Gemeenteblad van Wageningen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Wageningen | Gemeenteblad 2026, 96440 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Wageningen | Gemeenteblad 2026, 96440 | beleidsregel |
Beleidsregels ’pré-mantelzorgwoningen gemeente Wageningen 2026’
Deze beleidsregels zijn van toepassing bij het in behandeling nemen van een aanvraag voor een (pré)-mantelzorgwoning.
2.1 Voorwaarden mantelzorgwoning
Het plaatsen van een mantelzorgwoning is vergunningsvrij als wordt voldaan aan een aantal voorwaarden:
Mantelzorger moet na het vaststellen van de mantelzorgrelatie contact opnemen met de afdeling vergunningen van de gemeente. Zij toetsen of voldaan wordt aan de planologische bepalingen. Als hieraan is voldaan, mag de inwoner er van uit gaan dat bij ongewijzigde omstandigheden de gemeente niet handhavend gaat optreden bij het gebruik van de mantelzorgwoning.
2.2 Voorwaarden pré-mantelzorgwoning
Voor het realiseren en het bewonen van een pre-mantelzorgwoning is in de meeste gevallen een tijdelijke omgevingsvergunning nodig. Daarom wordt aangesloten bij de Omgevingswet die de mogelijkheid biedt om een tijdelijke omgevingsvergunning te verlenen.
Burgemeester en wethouders kunnen een tijdelijke omgevingsvergunning verlenen voor huisvesting in verband met pre-mantelzorg als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
Er is sprake van pré-mantelzorg in de situatie van een progressief ziektebeeld of;
Pré-mantelzorg in de situatie van het bereiken van de AOW-leeftijd.
Om dit aan te tonen moet de inwoner als toekomstige mantelzorger een pré-mantelzorgverklaring aanvragen bij het Startpunt. Deze verklaring dient als bewijs bij een eventuele controle.
Mantelzorger moet na het vaststellen van de mantelzorgrelatie een tijdelijke omgevingsvergunning aanvragen bij de Omgevingsdienst de Vallei (ODDV). Zij toetsen of voldaan wordt aan de planologische bepalingen. Als hieraan voldaan is, mag de inwoner er van uit gaan dat bij ongewijzigde omstandigheden de gemeente niet handhavend gaat optreden bij het gebruik van de pré-mantelzorgwoning.
2.3 Gebruik en procedurele aspecten
2.4 Wettelijke voorwaarden en toegankelijkheid
De mate van toegankelijkheid van de (pré-)mantelzorgwoning moet aansluiten bij de zorgvraag van bewoner. Wanneer de mantelzorgontvanger in de (pré-)mantelzorgwoning woont, dan dient deze rolstoeltoegankelijk te zijn volgens de eisen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Zo dient een te bouwen bouwwerk onder andere te beschikken over een toegankelijke toilet- en badruimte. Wanneer de mantelzorgverlener in de(pré-)mantelzorgwoning woont, dan gelden deze toegankelijkheidseisen niet.
De woonsituatie in de (directe) omgeving mag geen nadelige gevolgen ondervinden van de (pré)mantelzorgwoning..
Zo mag de (pré)mantelzorgwoning geen afbreuk doen aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. Er dient hierbij voldaan te worden aan het Burenrecht, wat betekent dat bebouwing met ramen, op minimaal 2 meter afstand van de erfgrens (artikel 5:50 Burgerlijk Wetboek) geplaatst moet worden.
Een pré-mantelzorgwoning mag maximaal 10 jaar blijven staan. Uitzondering hierop is de situatie waarin de pré-mantelzorg direct opvolging krijgt door een mantelzorgsituatie met dezelfde zorgverleners/-ontvangers. Dan mag de pré-mantelzorgwoning blijven staan en als zodanig gebruikt worden zolang de mantelzorgrelatie voortduurt.
Vervalt de (pré-)mantelzorgrelatie tussen bewoner(s) en hoofdbewoner(s), of wordt er geen zorg meer gegeven? Dan dient de mantelzorger binnen 4 maanden nadat de zorg is vervallen contact op te nemen met de gemeente om dit melden. In geval van een pré-mantelzorgwoning vervalt de vergunning en dient de pre-mantelzorgwoning in overeenstemming gebracht te worden met het omgevingsplan.
In beide gevallen kan dit betekenen dat het gebouw moet worden verwijderd of, als de bouwmassa als aanbouw of bijgebouw wel binnen het omgevingsplan is toegestaan, de woonvoorzieningen (keuken of badkamer) binnen vier maanden moeten worden verwijderd, zodanig dat er geen sprake meer is van een zelfstandige wooneenheid.
Van de hierboven genoemde voorwaarden kan in bijzondere gevallen worden afgeweken als de noodzaak daarvoor kan worden aangetoond.
Artikel 4. Handhaving en toezicht
Omgevingsdienst De Vallei is verantwoordelijk voor toezicht en handhaving van deze beleidsregels. Dit geldt ook voor het verzorgen van de procesopvolging ten behoeve van de BAG-registratie indien een huisnummer noodzakelijk is.
Artikel 5. Evaluatie en bijstelling
Burgemeester en wethouders evalueren deze beleidsregels in ieder geval na twee jaar en zo veel eerder als actuele wetgeving vanuit de Wet regie op de volkshuisvesting daar aanleiding toe geeft.
Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 10 februari 2026.
burgemeester en wethouders van Wageningen,
de secretaris,
T. de Bruijn
de burgemeester,
F. Vermeulen
Toelichting Beleidsregels pré-mantelzorgwoningen gemeente Wageningen 2026
De gemeente Wageningen vindt het belangrijk dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen wonen. Mantelzorg speelt hierin een cruciale rol. In 2024 is de Woonzorgvisie 2024-2034 met bijbehorende uitvoeringsagenda vastgesteld. Hierin is opgenomen dat wij mantelzorgers ook in de toekomst goed willen ondersteunen. Mantelzorgers nemen een steeds belangrijkere rol in bij de zorg voor inwoners die hulp nodig hebben. Tegelijkertijd neemt de druk op mantelzorgers toe. Het bieden van passende huisvestingsvormen kan bijdragen aan het verlichten van deze druk.
In 2024 heeft de gemeenteraad een motie (4M2) aangenomen waarin het college is gevraagd beleid te ontwikkelen voor (pré-)mantelzorgwoningen, met aandacht voor eenvoudige procedures om mantelzorgers maximaal te faciliteren. Het college heeft toegezegd deze motie uit te werken in de actielijn gericht op ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers, als onderdeel van de uitvoeringsagenda bij de woonzorgvisie.
Op dit moment is het plaatsen van een mantelzorgwoning vergunningsvrij als aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Een van de voorwaarden betreft dat er sprake is van intensieve mantelzorg. Er zijn ook situaties waarin dit nog niet direct het geval is, maar waarbij de verwachting is dat dit in de nabije toekomst wel gaat voorkomen. Dit noemen we pré-mantelzorgwonen. In deze beleidsregels bedoelen we daarmee progressieve ziektebeelden of het bereiken van de AOW-leeftijd. Wij vinden het belangrijk om in deze woon- en leefbehoefte te voorzien.
Met deze beleidsregels beschrijven wij onder welke voorwaarden een (pré-)mantelzorgwoning is toegestaan. Het doel is:
Het faciliteren van (pré-)mantelzorgwoningen mag niet leiden tot overlast voor de omgeving. Daarom gelden de volgende uitgangspunten:
Artikel 1: relevante definities bij deze beleidsregels.
Artikel 2: de toetsingscriteria voor het plaatsen van een (pre)-mantelzorgwoning.
Artikel 3: gaat in op de hardheidsclausule (mogelijkheid tot afwijken).
Artikel 4: handhaving en toezichtaspecten.
Artikel 5: evaluatie en bijstelling van het beleid.
Artikel 6: wanneer het beleid in werking treedt.
We sluiten aan bij landelijke wetgeving. In de meeste gevallen is het plaatsen van een mantelzorgwoning vergunningsvrij. In dit artikel staan de specifieke voorwaarden voor mantelzorgwoningen benoemd.
Artikel 2.2. Pré-mantelzorgwoning
Hier is (nog) geen landelijke wetgeving voor. Het plaatsen is daarmee nog niet vergunningsvrij. Voor pré-mantelzorgwoningen kan wel een tijdelijke omgevingsvergunning worden afgegeven. In dit artikel staan de specifieke voorwaarden voor pré-mantelzorgwoningen benoemd.
Artikel 2.3 Gebruik en procedurele aspecten
In dit artikel staat welke voorwaarden er zijn voor gebruik en bouw van mantelzorgwoningen en pré-mantelzorgwoningen. Bij de beoordeling van een aanvraag is het niet relevant wie er in de hoofdwoning, dan wel in de pre-mantelzorgwoning woont. Het is dus mogelijk dat degene die op termijn een ondersteuningsvraag verwacht, in de hoofdwoning woont. En degene die de mantelzorg gaat verlenen in de (pré)-mantelzorgwoning gaat wonen.
Artikel 2.4 Wettelijke voorwaarden en toegankelijkheid
In dit artikel staan wettelijke voorwaarden beschreven. De woning dient toegankelijk te zijn en ingericht op de (toekomstige) zorgvraag. Als mantelzorger zelf in de (pré)mantelzorgwoning woont dan zijn artikel 2.4 lid b en lid c niet van toepassing.
In dit artikel staat aan welke voorwaarden moet worden voldaan zodat de (pré)mantelzorgwoning past in de omgeving en geen belemmering vormt voor omliggende woningen en/of bedrijven. Voor de toetsing van het benodigd aantal parkeerplaatsen geldt de meest recente Nota Parkeernormen van de gemeente Wageningen. De norm die hoort bij een (pré)mantelzorgwoning is ‘Aanleunwoning, serviceflat (zelfstandige woning met beperkte zorgvoorzieningen)’. Net als bij reguliere omgevingsvergunningen wordt het stappenplan uit de Nota Parkeernormen doorlopen om eventueel af te wijken van de gestelde normen.
De (pré)-mantelzorgwoning krijgt een eigen huisnummer toegekend vanuit de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG). De mantelzorginitiatiefnemer moet dit bij de gemeente aanvragen.
Artikel 2.6 Tijdelijke situatie
In dit artikel staat dat het gebruik van mantelzorgwoningen en pré-mantelzorgwoningen altijd tijdelijk is. Het gebruik van een (pré-)mantelzorgwoning is uitsluitend toegestaan zolang er sprake is van een (pré-)mantelzorgrelatie. Ook staat beschreven wat er dient te gebeuren op het moment dat de mantelzorg of pré-mantelzorg stopt. Bijvoorbeeld als gevolg van verhuizing of overlijden. In dat geval dient inwoner binnen 4 maanden na stoppen van de (pré-)mantelzorg contact op te nemen met de gemeente. Afhankelijk van de situatie kan het betekenen dat (een deel van) de mantelzorgwoning of voorzieningen dienen te worden verwijderd. In overleg met de gemeente wordt altijd eerst gezocht naar een passende oplossing voor eventueel toekomstig gebruik van de (pré)mantelzorgwoning.
Artikel 4: Handhaving en toezicht
De verwachting is dat het plaatsen van pré-mantelzorg woningen ook vergunningsvrij wordt met de invoering van de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting. Zodra dit het geval is zullen wij deze beleidsregels aanpassen op de landelijke wetgeving.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-96440.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.