Gemeenteblad van 's-Gravenhage
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2026, 9589 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2026, 9589 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Regeling parkeerregulering Den Haag 2026
De Regeling parkeerregulering en parkeerbelastingen 2025 wordt vervangen door deze Regeling Parkeerregulering Den Haag 2026. In deze nieuwe regeling zijn regels geactualiseerd en aangepast op basis van de vastgestelde Verordening tot zesde wijziging van de Verordening parkeerregulering en parkeerbelasting Den Haag 2022 (RIS323434) en de geactualiseerde Parkeerstrategie 2021-2030 (RIS319383) en zijn diverse regels aangescherpt.
In Bijlage 1 van de ‘Regeling parkeerregulering en parkeerbelastingen 2025’ werden de wegen en weggedeelten aangewezen voor betaald parkeren en voor toepassing van de wielklem. Deze aanwijzing van wegen en weggedeelten zal voortaan worden ondergebracht en vastgesteld in een separaat ‘Aanwijzingsbesluit betaald parkeren en toepassing wielklem Den Haag’.’ Daarom is ook de naamgeving van deze regeling aangepast. De term ‘parkeerbelastingen’ is uit de titel van de regeling verwijderd. De regeling zal voortaan ‘Regeling Parkeerregulering Den Haag’ worden genoemd omdat deze alleen de regels bevat omtrent de vergunningverlening van parkeervergunningen.
Conform de motie “Neem participatie venstertijden ook op in regeling parkeerregulering” (RIS321854) zijn regels opgenomen ten behoeve van participatie bij een nieuwe invoering van betaald parkeren of bij uitbreiding van een gebeid waar reeds betaald parkeren is ingevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
gelet op artikel 225 van de Gemeentewet en de artikelen 2:1, 2:2, 5:8 en 5:9, tweede lid, van
de Verordening parkeerregulering en parkeerbelasting Den Haag 2022,
besluit vast te stellen de Regeling parkeerregulering Den Haag 2026.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
bewoner /wonen/ woont: een persoon die als ingezetene, als bedoeld in de Wet basisregistratie personen (BRP), is ingeschreven in de BRP, het Proces Basissysteem (PROBAS) en/of de Koninklijke Marechaussee (KMAR) op een kadastraal geregistreerd woonadres binnen het vergunninggebied in de gemeente Den Haag;
bouwontwikkeling: elke ruimtelijke ingreep aan een gebouw of bouwperceel waarvoor een omgevingsvergunning is vereist en die resulteert in een wijziging van de bebouwing, het gebruik of de parkeerbehoefte. Onder een bouwontwikkeling worden in ieder geval begrepen: nieuwbouw, nieuwbouw na sloop, uitbreidingen van bestaande gebouwen en functiewijzigingen die gevolgen hebben voor de parkeerbehoefte of de verplichting tot het realiseren van parkeerplaatsen op eigen terrein;
consumentenparkeren: een parkeermaatregel waarbij de parkeerplaatsen op de aangewezen wegen of weggedeelten op de vastgestelde tijden uitsluitend bestemd zijn voor betaald parkeren tegen een specifiek tarief voor de eerste 2 uur parkeren. Tijdens deze vastgestelde tijden zijn deze parkeerplaatsen niet mede bestemd voor het parkeren door vergunninghouders, met uitzondering van houders van een gehandicaptenvergunning, een functionele vergunning of een onderhoudsvergunning verleend voor een dag;
parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
religieuze instelling: een organisatie of rechtspersoon die zich blijkens haar doelstelling en feitelijke werkzaamheden richt op het belijden, uitdragen of faciliteren van een godsdienst of levensovertuiging, waaronder in elk geval wordt verstaan het houden van erediensten, samenkomsten of andere religieuze of levensbeschouwelijke activiteiten;
winkelgebied: een kerngebied bestaande uit ten minste vijf aaneengesloten verkooppunten of drie geclusterde winkels, waaronder ten minste één winkelvoorziening met een winkeloppervlak van 200 m² of meer die door haar omvang, assortiment of functie een duidelijke aantrekkingskracht uitoefent op bezoekers en daarmee bijdraagt aan de bezoekersstroom naar omliggende winkels; bij voorkeur betreft dit een supermarkt;
winkelstraatregeling: een parkeermaatregel waarbij de parkeerplaatsen op de aangewezen wegen of weggedeelten op de vastgestelde tijden uitsluitend bestemd zijn voor betaald parkeren. Tijdens deze vastgestelde tijden zijn deze parkeerplaatsen niet mede bestemd voor het parkeren door vergunninghouders, met uitzondering van houders van een gehandicaptenvergunning, een functionele vergunning of een onderhoudsvergunning verleend voor een dag.
Hoofdstuk 2 Bijzondere parkeerregelingen
Artikel 2.1 Consumentenparkeren
Het college verricht, voorafgaand aan een besluit als bedoeld in het eerste en derde lid, onderzoek naar de haalbaarheid, doelmatigheid en te verwachten werking van de consumentenparkeerregeling binnen het betreffende gebied. Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek besluit het college al dan niet tot invoering van consumentenparkeren.
Hoofdstuk 3 Gereserveerde parkeerplaatsen
Paragraaf 3.1 Algemene bepalingen
Artikel 3.1.1 Aanwijzing categorieën belanghebbenden
Het college kan parkeerplaatsen aanwijzen die uitsluitend bestemd zijn voor het parkeren van motorvoertuigen voor de volgende categorieën belanghebbenden:
Paragraaf 3.2 Procedure aanwijzing gereserveerde gehandicaptenparkeerplaatsen
Artikel 3.2.2 Individuele gehandicaptenparkeerplaatsen - algemeen
Als een aanvrager in Den Haag is komen te wonen en een gehandicaptenparkeerplaats aanvraagt, overlegt de aanvrager de beoordelingsgegevens als deze zijn afgegeven door de keurende instantie in zijn voormalige woonplaats, teneinde deze gegevens mee te nemen in de beoordeling voor het wel of niet toekennen van de gehandicaptenparkeerplaats.
Artikel 3.2.3 Individuele gehandicaptenparkeerplaats - ten behoeve van bestuurders
In afwijking van het tweede lid kan het college een gehandicaptenparkeerplaats reserveren, als sprake is van zwaarwegende sociaal-medische gronden of aantoonbare ernstige beperkingen, anders dan loopbeperkingen. De aanvrager overlegt bij de aanvraag een verklaring van een specialist of een advies van de Wmo- of zorgconsulent. De door het college aangewezen keuringsinstantie/ keuringsarts adviseert het college over de verklaring en de toepasselijkheid van de sociaal-medische gronden.
Het college wijst de aanvraag af als de aanvrager beschikt of kan beschikken over een parkeergelegenheid op eigen terrein, ongeacht of er een (ander) voertuig van de POET gebruik kan maken, met dien verstande dat de POET zich niet verder van de voordeur van de woning van de aanvrager bevindt dan de ten hoogste in het geneeskundige onderzoek vastgestelde loopafstand van 50 meter
Artikel 3.2.4 Geneeskundig onderzoek
De kosten voor het geneeskundig onderzoek met betrekking tot zowel de handicap van de aanvrager als de noodzaak voor een gereserveerde gehandicaptenparkeerplaats komen voor rekening van de aanvrager. Als de kosten niet of niet tijdig zijn betaald, kan het college besluiten de aanvraag niet te behandelen.
Artikel 3.2.5 Verkeerstechnisch onderzoek
De aanvrager komt in aanmerking voor een individuele gehandicaptenparkeerplaats indien uit het onderzoek blijkt dat binnen de maximale loopafstand op ten minste twee van de drie meetmomenten geen parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Als norm voor het vaststellen van beschikbare parkeerplaatsen wordt uitgegaan van:
Artikel 3.2.7 Ambassades en internationale organisaties
In geval van reservering voor een ambassade of internationale organisatie wordt de parkeerplaats gereserveerd door plaatsing bij verkeersbesluit van bord E8 van bijlage 1 van het RVV 1990 met een onderbord waaruit blijkt dat de parkeerplaats uitsluitend voor voertuigen van het Corps Diplomatique (CD) is bestemd.
Hoofdstuk 4 Algemene bepalingen parkeervergunningen
Artikel 4.2 Gelijkstelling met eigenaar/houder
Met de eigenaar of houder van een motorvoertuig als bedoeld in de Verordening wordt gelijkgesteld degene die op grond van een huurovereenkomst of een leasecontract kan aantonen dat hij het gebruik heeft van dat motorvoertuig, met dien verstande dat een dergelijke overeenkomst nog ten minste drie maanden geldig is.
Artikel 4.4 Bouwontwikkelingen
Onverminderd het bepaalde in artikel 4.3 weigert het college een parkeervergunning aan bewoners en bedrijven, in geval van nieuwbouw, sloop- en nieuwbouw, en functiewijzigingen van gebouwen, waarvoor het college na 1 januari 2022 een omgevingsvergunning heeft verleend en waarbij parkeerplaatsen op eigen terrein zijn aangelegd.
Het college kan in afwijking van het eerste lid adressen aanwijzen waar bewoners en bedrijven in aanmerking komen voor een parkeervergunning, als de parkeerplaatsen die op grond van de geldende autoparkeernormen zijn vereist voor de bouwontwikkeling of functiewijziging geheel of gedeeltelijk in de openbare ruimte liggen of worden gerealiseerd.
Het college houdt een openbare overzichtslijst bij waarop de adressen zijn opgenomen die zijn uitgesloten van een of meer soorten parkeervergunningen overeenkomstig de voor die adressen van toepassing zijnde autoparkeernormen. Deze overzichtslijst wordt tevens digitaal beschikbaar gesteld en is voor het publiek via internet te raadplegen.
Artikel 4.5 Parkeerplaats op eigen terrein
Het college houdt een openbare overzichtslijst bij waarop de adressen zijn opgenomen die zijn uitgesloten van een of meer soorten parkeervergunningen overeenkomstig de voor die adressen van toepassing zijnde autoparkeernormen. Deze overzichtslijst wordt tevens digitaal beschikbaar gesteld en is voor het publiek via internet te raadplegen.
Artikel 4.8 Wachtlijst bij vergunningenplafond
Na toekenning van een 2e of 3e bewonersvergunning heeft de vergunninghouder zes maanden de tijd om de vergunning aan een kenteken te koppelen. Indien deze termijn wordt overschreden, vervalt het recht op de vergunning en wordt de aanvraag opnieuw op de wachtlijst geplaatst met een nieuwe aanvraagdatum die twaalf maanden later ligt dan de oorspronkelijke aanvraagdatum.
Hoofdstuk 5 Parkeervergunningsoorten
Artikel 5.1 Bewonersvergunning
In afwijking van het eerste lid kan het college ten hoogste één bewonersvergunning verlenen aan een bewoner die berijder van een motorvoertuig is, dat niet door een autodeelorganisatie wordt aangeboden, op basis van de door de gemeente voorgeschreven schriftelijke ‘Berijdersverklaring/autodeelverklaring’ (particulieren), en het motorvoertuig deelt met een persoon die woont in een ander vergunninggebied of in een gemeente direct grenzend aan Den Haag.
De VvE-vergunning kan uitsluitend worden verstrekt wanneer een parkeerterrein of parkeergarage, die in eigendom is van de leden van de VvE, voorziet in een substantieel deel van de parkeerbehoefte op eigen terrein. Indien het aandeel parkeren op eigen terrein niet eerder is vastgesteld, wordt dit bij het besluit op de aanvraag bepaald.
Artikel 5.4 Bedrijfsvergunning
Artikel 5.7 Autodeelvergunning
De vergunninghouder voldoet aan de volgende eisen met betrekking tot de dienstverlening en operatie:
indien een deelauto niet gebruiksklaar is, zorgt de vergunninghouder ervoor dat de deelauto binnen 72 uur nadat het gebrek redelijkerwijs bekend is of had kunnen zijn, ter plaatse weer gebruiksklaar wordt gemaakt of wordt verwijderd. Onder gebruiksklaar wordt verstaan dat de deelauto technisch, veilig en onmiddellijk inzetbaar is. Een gebrek is redelijkerwijs bekend wanneer dit is geconstateerd of had moeten worden geconstateerd tijdens regulier beheer of wanneer hiervan een melding is ontvangen.;
De vergunninghouder moet voldoen aan de volgende eisen met betrekking tot data, privacy en interoperabiliteit:
de autodeelorganisatie past het Nederlands Profiel Data(delen) Deelmobiliteit toe en verstrekt geautomatiseerd gegevens over de deelauto en het gebruik daarvan in Den Haag die noodzakelijk zijn voor het toezicht op de naleving van de verleende autodeelvergunning en voor de ontwikkeling en evaluatie van het gemeentelijk parkeer- en deelmobiliteitsbeleid; en
De volgende aanvullende bepalingen gelden indien de vergunninghouder de deelauto ter beschikking stelt aan een autodeelgroep of aan deelnemers van een autodeelgroep:
De vergunninghouder verstrekt op verzoek van het college minimaal één keer per jaar actuele, geanonimiseerde gegevens over het gebruik van zijn deelauto’s in Den Haag aan de gemeente of aan een door de gemeente aangewezen derde. Deze gegevens omvatten in ieder geval het aantal ritten en de afgelegde afstand.
Artikel 5.10 Bezoekersvergunning voor bewoners
Artikel 5.12 Bezoekersvergunning voor bedrijven
Artikel 6.1 Wijze van betalen en betaald parkeren met gebruik van een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel
In afwijking van het eerste lid kan de belastingplichtige de parkeerapparatuur tevens in werking stellen door via een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel verbinding te maken met de centrale computer die is bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen. Hiervoor dient de belastingplichtige te zijn geregistreerd bij een aanbieder van betaald-parkeerdiensten die gebruikmaken van telefoon- of datacommunicatie. De belastingplichtige meldt de aanvang van het parkeren door het opgeven van het kenteken van het te parkeren motorvoertuig en de gebiedscode aan de centrale computer. Hij neemt de overige voorwaarden in acht van het bedrijf waarbij belastingplichtige geregistreerd is. Als niet aan voornoemde voorwaarden is voldaan, dan geldt het eerste lid.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-9589.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.