20 043 Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa

Nr. 161 MOTIE VAN DE LEDEN BOOMSMA EN DIEDERIK VAN DIJK

Voorgesteld 13 mei 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het wenselijk en urgent is om de interpretatie van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens van een nieuw kader te voorzien, in het licht van de grote uitdaging om beter en effectiever migratiebeleid te voeren;

overwegende dat 27 landen, waaronder Nederland, hebben verklaard dat een «juiste balans» moet worden gevonden tussen de individuele rechten van migranten en die van de samenleving;

overwegende dat een politieke verklaring zoals die nu wordt voorbereid, niet bindend is;

verzoekt het kabinet met gelijkgestemde landen in te zetten op een vervolg van de verklaring in Moldavië via het aannemen van een nieuw interpretatieprotocol voor het EVRM,

en gaat over tot de orde van de dag.

Boomsma

Diederik van Dijk

Naar boven