Bomenplan Maassluis 2025

De raad van de gemeente Maassluis;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 7 oktober 2025

 

besluit

 

  • 1.

    Het Bomenplan Maassluis 2025 vast te stellen

Samenvatting

 

Het groenbeleid kent zijn oorsprong in de Visie Openbare Ruimte (VOR) 2016. Dit Bomenplan is een verdere uitwerking van het Groenbeleids- en beheerplan 2024 dat door de gemeenteraad is vastgesteld.

Wat betreft de visie voor groen geldt dat Maassluis een gemeente wil zijn waar iedereen in de directe omgeving, thuis of op het werk, wordt omgeven door groen. Hiervoor wordt gewerkt vanuit vijf hoofdprincipes.

 

  • 1.

    We zorgen voor bereikbaar, herkenbaar en gevarieerd groen voor iedereen.

  • 2.

    We bevorderen de natuurwaarde van ons groen.

  • 3.

    We dragen met ons groen bij aan klimaatadaptatie.

  • 4.

    We zorgen ervoor dat ons groen bijdraagt aan de volksgezondheid.

  • 5.

    We zorgen samen voor het groen in Maassluis.

Met dit Bomenplan willen we voortborduren op deze hoofdprincipes. Daarnaast willen we bestaande bomen in Maassluis beter beschermen en toewerken naar het verbeteren van de groene beleving. Dit Bomenplan is ontwikkeld in samenwerking met twee adviesbureaus voor de groene ruimte, Planterra en Cobra.

 

Dienstbaarheid

Door klimaatverandering verwachten we meer hittestress, extreme neerslag en droogte. Die verandering heeft invloed op onze leefomgeving en onze gezondheid. Als we ons goed willen voorbereiden op deze veranderingen in het klimaat moeten we juist de voordelen van bomen en groen inzetten. Denk bijvoorbeeld aan: verkoeling bij hete zomers, CO2-opslag en verhoging van biodiversiteit, dit noemen we ecosysteemdiensten. Grote, volwassen bomen leveren meer ecosysteemdiensten dan jonge bomen. Juist daarom is het behoud van bestaande bomen erg belangrijk. Voor optimale groei hebben bomen voldoende wortelruimte, water en een bioactieve bodem nodig. Hierom gaan we investeren in de bodem. Daarnaast willen we negatieve invloeden zoals wortelbeschadiging en het samendrukken van de bodem door verkeer, tot het uiterste beperken. We handelen in het belang van de boom.

 

Huidige situatie

In Maassluis staan ongeveer 20.000 bomen, 12.917 daarvan zijn geregistreerde bomen van de gemeente (dat wil zeggen: eigendom van de gemeente). Het bomenbestand is divers en heeft een gemiddelde leeftijd van ca. 26 jaar. Er is dus potentieel om te groeien. De vitaliteit van de gemeentebomen wordt beoordeeld tijdens de boomveiligheidscontroles. Op dit moment heeft 72% van de bomen een goede of voldoende conditie. 23% heeft onvoldoende conditie, en 5% van de bomen heeft een slechte conditie of is dood.

 

Doelstellingen

In dit Bomenplan stellen we voor om te kiezen voor kwaliteit. Niet het aantal bomen telt, maar het aantal bomen met een goed ontwikkelde kroon draagt het meeste bij aan de leefomgeving. In dit Bomenplan geven we aan hoe we die kwaliteit gaan verbeteren.

 

Budgetten

In de komende jaren is er geld voor het onderhouden van de bomen en het herplanten bij uitval (droogte, ziekte, ouderdom, etc.). Als de uitval te snel gaat lopen we tegen grenzen aan en moeten we de herplant van bomen meer spreiden over meerdere jaren of meer budget aanvragen. Gezien de enorme opgave waarvoor de gemeente staat kan niet alles in een keer worden aangepakt, dat betekent dat we keuzes moeten maken. Ongeveer 600 bomen zijn in slechte conditie of dood en moeten op korte termijn worden vervangen. Voor het beste effect op onze stad en haar inwoners zoeken we naar slimme oplossingen. Zowel bij herplant van bomen, die zijn uitgevallen, als bij het planten van nieuwe bomen, geven we daarom voorrang aan locaties waar weinig groen is. Ook zoeken we naar plekken waar een boom veel bijdraagt aan de klimaatsopgave.

 

Belangrijkste punten om mee in te stemmen

  • kwaliteit boven kwantiteit;

  • werkwijze groene inrichting;

  • verdeling van de budgetten.

Het College zal na het vaststellen van het bomenplan de nieuwe kapvergunning behandelen. Ter informatie zit een aangepaste kapvergunning in de bijlage.

Inleiding

In de afgelopen jaren zijn de inzichten over het belang van bomen sterk veranderd. Vroeger waardeerden we bomen vooral om hun schoonheid waarde, zij werden vaak in dezelfde boomsoort keurig gesnoeid en op een rij aangeplant. Door de gebrekkige groeiplaatsen van -vooral- straatbomen ontstond een korte levensverwachting. Inmiddels is het steeds duidelijker dat de waarde van bomen veel groter: volwassen bomen dragen veel meer bij aan een gezonde en leefbare stad dan we toen dachten. Met goed onderhoud en voldoende ruimte zowel boven- én ondergronds kunnen bomen gezond oud worden. Dit alles vraagt om een nieuwe visie op het bomenbestand en het beheer daarvan.

 

Aanleiding

Er zijn meerdere redenen waarom we anders willen gaan werken. In eerste instantie zien we dat de stad verdicht, er komen meer mensen die graag in Maassluis willen gaan wonen en werken. Er komen steeds meer wegen, faciliteiten en daarvoor zijn ook weer aanvullende gebouwen en diensten nodig. Onze ruimte is echter schaars. In een leefbare stad delen we de ruimte op een fijne manier met elkaar. Het groen -en dan speciaal de bomen- spelen een belangrijke rol bij het creëren van die leefbaarheid, maar zij vragen logischerwijs ook hun ruimte.

 

Slecht geplante bomen gaan in de komende jaren in grote getalen uitvallen. Dit komt door keuzes uit het verleden waarbij er weinig aandacht was voor de groeiplaats. Als er onvoldoende ruimte aanwezig is waar bomen kunnen wortelen wordt de boom kwetsbaar, laat ze het blad vallen en verzwakt. Jaren met veel regen of langdurige droge periodes “tekenen” de bomen. Veel bomen die weinig grond onder hun wortels hebben of klem staan in de verharding kunnen na een aantal jaren groei zich niet verder ontwikkelen.

 

Een derde punt is de zorgelijke situatie rondom verschillende boomsoorten die lijden onder aantastingen en ziekten. Iepen, Kersen, Paardenkastanjes en Essen zijn heel gevoelig hiervoor en daarmee vallen jaarlijks veel bomen weg.

 

Foto: Bomen in kleine groeiplaatsen en beperkte bovengrondse ruimte.

 

De doelen

Om tot een volwassen bomenbestand te komen, benoemen we de volgende doelen. In de hoofdstukken daarna leggen we uit waarom dit belangrijk is en uiteindelijk hoe we de budgetten gaan verdelen om die doelen te bereiken.

 

De gemeente wil graag bomen:

  • een betere groeiplaatsen geven;

  • planten met het oog op duurzaamheid;

  • integraal ontwerpen en plannen, dat wil zeggen: goed afstemmen met andere projecten;

  • goed beheren;

  • beschermen.

Het Bomenplan is gebaseerd op huidige inzichten en wensen. Bij nieuwe inzichten kunnen we het Bomenplan tussentijds aanvullen en bijsturen. Het is een levend document.

 

Foto: Lopen, fietsen en spelen in verkoelend en divers groen.

 

Dit Bomenplan gaat over alle bomen: de bomen in de openbare ruimte én de particuliere bomen van Maassluis. Openbaar groen en bomen zijn sterk met elkaar verbonden. Het Bomenplan is een uitwerking van het Groenbeleids- en beheerplan (2024-2030) van gemeente Maassluis.

Hoofdstuk 2: Leeswijzer

Hoofdstuk drie tot en met vijf gaat over de bijdrage van bomen, de kwaliteit daarvan en wat we als gemeente willen verbeteren. Er staan veel veranderingen te wachten. Het klimaat wordt extremer en Maassluis groeit snel. We staan hierdoor op het punt dat we belangrijk beslissingen moeten maken. Meer bomen worden geplant en moeten onderhouden worden. Gelijktijdig zijn er veel bomen die uitvallen. Bomen zijn belangrijk voor de leefbaarheid van de stad, om die reden willen we bomen ouder laten worden om zoveel mogelijk kroonvolume te ontwikkelen. Aan de hand van verschillende tabellen en foto’s wordt duidelijk wat nodig is. Door nu in te zetten op kwaliteit kunnen we geleidelijk meer bomen een goede toekomst bieden. Door enerzijds bestaande bomen te voeden en anderzijds de bomen zoveel mogelijk te vervangen als er aan weg wordt gewerkt. Hoofdstuk zes en zeven gaat over de inrichting. Door slimme inrichtingsplannen te maken kunnen nieuwe bomen in goede groeiplaatsen worden aangeplant en kunnen we meer rendement maken.

 

In hoofdstuk acht bespreken we het beheer. Het onderhoud begint in de dag na aanplant. Het Stadsbedrijf is een belangrijke schakel in deze. Voor het grotere snoeiwerk zijn natuurlijk aannemers met gediplomeerd personeel nodig die op hoogte mogen werken. Bij de aanplant van bomen wordt samengewerkt. Afhankelijk van de capaciteit van het Stadsbedrijf wordt de vervanging van nieuwe aanplant bij voorkeur door de gemeente zelf gedaan. Hulp van derde kan nodig zijn, bijvoorbeeld bij het grondwerk.

 

Bijzondere bomen zijn belangrijk voor de stad, het zijn blijvende herinneringen. Op particulier terrein staan hier en daar ook bomen die belangrijk zijn voor de omgeving. Met de boomeigenaren gaat de gemeente in gesprek om deze bomen te behouden. Hoofdstuk elf gaat over kapvergunning. Het voornemen is om deze aan te passen en daarmee de bestaande bomen beter te beschermen. Het proces moet ook transparant blijven. Ter informatie zit in de bijlage de voorgestelde aanpassing.

 

Het laatste hoofdstuk gaat over het geld dat al hiervoor is vrijgemaakt. In dat overzicht staat het aantal van 206 bomen die we gemiddeld per jaar vervangen als gevolg van uitval. Voor het verbeteren van het klimaat en het woongenot, worden vanuit het impuls budget meer straatbomen aangeplant. Deze aantallen zijn een schatting. De constructie in de bodem of de herinrichting op straatniveau is steeds weer anders. Opgeteld streven we naar meer kwaliteit, grotere boomkronen met veel bladeren om daarmee de leefbaarheid in de stad en de waarde voor de natuur in Maassluis te verbeteren.

 

Veel leesplezier met dit Bomenplan 2025.

 

Foto: Populier in het Lepelaarpark.

Hoofdstuk 3: Wat weten we?

Een goed bomenbestand maakt de stad weerbaar en daarmee bestand tegen een veranderend klimaat. Omdat het klimaat verandert krijgen we steeds meer te maken met hittegolven, hevige regenval en droogte. Dit heeft invloed op onze leefomgeving en daarmee ook op onze gezondheid. Vogels, dieren en insecten zoeken hun toevlucht in bomen, het brengt de natuur dichterbij en dat wordt heel erg gewaardeerd. Bomen geven kleur aan onze stad, zij begeleiden wegen en geven karakter aan onze wijken. Bomen hebben een grote invloed op de kwaliteit van onze directe leefomgeving.

 

Wat bomen kunnen bieden

Uit onderzoek blijkt dat vooral bomen, aanzienlijk kunnen bijdragen aan een beter stedelijk klimaat. Daarnaast leveren bomen ‘ecosysteemdiensten’. Ecosysteemdiensten zijn de voordelen die plantsoenen en bomen ons mensen en maatschappij geven. Daarin onderscheiden we vier categorieën: planeet, klimaat, mens en economie. In elke categorie leveren bomen grote voordelen. Zij dragen bij aan een fijnere leefomgeving en daarmee voelen we ons prettiger en gezonder.

 

Figuur 1: Overzicht van de ecosysteemdiensten van groen en bomen.

 

Met de keuzes die we in dit Bomenplan maken en de maatregelen die daaruit volgen, benutten we die voordelen van de ecosysteemdiensten maximaal. Mooi en voldoende goed groen helpt indirect ook aan technische- en maatschappelijke oplossingen die nodig zijn in de stad. Het werkt ook de andere kant op, door niet te vergroenen ontstaan negatieve effecten die steeds merkbaarder worden, zoals straten en huizen die te warm worden in de zomermaanden, en ’s avonds weinig afkoelen. Bomen en groen zijn dus een logische oplossing voor verschillende belangrijke problemen die op stadsniveau spelen.

Hoofdstuk 4: De groeiplaats

In de bodem leven organismen zoals bacteriën, schimmels die de boom voeden. Water wordt vastgehouden en de boom houdt koolstofdioxide vast. Als we de boom alleen als een stam met een kroon zien, doen we deze tekort. En wat ondergronds gebeurt is misschien nog wel belangrijker. In de straten van Maassluis staan veel bomen die in erg beperkte groeiplaatsen zijn geplant. Het oppervlak is verhard en er is weinig ruimte voor de opname van water en zuurstof.

Voor bomen is dit een uitputtingsslag.

 

Foto: klassieke straatinrichting, een beperkte groeiplaats, de boom zal op zoek gaan naar water en voedingsstoffen.

 

Boomgrootte en groeiplaats

Bomen worden in drie maten verdeeld. Kleine bomen tot acht meter hoogte noemen we bomen van de derde grootte. Bomen van de tweede grootte worden vijftien meter hoog. De grootste bomen -van de eerste grootte- groeien uit tot wel 35 meter. Maar deze maat zegt niet zoveel over de ruimte die zij nodig hebben in de ondergrond. Om een beeld te geven van de ondergrondse inrichting die de boom nodig heeft schetsen we deze maten. Een kleine boom groeit in een groeiplaats ter grootte van een schuurtje, 9 vierkante meter. Een middelgrote boom vraagt om een ruimte tot 64 vierkante meter om te wortelen vergelijkbaar met het oppervlakte van een woning. Grote bomen wortelen in een het oppervlak van tenminste 12x12 vierkante meter of meer. De meeste bomensoorten groeien op droge grond en wortelen tot ongeveer 30 cm boven het grondwater. Bomen die op verhogingen groeien kunnen dieper wortelen en zich beter verankeren. Hebben we te maken met een hoge grondwaterstand, dan planten we om die reden de bomen iets hoger dan de directe omgeving.

 

Bodemkwaliteit

De bodemstructuur in Maasluis heeft zo zijn eigenaardigheden. De grond bevat soms veen en is erg nat. Even verderop is de grond schraal en droog als gevolg van het ophogen met zand. De ondergrond is soms verdicht met een afdeklaag of bestaat uit oude zeeklei. Bodemverdichting belemmert de wortelgroei. Dit probleem ontstaat door het betreden of met voertuigen belasten van de verharding of een gazon. Elke plantlocatie moet goed onderzocht worden op een verstoringen die doorbroken moet worden voordat we een boom aanplanten. We streven als gemeente naar een toekomstig bomenbestand met een gemiddelde leeftijd van 60 jaar.

 

Goede bomen

Alle bomen leveren ecosysteemdiensten. Hoe groter de boom, hoe meer ecosysteemdiensten de boom levert. De kroon van één populier in Maassluis kan een volume van wel 2.500 kubieke meter bereiken. Een kleine boom, bijvoorbeeld een sierkers, bereikt hoogstens een boomkroonvolume van 75 kubieke meter. Jonge aanplant heeft een hele kleine bijdrage. Het schema in figuur 2 laat het verschil zien van het boomkroonvolume als de bomen in kleine groeiplaatsen staan. Een grote volwassen boom levert evenveel ecosysteemdiensten als tientallen jonge bomen!

 

Figuur 2: De ontwikkeling van een boom door goed aanplanten in een grot boomspiegel, meer kroonvolume en groen onder de boom.

 

Een grote boom geeft meer schaduw, koelt de omgeving en houdt meer regen vast, veel meer dan een kleine boom. Daarom is het belangrijk om bestaande bomen te behouden, en te zorgen dat nieuwe bomen een goede groeiplaats hebben, zodat ze kunnen uitgroeien tot volwassen bomen.

 

In onderstaande figuur (3) is een boom afgebeeld die 60 jaar oud wordt en in die tijd veel groter is geworden dan een vergelijkbare boom die in dezelfde tijd een keer vervangen is. Door deze twee patronen tegen elkaar af te zetten, wordt het duidelijk dat de boom veel meer ecosysteemdiensten kan leveren als deze de tijd krijgt om goed door te groeien. De investeringskosten verdelen we over veel meer jaren.

 

Figuur 3: Schematisch verloop van een kleine versus grote groeiruimte en de baten na 30 en 60 jaar.

Hoofdstuk 5: Het bomenbestand

De gemeente houdt doorlopend alle bomen goed in de gaten, onze groenmedewerkers kijken dagelijks naar de kronen waaronder zij werken. Daarnaast wordt een derde deel van de bomen jaarlijks geïnspecteerd door een extern bedrijf. Dit heeft de Boom Veiligheid Controle, afgekort BVC . Dit bedrijf beoordeelt de conditie van de bomen en kijkt naar voorkomende gebreken, zoals afgebroken takken, ziekte of uitdroging. Vervolgens wordt er gericht gesnoeid door vakbekwame hoveniers of boomverzorgers.

 

Hieronder wat feiten op een rij van het bomenbestand dat de gemeente op dit moment beheert :

  • 12.917 geregistreerde bomen in het beheersysteem (eind 2024).

  • een bomenbestand dat heel gevarieerd is.

  • een jong bomenbestand met een gemiddelde leeftijd van 26 jaar.

  • De conditie van de bomen is als volgt: 72% is voldoende, 23% onvoldoende en 5% is slecht.

Gemiddelde leeftijd

Eind 2024 stonden in Maassluis 12.917 vrijstaande bomen geregistreerd in het boombeheersysteem. Behalve gemeentebomen staan er in Maassluis ook ongeveer 7.100 vrijstaande particuliere bomen. In Maassluis groeien dus circa 20.000 bomen.

 

Figuur 4: Overzicht van de verdeling van de conditie in zes klassen van alle gemeente bomen van Maassluis.

 

Ongeveer 5% van het bomenbestand valt in de klassen: ‘slecht’, ‘zeer slecht’ en ‘dood’. Dat zijn er iets meer dan 600.

 

Om de vitaliteit van een boom te beoordelen, is het nodig om de conditie van de boom te beoordelen en een inschatting te maken van de levens of toekomstverwachting. De conditie is de huidige gezondheid en groeistatus van de boom. De toekomstverwachting is een inschatting van hoe lang een boom nog gezond blijft en zijn functie vervult.

 

Conditie en toekomstverwachting beïnvloeden elkaar, maar zijn in principe niet aan elkaar gekoppeld. Bijvoorbeeld: een boom kan een prima conditie en een mooie volle, donkergroene kroon hebben. Toch kan de boom op het punt staan om te bezwijken door scheuren, holtes en houtrot. Andersom kan het ook, de boom kan een slechte conditie hebben, maar toch geen gebreken vertonen.

 

De gemeente laat voortaan in de Boom Veiligheid Controle (B.V.C.) de conditie én de toekomstverwachting onderzoeken. Zo krijgen we een completer beeld van de vitaliteit van het bomenbestand. De levensverwachting van de bomen verdelen we in vier groepen:

  • 15 jaar of meer: de boom heeft een lange levensverwachting.

  • 5 tot 15 jaar: de boom heeft een gemiddelde levensverwachting.

  • 1 tot 5 jaar: de boom heeft een korte levensverwachting.

  • Minder dan 1 jaar: de boom is in zeer slechte conditie en zal waarschijnlijk snel bezwijken.

Foto: Lepelaarplantsoen, in 2024 zijn de bomen gesnoeid, deze kunnen weer vele jaren mee.

 

Diversiteit

Diversiteit in het bomenbestand maakt onze bomen weerbaar tegen ziekten, plagen en klimaatsverandering. Dus hoe meer boomsoorten, hoe beter. Niet alle boomsoorten komen evenveel voor in Maassluis. De gewone plataan is het meest aangeplant. 29% van het totale bomenbestand bestaat uit tien boomsoorten. Zie hieronder genoemd in het overzicht. De helft van het aantal bomen behoort tot 26 verschillende boomsoorten. Van de 138 boomsoorten en cultivars (gekweekte variëteiten) staan er slechts tien of minder in de gemeente. Ze maken een kleine 4% uit van het bomenbestand.

 

nr

Boomsoort / cultivar

Nederlandse naam

Aantal

1

Platanus × hispanica

Gewone plataan

516

2

Ulmus 'Columella'

Zuiliep

500

3

Pyrus calleryana 'Chanticleer'

Sierpeer

483

4

Salix alba

Gewone wilg, Schietwilg

425

5

Quercus cerris

Moseik, Turkse eik

352

6

Carpinus betulus 'Frans Fontaine'

Haagbeuk

319

7

Tilia cordata 'Böhlje'

Winterlinde

318

8

Acer pseudoplatanus

Gewone esdoorn

310

9

Acer campestre

Veldesdoorn

294

10

Acer pseudoplatanus 'Rotterdam'

Gewone esdoorn (cultivar 'Rotterdam')

272

Tabel: Tien meest voorkomende boomsoorten van Maassluis in aflopende aantallen.

 

In de wijken plant de gemeente over het algemeen wat andere soorten bomen dan in de parken en langs doorgaande wegen of op plekken waar de ecologische verbindingen belangrijk zijn. Straatbomen moet aan veel eisen voldoen. Gelukkig kunnen we uit vele honderden boomsoorten en variëteiten kiezen. In ons land groeien enkele tientallen boomsoorten die deel uitmaken van de ecologie in Nederland. Bij een veranderend klimaat zal de flora zich aanpassen, en daarom is het belangrijk dat we als gemeente open staan voor veranderingen en aanpassingen in het groen.

 

Foto: diversiteit in bomen geeft vorm aan de openbare ruimte.

 

Boomkronen

Vanuit de lucht zie je hoe breed een boomkroon is. Dat noemen we de boomkroonprojectie. Wanneer de boomkroonprojectie van meerdere bomen samen bekend is, dan wordt ook duidelijk hoeveel procent van een straat, buurt of wijk bedekt wordt door de boomkronen. Dat percentage noemen we de boomkroonbedekkingsgraad. Eind 2024 was 13% van het grondoppervlak in Maassluis bedekt met boomkronen. Figuur 5 toont de boomkroonbedekkingsgraad per wijk in gemeente Maassluis. Zo is goed te zien waar de boomkroonbedekkingsgraad hoger of lager is, zoals in Wilgenrijk waar veel jonge bomen staan.

 

Figuur 5: Uit de Boommonitor van Cobra: boomkroonbedekkingsgraad van Maassluis is 13% is ‘laag’ en ‘boomarm’

 

Wat is nu een goede verhouding? En hoeveel bomen hebben we nodig bij de inrichting van een straat? Dat vraagt wat toelichting. De kroon van een grote boom heeft een diameter van 15 tot 25 meter. Als de gemeente dit soort grote bomen op 50 tot 75 meter uit elkaar plant, dan voldoen we al aan een groene inrichting. In de eerste jaren na aanplant “voelt” dat als weinig groen. Door dichter en meer gevarieerd te planten kan een groener beeld ontstaan. Als boomkronen zijn volgroeid is het vervangen van uitgevallen bomen op termijn niet perse nodig. Alles hangt dan samen met de ruimte, licht, schaduw en de kans voor een boom om op te groeien tussen de bestaande bomen.

 

Boomkroonbedekkingsgraad

% van totaal grondgebied

omschrijving

Minder dan 10%

Zeer laag

‘Zeer boomarm’

10 – 15%

laag

‘Boomarm’

15 – 20%

substantieel

‘Boomhoudend’

20 – 30%

Optimaal (wonen)

‘Boomrijk’

30 – 40%

Hoog

‘Zeer boomrijk’

Meer dan 40 %

Zeer hoog

‘Bos/ park’

Tabel: Boomkroonbedekkingsgraad in klassen

 

Foto: de kroonbedekking/slagschaduw van bomen.

Hoofdstuk 6: Voorbereiding

Voordat de schep in Maassluis in de grond gaat, worden verschillende systemen en beleidsdoelen onderzocht. Wat zijn de kaders en wat gaan we verbeteren? Welke functie heeft de boom? Maakt deze deel uit van een grotere structuur? Bijvoorbeeld stedenbouwkundig, historisch of ecologisch? Een boom vraagt zowel onder als boven de grond veel ruimte. Kunnen we die ruimte bieden? De straat is bij voorkeur een gebied waar alles praktisch en overzichtelijk moet zijn. Meestal is er veel parkeerdruk en staan er objecten waarmee we bij het plaatsen van bomen rekening mee moeten houden. Naast de fysieke beperkingen wordt ook rekening gehouden met de groeifactoren die belangrijk zijn voor de boom, zoals: lucht, licht, warmte, water, voeding en zuurgraad.

 

Verbinden

Dit doen we letterlijk door de hoofdgroenstructuur gesloten te houden. Op plekken waar een boom hoort te staan herplanten we een boom in een goede groeiplaats. In figuurlijk zin doen we dit door te werken volgens het Convenant Natuurinclusief-en Klimaatadaptief Bouwen. Daaraan toetsen we de marktpartijen. Voorafgaand aan de ontwikkeling van een nieuwbouwproject stellen we eisen aan de kwaliteit en invulling – verbinden- van het groen. Deze kwaliteitseisen staan in het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR- Maassluis)

 

In de Visie Openbare Ruimte (afgekort VOR) uit 2016 staat de kaart hoofdgroenstructuur (het stedelijk lood, zie legenda), het is een abstracte weergave. De onderstaande kaart, ook uit de VOR 2016, is een uitwerking daarvan. De kaart geeft een groennetwerk aan die bestaat uit parken, bermen, de rivier, kanalen en andere watergangen. Nu tien jaar later zijn nieuwe wijken gebouwd en meer ontwikkelingen komen er aan. De stad is continue in beweging, dat maakt het behoud van een hoofd groenstructuur zo belangrijk. Het doel van dit groene netwerk is om de openbare ruimte goed bereikbaar te houden voor de natuur, voetgangers en fietsers. De gemeente wil de bekende knelpunten oplossen en vooral nieuwe blokkades voorkomen. Er is daarom bijzondere aandacht voor de ecologie: de levende natuur moet vrij kunnen bewegen, hiervoor maken we goede aansluiting op de terreinen buiten de gemeentegrens. In de natuurzones worden bomen gebruikt die ecologisch belangrijk zijn.

 

Kaart: Uitwerking van het Robuust lood en stedelijk lood uit de V.O.R. 2016.

 

Groen in de wijk

Uit een enquête in oktober 2022 bleek dat ruim 80% van de inwoners van Maassluis vindt dat er meer groen in de wijken moet komen. Binnen de lichtgroene vlakken van het wijkgroen (het glas, zie legenda) is ruimte voor typische boomsoorten die passen binnen de stedelijk gebied, de bodem en het klimaat tussen de bebouwing. Als gevolg van die keuzes krijgt elke wijk of straat verschillende soorten bomen.

 

De BomenMonitor

In het gemeentelijk administratiesysteem staan alle gemeentelijke bomen geregistreerd. Het logboek van elke boom is gekoppeld aan de plantlocatie. Voor de beheerder is dit belangrijke informatie, maar dat is nog niet genoeg. Daarom heeft de gemeente in samenwerking met groenadviesbureau Cobra Groeninzicht de BomenMonitor in gebruik genomen. Dit is slimme software waarmee alle bomen, dus ook particuliere bomen, in beeld worden gebracht. Hiermee kan de gemeente de 3+30+300-vuistregel, die is ontwikkeld door prof. dr. Cecil Konijnendijk, voor Maassluis in kaart brengen. De vuistregel zegt: “Iedereen heeft vanuit huis zicht op tenminste drie bomen, bij de inrichting van een straat willen we dat de geplante bomen doorgroeien tot 30% kroonbedekking, en op 300 meter afstand van elke woning ligt een park of groene ruimte. Bij de voorbereiding van een project gebruikt de gemeente deze vuistregel. Het is een handvat om goede binnenstedelijke herinrichtingsplannen te maken (Glas, V.O.R. 2016). De vuistregel blijft een richtlijn en kan niet overal worden behaald. De huidige bebouwing heeft nu eenmaal zijn beperkingen. Stedenbouwkundigen kunnen het model gebruiken om te toetsen of er hoogwaardig groen op 300 meter afstand aanwezig en gemakkelijk bereikbaar is.

 

Foto: fragment uit kaart 3-30-300 regel, zijn er voldoende bomen te zien.

 

Kabels en leidingen

De leeftijdsverwachting van bomen hangt sterk samen met het vervangen van kabels en leidingen of het groot onderhoud aan de weg of de riolering. Voorafgaand aan het opnieuw inrichten van een straat onderzoekt de gemeente wat goede groeiplaatsen voor de bomen zijn. Als de ondergrondse infrastructuur echt niet verplaatst kan worden, dan worden de bomen gerooid. Als de infrastructuur leidend is plant de gemeente nieuwe bomen die minder lang meegaan. De levensloop van de boom loopt dan gelijk met het grootonderhoud aan de leidingen. In het logboek bomen wordt dit besluit vastgelegd.

 

Bomen die voor lange tijd behouden moeten blijven, krijgen een groeiplaats met afmetingen in het logboek bomen. Bijvoorbeeld: Zuileik met groeiplaats van 5x5m. In het Geografisch Informatie Systeem (GIS) wordt de investering in de groeiplaats vastgelegd. Als er aan de straat gewerkt wordt, kan de aannemer rekening houden met de ondergrondse inrichting.

 

Graafschade aan boomwortels is snel gemaakt. Een stoepband herstellen, scheef liggende tegels herstraten of reparatiewerk aan een leiding, het zijn veel voorkomende werkzaamheden om en rond bomen. Als daarbij een dikke wortel wordt afgesneden dan is de boom voor lange tijd minder standvastig. Om die reden kiest de gemeente voor het aanleggen van ruime boomspiegels.

 

Verbeteren groeiplaats

Voor het behoud van onze bomen willen we als gemeente negatieve invloeden in de bodem zoveel mogelijk aanpakken. Dit kan door de grond te voeden en te zorgen voor meer zuurstofwisseling en wateropname. Een eerste stap om dit mogelijk te maken is het vergroten van de boomspiegels. Daarna kan per boom een maatregel worden genomen waarmee dieper in de grond meer ruimte kan worden gemaakt voor de boomwortels. Om graafschade te voorkomen is het belangrijk dat de ondergrondse infrastructuur en boomwortels niet te dicht op elkaar zitten.

 

We investeren in goede ondergrondse groeiplaatsen.

 

Bomen die in een stoep of straat staan of daarin geplant gaan worden, moeten een goede groeiplaats krijgen. Een gemiddelde boom vraagt ondergronds om een ruimte van wel twee parkeerplaatsen om goed te kunnen wortelen. En voor een goede uitwisseling van water en zuurstof is een grote boomspiegel nodig. (zie figuur 2, drie bomen met onderbeplanting) Dit type inrichting vergroot de wateropname en waterbuffering van de bodem. De beplante boomspiegel biedt daarnaast schuilplekken aan egels en vogels. In het dagelijks beheer zorgt de gemeente ervoor bladeren die zijn afgevallen rondom de boomspiegel blijven liggen. Dit bevordert de voedselkringloop en er hoeft minder blad weggebracht te worden.

 

Investeren in bomen

Met behulp van het impulsbudget van 116k in 2026, is de gemeente in staat extra bomen te planten en te voorzien van goede ondergrondse groeiplaatsen. Een boom vervangen in een plantsoen kost zo’n 1100,- euro per stuk. Als de boom geplant wordt in een goede ondergrondse inrichting (kabels en leidingen bijv.) in een straat of stoep, dan is dit drie tot zes keer zo duur. Voor het inrichten van de groeiplaats gebruikt de gemeente de modellen die in het Handboek Bomen van het Normeninstituut staan omschreven. De toepassing bepaald het aantal te planten bomen. Omdat de klimaatsopgave zwaar weegt in het vinden van geschikte plantlocatie rekenen we met het aanplanten van tenminste 30 bomen op plekken waar nu veel verharding is.

 

Foto: Stadsbedrijf plant bomen

Hoofdstuk 7: Beplantingsplan

Integraal plannen

Een boom is niet zomaar een stip in een ontwerp, en boom heeft ook genoeg ruimte nodig voor zijn wortels, de stam en de kroon. Het handboek bomen geeft richtlijnen voor het ontwerpen van een goede groeiplaats in relatie tot de verwachte levensomloop van de boom. Om te komen tot een realistisch ontwerp met voldoende groeiruimte voor de boom, wordt een 40 jaar oude boom op het plan ingetekend. De cirkel die we in de juiste schaal op tekening zetten is dan ongeveer twee-derde van de kroonbreedte die de kweker op geeft. Het is belangrijk om in de ontwerpfase al een goede balans te vinden in de ruimte die de boom na veertig jaar groei nodig heeft en de beperkingen van de openbare ruimte. Denk hierbij aan het inpassen van de straatverlichting, wegenborden en vuilcontainers, die ook ruimte vragen.

 

Windkracht zes

Het kan behoorlijk hard waaien in Maassluis. Vooral langs het open water (Het Scheur) en op verhoogde plekken duwt de wind hard tegen de jonge boomkronen. Een alternatief voor het planten van grote bomen is het zaaien van bomen of het planten van zeer jonge bomen. Dit heeft voordelen, want voor weinig geld kan er veel zaad of plantmateriaal worden ingekocht. Zaailingen maken een penwortel waarmee ze veel grip in de ondergrond hebben. Bij kwekerijbomen is deze penwortel afgesneden. Tijdens de jeugdfase wennen de jonge planten aan de windbelasting en groeien hierdoor meer gedrongen uit. Een beproefde truc is het planten van zeer jonge bomen tussen struiken waarin zij beschutting vinden in de aangroeifase.

 

Slim planten

Na de selectie van een geschikte groeiplaats is de volgende stap: zoeken naar boomsoorten die passen bij de maat van de straat. Op de plantekening worden boomkronen ingetekend alsof ze tenminste 40 jaar oud zijn. Het inrichtingsplan wordt zorgvuldig gemaakt en getoetst door de beheerders. De relatie met de lichtopbrengst overdag en de straatverlichting ‘s nachts is belangrijk. Praktische zaken zoals doorrijhoogte, en werkruimte voor het heffen van de ondergrondse afvalcontainer worden ook getoetst.

 

Boomboeketten

Op verschillende plekken in Maassluis zijn in het verleden boomboeketten aangeplant. Deze boomgroepen staan in parken en brede plantsoenen. Het groepsverband versterkt elkaar, het geeft steun bij het opgroeien in de wind en het delen van water en beschikbare voedingsstoffen. In de kleine ruimtes van de stad liggen kansen om groepjes bomen aan te planten.

 

Foto: boomboeket op de Maasdijk.

 

Ziektepreventie

De verspreiding van boomziektes kan beperkt worden door bewust te kiezen voor diversiteit. Dat betekent niet dat er oneindig veel soorten worden aangeplant, maar wel dat er grote aaneengesloten opstanden van dezelfde boomsoort voorkomen. Bijvoorbeeld, een lanenbeplanting is belangrijk voor de stedenbouwkundige inrichting. In dat geval kiest de gemeente ervoor maximaal 50 bomen van dezelfde soort aan te planten. In lange lanen kunnen we kiezen uit een mix van gelijkvormige bomen of zoekt de gemeente variatie binnen de soort, zo blijft de uitstraling van de laan intact.

 

Foto: een boom met iepziekte.

 

Bomen en zonnepanelen

Bij de inrichting van een straat moet er rekening worden gehouden met de leefbaarheid en veel technische beperkingen. Het kan zijn dat de slagschaduw van de bomen het functioneren van zonnepanelen beperkt. De gemeente kiest ervoor om bestaande bomen in voorkomende gevallen de voorkeur te geven. De gemeente kapt geen bomen omdat zonnepanelen dan minder opbrengen. Bij het uitwerken van een nieuwe inrichting in de straat kan er wel rekening worden gehouden met de aanwezigheid van zonnepanelen. Bijvoorbeeld door iets kleinere of smaller bomen aan te planten.

Hoofdstuk 8: Aan de slag

Er komt als gemeente veel op ons af en niet alles kan tegelijk. Toch wil de gemeente met de mensen en de middelen die zij heeft goede resultaten boeken. Als eerste gaan we op zoek naar plekken in de stad die erg warm worden. Volgende stap is V zoeken naar locaties met onvoldoende groen en planten we bomen langs wegen en paden in de nabijheid van scholen en winkel- en bejaardencentra.

 

Minder steen

Een straat is geen natuurlijk plek voor een boom. Het verdichte oppervlak is slecht voor het bodemleven en dus ook voor de boom. De landelijke trend is om woonstraten minder te verharden en meer ruimte voor groen en waterberging aan te houden. De gemeente zoekt dus naar grotere groeiplaatsen. Het aanleggen van ruime boomspiegels heeft consequenties voor de inrichting van de openbare ruimte. Op plekken waar de temperatuur hoog kan oplopen en weinig groen aanwezig is worden bomen geplant. Om te beginnen kan de groeiruimte voor de bomen in de straat sterk verbeterd worden door het wegprofiel plaatselijk smaller te maken. Als er genoeg ruimte is op het trottoir dan kan een randje tegels worden weggehaald. Op plekken met veel parkeerdruk kunnen we met behulp van bomenzand of ondergrondse constructies, ook wel boombunkers genoemd, goede groeiplaatsen aanleggen. De beste kansen ontstaan door integraal te werken en nieuwe wegprofielen te ontwerpen, denk hierbij ook aan de keuze voor meer eenrichtingsstraten met meer ruimte voor bomen en plantsoenen.

 

Werken volgens plan

De besteding van die 175k investeringsbudget kan ingezet worden bij de aanplant van bomen in combinatie met een integraal project, maar ook voor beheer-projecten. Voorwaarde is in alle gevallen dat het project de activeringsgrens van € 10.000 overstijgt en dat er een activum ontstaat (een boom of groep bomen) die gedurende de termijn van 25 jaar afgeschreven wordt.

 

Foto: wortelopdruk door ontbreken van groeiplaats.

 

De nieuwe bomen worden geplant op plekken die belangrijk zijn voor de gemeente. Het project ‘Groene routes’, is in voorbereiding en de groene inrichting van de schoolpleinen start dit jaar. Jaarlijks kunnen zo’n 40 tot 50 bomen worden geplant. Dit aantal is afhankelijk van de kosten per locatie en de grootte van de benodigde groeiplaats.

 

Foto;, fragment uit de gebiedsvisie Kapelpolder.

 

Veel kleine bomen nemen ruimte in en vragen doorlopend onderhoud. Denk maar eens aan het opdrukken van verharding door boomwortels door de gebrekkige ruimte voor de boom om te wortelen. Zo’n situatie kan verbeteren door het rooien van twee slecht groeiende bomen en een derde boom te behouden, deze wordt dan voorzien van een ruime groeiplaats die ook met laagblijvende struiken of vasteplanten beplant kan worden.

 

Bomen kopen en planten

Bomen inkopen doet de gemeente zelf. Voor het keuren van bomen staan richtlijnen in de handelsvoorwaarden (HBN 2020). In dit boekje staat waaraan een laanboom of meerstammige boom moet voldoen. Een kwekerijboom heeft ondanks een gelijkmatig kweekproces een eigen vorm. De grond van een kwekerij kan zanderige tot humusrijk of kleiig zijn. Het bodemtype moet aansluiten op beoogde groeiplaats in Maassluis. Een boom in de rij heeft doorgaans een smallere takstructuur als een boom die op een hoek heeft gestaan. Een boom uitzoeken is dus meer dan alleen een aantal regels volgen en dan aanbesteden. Het oog van de meester telt ook hier.

 

Foto: spillenkwekerij, jonge bomen worden opgekweekt voordat deze aan een boomkweker verkocht worden.

 

Eenmaal in Maassluis worden de bomen in depot genomen. Dit kan bij het Stadsbedrijf of in een tijdelijk depot in de wijk. Het uitplanten gebeurt bij voorkeur in de winterperiode. Bomen planten we meestal aan met twee boompalen. Voor een aantal locaties is het beter om de boom te steunen met drie palen en een juk. Er ontstaat dan een driehoek in constructie die veel sterker is. Deze constructie zorgt dat de boom bij harde wind stevig blijft staan.

Hoofdstuk 9: Boombeheer

Voor het dagelijks beheer van de bomen en het snoeien daarvan is regulier budget nodig. Het onderhoud bestaat uit inspectie, snoeiwerk en het optimaliseren van de bodem. Het Stadsbedrijf heeft een belangrijke taak in het dagelijks onderhoud en het vervangen van de bomen. Een melding verhelpen, het uitvoeren van klein onderhoud of het wegnemen van een gebroken tak behoort tot het takenpakket. Omdat er geen opgeleide boomverzorgers zijn binnen de gemeentelijke dienst, worden grotere werken uitbesteed.

 

Inspectie

Vanuit de Boom Veiligheid Controle (B.V.C.) krijgt de beheerder inzicht in de gezondheid van de bomen. Jaarlijks wordt een derde deel van het totaal aantal de bomen geïnspecteerd. Bovendien moeten 900 bomen elk jaar geïnspecteerd worden omdat er iets blijvends aan mankeert. We rekenen in 2025 met het totaal van 4775 te inspecteren bomen per jaar. Een nadere inspectie wordt uitgevoerd op bomen waarvan niet meteen duidelijk is wat er speelt, dat zijn er circa twintig. In overleg met de inspecteur maken we keuzes in het beheer als we de boom toch willen behouden. De inspecties op bomen worden uitbesteed. In het beheerbudget rekenen we met 21.000,- euro. Naar mate er meer bomen worden geplant of areaal uitbreiding plaatsvind, zal het benodigde bedrag oplopen.

 

Snoeien

Een boom die bij aanplant voldoende ruimte heeft gekregen, vraagt veel minder onderhoud, ook als de boom ouder en breder wordt, dat hebben we immers al in de planning goed onderzocht. Als de bomen eenmaal zijn geplant begint de verzorging. Het Stadsbedrijf snoeit de jonge takken die aan de stam groeien en de boomspiegel wordt onkruidvrij gemaakt. Watergeven is zeer belangrijk. Het Stadsbedrijf heeft daarvoor een trekker en waterton. Moeilijk bereikbare plekken worden met kleiner materieel van water voorzien. In droge periodes moeten bomen wekelijks water krijgen, dit vereist een behoorlijke capaciteit. Goede begeleiding bij het snoeien voorkomt dat takken door de harde wind vroegtijdig afbreken en verkeerd groeiende takken ontstaan.

 

Grootonderhoud wordt uitbesteed. Gediplomeerde boomwerkers met goede machines snoeien de bomen aan de hand van de bevindingen uit de boomveiligheid controle. De groenbeheerder verzorgt de aanbesteding. Voor dit onderhoudswerk is een budget van 57.000,- euro.

 

Bomen herplanten

Momenteel zien we dat er jaarlijks ca. 200 bomen uitvallen. Deze bomen worden vervangen. Vooraf het aanplanten wordt steeds de grond goed losgemaakt.

 

Foto: boomsnoeiwerk.

 

Meldingen

Er zijn veel Fixi meldingen die gaan over bomen. Het Stadsbedrijf reageert zo snel als mogelijk op voorkomende vragen. Meldingen gaan vaak over de grootte van een boom en de schaduw die de boom geeft. Soms kan dit worden verholpen, maar meestal haalt de gemeente een boom pas weg als deze aan het einde van zijn levensloop is. Via de beoordeling in de kapvergunning kan uiteindelijk een goed besluit worden genomen. De gemeente streeft naar herplant, maar gelet op de melding kan de boomsoort en/of de standplaats worden aangepast. Voor het verhelpen van spoedeisende kap is een budget van 5.000,- euro gereserveerd. Snoei en kap in verband met stormschade is niet opgenomen.

 

Groeiplaats verbetering

Bomen kunnen door verschillende omstandigheden verzwakt raken. Denk aan tijdelijk verhoogde waterstanden of door zware belasting op de grond onder de boomkroon. Dan zie je al snel kleinere blaadjes en dode takken in de kruin. Onderzoek in de bodem kan uitsluitsel bieden, daarna neemt de gemeente gepaste maatregelen. Deze ingreep voorkomt verdere verzwakking, aantasting en mogelijk uitval. Een behandeling is niet direct zichtbaar maar met twee of drie jaar trekt een boom weer bij.

 

Afgelopen jaren is op verschillende plekken de bodem verbetert door onder hoge druk voedingsstoffen te injecteren. In 2023 zijn acht Platanen in de Beethovenlaan behandeld. In 2024: tien Amberbomen en twee Magnolia’s op het Westeinde, 58 Platanen op de Industrieweg, dertien Esdoorns op de Job van Zeelaan, negentien Lindebomen in de Marelstraat en vier Lindebomen op de Stellingmolen.

 

Lindebomen trekken luizen aan als hun conditie afneemt, het blad is minder sterk waardoor de insecten kunnen profiteren. Een behandeling in de bodem helpt de boom, waarna de overlast door luizen sterk afneemt.

 

Progressie

Om de vijf jaar brengt de gemeente verslag uit over de het geleverde werk. Aantallen worden geteld en de conditie en de kroonbedekking worden gemeten. Het overzicht geeft de progressie aan, wat is verbeterd, waar ligt de focus, sturen we als gemeente bij of is een nieuwe impuls nodig? Stormschade, boomziektes of het uitrollen van een project hebben invloed op deze meting.

Hoofdstuk 10: Waardevolle bomen

Particuliere bomen

Ook bomen in privé-eigendom, die gezond en belangrijk zijn voor de omgeving of historische waarde hebben, kunnen door ons op de waardevolle bomenlijst gezet worden. Dit bepalen we door een schouw en in overleg met de eigenaren. Zowel de gemeente als particuliere eigenaren zijn verplicht zich in te zetten voor deze waardevolle bomen. Zo moet de boom goed worden onderhouden en mag deze zijn karakteristieke vorm niet verliezen bij snoei. Het onderhoud van een waardevolle boom kan extra kosten met zich mee brengen. Daarom stelt de gemeente voor particuliere bomen een subsidie ter beschikking.

 

Particuliere eigenaren kunnen subsidie aanvragen voor:

  • schade door storm, bliksem of ijzel;

  • herstellen van de oorspronkelijke snoeivorm;

  • snoei om de boom stabiel te houden;

  • snoei om het evenwicht tussen kroon, stam en wortels te herstellen.

Doel is het in stand houden van de boom en een boom zo lang mogelijk te laten leven. De subsidie is maximaal 50% van de gemaakte kosten, met een maximum van € 1.000 per boom. Voor deze subsidie stelt de gemeente elk jaar € 15.000 beschikbaar. Is dat bedrag op? Dan wordt dat jaar geen subsidie meer verleend. Bijvoorbeeld zoals gemeente Delft met een online-tool op de gemeentelijke website. Particuliere eigenaren van waardevolle bomen behouden hun zorgplicht voor de boom. Door het verstrekken van subsidies willen we bevorderen dat de boom en daarmee het groene karakter van Maassluis behouden blijft

 

Monumentale bomen

In het gemeentelijke boombeheersysteem staan 8 herdenkingsbomen en 8 monumentale bomen geregistreerd. Op de website Landelijk register monumentale bomen staat in Maassluis 1 boom geregistreerd, de Juliana-geboorteboom. Het is een Lindeboom, Tilia x europaea 'Pallida', in het plantsoen van het Stationsplein.

 

Foto: Stationsplein met monumentale Lindeboom.

Hoofdstuk 11: De kapvergunning

We willen ons boomkroonvolume de komende jaren laten groeien. Hiervoor willen we zo veel mogelijk bomen behouden. Dit doen we door goed beheer en het voorkomen van onnodige kap. Toch zijn er momenten waarop een kapaanvraag niet nodig is. De gemeente wil voorkomen dat voor elke boom een kapvergunning moet worden aangevraagd. De kapaanvraag is een onderdeel van de omgevingsvergunning.

 

Vrij in het beheer

Een aantal voorbeelden. Een boom dreigt om te vallen, de gevaarlijke situatie moet direct worden weggenomen. Achteraf kan alsnog de vergunning worden ingevuld.

We hebben regelmatig te maken met praktische zaken, bijvoorbeeld bomen die als een zaailing tot boom is uitgegroeid en ongemakkelijk dicht bij de een woning staat. Zo’n boom is niet geregistreerd in het beheersysteem en is vrij in het beheer. Geen kapvergunning is vereist als het gaat om het stoppen van de verspreiding van Iepziekte. In de vroege zomer zien we dan gele blaadjes ontstaan. Gaat dit over in dood blad dat aan de boom blijft hangen, dan is vrijwel zeker dat de boom is aangetast. Helaas moet de boom naast de aangetaste boom, ook weg omdat iepziekte ook via wortelcontact wordt doorgegeven.

Bomen die om onderhoudsredenen gedund moeten worden vallen ook buiten de kapvergunning. Het gaat hierbij om bosplantsoenen waarin bomen zijn uitgegroeid en de overige beplanting wordt weggedrukt.

 

Foto: kap van een berk.

 

Een nieuwe kapvergunning

Ter kennisname. In de bijlage zit ‘een doorkijk’ naar de aangepaste kapvergunning binnen de omgevingsvergunning. Om een kapaanvraag goed en transparant te beoordelen wil de gemeente het huidige model aanpassen. Het College zal na het instemmen met het bomenplan de voorgestelde aanpassingen behandelen.

Hoofdstuk 12: Financiën

De gemeente heeft jaarlijks een budget om bomen te onderhouden en te vervangen. In de voorgaande hoofdstukken staat beschreven dat we investeren in kwaliteit. Vertalen we dit naar het budget dan ontstaat het volgende overzicht.

 

In 2026 wordt een impuls budget van 117K aan het boombeheer toegevoegd. Dat geldt niet voor de opvolgende jaren.

 

Bomenplan Budget 2026 Kostenoverzicht afgerond op duizendtallen

 

Uitbestede werken

 

 

Aantal

Kosten

Jaarlijkse bomeninspectie

st

 

4800

21000

Bomen snoeien

st

 

1200

57000

Rooien bomen

st

 

206

51500

Groeiplaats inrichting, spitten en bemesten

st

 

206

103000

Noodkap, spoed maatregel

st

 

10

5000

Subsidie, zorg bijzondere particuliere bomen

st

 

15

15000

Plantwerk

st

 

206

15500

Subtotaal

 

 

 

268000

 

 

 

 

 

Goederen, inkoop materiaal

 

 

 

 

Aanschaf bomen

st

 

206

72000

Aanschaf bevestingsmateriaal

st

 

206

7000

Subtotaal

 

 

 

79000

 

 

 

 

 

Overige

 

 

 

 

Diensten

 

 

 

35000

Licenties

 

 

 

4500

Subtotaal

 

 

 

39500

 

 

 

 

 

Impuls 2026

 

 

 

 

Aanplant bomen in verharding

st

 

30

98500

Project kosten V.A.T. 20%

 

 

 

19500

Subtotaal

 

 

 

117000

 

 

 

 

 

Totaal

 

 

 

503500

 

 

 

 

 

Jaarlijks investeringsbudget bomen

 

 

 

 

Aanplant bomen in verharding/groeiplaats

st

 

45

146000

Project kosten V.A.T 20%

 

 

 

29000

Totaal

 

 

 

175000

 

Areaalwijzigingen en indexaties

Jaarlijks verandert het bomenbestand (areaal) dat de gemeente beheert. Straten worden opnieuw ingericht, nieuwbouwplannen worden opgeleverd, bomen verdwijnen of er komen nieuwe bij. Dit heeft zowel gevolgen voor het werk dat we als gemeente moeten uitvoeren, als voor de kosten. Areaalwijzigingen die de beheerder aan de coördinator doorgeeft, worden meegenomen in de jaarlijkse kadernota/begroting. Bij de begroting wordt dan een budget toegevoegd voor areaalontwikkeling. Gemeente Maassluis indexeert de hele exploitatiebegroting jaarlijks met een vastgesteld percentage. Het investeringsbedrag wordt niet geïndexeerd.

Hoofdstuk 13: Begrippenlijst

  • 1.

    BEA: (afkorting), bomeneffectanalyse. Dit is een onderzoek naar de impact van bouw- en infraprojecten op bomen. Doel is om schade aan bomen te voorkomen en te zorgen voor een verantwoord boombeheer bij ruimtelijke ontwikkelingen.

  • 2.

    Boomkroonprojectie: de rand van de boom(kroon) op de grond geprojecteerd. Deze projectie wordt gebruikt om de boomkroonbedekkingsgraad uit te rekenen.

  • 3.

    Boomkroonvolume (BKV): is de totale ruimte die de kroon van een boom inneemt, uitgedrukt in kubieke meters (m³). Het wordt bepaald door de breedte en hoogte van de kroon. Het is een belangrijke maatstaf voor de ecologische waarde van een boom.

  • 4.

    Boomspiegel: Afgebakend gedeelte rondom de stam van de boom, al dan niet begroeid, dat niet voorzien is van gesloten of gebonden verharding.”

  • 5.

    BVC: (afkorting) boomveiligheidscontrole. Dit is een inspectie om de stabiliteit, gezondheid en veiligheid van een boom te beoordelen. Dit wordt gedaan om risico’s zoals takbreuk of omvallende bomen te minimaliseren.

  • 6.

    Cultivar: een plant of een plantengroep die geselecteerd is op basis van wenselijke eigenschappen en door teelt of andere vormen van vermeerdering wordt behouden.

  • 7.

    Dunning: een selectieve manier van vellen van bepaalde bomen die concurrentie vormen voor de groei van andere aanwezige (toekomst)bomen.

  • 8.

    Houtopstand: een zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend.

  • 9.

    Inboet: beplanting die binnen een periode van drie jaar na aanplant dood gaat met worden vervangen: ingeboet.

  • 10.

    Rooien: het volledig verwijderen van een boom uit de grond, dus inclusief de wortels.

  • 11.

    V.A.T.: Voorbereiding Administratie en Toezicht, percentage van de aanbesteding van een project

  • 12.

    Vellen: het omzagen of omhakken van een boom, meestal zonder de wortels uit de grond te verwijderen.

  • 13.

    Vitaliteit: de potentiële groeikracht, het ‘herstelvermogen', afgeleid van eerder groeiverloop (historie).

  • 14.

    Zaailing: een jonge, uit zaad gegroeide of opgekweekte plant. Deze term wordt gebruikt voor kruidachtige en voor houtachtige planten (bomen).

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Maassluis van d.d. 18 november 2025.

De griffier,

J. Vinke

De voorzitter,

drs. J.G. de Vries

Bijlage: De kapvergunning

 

De kapvergunning

De regels voor het vellen van bomen en houtopstanden binnen de bebouwingscontour houtkap valt onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Ons uitgangspunt bij het vellen van geregistreerde bomen is en blijft ‘Nee, tenzij’. De motivatie van een boomeigenaar om een bijzondere boom te vellen is de belangrijkste onderbouwing voor het verlenen van een omgevingsvergunning. We wegen de motivatie van de aanvrager voor het vellen altijd af tegen de redelijkheid van een aanvraag en tegen het maatschappelijk belang dat de boom vertegenwoordigt.

 

Is een omgevingsvergunning nodig?

Er zijn verschillende situaties en motivaties waarom je een boom of een houtopstand zou willen vellen. Voor het vellen van een boom of een houtopstand is meestal een omgevingsvergunning vereist. Hierbij kan de initiatiefnemer ook gevraagd worden om een afwegingsrapportage of bomeneffectanalyse (BEA) aan te leveren. In bijlage 6 staat het beoordelingskader voor het vellen van bomen en houtopstand.

 

De definitie van een houtopstand is: een zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend. De definitie van een boom die we in Maassluis hanteren is: een houtachtig, overblijvend gewas met kroon en opgaande stam(men) met een stamomtrek van minimaal 30 cm gemeten op 1,30 m boven het maaiveld. Niet voor alle bomen of houtopstanden is een omgevingsvergunning nodig. Er zijn uitzonderingen waaronder noodkap, zie bijlage 6 voor alle uitzonderingen.

 

Stroomschema omgevingsvergunning vellen van een boom of een houtopstand

 

Toelichting stap 1: Doe de vergunningscheck

  • 1.

    Gaat het om boom(en) geregistreerd in het beheersysteem van gemeente Maassluis. Deze bomen zijn vergunning plichtig als de stamomtrek op 1,30 m boven het maaiveld groter is dan 30cm. Onder een boom verstaan we een houtachtig, overblijvend gewas met kroon en opgaande stam(men).

  • 2.

    Is het een waardevolle boom die op de gemeentelijke bomenlijst staat? Denk aan monumentale bomen, een zeldzame boomsoort, een ecologisch interessante boom, een herdenkingsboom van een persoon of bijzondere gebeurtenis. Leeftijd of stamomtrek zijn dan niet relevant. Deze bomen staan op de bomenlijst van de gemeente.

Uitzonderingen

Niet voor alle bomen, bosplantsoenen of handelingen is een omgevingsvergunning vellen nodig. Dit zijn uitzonderingen:

  • 1.

    Noodkap: gebeurt met toestemming van de burgermeester vanwege een spoedeisend belang voor de openbare orde of als een direct gevaar voor personen of goederen bestaat. Wanneer een boom direct gevaar oplevert voor de omgeving, kan worden afgeweken van de APV. Het vellen van een boom wordt beoordeeld aan de hand van de afzonderlijke procedure voor noodkap. De reden voor de noodkap moet aantoonbaar zijn. Dreigt er gevaar voor de omgeving van een private boom, omdat deze gevaarlijk scheef staat of vanwege een besmettelijke plantenziekte (zoals iepziekte) een risico vormt? Dan kan het college de boomeigenaar aanschrijven. Het college sommeert de eigenaar dan de gevaarlijke boom op korte termijn te vellen.

  • 2.

    Particuliere bomen op een klein perceel: staat de boom staat in een achtertuin van 80 m2 of kleiner, of in een voortuin van 20 m2 of kleiner? Dan is geen omgevingsvergunning nodig. De oppervlaktemaat van een tuin/kavel wordt bepaald door de aaneengesloten tuin/kavel bij of tussen de kadastraal genoteerde opstallen te meten.

  • 3.

    Uitzondering op punt 2 is als er wel een bijzonder boom in de tuin staat en deze geregistreerd is als bijzonder.

  • 4.

    Wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden als deze niet uit ongeknotte populieren of wilgen bestaan.

  • 5.

    Bomen, fruitbomen of kweekgoed als onderdeel van een bedrijfsmatige exploitatie, met uitzondering van erfbeplanting.

  • 6.

    Houtopstand die vanwege dunning moet worden geveld om de vitaliteit van het plantsoen te waarborgen.

  • 7.

    Houtopstand die krachtens de Plantgezondheidswet of krachtens een aanschrijving op last van het college moet worden geveld.

  • 8.

    Knotbomen en vormbomen.

Toelichting stap 2: Vul de hindertabel in

Hinder door bomen komt overal voor. Met de hindertabel beoordelen we op een herleidbare manier de duur, de mate van de hinder en de afstand van de boom tot het eigendomsobject. We vergelijken de mate van hinder met de voordelen van de boom, zodat we een goed gewogen besluit kunnen nemen.

 

De aanvrager vult de hindertabel in en levert een foto aan.

 

Normale, natuurlijke verschijnselen van bomen beschouwen we niet als hinder. Deze ‘ nadelen’ wegen niet op tegen de voordelen van bomen. Hieronder volgen enkele voorbeelden.

 

  • Allergieën: Steeds meer mensen hebben last van allergieën door pollen of katjes van bomen in de lucht. Een boom veroorzaakt vaak maar enkele weken per jaar overlast. Het verwijderen of snoeien van een lokale boom (zoals een berk) lost allergieproblemen meestal niet op, omdat pollen ver kunnen reizen. Snoeien of vellen is vaak niet zinvol. We houden er bij aanplant wel rekening mee om berken en andere katjesdragende bomen niet massaal of te dicht bij bebouwing te planten.

  • Angst: Bij harde wind of na stormschade kan nabijheid van bomen onveilig aanvoelen. Uitleg en begrip kunnen deze angst wegnemen. Bomen bewegen mee met de wind om niet te breken. Regelmatige boomveiligheidscontroles en goed beheer verminderen veiligheidsrisico’s.

  • Blad- en vruchtval: Jaarlijkse overlast door blad-, vrucht- en bloesemval kan gladheid veroorzaken en auto’s beschadigen. Deze hinder is in stedelijke gebieden te verhelpen met reguliere reiniging.

  • Lichtderving: Bomen kunnen daglicht in leef- en werkruimtes belemmeren. Dit is afhankelijk van boomsoort, grootte en locatie. Het is aan de gemeente om te bepalen wat acceptabel is (eventueel aan de hand van de TNO-norm voor bezonning.)

  • Nieuwbouw: Om woningbouw mogelijk te maken, moeten soms bomen verdwijnen. We zoeken altijd naar oplossingen om zo weinig mogelijk bomen te verliezen.

  • Overhangende takken of wortelopdruk: doordat bomen groeien, kunnen takken over uw erf gaan hangen. Door beperkte groeiruimte ontstaat wortelopdruk. Beide kunnen overlast of schade veroorzaken. De afstand tot de woning of object bepaald in welke mate overlast wordt beoordeeld in relatie tot het nut van de boom in de openbare ruimte.

  • Vogels, insecten en roetdauw: Bomen kunnen indirecte hinder veroorzaken door het aantrekken van insecten en vogels. Denk aan vogelpoep en roetdauw. Blad- en schildluizen scheiden honingdauw af, wat een zwarte plaklaag op auto’s kan veroorzaken. Bestrijdingsmiddelen zijn niet toegestaan voor stadsbomen en alternatieve methoden werken niet altijd. We houden boomplagen en -ziekten zo goed mogelijk onder controle. Dit doen we door in te zetten op een divers bomenbestand en een zo natuurlijk mogelijke inrichting rondom de bomen.

  • Zonnepanelen: Stond de boom er al voordat de zonnepanelen werden geplaatst? Dan heeft de boom voorrang. Bomen leven vaak langer dan de zonnepanelen. Er wordt ook geen vormsnoei overwogen. De investeerder kan de impact van een bestaande situatie inschatten, inclusief de groei van bomen. In nieuwbouwplannen of herontwikkeling kan wel rekening gehouden worden met de plaatsing van zonnepanelen. Maar niet ten koste van het groenareaal in het totale plan.

Hindertabel bomen

Puntenoverzicht

Toelichting

Overlast, tijdsduur in uren per dag

Meer dan 26 weken per jaar en meer dan 4 uur per dag

30

 

12-16 weken per jaar en meer dan 4 uur per dag

20

 

5-12 weken per jaar en meer dan 4 uur per dag

10

 

Minder dan 5 weken per jaar en meer dan 4 uur per dag

0

 

Overlast, afstand tot object

< 1 meter

25

 

1– 2 meter

15

 

2 – 5 meter

10

 

Meer dan 5 meter

0

 

Verhouding overlast boom tot tuin/huis/omgeving

Zeer dominant

15

 

Dominant

10

 

Aanwezig, maar ondergeschikt

0

 

Nieuwbouw of verbouwing

Particulier of openbare nieuwbouw/verbouwing

50

 

Totaal punten hinder

 

 

 

Nieuwbouw of verbouw

Staat een boom particuliere (ver)bouwplannen in de weg? Dan is in het omgevingsloket te zien of het nodig is een omgevingsvergunning aan te vragen.

 

Een ontwerpplan voor gebiedsontwikkeling en herinrichting van de openbare ruimte moet bestaande gezonde bomen zo veel mogelijk opnemen. Leidt dit volgens de gemeente in het project tot te veel beperkingen? Dan kiezen we ervoor om de boom te verplanten of te compenseren.

 

Voordat de ontwerpfase start, wordt een gedegen Bomeneffectanalyse (BEA)voor het projectgebied opgesteld. Vervolgens beoordeelt de gemeente de benodigde beschermingsmaatregelen voor de bomen in het projectgebied en het aangrenzende gebied. Daarna kan per boom die voor velling in aanmerking komt worden bepaald hoe deze gecompenseerd moet worden.

 

De te doorlopen stappen zijn:

  • Ontwerpplannen: Ontwerpplannen voor gebiedsontwikkeling en herinrichting moeten vitale bomen zo veel mogelijk opnemen.

  • Bomeneffectanalyse (BEA): Voor aanvang van de ontwerpfase wordt een BEA opgesteld om de vitaliteit van bomen te waarborgen en compensatiemaatregelen te bepalen.

  • Toets voor verplantbaarheid of compensatie: We bepalen voor bomen met een stamomtrek groter of gelijk aan 30 cm op 130 cm hoogte vanaf maaiveld:

    • o

      of de boom inpasbaar is;

    • o

      of de boom te verplaatsen is;

    • o

      of lokaal een nieuwe boom kan worden geplant;

    • o

      of compensatie op een andere manier noodzakelijk is (bijvoorbeeld gevel- of dakgroen).

  • Herplantingseis: Voor gemeentebomen geldt een herplantingseis.

  • Groeiplaatsverbetering: Om de bestaande bomen langer te kunnen behouden, moet waar nodig groeiplaatsverbetering plaatsvinden.

  • Bij illegaal vellen volgt een verplichting tot herplant en een boete conform de waardebepaling van bomen

Om de hinder goed te kunnen beoordelen, vult de aanvrager onderstaande hindertabel in. We onderzoeken altijd of de hinder eerst op andere wijze dan vellen is weg te nemen. Dit wordt beoordeeld in de vergunningsaanvraag en gewogen volgens de hindertabel. De gemeente bepaalt op basis van de uitkomsten van deze hindertabel en de waarderingstabel (stap 3) of een omgevingsvergunning wordt toegewezen.

 

Toelichting stap 3: De gemeente vult de Waarderingstabel in

De gemeente vult de waarderingstabel in. De uitkomst wordt tegelijkertijd met de beoordeling met de aanvrager gedeeld. De waarderingstabel bevat een opsomming van maatschappelijke waarden die de gemeente belangrijk vindt en wil respecteren. Bij elke aanvraag toetsen we de boomwaarde aan de hand van deze tabel. Onder de tabel staat een uitleg van de termen waardevolle bomen, boomstructuur, beeldwaarde en gezondheid.

 

Waarderingstabel bomen

Punten

Toelichting

Bijzondere bomen

Monumentale of waardevolle bomen*

60

 

Overige bomen

0

 

Boomstructuur**

Onderdeel hoofdboomstructuur

25

 

Overige bomen

0

 

Beeldwaarde***

Onvervangbaar

30

 

In loop van de tijd vervangbaar

15

 

Vervangbaar

0

 

Gezondheid****

Gezond

30

 

Redelijk gezond

15

 

Niet gezond

0

 

Totaal punten waardering

 

 

*Waardevolle bomen

Staat een boom op de waardevolle bomenlijst of in het Landelijk Register van Monumentale Bomen? Dan is deze extra beschermd. Deze waardevolle bomenlijst staat in bijlage 7. Voor opname op de waardevolle bomenlijst moet een boom voldoen aan deze hoofdcriteria en minimaal één subcriterium.

 

Hoofdcriteria:

  • 1.

    De boom heeft een goede conditie; de toekomstverwachting is nog minstens 5 jaar.

  • 2.

    De boom kan zich op de standplaats volledig ontwikkelen, er is geen belemmering van bouwkundige elementen en dergelijke. Voor bomen ouder dan 70 jaar geldt dit criterium niet meer.

Subcriteria:

  • De boom is onderdeel van de stedelijke hoofdbomenstructuur.

  • De boom is cultuurhistorisch waardevol (monumentale omgeving, kruis- of kapelboom, bijzondere kunstsnoeivorm, op een begraafplaats).

  • De boom staat op een belangrijk plek uit de (lokale) geschiedenis.

  • De boom heeft een monumentaal karakter vanwege leeftijd en uiterlijk.

  • De boom is dendrologisch waardevol. Het is een zeldzame soort en/of variëteit.

  • De boom is ecologische waardevol. De boom is belangrijk voor flora en fauna of is een ecologisch monument (een dode boom de blijft staan met als doel de biodiversiteit te stimuleren). Bomen in de ecologische zones volgen zo veel mogelijk hun volledige levensloop. Vooral het ontstaan van boomholtes biedt op termijn veel mogelijkheden voor de natuur. Is de veiligheid in het geding? Dan moet de locatie worden afgeschermd om deze ecologische bijdrage zo lang mogelijk te handhaven.

  • De boom heeft karakteristieke waarde of is beeldbepalend door vorm (bijvoorbeeld veterane knotboom), omvang, groeiwijze of standplaats.

  • De boom is een gedenkboom, aangeplant door een belangrijk persoon of de koninklijke familie, bij een belangrijke maatschappelijke gebeurtenis, voor nationale boomplantdag of ter ere van een (prominente) overledene/inwoner van de gemeente.

**Boomstructuur

Een boom krijgt veel punten als die in de hoofdboomstructuur staat of bij een ecologische verbinding hoort.

 

De hoofdboomstructuur bestaat uit bomen langs belangrijke wegen en kanalen. Deze bomen hebben veel invloed op het straatbeeld en vormen samen een verbindend patroon in de stad. Ook de parken en stukjes bos in de stad horen bij de hoofdboomstructuur. Een boom in de hoofdboomstructuur levert een belangrijke bijdrage aan het beeld of de identiteit van de stad.

 

De boom is onderdeel van ecologische verbindingen. Bij een ecologische verbinding kunnen dieren van het ene stukje natuur naar het andere gaan. Zijn er veel stukjes natuur aan elkaar geschakeld? Dan krijg je soms een lijn van natuur in de stad. Deze lijnen zijn belangrijk voor de biodiversiteit: er kunnen dan veel verschillende planten en dieren in de stad leven. Denk bijvoorbeeld aan vogels, insecten, vlinders, bijen en vleermuizen. Zij gebruiken deze ecologische verbindingen om zich makkelijk te verplaatsen, te schuilen of nestelen.

 

***Beeldwaarde

Met dit onderdeel beschermen we bomen die onvervangbaar zijn voor het (straat)beeld:

  • Onvervangbaar: na het vellen is er niet genoeg ruimte voor een even grote boom.

  • In de loop van de tijd vervangbaar: een boom kan in 30 tot 50 jaar groeien naar een vergelijkbaar beeld;

  • Vervangbaar: de boom kan binnen 30 jaar groeien naar een vergelijkbaar beeld.

****Gezondheid

Bij een omgevingsvergunning kijken we wat de toekomstverwachting is van de boom.

  • Gezond: de boom kan meer dan 15 jaar blijven staan.

  • Redelijk gezond: boom kan 5 - 10 jaar blijven staan.

  • Niet gezond: boom kan minder dan 5 jaar blijven staan.

Toelichting stap 4: Beoordeling aanvraag

 

De beslistabel combineert de score van de waarderingstabel en de hindertabel in een eindadvies.

 

Beslistabel omgevingsvergunningsaanvraag

Score hindertabel

Score waarderingstabel

Eindadvies

Minder dan 50 punten

Minder dan 60 punten

Weigeren

Meer of gelijk 50 punten

Minder dan 60 punten

Verlenen

Meer of gelijk 50 punten

Meer of gelijk 60 punten

Nadere afweging

Minder dan 50 punten

Meer of gelijk 60 punten

Weigeren

 

De gemeente beoordeelt de aanvraag en reageert binnen acht weken. De aanvrager ontvangt de goedkeuring of afwijzing (met onderbouwing) voor de aanvraag van de omgevingsvergunning. Inclusief een eventuele compensatiewens of -eis (zie stap 5).

 

Toelichting stap 5: Voorschriften compensatie

Aan de omgevingsvergunning zijn voorschriften verbonden voor compensatie. Want bij het vellen van bomen gaan waarden verloren die we zo veel mogelijk willen compenseren. Compenseren kan fysiek of financieel:

  • Bij fysieke compensatie moet een nieuwe boom geplant worden van dezelfde boomgroottecategorie als de gevelde boom.

  • Financiële compensatie moet de kosten dekken voor de aanschaf van een nieuwe boom van dezelfde boomgroottecategorie + het aanplanten van de boom + groeiplaatsverbetering + 3 jaar nazorg.

Fysieke compensatie heeft de voorkeur. De aanvrager is verplicht een goede onderbouwing aan te leveren als fysieke compensatie niet mogelijk is. De gemeente gebruikt de financiële compensatie om de groene waarden op andere plekken in de stad te verbeteren.

 

De voorschriften voor compensatie zijn afhankelijk van boomlocatie en boomeigenaar:

  • Is het een gemeenteboom?

    Dan moet de boom gecompenseerd worden. Uitgangspunt is fysieke compensatie op dezelfde locatie of daar dichtbij. Is dit onmogelijk? Dan wordt financieel gecompenseerd.

  • Is het een particuliere boom op een perceel van 80 m2 of groter (zij- en achtertuin)?

    Dan moet de boom gecompenseerd worden. Uitgangspunt is fysieke compensatie op dezelfde locatie of daar vlakbij. Is dit niet mogelijk? Dan geldt financiële compensatie.

    Bomen in de voortuin zijn belangrijk voor het straatbeeld, maar de bewortelbare ruimte is meestal beperkt. De belangrijkste afweging hierin gaat over de toekomstwaarde. Bomen in tuinen groter dan 20m2 zijn kapvergunning plichtig.

  • Is het een particuliere boom op een perceel van 80 m2 of kleiner?

    Dan geldt een compensatiewens vanuit de omgevingsvergunning geredeneerd. In overleg met de aanvrager kijkt de gemeente naar mogelijkheden voor het perceel.

    Een boom op privéterrein die op minder dan vijf meter vanaf de woning of bedrijfsgebouw staat, hoeft na kap niet herplant te worden.

  • Is de boom illegaal gekapt?

    Dan volgt een verplichting tot herplant of er wordt een financiële compensatie plus proceskosten geëist. De gemeente zal in de directe omgeving , straat of wijk, zoeken naar een passende locatie voor herplant.

Naar boven