Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam tot wijziging van de Subsidieregeling vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam in verband met het vergroten van de fysieke toegankelijkheid van buurtkamers, huizen van de wijk en jongerencentra

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

 

gelet op artikel 160, eerste lid van de Gemeentewet;

artikel 4:23, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht; en

artikel 3, eerste lid van de Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2023;

 

besluit:

Artikel I  

De Subsidieregeling vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam als volgt te wijzigen:

 

  • A.

    Artikel 1 komt te luiden:

Artikel 1 Definities

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • a.

    ASA: Algemene subsidieverordening Amsterdam 2023;

  • b.

    beperking: een lichamelijke, verstandelijke of zintuigelijke beperking, mensen met een chronische ziekte en/of mensen met een psychische aandoening of die neurodivers zijn;

  • c.

    buurtkamer: een laagdrempelige, kleinschalige sociale accommodatie in een wijk of buurt waar buurtbewoners elkaar kunnen ontmoeten voor activiteiten, een kopje koffie, of om hulp te vragen;

  • d.

    college: het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam;

  • e.

    digitale audit: een onderzoek naar de toegankelijkheid elektronische informatie, websites en softwareapplicaties om te beoordelen of deze aan de eisen van digitale toegankelijkheid voldoet;

  • f.

    digitale toegankelijkheid: elektronische informatie, websites en softwareapplicaties en diensten zijn toegankelijk als personen met een functiebeperking ze even effectief kunnen gebruiken als personen zonder functiebeperking;

  • g.

    fysieke toegankelijkheid: een gebouw is toegankelijk als mensen met een beperking zonder hulp van anderen het gebouw kunnen bereiken vanuit de openbare ruimte, toegang hebben tot het gebouw en tevens alle voorzieningen in het gebouw kunnen gebruiken;

  • h.

    huis van de wijk: een sociale accommodatie met een centrale rol in een bepaald gebied;

  • i.

    ITS: de Integrale Toegankelijkheid Standaard, een landelijke standaard voor toegankelijk bouwen in Nederland;

  • j.

    jongerencentrum: een sociale accommodatie met een centrale rol in een bepaald gebied gericht op jongeren;

  • k.

    sociale accommodatie: een laagdrempelige en toegankelijke accommodatie voor en door bewoners waar zij elkaar ontmoeten, participeren en activeren;

  • l.

    sociale toegankelijkheid: mensen met een beperking ervaren geen drempel bij deelname aan activiteiten en mensen met een beperking worden sociaal geaccepteerd;

  • m.

    WCGA 2.2.; de internationale standaard Web Content Accessibility Guidelines (WCGA) 2.2 met toetsbare eisen om websites en apps toegankelijk te maken voor iedereen.

     

  • B.

    Artikel 3 komt te luiden:

Artikel 3 Doel subsidieregeling

Het doel van deze subsidieregeling is om Amsterdam sociaal en fysiek toegankelijker te maken voor mensen met een beperking door activiteiten te subsidiëren die een of meer knelpunten verhelpen op het gebied van toegankelijkheid in Amsterdam.

 

  • C.

    Artikel 4 komt te luiden:

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

  • a.

    Het college kan één keer per boekjaar een eenmalige subsidie verlenen ten behoeve van één van de volgende activiteiten die verband houden met:

  • b.

    het treffen van bouwkundige aanpassingen die bijdragen aan het vergroten van de toegankelijkheid voor mensen met een beperking, aan een huis van de wijk, buurtkamer of jongerencentrum in Amsterdam waar activiteiten plaatsvinden die zijn gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie van de Amsterdammer;

  • c.

    het treffen van bouwkundige aanpassingen aan gebouwen met een publieksfunctie die bijdragen aan het vergroten van de toegankelijkheid van het gebouw voor mensen met een beperking;

  • d.

    het vergroten van de sociale toegankelijkheid voor mensen met een beperking;

  • e.

    onderzoek naar digitale toegankelijkheid of digitale audits van websites en apps volgens de standaard van WCGA 2.2.

     

  • D.

    Artikel 5 komt te luiden:

Artikel 5 Subsidieplafond en maximale hoogte subsidie

  • a.

    Het subsidieplafond voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4 onder a voor 2026 is € 400.000.

  • b.

    Het subsidieplafond voor de activiteiten als bedoeld in artikel 4 onder b, c en d voor 2026 is € 300.000.

  • c.

    Het college kan voor de activiteiten als bepaald in artikel 4, onder a., b. en c. tot maximaal € 25.000,-- subsidie verlenen per aanvraag per boekjaar;

  • d.

    Het college kan voor activiteiten als bepaald in artikel 4 onder d. maximaal € 5.000,- subsidie verlenen per aanvraag per boekjaar;

  • e.

    De subsidie bedraagt 100% van de totale kosten tot een maximum van € 25.000,-- voor een aanvraag onder artikel 4, onder a., b. en c. ;

  • f.

    De subsidie bedraagt 100% van de totale kosten tot een maximum van € 5.000,-- voor een aanvraag onder artikel 4, onder d. ;

  • g.

    De subsidieaanvragen worden, wanneer zij compleet zijn, behandeld in volgorde van binnenkomst.

     

  • E.

    Artikel 7, onderdeel d en e komen te luiden:

     

  • d.

    een bouwtekening van de oorspronkelijke situatie en een bouwtekening van de beoogde aanpassing na uitvoering van het project, waaruit blijkt dat voldaan wordt aan ITS-normen, gelijkwaardige of hogere normen voor fysieke toegankelijkheid;

  • e.

    schriftelijke gegevens waaruit blijkt dat er overleg met de doelgroep in Amsterdam of Amsterdamse vertegenwoordiging van de doelgroep is gevoerd en dat de subsidieaanvraag en de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd wordt ondersteund;

     

  • E.

    Artikel 8 komt te luiden:

Artikel 8 Weigeringsgronden

In aanvulling op artikel 8, tweede lid, van de ASA 2023 weigert het college geheel of gedeeltelijk subsidie te verlenen als:

  • a.

    de activiteit niet bijdraagt aan het doel van de regeling;

  • b.

    een omgevingsvergunning, voor zover het een activiteit betreft waarvoor deze vergunning noodzakelijk is;

  • c.

    reeds een begin is gemaakt met de activiteiten of de activiteit reeds is uitgevoerd zonder schriftelijke toestemming van het college;

  • d.

    op grond van een andere regeling een bijdrage voor dezelfde subsidiabele activiteiten kan worden gevraagd;

  • e.

    de subsidie wordt aangewend voor het plegen van regulier onderhoud of wanneer de verbetering het gevolg is van achterstallig onderhoud;

  • f.

    de subsidie wordt aangewend voor het vergroten van de brandveiligheid van een gebouw of wanneer de verbetering het gevolg is van het niet voldoen aan de geldende normen voor brandveiligheid;

  • g.

    na uitvoering van de activiteit de aanpassingen niet voldoen aan de ITS;

  • h.

    aan de aanvrager al eerder subsidie op grond van deze regeling is verleend in het boekjaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

     

  • F.

    Artikel 9 komt te luiden:

Artikel 9 Nadere verplichtingen

Naast de verplichtingen op grond van artikel 9 en 10 van de ASA 2023, kan aan de subsidie de verplichting worden verbonden dat:

  • a.

    binnen een door het college bepaalde termijn wordt begonnen met de uitvoering van bouwkundige werkzaamheden;

  • b.

    werkzaamheden worden uitgevoerd door een erkend aannemersbedrijf;

  • c.

    de voorziening tenminste vijf jaren mede ten doel staat van mensen met een beperking;

  • d.

    subsidieontvanger is verplicht om mee te werken aan alle communicatie-uitingen van de gemeente Amsterdam;

  • e.

    subsidieontvanger is verplicht bij bouwkundige aanpassingen mee te werken aan ITS-toetsingen, of keuringen die gelijkwaardig of hoger dan ITS zijn.

Artikel II  

De toelichting bij de Subsidieregeling vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam wordt als volgt gewijzigd:

 

  • A.

    De toelichting bij artikel 1 komt e luiden:

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In het eerste artikel zijn een aantal definities opgenomen.

Ad i. ITS: In deze standaard zijn de algemene toegankelijkheidsrichtlijnen en -normen omgewerkt naar bouwtechnische eisen, die worden toegepast bij het ontwerpen en realiseren van integraal toegankelijke projecten.

Op 9 februari 2025 heeft het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) de landelijke NEN-norm 9120 voor de toegankelijkheid en bruikbaarheid van gebouwen gepubliceerd. Deze norm is gebaseerd op de ITS-criteria en is het uitgangspunt voor subsidieaanvragen waarbij fysieke toegankelijkheid van gebouwen wordt vergroot. Vanuit Amsterdam hebben ambtenaren en Cliëntenbelang Amsterdam (CBA) actief deelgenomen aan de werkgroepen die tot deze norm hebben geleid. Zie https://www.nen.nl/toegankelijkegebouwen voor meer informatie en de eisen. Hoewel het college in 2025 heeft besloten dat zij de NEN 9120 als streefwaarde hanteert bij verbouwingen accepteert het college nog steeds subsidieaanvragen die zijn gebaseerd op de ITS normen. Zie voor een toelichting van de Integrale Toegankelijkheid Standaard; https://www.pbtconsult.nl/itstandaard/213/56/

Ad m. WCGA 2.2.: internationale standaard voor digitale toegankelijkheid met richtlijnen die zijn opgebouwd rond vier principes waarneembaar, bedienbaar, begrijpelijk en robuust

 

  • B.

    De toelichting bij artikel 4 komt te luiden:

Artikel 4 Subsidiabele activiteiten

Dit artikel bepaalt welk activiteiten subsidiabel zijn. De kosten betreffen incidentele activiteiten en kosten voor eenmalige fysieke aanpassingen aan een gebouw, het benodigd onderzoek (digitale audit) van een website of app voor het verbeteren van de digitale toegankelijkheid van een website of app, of investeringen in het vergroten van de toegankelijkheid van sociale activiteiten, die niet gedekt zijn in de reguliere begroting van de aanvrager.

Voor digitale toegankelijkheid geldt dat de subsidie zich richt op toegankelijkheidsonderzoeken (audits) die organisaties helpen om hun digitale toegankelijkheidsuitdagingen in kaart te brengen. Het daadwerkelijk implementeren van aanpassingen, achterstallig onderhoud van websites, en het trainen van ICT/communicatiepersoneel vallen niet onder subsidiabele activiteiten. Dit uitgangspunt ondersteunt lokale Amsterdamse organisaties bij het verkrijgen van inzicht in hun toegankelijkheidsopgave, zonder wettelijk verplichte aanpassingen te financieren zoals vereist door de European Accessibility Act (EAA) en WCAG-normen. Een voorbeeld van een activiteit om de sociale toegankelijkheid te vergroten zijn trainingen of voorlichting aan professionals en vrijwilligers door ervaringsdeskundigen in de juiste omgang en goede communicatie met mensen met diverse beperkingen.

 

Artikel 4 onder a.; bouwkundige aanpassingen voor het verbeteren van de fysieke toegankelijkheid van Huizen van de Wijk, Buurtkamers en Jongerencentra in Amsterdam

Op grond van artikel 4 onder a. kan subsidie worden aangevraagd voor activiteiten die gericht zijn op het verbeteren van de fysieke toegankelijkheid van Huizen van de Wijk, Buurtkamers en Jongerencentra in Amsterdam. Hier wordt voor 2026 een apart subsidieplafond voor vastgesteld van € 400.000,--

 

De reden hiervoor is dat uit Onderzoek van de Rekenkamercommissie van Amsterdam-Zaanstad, gepubliceerd op 16 september 2026, blijkt dat de fysieke toegankelijkheid van deze locaties – waar activiteiten plaatsvinden die zijn gericht op het bevorderen van de zelfredzaamheid en de participatie van Amsterdammers - nog onvoldoende is. Zie voor meer informatie Toegankelijkheid van buurthuizen - Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad. Volgens dit onderzoek worden juist kwetsbare groepen hierdoor het meest benadeeld, zoals ouderen en mensen met diverse beperkingen. In de bestuurlijke reactie op het onderzoek van de Rekenkamer dat is opgenomen in het bestuurlijk rapport van 16 september 2025 heeft het college een integraal plan van aanpak opgesteld, om de toegankelijkheid van de buurthuizen en de informatie hierover in 2026 in kaart te brengen en de toegankelijkheid te verbeteren.

 

Het college kiest ervoor om ongelijk te investeren voor gelijke kansen. Dit betekent dat de gemeente meer geld en personeel besteedt aan mensen of buurten die dat harder nodig hebben. In dit geval investeert het college meer in de fysieke toegankelijkheid van gebouwen zoals Huizen van de Wijk, Buurtkamers en Jongerencentra. De reden is dat deze sociale accommodaties een belangrijke rol hebben in het faciliteren van aanbod in de sociale basis dat gericht is op preventie, het versterken van zelfredzaamheid en samenredzaamheid en het ontplooien van talent.

Daarom heeft het college op 9 september 2025 besloten om een bedrag van € 400.000 specifiek beschikbaar te stellen voor het verbeteren van de fysieke toegankelijkheid van deze sociale accommodaties in Amsterdam. Voor activiteiten gericht op het verbeteren van de fysieke toegankelijkheid van Huizen van de Wijk, Buurtkamers en Jongerencentra in Amsterdam kan enkel een subsidieaanvraag ingediend worden binnen het plafond van artikel 5 onder a van deze Subsidieregeling.

 

Artikel 4 onder b., c., d. en e.

In 2026 is er een subsidieplafond van € 300.000 vastgesteld door het college voor subsidieaanvragen die de sociale, digitale en fysieke toegankelijkheid verbeteren van gebouwen en voorzieningen met een publieksfunctie.

 

De aanvrager moet eigenaar of huurder zijn van het gebouw waar subsidie voor wordt aangevraagd. Huurders kunnen alleen subsidie aanvragen voor fysieke aanpassingen als zij daarvoor toestemming hebben van de eigenaar. Subsidieaanvragen kunnen ingediend worden voor gebouwen die een publieksfunctie hebben, zoals:

  • -

    Een bijeenkomstgebouw, bijvoorbeeld een theater of evenementenhal;

  • -

    Een horecagebouw, bijvoorbeeld een café, hotel of restaurant;

  • -

    Een winkelgebouw, bijvoorbeeld een kiosk, winkel of warenhuis.

Aanpassingen die te maken hebben met het vergroten van de brandveiligheid of het verbeteren van de duurzaamheid van een gebouw kunnen niet via deze subsidie aangevraagd worden.

Het onderhoud van bouwkundige aanpassingen die met een subsidie zijn gerealiseerd is geheel voor rekening van de aanvrager. Voor aanpassingen om de eigen woning bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar te maken kunnen Amsterdammers in aanmerking komen voor een individuele Wmo-voorziening.

(Collectieve) aanpassingen voor de algemene toegankelijkheid en algemene ruimten van woongebouwen waar veel ouderen wonen kunnen aangevraagd worden via de Subsidieregeling stedelijke vernieuwing, verhuisregelingen en ouderenhuisvesting Amsterdam 2019.

 

Artikel 4 onder d.; digitale toegankelijkheid

Ad 4. Voor digitale toegankelijkheid geldt dat de subsidie zich richt op toegankelijkheidsonderzoeken (audits) die organisaties helpen om hun digitale toegankelijkheidsuitdagingen in kaart te brengen. Hierbij wordt beoordeeld of een bestaande website aan de eisen van de internationale standaard Web Content Accessibility Guidelines 2.2. ofwel WCGA 2.2 voldoet.

Het daadwerkelijk implementeren van aanpassingen, het uitvoeren van achterstallig onderhoud van websites, en het trainen van ICT/communicatiepersoneel vallen niet onder subsidiabele activiteiten. Met dit uitgangspunt ondersteunt het college lokale Amsterdamse organisaties bij het verkrijgen van inzicht in hun toegankelijkheidsopgave, zonder wettelijk verplichte aanpassingen of regulier onderhoud te financieren, zoals bijvoorbeeld vereist door de European Accessibility Act (EAA) en WCAG-normen.

 

  • C.

    De toelichting bij artikel 7 komt te luiden:

Artikel 7 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens

Dit artikel bepaalt dat alle, naast de in de ASA 2023 genoemde gegevens en stukken, de aanvraag tevens stukken moet bevatten van eventuele aangevraagde subsidies of andere vormen van financiële bijdragen waarop de aanvrager aanspraak heeft gemaakt voor de uitvoering van de activiteit. Bij bouwkundige activiteiten dient de aanvrager tevens aan te geven wanneer met de bouwkundige werkzaamheden zal worden aangevangen en wanneer deze zullen zijn afgerond. Indien voor bouwkundige activiteiten een omgevingsvergunning noodzakelijk is, dan dient ook deze te worden overlegd bij de aanvraag.

 

De gemeente vraagt schriftelijke gegevens in te dienen bij de subsidieaanvraag waaruit blijkt, dat er overleg met de doelgroep in Amsterdam of Amsterdamse vertegenwoordiging van de doelgroep is gevoerd. Dit kan een brief of een mail zijn van gebruikers met een beperking van de huidige locatie/voorziening of het kan een brief of een mail zijn van lokale ervaringsdeskundigen en/of belangenbehartigers. In deze schriftelijke gegevens staat duidelijk vermeld welke problemen mensen met een beperking ervaren met de toegankelijkheid, en dat zij behoefte hebben aan meer toegankelijkheid van de locatie/voorziening om gelijkwaardig mee te doen. De gemeente kan bij twijfel over de behoefte of nut van de aanpassing voor Amsterdammers met beperkingen bij lokale experts hierover een advies opvragen.

 

  • D.

    De toelichting bij artikel 8 komt te luiden:

Artikel 8 Weigeringsgronden

Een- of meerdaagse evenementen worden uitgesloten omdat deze doorgaans een tijdelijk karakter hebben zonder structureel effect op de toegankelijkheid van Amsterdam voor mensen met een beperking. Voor evenementen bestaan bovendien andere subsidieregelingen binnen de gemeente.

De subsidieregeling richt zich op incidentele investeringen in toegankelijkheid, niet op kosten die behoren tot de normale bedrijfsvoering van organisaties.

De regeling heeft specifiek tot doel Amsterdam toegankelijker te maken voor Amsterdammers met een beperking. Landelijke initiatieven zonder aantoonbare focus op de Amsterdamse context vallen hier niet onder. Wel kunnen pilots in Amsterdam die later landelijke opvolging krijgen in aanmerking komen, mits de pilot aantoonbaar bijdraagt aan de toegankelijkheid van Amsterdam.

Met de inwerkingtreding van de European Accessibility Act (EAA) en bestaande WCAG-vereisten zijn bepaalde digitale toegankelijkheidsaanpassingen wettelijk verplicht voor commerciële partijen. Deze wettelijk verplichte aanpassingen behoren tot de reguliere verantwoordelijkheid van organisaties en worden niet gesubsidieerd.

Daarnaast betreffen implementatiekosten veelal het inhalen van achterstallig onderhoud of het nakomen van reeds bestaande wettelijke verplichtingen inzake digitale toegankelijkheid, waaronder verplichtingen die samenhangen met de Wet Gelijke Behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, Wet digitale overheid, European Accessibility Act en de daarop gebaseerde WCAG‑normen. Het dragen van deze kosten behoort tot de reguliere verantwoordelijkheid van de organisatie zelf. Ter bevordering van gelijke behandeling en doelmatige inzet van middelen komen toegankelijkheidsonderzoeken (audits) wél voor ondersteuning in aanmerking. Audits verschaffen een onafhankelijk en toetsbaar inzicht in de toegankelijkheidsopgave, zonder (mede)financiering van implementatiekosten.

Werkgevers hebben op grond van bestaande wetgeving de verplichting werkplekken toegankelijk te maken voor eigen medewerkers. Hiervoor kunnen werkgevers vaak een bijdrage ontvangen van het UWV. Deze subsidieregeling richt zich op publieke toegankelijkheid.

Tot slot is in de laatste weigeringsgrond geregeld dat een rechtspersoon maar één keer per boekjaar subsidie verleend kan krijgen op grond van deze regeling zodat zoveel mogelijk organisaties aanspraak kunnen maken op de beschikbare middelen in het subsidieplafond.

 

  • E.

    De toelichting bij artikel 9 komt te luiden:

Artikel 9 Nadere verplichtingen

Het college kan aan de subsidie de verplichting verbinden dat, waar het een bouwkundige aanpassing betreft, met de bouwkundige activiteiten waarvoor de subsidie is aangevraagd binnen een door het college te bepalen termijn wordt aangevangen. Het uitgangspunt bij het realiseren van fysieke aanpassingen is de integrale toegankelijkheid standaard (ITS). Daarnaast kan het college als verplichting opnemen dat de bouwkundige werkzaamheden worden getoetst aan de geldende IT-standaarden.

Vanaf definitieve publicatie van de NEN 9120 voor de toegankelijkheid en bruikbaarheid van gebouwen kan de NEN-norm 9120 als uitgangspunt dienen, aangezien deze gelijkwaardig of hoger is dan de integrale toegankelijkheid standaard.

 

Om te voorkomen dat bouwkundige aanpassingen binnen een afzienbare termijn niet meer het doel dienen waarvoor de subsidie is verleend, kan het college een termijn verbinden aan het subsidiebesluit. Dat betekent dat bijvoorbeeld een subsidie wordt verleend om een gebouw geschikt wordt gemaakt voor een bepaalde doelgroep, dit gebouw niet binnen vijf jaar niet meer kan worden gebruikt door de doelgroepen.

 

We vragen alle subsidieaanvragers gebruik te maken van de Toolkit Toegankelijk Communiceren. Deze toolkit biedt duidelijke en uniforme communicatie over de toegankelijkheidsstatus van voorzieningen en gebouwen. Door gebruik te maken van deze toolkit en bijbehorende symbolen wordt voor bezoekers met een beperking snel inzichtelijk wat de toegankelijkheid is van een locatie. Meer informatie over de toolkit is te vinden op: https://www.iamsterdam.com/amsterdam-en-partners/amsterdamse-musea-lanceren-nieuwe-communicatieaanpak-om-toegankelijkheid-musea-duidelijk-te-maken

Artikel III Overgangsrecht

Aanvragen tot verlening en vaststelling van subsidie waarop bij de inwerkingtreding van deze wijzigingsregeling nog niet is beslist, worden afgedaan volgens de Subsidieregeling vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam, zoals deze luidde voor inwerkingtreding van deze wijzigingsregeling.

Artikel IV  

Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 10 februari 2026.

De burgemeester

Femke Halsema

De gemeentesecretaris (wnd.)

Thea de Vries

Toelichting  

Algemeen deel

Het college wijzigt de Subsidieregeling vergroten sociale en fysieke toegankelijkheid van Amsterdam (de Subsidieregeling) naar aanleiding van het Onderzoek van de Rekenkamercommissie van Amsterdam-Zaanstad, gepubliceerd op 16 september 2025. Hieruit blijkt dat de fysieke toegankelijkheid van deze buurthuizen, huizen van de wijk en jongerencentra – waar activiteiten plaatsvinden die zijn gericht op het bevorderen van de zelfredzaamheid en de participatie van Amsterdammers - nog onvoldoende is. Volgens dit onderzoek worden juist kwetsbare groepen hierdoor het meest benadeeld.

In de bestuurlijke reactie op het onderzoek van de Rekenkamer heeft het college een integraal plan van aanpak opgesteld, om de toegankelijkheid van de buurthuizen en de informatie hierover in 2026 in kaart te brengen en de toegankelijkheid te verbeteren. Onderdeel van de uitvoering van dit plan is dat de Subsidieregeling gewijzigd wordt door daarin het vergroten van fysieke toegankelijkheid van buurthuizen, huizen van de wijk en jongerencentra als aparte subsidiabele activiteit op te nemen, met bijbehorend subsidieplafond.

 

Artikelsgewijze toelichting

A.

In artikel 1 is een aantal definities toegevoegd vanwege de nieuw toegevoegde subsidiabele activiteit in artikel 4 van de regeling.

 

B.

In artikel 3 over het doel van de subsidieregeling is toegevoegd dat het moet gaan om het verhelpen van knelpunten op het gebied van toegankelijkheid in Amsterdam.

 

C.

In artikel 4 onder a. van de regeling is als subsidiabele activiteit toegevoegd het vergroten van de fysieke toegankelijkheid van buurthuizen, huizen van de wijk en jongerencentra door bouwkundige aanpassingen te treffen.

 

In onderdeel d. worden de activiteiten waarvoor in het kader van digitale toegankelijk subsidie kan worden aangevraagd vanaf 2026 beperkt tot audits voor digitale toegankelijkheid. Dit zorgt ervoor dat organisaties en websites die specifiek gericht zijn op Amsterdammers worden ondersteund; juist lokale organisaties kunnen hierdoor in kaart brengen wat hun toegankelijkheidsuitdagingen zijn, zonder dat via de subsidie wettelijk verplichte aanpassingen en het verbeteren van achterstallige websites en apps worden gefinancierd.

 

D.

In artikel 5 van de Subsidieregeling wordt een apart budgetplafond van € 400.000 vastgesteld. Dit plafond is specifiek voor subsidieaanvragen gericht op het vergroten van de fysieke toegankelijkheid van buurtkamers, Huizen van de Wijk en jongerencentra in Amsterdam.

 

E.

In artikel 7 van de regeling zijn de verplichtingen onder d en e aangescherpt en verduidelijkt.

 

F.

In artikel 8 van de subsidieregeling is de weigeringsgrond over het niet voldoen aan de standaard EN301549 geschrapt omdat deze norm niet meer wordt gehanteerd. Aan het artikel is een weigeringsgrond toegevoegd waarmee na de eerste verlening een volgende subsidieaanvraag van dezelfde rechtspersoon in een boekjaar kan worden geweigerd, zodat zoveel mogelijk aanvragers de kans hebben om subsidie aan te vragen.

 

G.

In artikel 9 onder g. is de termijn van 10 jaar naar 5 jaar gewijzigd. De termijn heeft als doel om te voorkomen dat bouwkundige aanpassingen binnen een afzienbare termijn niet meer het doel dienen waarvoor de subsidie is verleend. Daarom kan het college een termijn verbinden aan het subsidiebesluit. Op verzoek van aanvragers, die aangeven vaak huurcontracten te hebben niet langer dan vijf jaar, is de termijn naar vijf jaar gewijzigd. Dat betekent dat als bijvoorbeeld een subsidie wordt verleend om een gebouw geschikt te maken voor een bepaalde doelgroep, de ontvanger ervoor moet zorgen dat dit gebouw nog vijf jaar kan worden gebruikt door de doelgroep. De verplichting over het toetsen van de digitale toegankelijkheid en begrijpelijkheid en het voldoen aan de norm van WCGA 2.0 is geschrapt.

 

Artikel III Overgangsrecht

De overgangsbepaling regelt dat alle aanvragen voor verlening en vaststelling die zijn gedaan voor de inwerkingtreding van deze wijzigingsregeling afgehandeld worden volgens de versie van de regeling die toen gold.

Naar boven