Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 december 2025
Op 18 december jl. is in de Tweede Kamer de motie Grinwis c.s.1 aangenomen die het kabinet oproept om geen onomkeerbare stappen te zetten tot het
aantreden van het nieuwe kabinet en tot die tijd door te gaan met de reeds geïmplementeerde
maatregelen uit het 7e actieprogramma, inclusief addendum.
Met deze brief informeren wij uw Kamer dat de motie Grinwis c.s. ertoe heeft geleid
dat het kabinet heeft besloten om het voorgenomen 8e actieprogramma (8e AP) nu niet vast te stellen. Het vaststellen van het 8e AP wordt overgelaten aan een nieuw kabinet. De Europese Commissie zal in kennis worden
gesteld van dit besluit.
Met het niet vaststellen van het 8e AP zullen de in het concept 8e AP voorgenomen wijzigingen van regelgeving niet doorgevoerd worden. Vanaf 1 januari
2026 zullen alle reeds geïmplementeerde maatregelen uit het 7e actieprogramma blijven
gelden. Dat geldt ook voor de maatregelen ter implementatie van de algemene voorwaarden
uit de derogatiebeschikking 2022–2025.
De motie vraagt ook de ingroei naar doelsturing, zoals beschreven in het concept 8e AP, onverdroten voort te zetten. Conform dit verzoek zal de uitwerking van de systematiek
zoals beoogd met het ingroeipad doelsturing waterkwaliteit in het concept 8e AP worden voortgezet en zal gestart kunnen worden met metingen in het najaar van
2026. De vorm en de reikwijdte van het systeem van doelsturing, ook in het licht van
de KRW, kan door het nieuwe kabinet gewogen worden in het door hen op te stellen 8e AP.
Ook de uitvoering van de motie Kostic2 inzake de juridische verplichtingen uit de Kaderrichtlijn Water en de Nitraatrichtlijn
kan worden meegenomen door een nieuw kabinet bij de besluitvorming over het 8e AP.
Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, F.M. Wiersma
Minister van Infrastructuur en Waterstaat,
R. Tieman
Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat – openbaar vervoer en milieu, A.A. Aartsen