Integraal aanwijzingsbesluit toezichthouders VTH gemeente Wassenaar 2026

Het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Wassenaar, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft,

 

Gelet op de volgende bepalingen of daarvoor in de plaats komende bepalingen:

 

  • -

    artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    artikel 7:2, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening Wassenaar 2024;

  • -

    artikel 23 van de Afvalstoffenverordening Wassenaar 2024;

  • -

    artikel 17 van de Marktverordening Wassenaar 2015;

  • -

    artikel 6 van de Verordening winkeltijden Wassenaar 2016;

  • -

    artikel 41, eerste lid, onder b van de Alcoholwet;

  • -

    artikel 34, tweede lid, van de Wet op de kansspelen;

  • -

    artikel 437ter, tweede lid van het Wetboek van Strafrecht;

  • -

    artikel 438, eerste lid, onder 3e. van het Wetboek van Strafrecht;

  • -

    artikel 4.2 van de Wet basisregistratie personen;

  • -

    artikel 9.1a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet studiefinanciering 2000;

  • -

    artikel 18.6 van de Omgevingswet;

  • -

    artikel 24 van de Erfgoedverordening Wassenaar 2016;

  • -

    artikel 93, eerste lid, van de Woningwet;

  • -

    artikel 33, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014 en op grond van artikel 4 de daartoe vastgestelde gemeentelijke Huisvestingsverordening Wassenaar 2023;

  • -

    artikel 18 van de Wet goed verhuurderschap;

  • -

    artikel 61, derde lid, van de Wet veiligheidsregio’s;

  • -

    het besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen;

  • -

    artikel 11, eerste lid van de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels;

  • -

    artikel 8, eerste lid juncto artikel 10 aanhef en onder b van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen;

  • -

    artikel 76a van de Participatiewet;

  • -

    artikel 53 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;

  • -

    artikel 53 van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers.

Overwegende:

 

  • -

    dat het college van burgemeester en wethouders dan wel de burgemeester van de gemeente Wassenaar, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft, in het verleden meerdere aanwijzingsbesluiten hebben vastgesteld voor de aanwijzing van toezichthouders;

  • -

    dat enkele van deze aanwijzingsbesluiten juridische onvolkomenheden bevatten waar tekstuele aanpassingen in nodig zijn;

  • -

    dat voor een aantal aanwijzingsbesluiten actualisatie naar de meest actuele wet- en regelgeving nodig is;

  • -

    dat eenheidsmanagers zijn gemandateerd om namens het college van B&W dan wel de burgemeester toezichthouders op naam aan te wijzen;

  • -

    dat in de praktijk blijkt dat personeelsverloop ertoe leidt dat deze wijze van gemandateerd aanwijzen resulteert in onvolledigheden in het aanwijzen van toezichthouders, waardoor juridische onvolkomenheden ontstaan;

  • -

    dat de aanwijzing van toezichthouders op basis van wet- en regelgeving doorgaans is gekoppeld aan functionarissen in plaats van personen, waardoor het wenselijk is om toezichthouders categoraal aan te wijzen, teneinde een robuust en duurzaam vergunningverlenings-, toezichts- en handhavingsbestel in te richten;

  • -

    dat het bundelen van alle aanwijzingen van toezichthouders in één besluit zorgt voor een overzichtelijke en samenhangende regeling, waardoor toekomstige wijzigingen eenvoudiger kunnen worden doorgevoerd;

Besluit:

 

  • -

    Het integraal aanwijzingsbesluit toezichthouders VTH Wassenaar 2026 vast te stellen.

Artikel 1 Aanwijzing toezichthouders binnen de Eenheid Vergunningen, Toezicht & Veiligheid (VTV)

  • 1.

    De functionarissen ‘junior inspecteur openbare ruimte’, ‘inspecteur openbare ruimte’ en ‘senior inspecteur openbare ruimte’ en de onbezoldigde ambtenaren van het team toezicht en handhaving zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      de afvalstoffenverordening;

    • c.

      de marktverordening;

    • d.

      de winkeltijdenverordening;

    • e.

      de functionarissen ‘junior inspecteur openbare ruimte’, ‘inspecteur openbare ruimte’ en ‘senior inspecteur openbare ruimte’ die voldoen aan het bepaalde in de Regeling toezichthoudende ambtenaren Alcoholwet, zijn bovendien belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Alcoholwet en titel VA, paragraaf 2, van de Wet op de kansspelen;

    • f.

      de Wet basisregistratie personen;

    • g.

      de Wet studiefinanciering 2000;

    • h.

      artikel 437ter, tweede lid van het Wetboek van Strafrecht;

    • i.

      artikel 438, eerste lid van het Wetboek van Strafrecht.

  • 2.

    De functionarissen ‘junior inspecteur bouwen’, ‘inspecteur bouwen’ en ‘senior inspecteur bouwen’ en de onbezoldigde ambtenaren van het team bouwtoezicht zijn belast met het toezicht op het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      de Omgevingswet;

    • c.

      de Erfgoedwet en op grond van artikel 3.16 van die wet de daartoe vastgestelde erfgoedverordening;

    • d.

      de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels;

    • e.

      de Woningwet;

    • f.

      de Huisvestingswet 2014 en op grond van artikel 4 van die wet de daartoe vastgestelde huisvestingsverordening;

    • g.

      de Wet goed verhuurderschap;

    • h.

      de Wet veiligheidsregio’s;

    • i.

      het besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen;

    • j.

      de Wet basisregistraties adressen en gebouwen.

  • 3.

    Specifiek in het kader van de gemeentelijke aanpak tegen ondermijnende criminaliteit en integraal domeinoverstijgend toezicht, is de functionaris ‘adviseur ondermijning’ van het team OOV belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      de afvalstoffenverordening;

    • c.

      de Omgevingswet;

    • d.

      de Wet basisregistratie personen;

    • e.

      de Wet studiefinanciering 2000;

    • f.

      artikel 437ter tweede lid van het Wetboek van Strafrecht;

    • g.

      artikel 438 eerste lid van het Wetboek van Strafrecht.

Artikel 1a Overgangsrecht inwerkingtreding Omgevingswet

De functionarissen die op grond van dit besluit met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet zijn belast, zijn in geval van toepassing van het overgangsrecht, bedoeld in de artikelen 4.3 en 4.23 van de Invoeringswet Omgevingswet, tevens belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de in de artikelen 4.1 respectievelijk 4.22 van die wet genoemde wetten.

Artikel 2 Aanwijzing toezichthouders binnen de eenheid Klantcontactcentrum (KCC)

De functionarissen ‘medewerker KCC I’, ‘medewerker KCC II’, ‘medewerker KCC III’ en ‘BRP specialist’ zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Wet basisregistratie personen en de Wet studiefinanciering 2000.

Artikel 3 Aanwijzing toezichthouders binnen de eenheid Ruimtelijke Ontwikkeling (RO)

Specifiek in het kader van het toezicht op de instandhouding van gemeente- en rijksmonumenten, is de functionaris ‘beleidsmedewerker cultureel erfgoed en duurzaamheid’ belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Omgevingswet, de Erfgoedwet en op grond van artikel 3.16 van die wet de daartoe vastgestelde erfgoedverordening.

Artikel 4 Aanwijzing overige toezichthouders

  • 1.

    De buitengewone opsporingsambtenaren als boswachters in personele dienst bij Staatsbosbeheer en het waterbedrijf Dunea N.V., voor zover zij hun werkzaamheden uitvoeren als buitengewone opsporingsambtenaren in domein II, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de algemene plaatselijke verordening en de afvalstoffenverordening, beperkt tot het natuur- en duingebied van Meijendel en Berkheide, zoals aangegeven in de bijlage op kaart 1.

  • 2.

    De buitengewone opsporingsambtenaren als boswachters in personele dienst bij de gemeente Den Haag, voor zover zij hun werkzaamheden uitvoeren als buitengewone opsporingsambtenaren in domein I en II, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de algemene plaatselijke verordening en de afvalstoffenverordening, beperkt tot de gebieden Clingendael, Oosterbeek, Ammonsvlakte, Groenendaal en De Roggewoning, zoals aangegeven in de bijlage op kaart 2.

  • 3.

    De functionarissen ‘sociaal rechercheur’ en ‘consulent handhaving en fraude’ in personele dienst bij de gemeente Den Haag, voor zover zij als medewerker zijn verbonden aan het Haags Economisch Interventieteam (hierna HEIT) voor het uitvoeren van controles in relatie tot de prostitutiebranche en (overige) ondernemingen, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de Participatiewet;

    • b.

      de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen

    • c.

      de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers.

  • 4.

    De toezichthouders prostitutie van het HEIT van de Directie Veiligheid in personele dienst bij de gemeente Den Haag, voor zover zij als medewerker zijn verbonden aan het HEIT en optreden in het kader van controles in relatie tot de prostitutiebranche, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      de Omgevingswet;

    • c.

      de Huisvestingswet 2014 en op grond van artikel 4 van die wet de daartoe vastgestelde huisvestingsverordening;

    • d.

      de Wet basisregistratie personen.

  • 5.

    De gebiedsregisseurs van het HEIT van de Directie Veiligheid in personele dienst bij de gemeente Den Haag, voor zover zij als medewerker zijn verbonden aan het HEIT en optreden in het kader van (bedrijfs)controles op openbare inrichtingen, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de algemene plaatselijke verordening.

  • 6.

    De politieambtenaren, als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, die zijn verbonden aan het HEIT, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      de Omgevingswet;

    • c.

      de Wet op de kansspelen.

  • 7.

    De politieambtenaren, als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, zijn belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens:

    • a.

      de algemene plaatselijke verordening;

    • b.

      artikel 437ter tweede lid van het Wetboek van Strafrecht;

    • c.

      artikel 438 eerste lid, onder 3e van het Wetboek van Strafrecht.

Artikel 5 Bevoegdheid

De met toezicht belaste ambtenaren en personen zijn toezichthouder als bedoeld in artikel 5.11 van de Algemene wet bestuursrecht en kunnen gebruik maken van de bevoegdheden uit Titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 6 Werkingsgebied

De aanwijzingen als toezichthouder in dit besluit gelden voor het gehele bestuursrechtelijke grondgebied van de gemeente Wassenaar, tenzij dat in het artikel is beperkt tot een afgebakend gebied met verwijzing naar een in de bijlage toegevoegde kaart.

Artikel 7 Legitimatiebewijs

Aan de in artikel 1, 2 en 3 genoemde toezichthouders wordt een legitimatiebewijs verstrekt als bedoeld in artikel 5:12 Algemene wet bestuursrecht en de daarop gebaseerde ‘Regeling model legitimatiebewijs toezichthouders Awb’.

Artikel 8 Beëindiging van aanwijzing

De aanwijzing als toezichthouder is van kracht vanaf het moment van indiensttreding tot wederopzegging dan wel tot beëindiging van het dienstverband, dan wel tot benoeming in een functie die niet valt binnen de hiervoor genoemde functies.

Artikel 9 Afwijking

De eenheidsmanager Vergunningen, Toezicht en Veiligheid is op grond van de omgekeerde mandaatregeling college en burgemeester gemeente Wassenaar bevoegd om functionarissen aan te wijzen als toezichthouder in aanvulling op de in dit besluit genoemde functionarissen.

Artikel 10 Intrekking

De volgende besluiten worden ingetrokken:

 

  • 1.

    De op 10 juli 2025 in mandaat genomen aanwijzingsbesluiten voor de toezichthouders bouwtoezicht en openbare ruimte, met het zaaknummer Z/25/101219;

  • 2.

    De op 17 augustus 2023 in mandaat genomen aanwijzingsbesluiten voor de toezichthouders openbare ruimte, met het zaaknummer Z/23/078752;

  • 3.

    De op 17 augustus 2023 in mandaat genomen aanwijzingsbesluiten voor de toezichthouders bouwtoezicht, met het zaaknummer Z/23/078751;

  • 4.

    Het op 22 maart 2022 genomen aanwijzingsbesluit ‘Besluit aanwijzing toezichthouders Wet basisregistratie personen Wassenaar’ 2022, met het zaaknummer Z/22/063020;

  • 5.

    Het aanwijzingsbesluit ‘Toevoeging benoeming toezichthouders Basisregistratie Personen’ 2022, met het zaaknummer Z/22/063020;

  • 6.

    Het aanwijzingsbesluit ‘Besluit van het college en van de burgemeester van de gemeente Wassenaar houdende de aanwijzing van toezichthouders van bij de gemeente Den Haag werkzame bijzondere opsporingsambtenaren’, met het zaaknummer Z/18/024566;

  • 7.

    Het aanwijzingsbesluit ‘Aanwijsbesluit toezichthouders HEIT’ 2019, met het zaaknummer Z/19/033836.

  • 8.

    Alle andere besluiten die strekken tot het aanwijzen van toezichthouders op de in dit besluit genoemde wet- en regelgeving, met uitzondering van de op 10 juli 2025 in mandaat genomen besluiten tot aanwijzing van onbezoldigd ambtenaren en toezichthouders als aanvulling op dit integraal aanwijzingsbesluit, met het zaaknummer Z/25/101721.

Artikel 11 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de eerste dag na de bekendmaking in het Gemeenteblad.

Artikel 12 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Integraal aanwijzingsbesluit toezichthouders VTH gemeente Wassenaar 2026.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 10 februari 2026

het college van burgemeester en wethouders,

drs. A.P.A. Oostermeijer,

Gemeentesecretaris

drs. L.A. de Lange,

burgemeester

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 10 februari 2026,

Drs. L.A. de Lange

De burgemeester van Wassenaar

Toelichting  

Dit integraal aanwijzingsbesluit is een samenvoeging van een aantal bestaande, aan elkaar verwante, aanwijzingsbesluiten. Op sommige onderdelen zijn deze besluiten geactualiseerd. Ook zijn enkele nieuwe besluiten toegevoegd, omdat taken en/of toezichthoudende personen zijn uitgebreid of gewijzigd. Het integraal aanwijzingsbesluit dient ervoor functionarissen die binnen het VTH-bestel toezicht houden op wet- en regelgeving, hiertoe de wettelijk benodigde aanwijzing te geven.

 

Hieronder volgt een toelichting op enkele onderdelen uit het aanwijzingsbesluit.

 

  • 1.

    Overgangsrecht Omgevingswet

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt een aantal wetten ingetrokken en opgenomen in de Omgevingswet. In de Invoeringswet Omgevingswet is bepaald dat de Ontgrondingenwet, de Wabo, de Wet inzake de luchtverontreiniging en de Wet ruimtelijke ordening worden ingetrokken met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De Wet bodembescherming en de Wet geluidhinder worden ook ingetrokken. Delen van de Waterwet, de Wet milieubeheer en de Woningwet worden opgenomen in de Omgevingswet en delen van deze wetten blijven bestaan. In de aanhef en de artikelen 1, 2 en 4 van dit besluit zijn de onder de Omgevingswet geldende wettelijke grondslagen voor toezicht en handhaving genoemd. In artikel 4.23 van de Invoeringswet Omgevingswet is overgangsrecht opgenomen ten aanzien van toezicht en handhaving van procedures en besluiten die onder de vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet geldende wetgeving vallen. Daarom zijn alle toezichthouders tevens bevoegd voor het toezicht en de handhaving op basis van de oude wetgeving, die opgaan in de Omgevingswet.

 

  • 2.

    Onbezoldigde ambtenaren

Gemeenten hebben de mogelijkheid om bij wijze van inhuur particuliere functionarissen aan te stellen voor de functies die in artikel 1 en artikel 2 van dit aanwijzingsbesluit zijn benoemd. Hoewel zij ingevolge artikel 1 van de Ambtenarenwet 2017 niet in dienst zijn van een gemeente, daardoor geen ambtenaar in overheidsdienst zijn en hiermee dus niet kunnen worden aangewezen als toezichthouder. Deze functionarissen zijn door hun inhuurconstructie echter geen ambtenaar in de zin van artikel 1 van de Ambtenarenwet 2017. De Ambtenarenwet 2017 bepaalt dat bij algemene maatregel van bestuur (AMVB) door de minister die het aangaat, functies kunnen worden benoemd waar deze constructie mogelijk voor is.

 

In de daartoe genomen AMVB zijnde het Uitvoeringsbesluit Ambtenarenwet 2017, is in artikel 2 onder e bepaald dat dit mogelijk is voor toezichthouders als bedoeld in artikel 5.10, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen Omgevingsrecht.

 

In het bijzonder is voor de inhuur van particuliere functionarissen als buitengewoon opsporingsambtenaar in de beleidsregels Buitengewoon Opsporingsambtenaar de mogelijkheid opgenomen dat gemeenten personen, zijnde particuliere functionarissen, mogen inhuren die zij als buitengewoon opsporingsambtenaar inzetten. Eén van de voorwaarden voor een dergelijke inhuur is dat de ingehuurde personen worden aangewezen als onbezoldigd (gemeente)ambtenaar. Zij komen daarmee niet in dienst van de gemeente, maar krijgen de status van onbezoldigd (gemeente)ambtenaar. Personen die als particuliere functionarissen door de gemeente Wassenaar worden ingehuurd als buitengewoon opsporingsambtenaar worden om die reden in mandaat door de eenheidsmanager VTV aangewezen als onbezoldigd ambtenaar. Daarmee zijn zij ook op grond van dit aanwijzingsbesluit aangewezen als toezichthouder als bedoeld in artikel 1 of 2.

 

  • 3.

    Aanwijzing van functionarissen van het Haags Economisch Interventieteam

In artikel 4 wordt in het derde, vierde, vijfde en zesde lid het Haags Economisch Interventieteam genoemd, afgekort HEIT. Het HEIT is binnen de Haagse regio een multidisciplinair samenwerkingsverband waarin gemeenten, toezichthouders, politie en andere partners samenwerken aan integraal toezicht en handhaving op bedrijfsmatige inrichtingen en de (illegale) prostitutiebranche. Het HEIT voert met en namens de gemeente(n) zowel signaal- als risicogestuurd, integrale controles uit. Om die reden zijn zij door het college van B&W Wassenaar aangewezen als toezichthouder, om naast de aangesloten handhavingspartners gebruik te kunnen maken van de bevoegdheden als genoemd in de Algemene wet bestuursrecht.

 

Daarbij fungeert het HEIT in de Haagse regio als centrale expertise-unit op het gebied van het toezicht op zowel de legale als illegale prostitutiebranche. Dit doen zij in nauwe samenwerking met de politie, waarbij de strafrechtelijke kant met name is gericht op harde strafrechtelijke signalen en de bestuursrechtelijke kant wordt benut voor preventief toezicht en opwerken van signalen. Om die reden zijn de toezichthouders prostitutie van het HEIT door het college van burgemeester en wethouders van Wassenaar aangewezen als toezichthouder, om gebruik te kunnen maken van de bevoegdheden die een toezichthouder heeft als genoemd in de Algemene wet bestuursrecht.

 

  • 4.

    Toezicht in Clingendael, Oosterbeek, Ammonsvlakte, Groenendaal en De Roggewoning

De gemeente Den Haag is civielrechtelijk eigenaar van de grond van de parken Clingendael, Oosterbeek, Ammonsvlakte, Groenendaal en De Roggewoning. In deze parken surveilleren buitengewone opsporingsambtenaren in personele dienst van de gemeente Den Haag voor het houden van breed natuurtoezicht ter bescherming van de aanwezige flora en fauna. De buitengewone opsporingsambtenaren zijn actief in domein II en handelen in dit gebied overtredingen op natuurwetgeving veelal strafrechtelijk af.

 

De gemeente Wassenaar is het bestuursrechtelijke bevoegd gezag in deze gebieden. Deze buitengewone opsporingsambtenaren worden met dit aanwijzingsbesluit aangewezen als toezichthouder op de algemene plaatselijke verordening en de afvalstoffenverordening, om ook te kunnen handhaven op feitgecodeerde overtredingen uit deze gemeentelijke verordeningen.

 

  • 5.

    Toezicht in het natuur- duingebied Meijendel en Berkheide

In het natuurgebied Meijendel en Berkheide surveilleren buitengewone opsporingsambtenaren als duinwachters van zowel Dunea als van Staatsbosbeheer, om toezicht te houden op zowel de waterwinning door het waterbedrijf Dunea N.V., alsmede het brede natuurtoezicht op de aanwezige flora en fauna in het gebied. De duinwachters zijn actief in domein 2 en handelen in dit gebied veelal overtredingen op natuurwetgeving strafrechtelijk af.

 

Deze buitengewone opsporingsambtenaren worden met dit aanwijzingsbesluit aangewezen als toezichthouder op de algemene plaatselijke verordening en de afvalstoffenverordening, om ook te kunnen handhaven op feitgecodeerde overtredingen uit deze gemeentelijke verordeningen.

Naar boven