geïnformeerd.

Lid van Asten verzocht mij om met mijn collega van VWS in gesprek te gaan over de aanpak om de vaccinatiegraad in de NPLV-gebieden te verhogen.7 Tijdens het bestuurlijk overleg NPLV van 22 juni jl. is afgesproken om gezamenlijk te kijken hoe een goede aanpak op de vaccinatiegraad in de gebieden kan worden opgezet. Daarnaast is afgesproken dat goede regionale aanpakken op het gebied van kraamzorg worden verzameld en breder worden verspreid om van elkaar te leren. Hiermee wordt invulling gegeven aan de toezegging aan lid Moorman8 om extra aandacht te hebben voor kraamzorg. Tijdens het tweeminutendebat Leefbaarheid en Veiligheid van 3 juni jl. is een motie aangehouden door de leden Grinwis, Moorman, Clemminck en van Asten9 om de continuïteit van School en Omgeving te borgen als onderdeel van de SPUK KW. Op het bestuurlijk overleg NPLV heeft de Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie afgesproken om met enkele burgemeesters van de NPLV-gebieden in gesprek te gaan over de continuïteit van het programma in de gebieden vanaf 2029.

De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, E. Boekholt-O'Sullivan


X Noot
1

In deze monitor komt de planvorming rond een gezonde leefomgeving niet aan bod vanwege de beperkte omvang. Het hoofdthema school en omgeving wordt ook niet beschreven in deze rapportage omdat dit onderwerp een eigen monitoring heeft.

X Noot
2

TZ202604-154.

X Noot
3

TZ202604-150.

X Noot
4

Kamerstuk 36 800 VIII, nr. 169.

X Noot
5

TZ202604-152.

X Noot
6

TZ202604-153.

X Noot
7

TZ202604-155.

X Noot
8

TZ202604-158.

X Noot
9

Kamerstuk 30 995, nr. 118.

Naar boven