4e Wijzigingsverordening Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021

De raad van gemeente Lelystad;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 25 november 2025;

 

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;

 

besluit vast te stellen de 4e wijzigingsverordening van de Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021

Artikel I Wijzigingen van de Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021

De Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021 wordt gewijzigd als volgt:

 

A

Artikel 1:1 komt te luiden:

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    bebouwde kom: de bebouwde kom of kommen weergegeven op de kaart in bijlage 1 bij deze verordening;

  • b.

    bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Omgevingswet;

  • c.

    bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994;

  • d.

    college: het college van burgemeester en wethouders;

  • e.

    gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;

  • f.

    openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties;

  • g.

    rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht;

  • h.

    weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994.

B

Artikel 2:1, lid 2, komt te luiden:

  • 2.

    Degene die op een openbare plaats:

    • a.

      aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan;

    • b.

      aanwezig is bij een gebeurtenis die aanleiding geeft tot toeloop van publiek waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; of

    • c.

      zich bevindt in of aanwezig is bij een samenscholing;

is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie of buitengewoon opsporingsambtenaar zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen.

 

C

Artikel 2:1A, lid 1, komt te luiden:

  • 1.

    Onverminderd het bepaalde in de artikelen 424, 426bis en 431 het Wetboek van strafrecht, is het verboden op of aan een openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw, op enigerlei wijze de openbare orde te verstoren, dan wel met het oog op verstoring van de openbare orde, zich hinderlijk te gedragen, personen lastig te vallen, te vechten, deel te nemen aan een samenscholing, onnodig op te dringen of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot wanordelijkheden.

D.

Artikel 2:24, lid 3, komt te luiden:

  • 3.

    In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan: een één - of tweedaags evenement waarbij:

    • a.

      het aantal aanwezigen per dag niet meer bedraagt dan 500 personen;

    • b.

      het evenement plaatsvindt tussen 09.00 en 00.00 uur;

    • c.

      geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 09.00 uur of na 23.00 uur, dan wel in dit tijdsbestek het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 75 dB(A) gemeten op de gevel van de dichtstbijzijnde geluidgevoelige gebouwen;

    • d.

      het evenement niet plaatsvindt op een rijbaan van een doorgaande weg, (brom)fietspad of anderszins een belemmering vormt voor het verkeer en hulpdiensten;

    • e.

      slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 m2 per object; en

    • f.

      er sprake is van een aanwijsbare organisator.

E.

Artikel 2:28E, onder d komt te luiden:

  • d.

    de exploitatie van de openbare inrichting feitelijk is beëindigd of (gedeeltelijk) is overgedragen.

F.

Artikel 2:29, titel en lid 6 komen te luiden:

Artikel 2:29 Sluitingstijd openbare inrichtingen

  • 6.

    Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

G.

Na artikel 2:29 wordt een artikel toegevoegd, luidende:

2:29A Sluitingstijd terras

  • 1.

    Het is verboden een terras, behorende bij een horecabedrijf, geëxploiteerd te hebben tussen 00.00 uur en 06.00 uur.

  • 2.

    Gedurende de periode waarin de zomertijd van toepassing is, mag een terras worden geëxploiteerd tot 01.00 uur.

H.

Artikel 2:30, lid 1 komt te luiden:

  • 1.

    De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid of in geval van bijzondere omstandigheden voor een of meer openbare inrichtingen tijdelijk andere dan de krachtens artikel 2:29 en artikel 2:29A geldende sluitingstijden vaststellen of tijdelijk sluiting bevelen.

I.

Artikel 2:40C, lid 4 komt te luiden:

  • 4.

    Onder vrijgekomen exploitatievergunning wordt mede verstaan een binnen twaalf maanden te verwachten vrij te komen exploitatievergunning.

J.

Artikel 2.40G, lid 1 onder b, komt te luiden:

  • b.

    de exploitatie of vestiging van de speelautomatenhal strijd oplevert met het omgevingsplan, behoudens in het geval een gerede kans bestaat dat functiewijziging op de locatie planologisch ingepast kan worden en het college de principebereidheid heeft uitgesproken om een procedure tot afwijken of wijzigen van het omgevingsplan voor de locatie te starten;

K.

Artikel 2:40N, lid 1, komt te luiden:

  • 1.

    De burgemeester kan in het belang van de openbare orde of ter voorkoming of beperking van overlast of nadelige beïnvloeding van het woon- of leefklimaat besluiten tot de gehele of gedeeltelijke sluiting van een voor het publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf als daar:

    • a.

      zich binnen de inrichting gedragingen hebben voorgedaan zoals omschreven in artikel 1 van de Wet op de kansspelen;

    • b.

      door misdrijf verkregen zaken voorhanden, bewaard of verborgen zijn dan wel zijn verworven of overgedragen;

    • c.

      discriminatie heeft plaatsgevonden op grond van ras, geslacht, seksuele gerichtheid of op welke grond dan ook;

    • d.

      wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie aanwezig zijn waarvoor geen ontheffing, vergunning of verlof is verleend;

    • e.

      zich andere feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van het publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid en/of het woon- en leefklimaten.

L.

Artikel 2:40O, lid 10, komt te luiden:

  • 10.

    Als de bedrijfsmatige activiteit in strijd met de vergunning of het verbod wordt uitgeoefend of als een van de situaties bedoeld in het negende lid van toepassing is, kan de burgemeester, onverminderd het bepaalde in artikel 2:40N, een besluit nemen tot sluiting van het gebouw of erf waar de bedrijfsmatige activiteit wordt uitgeoefend.

M.

Artikel 2:74 komt te luiden:

Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet is het verboden op of aan de weg post te vatten of zich daar heen en weer te bewegen of zich op of aan wegen in of op een voertuig te bevinden of daarmee heen en weer of rond te rijden, met het kennelijke doel om middelen als bedoeld in artikel 2 en 3 van de Opiumwet, of daarop gelijkende waar, al dan niet tegen betaling af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen.

 

N.

Artikel 2:78, lid 4 en 5, komen te luiden:

  • 4.

    Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens het eerste of tweede lid opgelegd verbod.

  • 5.

    Indien de officier van justitie een persoon een gedragsaanwijzing heeft gegeven als bedoeld in artikel 509hh, tweede lid, onderdeel a, van het Wetboek van Strafvordering, legt de burgemeester aan deze persoon voor hetzelfde gebied niet een tijdelijk verbod op als bedoeld in het eerste of tweede lid.

O.

Artikel 3:2, komt te luiden:

  • a.

    advertentie: elke commerciële uiting in een medium, die een seksbedrijf of een prostituee onder de aandacht van het publiek brengt;

  • b.

    beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding van een seksbedrijf;

  • c.

    bevoegd bestuursorgaan: het college of voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester;

  • d.

    erkenning: een melding van een zelfstandig thuiswerkende prostituee dat prostitutie wordt bedreven op het adres waar hij/zij staat ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (woonadres):

  • e.

    escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee;

  • f.

    exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of, indien van toepassing, de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf wordt uitgeoefend;

  • g.

    klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een prostitutiebedrijf of een prostituee aangeboden seksuele diensten;

  • h.

    prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;

  • i.

    prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;

  • j.

    prostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie;

  • k.

    raamprostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie waarbij het werven van klanten gebeurt door een prostituee die zichtbaar is vanuit een voor publiek toegankelijke plaats;

  • l.

    seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie of tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een ander tegen betaling of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoning van erotisch-pornografische aard in een seksinrichting tegen betaling. Onder een seksbedrijf wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, een escortbedrijf, seksinrichting, sekstheater, parenclub, seksclub, erotische massagesalon of een combinatie daarvan.

  • m.

    seksinrichting: de voor het publiek toegankelijke, al dan niet besloten, ruimte, onderdeel van een seksbedrijf;

  • n.

    werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksinrichting waarin de seksuele handelingen met een ander tegen betaling worden verricht.

  • o.

    zelfstandig thuiswerkende prostituee: een persoon die als enige bewoner of bewoonster werkzaam is als prostituee op het adres waar hij/zij staat ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (woonadres).

P.

De artikelen 2:10 t/m 2:12, 2:15, 2:21, 2:64, 4:2 t/m 4:5, 4:10, 4:11, 4:12A, 4:20 5:2 t/m 5:12, 5:25, 5:28, 5:31A, 5:33, 5:35 t/m 5:37 komen te luiden:

(Vervallen, opgenomen in het Omgevingsplan gemeente Lelystad)

Artikel II Overgangsbepaling

  • 1.

    Aanvragen om vergunning of ontheffing die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze wijzigingsverordening, worden afgehandeld volgens het recht zoals dat gold vóór het tijdstip waarop deze wijzigingsverordening in werking is getreden, tenzij toepassing van de wijzigingsverordening voor aanvrager een gunstiger resultaat oplevert.

  • 2.

    Vergunningen, ontheffingen, aanwijzingsbesluiten en andere besluiten genomen vóór de inwerkingtreding van deze wijzigingsverordening, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze wijzigingsverordening en waarvoor deze wijzigingsverordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze wijzigingsverordening.

Artikel III Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 2 februari 2026

De voorzitter,

De griffier,

Naar boven