Zaaknummer 1646225
Berichtnummer 1507171
Van toepassing zijnde wetsartikelen
Op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 is het college van burgemeester en wethouders bevoegd tot het nemen van verkeersbesluiten.
Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
Gevolgde procedure
Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) is overleg gepleegd met de politie Eenheid Den Haag, afdeling infrastructuur team Advies en Analyse en heeft de politie Eenheid Den Haag positief geadviseerd.
Doelstelling(en) van dit besluit
- het verzekeren van de veiligheid op de weg;
- het beschermen van weggebruikers en passagiers;
- het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
- het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast,
- hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;
- het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.
Overwegende dat:
- er een aanvraag is gedaan voor de aanleg van een individuele gehandicaptenparkeerplaats;
- aanvrager daarvoor in aanmerking komt indien:
-> uit het geneeskundig onderzoek als bedoeld in de Regeling gehandicaptenparkeerkaart een loopafstand van minder dan 100 meter blijkt;
-> er naar het oordeel van de gemeente te weinig parkeerplaatsen beschikbaar zijn binnen deze loopafstand;
-> men niet op eigen terrein kan parkeren
- aanvrager beschikt over een gehandicaptenparkeerkaart welke nog tenminste 6 maanden geldig isde aanvrager beschikt over een geldige gehandicaptenparkeerkaart voor bestuurders;
- daarmee tevens aangetoond is dat de aanvrager - met de gebruikelijke loophulpmiddelen - in redelijkheid niet in staat is zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan een stuk te voet te overbruggen;
- aanvrager niet op eigen terrein kan parkeren;
- uit onderzoek blijkt dat er op het door aanvrager aangegeven tijdstip onvoldoende vrije parkeerplaatsen zijn;
- de aanleg van een individuele gehandicaptenparkeerplaats geen nadelige gevolgen of effecten heeft voor of op de doelstellingen van dit verkeersbesluit;
- er bezwaar is gemaakt tegen het verkeersbesluit voor het instellen van een gehandicaptenparkeerplaats ter hoogte van Wethouder Sonneveldhof 3;
- in overleg met de aanvrager en bezwaarmaker is er overeengekomen dat ter hoogte van Graaf Willem II Laan 2a een meer geschikte plek is;
- dit vastgelegd wordt in een nieuw verkeersbesluit, waarbij het verkeersbesluit voor de eerste locatie wordt ingetrokken.