ARTIKEL I
A
Artikel 3 met de titel ‘Vervallen wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Artikel 3 krijgt de titel ‘Voorwaarden pgb sociaal netwerk’
- 2.
Het volgende wordt aan Artikel 3 toegevoegd:
De inwoner aan wie een pgb wordt toegekend, kan alleen ondersteuning betrekken van personen die tot zijn sociaal netwerk behoren, als aan onderstaande voorwaarden voldaan wordt:
- a.
de inzet van het sociaal netwerk geen gebruikelijke hulp en/of mantelzorg betreft, zoals omschreven in bijlage 1 van de Nadere regels;
- b.
de inzet van het sociaal netwerk is aantoonbaar beter of minimaal gelijkwaardig aan professionele ondersteuning;
- c.
de geboden hulp of ondersteuning is passend, adequaat en veilig;
- d.
de personen uit het sociaal netwerk die de hulp of ondersteuning gaan verlenen, hebben zich voldoende op de hoogte gesteld van de verantwoordelijkheden die aan het bieden van ondersteuning verbonden zijn;
- e.
bij de personen uit het sociaal netwerk die de hulp of ondersteuning gaan bieden, is geen sprake van overbelasting.
B
Artikel 4 met de titel ‘Kwaliteitseisen pgb professionele aanbieders’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Het artikel wordt vervangen met de volgende tekst:
1. Professionele aanbieders van maatschappelijke ondersteuning die uit een pgb betaald worden, moeten aan dezelfde kwaliteitseisen voldoen als de door het college gecontracteerde professionele aanbieders. De kwaliteitseisen zijn als bijlages 3 en 4 opgenomen in de verordening.
2. Professionele aanbieders jeugdhulp moeten minimaal aan de volgende kwaliteitseisen voldoen:
- a.
geregistreerd zijn bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) als aanbieder van jeugdhulp;
- b.
De zorgverlener is in bezit van een geldige SKJ of BIG registratie;
- c.
De aanbieder is ingeschreven bij de KvK;
- d.
De zorgverlener kan indien gevraagd een recente VOG overleggen;
- e.
De zorgverlener is, indien noodzakelijk, in bezit van de juiste diploma's.
- 2.
Indien een organisatie niet geregistreerd is bij de IGJ als jeugdhulpaanbieder, wordt deze als nieuwe aanbieder aangemeld en wordt deze niet eerder ingezet middels een PGB dan wanneer de IGJ hun inspectierapport nieuwe aanbieder heeft afgerond.
C
Artikel 6 met de titel ‘Tarief PGB’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Lid 1 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tarief voor begeleiding is:
- a.
Maximaal € 68,57 per uur als begeleiding geboden wordt door een professional werkzaam bij een zorgaanbieder
- b.
Maximaal 80% van € 68,57 als begeleiding geboden wordt door een professional als zzp’er.
- c.
Maximaal € 26,86 per uur als begeleiding geboden wordt door het sociaal netwerk.
- 2.
Lid 2 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tarief voor dagbesteding is:
- a.
- b.
maximaal € 56,39 per dagdeel als dagbesteding geboden wordt door een professional en de groepsgrootte groter dan vijf personen is of kan zijn;
- c.
maximaal € 69,90 per dagdeel als dagbesteding geboden wordt door een professional en de groepsgrootte vijf of kleiner dan vijf personen moet zijn vanwege de aanwezige problematiek.
- 3.
Lid 3 wordt vervangen door de volgende tekst:
Voor vervoer van en naar dagactiviteiten kan een bedrag van maximaal € 11,05 per dag aan het budget toegevoegd worden.
- 4.
Lid 4 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tarief voor kortdurend verblijf is:
- a.
- b.
Maximaal € 135,73 per dag als kortdurend verblijf geboden wordt door een professional.
- 5.
Lid 5 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tarief voor Ondersteuning met wonen bedraagt het per component door de gemeente Leiden vastgestelde tarief. Dit tarief wordt jaarlijks in oktober door de gemeente Leiden bekend gemaakt.
- 6.
- 7.
Lid 6 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het maximale tarief voor huishoudelijke ondersteuning is:
- a.
€ 35,76 per uur wanneer om ondersteuning in categorie 1 gaat geboden door een professional in dienst van een zorgaanbieder.
- b.
80% van € 35,76 wanneer het professionele ondersteuning betreft die geboden wordt door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp’er).
- c.
60% van € 35,76 wanneer het niet-professionele/informele ondersteuning betreft.
- 8.
Lid 7 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het tarief voor persoonlijke verzorging is:
- a.
€ 34,62 per uur als persoonlijke verzorging geboden wordt door een professional;
- b.
€ 49,25 per uur als persoonlijke verzorging geboden wordt door een specialist.
D
Artikel 16 met de titel ‘Kwijtschelding van vorderingen en afzien van terugvorderingen die niet het gevolg zijn van schenden inlichtingenplicht.’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Artikel 16 krijgt de aangepaste titel:
‘Kwijtschelding van vorderingen die niet het gevolg zijn van schenden Inlichtingenplicht’.
- 2.
Lid 1 wordt vervangen door de volgende tekst:
Het college kan een vordering geheel of gedeeltelijk kwijtschelden als de belanghebbende:
- a.
gedurende vijf jaar volledig aan zijn betalingsverplichtingen voldaan heeft;
- b.
gedurende vijf jaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen voldaan heeft,maar het achterstallige bedrag over die periode, met de daarover eventueel verschuldigde rente en kosten, alsnog voldoet;
- c.
gedurende tien jaar geen betalingsverplichtingen op de vordering heeft verricht en het niet aannemelijk is dat de belanghebbende deze op enig moment gaat verrichten.
- d.
een bedrag, overeenkomend met ten minste 50% van de restsom, in één keer aflost.
- 3.
Lid 2 wordt vervangen door de volgende tekst:
Een besluit om een vordering geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden, als bedoeld in lid 1 sub c, wordt alleen genomen na individuele beoordeling.
- 4.
Het volgende artikellid 3 wordt toegevoegd:
In geval van meerdere vorderingen dient elke kwijt te schelden vordering afzonderlijk aan 1 van de voorwaarden onder lid 1 sub a tot en met d te voldoen.
E
Artikel 22 met de titel ‘Huishoudelijke ondersteuning’ wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 22 krijgt de titel ‘Onderhoud, keuring en reparatie van een vervoers- en woonvoorziening’
Het volgende wordt aan Artikel 22 toegevoegd:
- 1.
Verstrekking van een voorziening voor onderhoud, keuring en reparatie van een vervoers- en woonvoorziening vindt plaats:
- a.
in natura als de betreffende woonvoorziening in bruikleen verstrekt is;
- b.
als pgb als onderdeel van het te verstrekken pgb voor de betreffende vervoers- en woonvoorziening;
- c.
als pgb als de vervoers- en woonvoorziening eerder op basis van de verordening of hiermee vergelijkbare voorafgaande wetgeving in eigendom verstrekt is.
- 2.
Voor de kosten voor onderhoud, reparatie en verzekering van woonvoorzieningen die als pgb verstrekt zijn, kan jaarlijks een bedrag verstrekt worden van maximaal 7% van het verstrekte pgb tenzij de voorziening is afgeschreven.
F
Artikel 32 met de titel ‘Aanvullende voorwaarden’:
- 1.
Lid 1 wordt vervangen door de volgende tekst:
Personen die op de datum van aanvraag of gedurende de 36 maanden voorafgaand aan de aanvraag door het rijk bekostigd onderwijs hebben afgerond, worden geacht uitzicht op inkomensverbetering te hebben en komen niet voor de individuele inkomenstoeslag in aanmerking.
G
Artikel 37 met de titel ‘Berekening draagkracht naar vermogen.’ wordt als volgt gewijzigd:
Artikellid 3 wordt vervangen door de volgende tekst:
Een auto, motor, scooter of brommer tot een waarde van € 4500 wordt, met in achtneming van artikel 34 lid 2 sub a van de Participatiewet, niet tot het vermogen gerekend. De waarde wordt vastgesteld aan de hand van de ANWB/BOVAG koerslijst. Als de waarde met deze koerslijst niet bepaald kan worden, dan wordt een gemiddelde genomen van de waarde van drie vergelijkbare auto’s/motoren op verkoopsites.
- 1.
Het volgende artikellid 5 wordt aan Artikel 37 toegevoegd:
- A.
Vergoedingen voor materiële schade als bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdelen l en m, worden niet aangemerkt als draagkracht naar vermogen, als deze vergoedingen worden gebruikt voor het doel waarvoor deze ontvangen zijn;
- B.
Het niet aanmerken als draagkracht naar vermogen geldt in ieder geval voor een periode van 10 jaar gerekend vanaf datum ontvangst.
H
Artikel 42 met de titel ‘Voorwaarden’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Artikellid 2 wordt vervangen door de volgende tekst:
Als een bijdrage op basis van deze regeling verstrekt is voor de aanschaf van een duurzaam huishoudelijk apparaat, dan kan voor ditzelfde duurzame huishoudelijke apparaat voor een periode van 7 jaar na verstrekking niet nogmaals een bijdrage worden verstrekt. Voor een computer is bovengenoemde periode 5 jaar.
I
Artikel 44 met de titel ‘Betaling van de bijdrage’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Artikellid 2 wordt vervangen door de volgende tekst:
Wanneer de bijdrage niet aan de leverancier wordt betaald, dient het originele betaalbewijs (achteraf) overgelegd te worden.
J
Artikel 45 met de titel ‘Aanspraak collectieve verzekering’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
Het volgende artikellid 5 wordt aan Artikel 45 toegevoegd:
B
ij de vaststelling van het vermogen voor het vaststellen van het recht op de collectieve zorgverzekering, wordt de overwaarde in de koopwoning van belanghebbende buiten beschouwing gelaten wanneer deze woning dient als hoofdwoning. Gelijktijdig worden hypothecaire schulden waarmee deze woning belast is ook buiten beschouwing gelaten.
K
Tussen Artikel 47a en artikel 48 wordt het volgende toegevoegd:
- 1.
Artikel 47b. Bijzondere bijstand bewindvoeringstraject
- 2.
De volgende artikelleden worden aan artikel 47b toegevoegd:
1.
Wanneer er ten tijde van de beoordeling van een aanvraag voor periodieke bewindvoeringskosten en de eventuele hieraan gekoppelde bancaire kosten voor de beheerrekening vastgesteld wordt dat er geen draagkracht is, kan deze bijzondere bijstand toegekend worden voor de duur van het bewindvoeringstraject.
2.
De toekenning voor onbepaalde tijd vindt plaats onder de voorwaarde dat:
- a.
De bewindvoering door de rechtbank is vastgesteld;
- b.
Er geen draagkracht in mindering is gebracht op het toekenningsbedrag;
- c.
Er ten tijde van de aanvraag voor de bewindvoeringskosten geen draagkracht in mindering is gebracht op andere kosten op basis van een al lopende draagkrachtperiode.
- d.
De financiële situatie en de leefsituatie van belanghebbende gedurende de looptijd niet verandert zoals bedoeld in artikel 36 lid 6 Nadere regels, tenzij dit wordt gemeld (Artikel 7 Participatiewet).
3.
De gemeente behoudt zich het recht voor om de situatie van de belanghebbende(n) periodiek te toetsen. Dit ook wanneer bijzondere bijstand voor onbepaalde tijd is toegekend.
4.
Een herziening van de bijzondere bijstand kan plaatsvinden wanneer blijkt dat de oorspronkelijke gronden voor de toekenning zijn gewijzigd.
L
Artikel 49h. met de titel ‘Schuldregeling’ wordt als volgt gewijzigd:
- 1.
De volgende artikelleden worden aan Artikel 49h. toegevoegd:
4. Bij de inzet van schuldbemiddeling (18-maanden-reservering), wordt de BKR-registratie van deze regeling 6 maanden na de beëindiging van het dossier verwijderd bij de BKR.
5. In het kader van een schuldregeling kan de gemeente in specifieke gevallen besluiten om een ontvangen schadevergoeding niet mee te nemen als extra inkomen in het betalingsvoorstel aan schuldeisers. Als de gemeente besluit de schadevergoeding niet mee te nemen in het betalingsvoorstel, dient dit besluit goed onderbouwd te worden.