30 180 Conferentie van Voorzitters van de parlementen van de Europese Unie

AA/ Nr. 37 VERSLAG VAN EEN CONFERENTIE

Vastgesteld 25 juni 2026

De Voorzittersconferentie, oftewel Speakers Conference (EUSC), is de conferentie van de Voorzitters van de Kamers van de parlementen van de EU, inclusief het Europees Parlement. Jaarlijks komen de Voorzitters van de parlementen van de EU samen om informatie en best practices uit te wisselen en parlementaire samenwerking te stimuleren. De Voorzittersconferentie van de Europese Unie vond dit jaar onder Deens voorzitterschap plaats van 3–5 mei 2026 in Kopenhagen.

Namens de Eerste Kamer der Staten-Generaal nam ondervoorzitter Boris Dittrich deel aan de conferentie. Hij werd ambtelijk begeleid door de Griffier van de Eerste Kamer, Remco Nehmelman, en een griffiestaf. Namens de Tweede Kamer der Staten-Generaal nam ondervoorzitter Ingrid Michon-Derkzen deel. Zij werd ambtelijk begeleid door de Griffier van de Tweede Kamer, Peter Oskam, en een griffiestaf. De delegatie brengt als volgt verslag uit. De Voorzittersconclusies zijn als bijlage bij het verslag gevoegd.1

De delegatie heeft op zondag voorafgaand aan de conferentie een gesprek gevoerd met de Ambassadeur van Nederland te Denemarken, Nienke Trooster. De delegatie is de ambassadeur erkentelijk voor het delen van haar inzichten voorafgaand aan de conferentie.

Voorzittersconferentie

De conferentie werd ingeleid met een welkomstwoord door de Voorzitter van het Deense parlement, Søren Gade. In zijn inleiding was aandacht voor de huidige geopolitieke ontwikkelingen en de situatie in Groenland.

Vervolgens was het woord aan Verona Murphy, voorzitter van de Ierse Dáil Éireann. Zij sprak over het aankomende Ierse EU-voorzitterschap. De doelstellingen zijn onder meer het vergroten van cohesie in Europa, het versterken van democratische samenwerking tussen parlementen, en waarborgen van de Europese waarden zoals democratie, openheid en de rechtsstaat, nu de EU met grote wereldwijde uitdagingen wordt geconfronteerd.

Sessie I – Europa in een veranderende wereldorde: veiligheid, uitbreiding en de rol van parlementen

Bij de eerste sessie waren er keynote speeches van de Voorzitter van de Oekraïense Verkhovna Rada, Ruslan Stefanchuk, en de Voorzitter van het parlement van Albanië, Niko Peleshi. De heer Stefanchuk dankte de aanwezigen voor de aanhoudende steun aan Oekraïne. Hij riep op tot onafhankelijkheid van Russische energie, en tot het vormen van een sterk Europa dat zichzelf kan verdedigen tegen externe dreigingen. Tot slot vroeg hij aandacht voor gerechtigheid voor de Oekraïense oorlogsslachtoffers. De heer Peleshi ging in zijn bijdrage in op EU-uitbreiding in de Westelijke Balkan. Zijn boodschap was dat de landen in de Westelijke Balkan de EU veel te bieden hebben op het gebied van concurrentievermogen en veiligheid.

Vervolgens namen verschillende delegaties het woord. Er klonk brede overeenstemming voor de steun aan Oekraïne. Op het onderwerp EU-uitbreiding kwamen verschillende posities naar voren: sommige delegaties onderstreepten het belang van een op verdienste gebaseerd toetredingsproces, op grond van de Kopenhagencriteria. Anderen benadrukten de geopolitieke argumenten voor EU-uitbreiding: een grotere EU zou sterker staan in een veranderende wereldorde. In deze discussie was ook de roep om EU-hervormingen te horen, om te zorgen dat de EU snel en efficiënt kan reageren op geopolitieke ontwikkelingen.

Sessie II – Democratische weerbaarheid in tijden van verandering

In de tweede sessie gingen Richard Youngs, Senior Fellow van Carnegie Europe, Julia Klöckner, Voorzitter van de Duitse Bondsdag en Stig Ørskov, CEO van WAN-IFRA, World Association of News Publishers in gesprek over hoe parlementen de democratische veerkracht kunnen versterken in het licht van desinformatie, technologische veranderingen en afnemend institutioneel vertrouwen. De heer Young concentreerde in zijn inleiding op de noodzaak voor voortdurende vernieuwing van democratie en van de betrokkenheid van burgers hierin. Mevrouw Klöckner ging in op het verlies van vertrouwen van de Duitse burger in de politiek en de wijzigingen die de Bondsdag in het reglement van orde had doorgevoerd die het misbruik van procedures door Kamerleden moet voorkomen. De boodschap van de heer Ørskov was dat journalisten en politici, hoewel elk een eigen rol, voor hetzelfde doel werken, namelijk door feiten te delen en daarmee het vertrouwen in de instellingen te vergroten. Verder sprak hij over het verspreiden van desinformatie via online platforms door zowel pers als politici en de noodzaak van een onafhankelijke pers.

In de gesprekken met de delegaties was veel aandacht voor het probleem van verspreiding van desinformatie en het verlies van vertrouwen van burgers in de politiek. Ook het gebruik van online platforms door jongeren waardoor zij door de traditionele media slecht te bereiken zijn, werd door vele delegaties aangekaart. Er werd opgeroepen tot meer transparantie en aansprakelijkheid in de parlementen en tot vernieuwingen in de democratische processen, opdat burgers zich gehoord voelen.

Ondervoorzitter Dittrich ging tijdens de sessie over weerbaarheid in op de aantasting van de integriteit van parlementen door het onderling verspreiden van desinformatie. Dat deed hij aan de hand van een ervaring waarbij parlementsleden in diskrediet waren gebracht door de verspreiding van een gemanipuleerde foto. Hij sprak uit dat vertrouwen van burgers in de democratie niet enkel volgt uit het volgen van procedures. Democratische weerbaarheid gaat ook over de ontwikkeling van burgerschap, effectieve participatie door burgers en transparante voorlichting door overheden, aldus Dittrich.

Werkbezoek: crisisbeheer

De deelnemers brachten ook een bezoek aan het Deense Agentschap voor Crisisbeheer (DEMA). Hier stond het thema paraatheid centraal. Aanwezigen kregen demonstraties van de Deense capaciteiten bij (bos-)branden, zoek- en reddingsoperaties en van het gebruik van drones voor rampen of incidenten.

Sessie III – Waarborgen van continuïteit en veiligheid in tijden van hybride dreigingen

Hanna Smith van de universiteit van Vaasa (Finland) betoogde dat hybride dreigingen steeds agressiever en opportunistischer zijn. Zij pleitte daarom voor proactieve paraatheid. Daarnaast hamerde zij op het belang van een gedeeld begrip van de dreiging en respect voor de rechtsstaat. Voorzitter van het Zweedse parlement Andreas Norlén lichtte toe dat Zweden een aanpak van «totale verdediging» kent. Nationale militaire en civiele actoren, waaronder het parlement, werken nauw samen met als doel het versterken van de nationale weerbaarheid. Door wetgeving, oefeningen, investeren in training en samenwerking met andere overheden en veiligheidsdiensten blijft het parlement ook in crises functioneren. Tijdige voorbereiding, een sterke veiligheidscultuur en aandacht voor desinformatie zijn essentieel voor een veerkrachtige democratie, aldus Norlén. Francina Armengol, voorzitter van het Spaanse Congres van Afgevaardigden, ging in haar bijdrage onder meer in op de rol van sociale media. Zij onderstreepte het belang van onderwijs en training op het gebied van digitalisering en riep tot een internationale respons om het vertrouwen van burgers in de democratie te vergroten.

Tijdens de inbrengen van de delegaties werd de steeds grotere impact van cyberdreigingen breed gevoeld. Verschillende delegaties gingen in op onderwijs en training, de rol van media en social media en bescherming tegen desinformatie.

In deze sessie nam ondervoorzitter Michon-Derkzen het woord. In haar bijdrage presenteerde zij het dilemma waar parlementen tegenaan lopen: transparantie en openheid zijn kernwaarden van het parlementaire werk, maar ze maken parlementen ook kwetsbaarder voor hybride bedreigingen. Zij noemde enkele voorbeelden waar dit dilemma speelt, zoals de keuze om niet digitaal te stemmen in de Tweede Kamer. Digitale systemen kunnen efficiënt zijn, maar brengen ook risico’s met zich mee op het gebied van cyberveiligheid, manipulatie en verminderde transparantie. Ook noemde zij de balans tussen toegankelijkheid en veiligheid van Kamerleden in de openbare ruimte.

Conclusies

De conferentie werd afgesloten met het bespreken en bij consensus aannemen van de conclusies. In de aanhef van deze conclusies wordt vermeld dat niet alle Kamervoorzitters inhoudelijke politieke verklaringen kunnen ondersteunen omwille van de aard van hun functie. Hiermee wordt ook de neutrale rol die voorzitter in de Eerste en Tweede Kamer hebben in acht genomen.

De ondervoorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, Dittrich

De ondervoorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Michon-Derkzen


X Noot
1

De documenten bij deze conferentie zijn te vinden op de website IPEX: EUSC_Conclusions_of_the_Presidency_05.05.2026_FIN (EN).pdf

Naar boven