Verkeersbesluit Gemeente Apeldoorn - het instellen van een voetpad in de Schimmelpenninckstraat –

 

Zaaknummer: 6103923

Onderwerp

Verkeersbesluit tot het instellen van een voetpad ter hoogte van huisnummers 7 tot met 29 in de Schimmelpenninckstraat te Apeldoorn

Besluit

Het college van burgemeester en wethouders Apeldoorn besluit tot:

  • Het instellen van een voetpad in de Schimmelpenninckstraat ter hoogte van de huisnummers 7 tot en met 29 door het plaatsen van verkeersborden G7 en G8, zoals opgenomen in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990);

  • Het uitvoeren van deze maatregel overeenkomstig de bij dit besluit behorende tekening.

Aanleiding verkeersbesluit

Verkeers- en parkeeroverlast en de noodzaak tot herinrichting van het pad in het kader van onderhoud.

Motivering

De Schimmelpenninckstraat en het pad voor de woningen met huisnummers 7 tot en met 29 is in eigendom en beheer bij de gemeente Apeldoorn.

 

De Schimmelpenninckstraat betreft een erftoegangsweg in een 30 km zone in de bebouwde kom. Naast de rijbaan bevindt zich, ter hoogte van de woningen met huisnummers 7 tot en met 29, een pad dat aan de noordzijde wordt ontsloten via de Goeman Borgesiusstraat en aan de zuidzijde via de Johan de Wittstraat. Daarnaast bestaan er meerdere dwarsverbindingen tussen dit pad en de rijbaan en trottoir van de Schimmelpenninckstraat.

 

Het huidige pad heeft een breedte van circa 3 meter en is uitgevoerd in trottoirtegels. Het betreft een pad dat momenteel wordt gebruikt door voetgangers en fietsers, maar tevens – in beide richtingen – door gemotoriseerd verkeer. Dit gemotoriseerde gebruik betreft voornamelijk bestemmingsverkeer, waarbij voertuigen worden geparkeerd in voortuinen en in aangrenzende groenstroken.

 

Met een breedte van circa 3 meter voldoet het huidige pad niet aan de CROW-richtlijnen voor éénrichtings- of tweerichtingsverkeer voor gemotoriseerd verkeer. Daarnaast ontbreekt een afzonderlijke voetgangersvoorziening.

 

Het pad heeft geen parkeervoorzieningen. In de praktijk wordt geparkeerd in de voortuinen en groenstrook. Parkeren in de voortuinen is, conform het beleid van de woningcorporatie, ongewenst en niet toegestaan, maar is in het verleden gedoogd door de woningcorporatie. De voortuinen hebben een beperkte diepte van circa 4 meter, zijn hiermee niet geschikt voor parkeren. Ter vergelijking een reguliere haaksparkeervak is 5 m diep. Daarnaast beschikken deze percelen niet over een omgevingsvergunning voor een uitweg (in-/uitrit) en het parkeren in de voortuin leidt tot afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit.

 

Parkeren in de groenstroken is eveneens ongewenst en niet toegestaan, aangezien deze gronden een groenbestemming hebben. Er is geen parkeervoorziening ingericht, het brengt schade toe aan het groen en doet afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit van de openbare ruimte.

 

Vanwege de verkeers- en parkeeroverlast heeft het college besloten het pad, middels de verkeersborden G7 en G8, aan te wijzen als voetpad. Door deze aanwijzing wordt zowel fiets- als gemotoriseerd verkeer geweerd, terwijl het gebruik door voetgangers volledig wordt geborgd. Het doel van deze maatregel is het bevorderen van de verkeersveiligheid en het voorkomen en beperken van verkeers- en parkeeroverlast, zodat het pad veilig en toegankelijk blijft voor voetgangers.

 

Het pad wordt heringericht en versmald tot een breedte die passend is voor een voetgangersvoorziening. Hiermee krijgt het de uitstraling die aansluit bij de functie van voetpad. Hiermee wordt de naleving van de verkeersmaatregel bevorderd en oneigenlijk gebruik ontmoedigd.

 

Ter voorbereiding van dit besluit is in opdracht van het college een parkeeronderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek blijkt dat er langs de Schimmelpenninckstraat en in de omliggende straten voldoende parkeermogelijkheden beschikbaar zijn om te parkeren.

 

Ter ondersteuning van deze verkeersmaatregel wordt het pad fysiek afgesloten met uitneembare palen, zodat de bereikbaarheid voor hulpdiensten in noodsituaties gewaarborgd blijft. De brandweer is bekend met het plan en heeft aangegeven hiertegen geen bezwaar te hebben. Op advies van de brandweer worden ook de zijpaden richting de Schimmelpenninckstraat voorzien van uitneembare palen.

Belangenafweging

De bewoners zijn door middel van een inloopavond geïnformeerd over de voorgenomen maatregel. Naar aanleiding hiervan hebben de bewoners een handtekeningenactie georganiseerd, waarbij een bewoner van elke woning aan dit betreffende pad een handtekening heeft geplaatst om aan te geven dat men tegen het afsluiten van het pad is.

Bewoners hebben daarbij aangegeven dat zij het van belang vinden dat het pad bereikbaar blijft voor laden en lossen, werkzaamheden, medische noodgevallen en andere situaties waarin toegang noodzakelijk wordt geacht.

 

Het instellen van een voetpad leidt tot het vervallen van de huidig gecreëerde en in gebruik zijnde parkeergelegenheid in het groen en in de voortuinen, waardoor de parkeerdruk in de omgeving — met name in de Schimmelpenninckstraat — zal toenemen.

Het college is van oordeel dat het instellen van een voetpad noodzakelijk is om het beoogde doel – het verbeteren van de verkeersveiligheid en het beperken van verkeers- en parkeeroverlast – daadwerkelijk te bereiken.

 

Het pad ter hoogte van de huisnummers 7 tot en met 29 is smal, ligt in een 30 km/uur-gebied, heeft geen aparte voetgangersvoorziening, kan niet veilig door twee voertuigen tegelijk worden gebruikt en wordt structureel gebruikt door fiets en gemotoriseerd verkeer. Daarnaast veroorzaakt het parkeren in de voortuinen en groenstroken aanzienlijke overlast en tast het de kwaliteit van de openbare ruimte aan. Gezien deze omstandigheden kan de veiligheid van voetgangers en de ruimtelijke kwaliteit niet voldoende worden gewaarborgd zonder het weren van gemotoriseerd verkeer.

 

Het aanwijzen van het pad als voetpad is daarom een geschikte, proportionele en noodzakelijke maatregel. Het college heeft ook gekeken of lichtere maatregelen, zoals eenrichtingsverkeer of het inrichten voor gemotoriseerd verkeer de problemen zouden kunnen oplossen, maar deze zouden de veiligheids- en overlastsituatie onvoldoende verbeteren en bovendien ten koste gaan van de groenvoorziening. Volgens het college weegt het belang van verkeersveiligheid en het beperken van parkeeroverlast zwaarder dan het belang van gemotoriseerde bereikbaarheid via het pad. De woningen blijven bereikbaar via de rijbaan van de Schimmelpenninckstraat, en uitneembare palen waarborgen de toegang voor hulpdiensten.

Grondslag belangen verkeersbesluit op basis van Wegenverkeerswet 1994 - artikel 2

1a en1b. het verzekeren van de veiligheid op de weg en het beschermen van weggebruikers en passagiers

Het huidige pad is, gelet op de beperkte breedte en het ontbreken van voetgangersvoorzieningen, niet geschikt voor gemotoriseerd verkeer. Het instellen van een voetpad draagt bij aan een veiligere situatie voor voetgangers.

1c. het in standhouden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan

Dit belang is van toepassing. Door het instellen van een voetpad blijft het pad bruikbaar.

1d. het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer

Dit belang is van toepassing. Door het instellen van een voetpad wordt de vrijheid van verkeer voor bestuurders beperkt, aangezien zij geen gebruik meer kunnen maken van deze weg. De vrijheid van verkeer voor voetgangers blijft gewaarborgd.

2a. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade

Met deze maatregel wordt verkeers- en parkeeroverlast, alsmede schade aan groenvoorzieningen, voorkomen en beperkt.

2b. het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden

Door gemotoriseerd verkeer te weren wordt aantasting van het woonkarakter van het pad, de groenstroken en de voortuinen voorkomen.

 

Gelet op al het bovenstaande, is het college van mening dat zij op zorgvuldige wijze en op juiste gronden een zwaarder gewicht heeft mogen toekennen aan de belangen die gediend worden met dit verkeersbesluit. De nadelige gevolgen van deze verkeersmaatregel zijn niet onevenredig in verhouding tot de met het beluit te dienen doelen.

Overleg politie

Mede op grond van artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) heeft overleg plaatsgevonden met de verkeersadviseur van politie-eenheid Oost, district Noord- en Oost Gelderland, die daartoe is gemandateerd door de Korpschef.

De verkeersadviseur had geen opmerkingen over het weren van gemotoriseerd verkeer. Wel gaf de adviseur aan dat het toepassen van de verkeersborden G7 en G8 in de uitvoering afwijkt van de praktijk elders in Apeldoorn. De adviseur stelde voor het pad fysiek zodanig in te richten (bijvoorbeeld door smalle doorgang of het pad versmallen) dat gemotoriseerd verkeer geen gebruik meer kan maken van het pad en geen borden toe te passen.

Het college heeft ervoor gekozen dit advies niet over te nemen, omdat een permanente fysieke afsluiting op deze wijze ook de toegang voor (hulp)diensten zou belemmeren. In plaats daarvan wordt het pad, ter ondersteuning van de G7- en G8-borden, fysiek afgesloten met uitneembare palen, waardoor de veiligheid voor voetgangers wordt geborgd en de bereikbaarheid voor nood- en hulpdiensten behouden blijft.

Wettelijk kader

Artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994, bevat de belangen die kunnen leiden tot het nemen van verkeerbesluit.

In artikel 15, eerste en tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994, is bepaald dat voor de plaatsing en verwijdering van bepaalde verkeerstekens, onderborden en fysieke maatregelen een verkeersbesluit vereist is.

In artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 is bepaald welk bestuursorgaan bevoegd is om een verkeersbesluit te nemen.

Artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer bepaalt voor welke verkeerstekens het plaatsen en verwijderden een verkeersbesluit is vereist.

Artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer schrijft voor dat verkeersbesluiten worden genomen na overleg met de korpschef van de politie.

In het Algemeen bevoegdhedenbesluit van de gemeente Apeldoorn is vastgelegd dat het Afdelingshoofd Ruimtelijk Ontwerp en Realisatie is gemandateerd voor het nemen van verkeersbesluiten.

 

 

Apeldoorn,  <datum>

Burgemeester en wethouders van Apeldoorn

Namens deze,

Chris Lagendijk

Afdelingshoofd Ruimtelijk Ontwerp en Realisatie

 

Heeft u v ragen over dit besluit of bent u het niet eens met dit besluit ?

Als u het niet eens bent met dit besluit of u heeft vragen over het besluit , belt u ons dan eerst. Wij kunnen het besluit uitleggen en zo nodig een fout herstellen. Bent u het daarna nog steeds niet eens met dit besluit en bent u belanghebbende, stuur dan een bezwaarschrift naar het college van burgemeester en wethouders, t.a.v. de afdeling Juridische Zaken, Postbus 9033, 7300 ES Apeldoorn. Ve r meld in uw brief:

uw naam en adres;

de datum waarop u de brief schrijft;

het zaaknummer van het besluit;

waarom u het niet eens bent met dit besluit;

uw handtekening.

Let op: Een persoon is slechts belanghebbende bij een verkeersbesluit als er sprake is van een bijzonder, individueel belang bij dat besluit, dat zich in voldoende mate onderscheidt van het belang van andere weggebruikers. Voordat u een bezwaarschrift indient , is het raadzaam na te gaan of u als belanghebbende kan worden aangemerkt. Bent u geen belanghebbende dan wordt uw bezwaar niet inhoudelijk in behandeling genomen.

U moet het bezwaarschrift hebben ingediend binnen zes weken na de dag van publicatie van dit besluit. U kunt ook bezwaar maken via ons formulier op www.apeldoorn.nl/bezwaarschrift .

 

Naar boven