Reg.nummer.: 02430000237145 / 02430000818819
Overwegingen ten aanzien van het besluit
De wijk Drielanden ligt binnen de bebouwde kom van Harderwijk, aan de zuidwestzijde van de stad. De wijk kenmerkt zich door een verkeersstructuur met rondwegen voor gemotoriseerd verkeer en fietspaden die de wijk doorkruisen. Op deze manier is de wijk voor zowel fietsers als autoverkeer goed en veilig bereikbaar.
Bromfietsers en speedpedelecs zijn niet toegestaan op de fietspaden. Zij moeten gebruik maken van de rondwegen om hun bestemming in de wijk te bereiken. Met name op de Groene Zoomweg en delen van de Westermeenweg leidt dit tot gevaarlijke situaties. Vanwege het karakter van deze wegen verwachten overige verkeersdeelnemers hier geen bromfietsers of speedpedelecs. Ook ligt de rijsnelheid relatief hoog, ondanks de limiet van 50 kilometer per uur. Hier is overigens sprake van een oorzaak-gevolgrelatie: de limiet is bewust op 50 kilometer per uur gesteld omdat bromfietsers van de weg gebruik maken, terwijl in het bijzonder de Groene Zoomweg ontworpen is om hier met een hogere rijsnelheid te rijden.
Een bijkomend nadeel voor bromfietsers en speedpedelecgebruikers is dat zij moeten omrijden om hun bestemming te bereiken.
Om de situatie voor bromfietsen en speedpedelecs te verbeteren, is het wenselijk om wijzigingen door te voeren in de verkeerscirculatie voor deze doelgroepen. Zo wordt de verkeersveiligheid verbeterd, alsook de bereikbaarheid van Drielanden voor de genoemde modaliteiten.
Door bromfietsen en speedpedelecs toe te staan op het Beneluxpad, op de Weisteeg, op de Bronlibel en op het Hoge Geestpad (wegvak Horloseweg – Paardenbloemdreef / Clarenbekerhout) zijn bromfietsers en speedpedelecgebruikers niet meer genoodzaakt om gebruik te maken van de Groene Zoomweg en de Westermeenweg om in de wijk Drielanden te komen.
Alle genoemde fietspaden zijn tweerichtingfietspaden. De landelijke inrichtingsrichtlijnen schrijven bepaalde minimale breedtes voor fietspaden en (brom)fietspaden voor. De geadviseerde breedte is afgestemd op de intensiteit op het drukste moment in combinatie met het snelheidsverschil tussen gebruikers. Het snelheidsverschil leidt tot extra slingerbewegingen en inhaalmanoeuvres, waarvoor een bepaalde minimale breedte gewenst is.
Voor het Hoge Geestpad en de Bronlibel geldt een minimum adviesbreedte van 2,70 meter. Dit pad is 3,50 meter breed en voldoet hier dus ruimschoots aan. Voor het Beneluxpad en de Weisteeg geldt een adviesbreedte van 3,60 meter. Deze paden zijn in de huidige situatie 3,50 meter breed. Deze afwijking is marginaal. Het openstellen van het Beneluxpad en de Weisteeg heeft zodanige meerwaarde voor de verkeersveiligheid ten opzichte van de bestaande routes over de Westermeenweg en Groene Zoomweg, dat de voordelen zwaarder wegen dan de minimale afwijking van de richtlijn.
Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
In artikel 12 van het BABW is limitatief opgenomen voor welke verkeerstekens een verkeersbesluit vereist is. In Bijlage 1 van het Reglement en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990) staan de verkeersborden genoemd. In dit besluit gaat het om G12a van Bijlage 1, Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
Uit het oogpunt van het verzekeren van de veiligheid op de weg en het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer is het noodzakelijk om de voorgestelde maatregel(en) te nemen.
Artikel 24 van het BABW vereist dat er voor het nemen van het verkeersbesluit overleg wordt gepleegd met de gemandateerde verkeersadviseur van politie Oost-Nederland, district Noord en Oost-Gelderland.