Beleidsregel voor de toepassing van de Wet Bibob gemeente Stein

De burgemeester, het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad van de gemeente Stein, ieder voor zover hun bevoegdheden betreft,

 

gelet op artikel 3 van de Wet Bibob en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,

 

besluiten vast te stellen de volgende beleidsregel:

 

Beleidsregel voor de toepassing van de Wet Bibob gemeente Stein.

 

 

Deze beleidsregel legt uit hoe de gemeente Stein de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob) uitvoert.

 

Wat is de Wet Bibob ?

Het doel van de Wet Bibob is voorkomen dat de gemeente criminele activiteiten of het witwassen van crimineel verdiend geld mogelijk maakt. Bibob staat voor “bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur”. De wet geeft de gemeente ruimte bij de toepassing van haar bevoegdheden. De gemeente voert daarom een Bibob-onderzoek uit bij activiteiten die een verhoogd risico op criminaliteit hebben. Met dit onderzoek controleert de gemeente iemands integriteit en of iemand niet betrokken is bij criminele activiteiten. De gemeente kan ook mensen uit iemands zakelijke omgeving onderzoeken.

 

Wanneer kan de gemeente een Bibob -onderzoek doen?

De gemeente mag alleen een Bibob-onderzoek doen bij de volgende activiteiten:

  • activiteiten waar een vergunning/ontheffing voor nodig is;

  • activiteiten waarvoor een subsidie wordt aangevraagd;

  • opdrachten voor de overheid (overheidsopdrachten);

  • vastgoedtransacties, zoals onder andere het kopen, verkopen, huren of verhuren van gebouwen of grond van de gemeente.

In de Wet Bibob staat hoe gemeenten het Bibob-onderzoek mogen doen.

 

Wat kunnen de gevolgen zijn van een Bibob -onderzoek?

De gemeente kan bij het vermoeden van crimineel misbruik beslissen geen vergunning, ontheffing, subsidie of overheidsopdracht te geven, of geen vastgoedtransactie te sluiten. Ook kan de gemeente beslissen om een vergunning of subsidie in te trekken of een overeenkomst te stoppen.

 

Hoofdstuk 1: Algemeen

Artikel 1.1 Uitleg begrippen

De definities die in artikel 1 van de Wet Bibob staan, zijn van overeenkomstige toepassing op deze beleidsregel. In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • a.

    Aanvraag: een verzoek van een belanghebbende, een besluit te nemen, zoals bedoeld in artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

  • b.

    APV: vigerende Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Stein.

  • c.

    Bestuursorgaan: de burgemeester onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad, alsmede degenen aan wie zij een mandaat hebben verleend tot besluitvorming bij beschikkingen van de gemeente Stein.

  • d.

    Bibob-vragenformulier: het formulier dat betrokkene in moet vullen bij de start van een eigen onderzoek (zie artikel 7a, lid 5 van de Wet Bibob).

  • e.

    Eigen ambtelijke informatie: informatie die binnen de gemeente aanwezig is, bijvoorbeeld in documenten of digitaal. Of informatie die de gemeente in open of gesloten bronnen mag bekijken of aanvragen. De gemeente mag deze informatie gebruiken voor het eigen onderzoek.

  • f.

    Eigen onderzoek: het Bibob-onderzoek dat de gemeente Stein uitvoert, zoals bedoeld in artikel 7a van de Wet Bibob.

  • g.

    Gemeente: de burgemeester, onderscheidenlijk het college van burgemeester en wethouders of de gemeenteraad van de gemeente Stein. Waar in deze beleidsregel de gemeente wordt genoemd, wordt hiermee zowel het bestuursorgaan als – wanneer van toepassing – de rechtspersoon met een overheidstaak bedoeld. Wie volgens de wet bevoegd is om te handelen, is afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval.

  • h.

    Landelijk Bureau Bibob: het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet Bibob.

  • i.

    Overheidsopdracht: een opdracht als bedoeld in artikel 1.1 van de Aanbestedingswet 2012. Daarnaast wordt onder overheidsopdracht mede verstaan:

    • -

      een speciale-sectoropdracht als bedoeld in artikel 1.1 van de Aanbestedingswet 2012 en

    • -

      een overeenkomst waarmee een rechtspersoon met een overheidstaak zorg als bedoeld in artikel 2.11 van de Jeugdwet of artikel 2.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 inkoopt bij een ondernemer in het kader van een systeem waarbij voornoemde rechtspersoon overeenkomsten sluit met iedere ondernemer die zich ertoe verbindt om diensten of goederen te leveren tegen vooraf vastgestelde voorwaarden zonder dat het aantal belangstellende ondernemers aan de hand van een gunningscriterium wordt beperkt, met dien verstande dat voor gegadigde wordt gelezen ondernemer.

  • j.

    Rechtspersoon met een overheidstaak: de gemeente Stein.

  • k.

    RIEC: het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum. Dit samenwerkingsverband gaat georganiseerde criminaliteit tegen.

  • l.

    Semi-overheid: een algemene aanduiding voor allerlei soorten overheidsorganisaties, die “dicht tegen de overheid aan zitten”. Kenmerken van semi-overheid zijn: wettelijke taken en/of het dienen van een uitgesproken publiek belang en een flinke publieke financiering.

Artikel 1.2 De gemeente mag afwijken van deze beleidsregel

In deze beleidsregel is omschreven in welke gevallen een eigen onderzoek wordt uitgevoerd. Ook in andere gevallen kan de gemeente een eigen onderzoek uitvoeren als zij dat nodig vindt. De gemeente kan dit doen zolang het zich aan de Wet Bibob en andere wetten houdt.

Hoofdstuk 2: Publiekrechtelijke beschikkingen

 

In dit hoofdstuk is omschreven wanneer de gemeente de Wet Bibob toepast bij aanvragen voor publiekrechtelijke beschikkingen, zoals vergunningen en subsidies.

Artikel 2.1 Toepassingsbereik bij aanvraag vergunningen

  • 1.

    De gemeente voert een eigen onderzoek uit bij elke aanvraag voor één van de volgende vergunningen:

    • a.

      Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voor horecabedrijven, behalve paracommerciële rechtspersonen.

    • b.

      Vergunning alcoholvrije drank zoals bedoeld in de Verordening Drank- en Horecawet gemeente Stein, behalve paracommerciële rechtspersonen.

    • c.

      Exploitatievergunning speelgelegenheid zoals bedoeld in de APV.

    • d.

      Exploitatievergunning smart- en/of headshop zoals bedoeld in de APV.

    • e.

      Flexibele brancheringsvergunning zoals bedoeld in de APV.

    • f.

      Exploitatievergunning voor een seksinrichting, sekswinkel, escortbedrijf enz. zoals bedoeld in de APV.

    • g.

      Vergunningen voor verhuur van reguliere woonruimten in een aangewezen gebied of verhuur van verblijfsruimten aan arbeidsmigranten zoals bedoeld in artikel 5, lid 1 van de Wet goed verhuurderschap, onderdeel a of b.

  • 2.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren als het een aanvraag ontvangt voor één van de volgende vergunningen:

    • a.

      Een vergunning zoals bedoeld in artikel 5.1 van de Omgevingswet voor:

      • -

        een bouwactiviteit;

      • -

        een omgevingsplanactiviteit;

      • -

        een milieubelastende activiteit.

    • b.

      Een aanvraag om een omgevingsplan te wijzigen zoals bedoeld in en volgens de voorwaarden van artikel 4.19b van de Omgevingswet. De werkbeschrijving van een eigen onderzoek bij dit geval is beschreven in hoofdstuk 4: Uitvoering.

    • c.

      Evenementenvergunning zoals bedoeld in de APV.

  • 3.

    De gemeente voert een eigen onderzoek uit voor de vergunningaanvragen uit lid 2 indien:

    de vergunning is aangevraagd voor één of meerdere activiteiten en/of projecten die vallen onder de risicoactiviteiten (zie bijlage 1).

  • 4.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren als het een aanvraag ontvangt voor één van de volgende vergunningen:

    • a.

      Alcoholwetvergunning voor slijterijbedrijven zoals bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet.

    • b.

      Bijschrijving (dag)leidinggevende op Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 30a en 30b van de Alcoholwet.

    • c.

      Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaat zoals bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen.

    • d.

      Alcoholwetvergunning zoals bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet voor paracommerciële rechtspersonen zoals bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet.

    • e.

      Vergunning alcoholvrije drank zoals bedoeld in artikel 4 van de Verordening Drank- en Horecawet gemeente Stein voor paracommerciële rechtspersonen.

    • f.

      Overige vergunningaanvragen waarbij de gemeente de Wet Bibob mag uitvoeren, maar die niet in deze beleidsregel of bijlage 1 (risicoactiviteiten) staan.

  • 5.

    De gemeente voert een eigen onderzoek uit voor de vergunningaanvragen uit lid 2 en 4 indien:

    • a.

      de gemeente dit nodig acht door eigen ambtelijke informatie of informatie die de gemeente kreeg van één van de partners van het samenwerkingsverband RIEC.

    • b.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob.

    • c.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

  • 6.

    De gemeente voert een eigen onderzoek uit voor aanvragen van overheidsinstanties, semi-overheidsinstanties of woningcorporaties die zijn toegelaten als instelling onder de Woningwet indien één van de situaties uit lid 3 of lid 5 van dit artikel voorkomen.

Artikel 2.2 Toepassingsbereik bij verleende vergunningen

  • 1.

    De gemeente voert een eigen onderzoek uit bij verleende vergunningen indien:

    • a.

      de gemeente een melding ontvangt dat de persoon die de vergunning heeft gekregen de vergunning op naam van iemand anders wil zetten (wijziging aanvrager of vergunninghouder zoals bedoeld in artikel 5.37 van de Omgevingswet)

      én

    • b.

      één of meerdere activiteiten waarvoor de vergunning geldt een risicoactiviteit is (zie bijlage 1). Bij omgevingsvergunningen kan dit alleen als aan de voorwaarden is voldaan van artikel 5.40 van de Omgevingswet (bevoegdheid tot wijziging voorschriften omgevingsvergunning en intrekking omgevingsvergunning).

  • 2.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren bij een verleende vergunning indien:

    • a.

      de gemeente de activiteit waarvoor de vergunning geldt na het verlenen van de vergunning heeft toegevoegd aan de risicoactiviteiten (zie bijlage 1).

    • b.

      De leidinggevende(n) en/of zeggenschaphebbende(n) van de persoon, zoals bedoeld in de Wet Bibob, die de vergunning heeft gekregen is/zijn veranderd.

    • c.

      De gemeente dit nodig acht door eigen ambtelijke informatie en/of informatie van één van de partners van het samenwerkingsverband RIEC.

    • d.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob.

    • e.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

Artikel 2.3 Toepassingsbereik bij subsidies

De gemeente voert een eigen onderzoek uit bij elke aanvraag voor een subsidie of een (deels) goedgekeurde subsidie zoals bedoeld in de vigerende algemene subsidieverordening gemeente Stein indien:

  • a.

    de activiteit waarvoor de subsidie geldt onder één of meer van de risicoactiviteiten valt (zie bijlage 1).

  • b.

    De gemeente dit nodig acht door eigen ambtelijke informatie en/of informatie van één van de partners van het samenwerkingsverband RIEC.

  • c.

    De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob.

  • d.

    De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

Hoofdstuk 3: Privaatrechtelijke transacties

 

In dit hoofdstuk is omschreven wanneer de gemeente de Wet Bibob toepast bij privaatrechtelijke transacties, zoals vastgoedtransacties en/of overheidsopdrachten.

Artikel 3.1 Toepassingsbereik bij vastgoedtransacties

  • 1.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren met betrekking tot vastgoedtransacties zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet Bibob, waarbij de gemeente partij is. Bij de start van de onderhandelingen zal de gemeente de betrokkene in kennis stellen dat een eigen onderzoek deel uit kan maken van de procedure.

  • 2.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren indien:

    • a.

      het vastgoedobject, zoals een gebouw of een stuk grond, gebruikt wordt of gebruikt gaat worden voor één of meerdere activiteiten die vallen onder de risicoactiviteiten (zie bijlage 1).

    • b.

      Het gebouw belangrijk is voor hoe de omgeving eruitziet (karakteristiek of beeldbepalend is en/of aangewezen als rijks- of gemeentelijk monument).

    • c.

      De gemeente het risico loopt veel geld te verliezen met de transactie.

    • d.

      Als er ook een aanvraag voor een vergunning of subsidie is of wordt gedaan (zie hoofdstuk 2 van deze beleidsregel).

    • e.

      De gemeente dit nodig acht door eigen ambtelijke informatie en/of informatie van één van de partners van het samenwerkingsverband RIEC.

    • f.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob.

    • g.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

  • 3.

    In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de overeenkomst indien blijkt dat de andere partij niet integer is, zoals bedoeld in artikel 9 lid 3 van de Wet Bibob.

  • 4.

    Indien de Bibob-procedure niet is afgerond voor het sluiten van de overeenkomst, wordt hieromtrent een ontbindende voorwaarde opgenomen.

Artikel 3.2 Toepassingsbereik bij overheidsopdrachten

  • 1.

    De gemeente kan een eigen onderzoek uitvoeren bij overheidsopdrachten ten aanzien van een gegadigde of onderaannemer zoals bedoeld in de Wet Bibob en bij zorgovereenkomsten vanuit de Jeugdwet en/of de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). De gemeente moet de partijen die meedoen aan een aanbesteding of die een zorgovereenkomst willen sluiten met de gemeente, laten weten wanneer het een eigen onderzoek uitvoert en/of het Landelijk Bureau Bibob om advies wordt gevraagd. De gemeente zet deze informatie in (aanbestedings)documenten.

  • 2.

    De gemeente kan vóór het aangaan van de overeenkomst een eigen onderzoek uitvoeren indien:

    • a.

      één of meerdere activiteiten van de overheidsopdracht onder de risicoactiviteiten vallen (zie bijlage 1).

    • b.

      De gemeente dit nodig vindt door eigen ambtelijke informatie en/of informatie van een van de partners van het samenwerkingsverband RIEC.

    • c.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob.

    • d.

      De gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, of een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob.

    • e.

      De gemeente informatie of een tip (zie onderdeel b tot en met d) heeft ontvangen over een onderaannemer.

  • 3.

    Indien één of meer van de situaties onder 2 a t/m e voorkomen tijdens het uitvoeren van de overeenkomst, kan de gemeente ook een eigen onderzoek starten.

  • 4.

    In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van het contact indien blijkt dat de andere partij niet integer is, zoals bedoeld in artikel 9 lid 2 van de Wet Bibob.

  • 5.

    Indien de Bibob-procedure niet is afgerond voor het sluiten van de overeenkomst, wordt hieromtrent een ontbindende voorwaarde opgenomen.

Hoofdstuk 4: Uitvoering

 

De gemeente begint altijd met een eigen onderzoek. Als dit onderzoek niet genoeg informatie oplevert om een beslissing te nemen, kan de gemeente het Landelijk Bureau Bibob om advies vragen. Ook kan de gemeente tijdens het onderzoek hulp vragen aan het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC).

Artikel 4.1 Eigen onderzoek

Wanneer de gemeente een eigen onderzoek start, vraagt het de betrokkene(n) om het Bibob-vragenformulier in te vullen en in te leveren bij de gemeente. De betrokkene(n) moet(en) het vragenformulier volledig invullen en moet ook alle documenten (bijlagen) inleveren waar in het vragenformulier om wordt gevraagd. Deze documenten gelden als bewijs voor de antwoorden.

 

De gemeente controleert en onderzoekt vervolgens alle informatie die betrokkene(n) heeft/hebben ingevuld op het Bibob-vragenformulier en alle toegevoegde documenten (bijlagen).

De gemeente controleert en onderzoekt extra informatie die de betrokkene(n) heeft/hebben ingeleverd als de gemeente hierom heeft gevraagd.

De gemeente doet verder onderzoek naar informatie over de betrokkene(n) en de omgeving van de betrokkene(n) in open bronnen zoals de Kamer van Koophandel en het Kadaster.

 

De gemeente kan de volgende extra gegevens opvragen:

  • -

    politiegegevens (zie artikel 4.3 onder l van het Besluit politiegegevens);

  • -

    justitiële gegevens, zoals een strafblad;

  • -

    informatie van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11a van de Wet Bibob;

  • -

    informatie van de Rijksbelastingdienst zoals bedoeld in artikel 7c van de Wet Bibob.

De gemeente kan deze extra informatie opvragen van de betrokkene zoals bedoeld in artikel 1, lid 1 van de Wet Bibob, maar (met uitzondering van politiegegevens) ook van Bibob-relaties van de betrokkene. Daaronder vallen de volgende personen:

  • -

    degene die direct of indirect leiding geeft of heeft gegeven aan de betrokkene;

  • -

    degene die direct of indirect zeggenschap heeft of heeft gehad over de betrokkene;

  • -

    degene die direct of indirect vermogen geeft of heeft gegeven aan de betrokkene;

  • -

    degene die als leidinggevende, beheerder, bedrijfsleider of vervoersmanager staat vermeld op de aangevraagde of al gegeven beschikking;

  • -

    degene die met de betrokkene gelijk kan worden gesteld door zijn invloed op de betrokkene.

Artikel 4.2 Niet (volledig) aanleveren Bibob-vragenformulier en/of bijlagen

Het niet of niet volledig aanleveren van de in het kader van de Wet Bibob gevraagde gegevens leidt op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht tot het niet in behandeling nemen van de aanvraag voor een vergunning of subsidie, dan wel op grond van artikel 4 eerste lid juncto 7a van de Wet Bibob tot het intrekken van de reeds verstrekte vergunning of subsidie, dan wel tot ontbinding van een overeenkomst inzake een overheidsopdracht, dan wel tot de opschorting of ontbinding van een overeenkomst inzake een vastgoedtransactie.

Artikel 4.3 Eigen onderzoek bij aanvraag wijzigen Omgevingsplan

Op basis van artikel 4.19b van de Omgevingswet kan de gemeente een eigen onderzoek uitvoeren indien een aanvraag voor het wijzigen van een Omgevingsplan wordt ingediend. Dit is beschreven in artikel 2.1 lid 2 van deze beleidsregel.

Als de aanvraag voor het wijzigen van een Omgevingsplan betrekking heeft op één of meer risicoactiviteiten uit bijlage 1, zal het eigen onderzoek sowieso worden uitgevoerd. Dit geldt ook wanneer sprake is van één van de punten uit artikel 2.1 lid 5 van deze beleidsregels.

 

Het beslissen op een aanvraag voor het wijzigen van een Omgevingsplan is een bevoegdheid van de gemeenteraad. De gemeenteraad is dus ook het bevoegde orgaan voor het uitvoeren van een eigen onderzoek bij dit soort aanvragen. Deze beleidsregel is daarom voor dit onderdeel ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad van Stein.

Als de gemeenteraad vervolgens de Wet Bibob toepast voor dergelijke aanvragen, en de resultaten daarvan bespreekt, zal dit gelet op de geheimhoudingsplicht in een besloten raadsvergadering plaatsvinden.

Hoofdstuk 5: Slotbepalingen

Artikel 5.1 Intrekking

De ‘Beleidslijn voor de toepassing van de Wet Bevordering integriteits-beoordelingen door het openbaar bestuur 2016 gemeente Stein (Bibob-beleidslijn gemeente Stein)’ van 1 januari 2016 wordt ingetrokken.

Artikel 5.2 Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking in het elektronische Gemeenteblad op www.overheid.nl.

Artikel 5.3 Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Beleidsregel voor de toepassing van de Wet Bibob gemeente Stein’.

Aldus vastgesteld door de burgemeester van de gemeente Stein op 6 februari 2026

De burgemeester,

mevrouw M.F.H. Leurs-Mordang

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stein op 12 februari 2026

de secretaris,

mevrouw C. Klesman-Nacken

de burgemeester,

mevrouw M.F.H. Leurs-Mordang

Aldus vastgesteld door de gemeenteraad op 5 februari 2026

de voorzitter

mevrouw M.F.H. Leurs-Mordang

de griffier

de heer T. Deckers

Bijlage 1: Risicoactiviteiten

 

In deze bijlage staan activiteiten waar de gemeente Stein – als dat kan – een Bibob-onderzoek voor uitvoert. Voor deze activiteiten bestaat een verhoogd risico dat met die activiteiten een strafbaar feit wordt gepleegd, dan wel dat die activiteit gebruikt wordt om onrechtmatig verkregen voordelen te benutten.

 

Voor toepassing van de Wet Bibob is het vereist dat er sprake is van een vergunning- of ontheffingsplicht, dan wel dat er sprake is van een subsidieaanvraag, een vastgoedtransactie, ofwel een overheidsopdracht.

Het enkele feit dat een branche als risicocategorie is aangewezen, maakt deze branche dus niet meteen vergunningplichtig.

 

Horeca-activiteiten

  • 1.

    Horecabedrijven

  • 2.

    Hotels/pensions, of andere locaties om te overnachten

  • 3.

    Coffeeshops

  • 4.

    Shishalounges

  • 5.

    Zaalverhuur

Recreatie en vrije tijd

  • 1.

    Recreatieparken

  • 2.

    Jachthavens

  • 3.

    Evenementen, zoals

    • -

      vechtsportgala’s (of vergelijkbare evenementen)

    • -

      ride outs motorclubs (of vergelijkbare evenementen)

  • 4.

    Speelautomatenhallen/gamecenters/casino’s

  • 5.

    Fitnessbedrijven/sportscholen

  • 6.

    Sporthallen/-complexen

  • 7.

    Commerciële sportactiviteiten

Prostitutie

  • 1.

    Prostitutie- en seksbedrijven

  • 2.

    Escortbedrijven

  • 3.

    Seksbioscopen

  • 4.

    Erotische massagesalons

Detailhandel en dienstverlening

  • 1.

    Smartshops/headshops/giftshops

  • 2.

    Wellnesscentra/zonnestudio’s

  • 3.

    Kappers/barbershops/nagelstudio’s/tattooshops

  • 4.

    Belwinkels

  • 5.

    Goudinkoopbedrijven

  • 6.

    Pandjeshuizen

  • 7.

    Verhuur van transportmiddelen (auto’s, (bestel)bussen, deelvoertuigen)

  • 8.

    Darkstores

Wonen

  • 1.

    Kamerverhuurbedrijven (inclusief omgevingsvergunningen voor kamerverhuur- en/of logiespanden)

  • 2.

    Omzetten/splitsen van woningen/panden voor kamerverhuur of realisatie van (meerdere) woonruimten

  • 3.

    Aanpassen kantoorpanden (naar woningen en/of kamers)

  • 4.

    Opvang vluchtelingen

  • 5.

    Huisvesting van arbeidsmigranten

Opslag

  • 1.

    Garageboxen/opslagruimtes

  • 2.

    Bedrijfsverzamelgebouwen

Milieubelastende activiteiten

  • 1.

    (gevaarlijke) Afvalbewerking en -verwerking

  • 2.

    Afvalrecycling

  • 3.

    Mestverwerking

  • 4.

    Sloop- en/ of asbestverwijdering

  • 5.

    Autodemontage

  • 6.

    Vuurwerkopslag/ transport

  • 7.

    Datacenters

Zorg, welzijn en opleiden

  • 1.

    Het aanbieden van zorg (inclusief aanbieden van zorgwoningen)

  • 2.

    Re-integratie-activiteiten

  • 3.

    Het aanbieden van particuliere schoolactiviteiten

  • 4.

    Religieuze instellingen

Duurzaamheid en transitie

  • 1.

    Energieproductie (inclusief (mest)vergisters, windmolens, zonneparken, enzovoort)

  • 2.

    Activiteiten voor uitkoop- en opkoopregelingen (in verband met onder andere stikstof)

Hippische sector

  • 1.

    Maneges

  • 2.

    Paardenhouderijen

  • 3.

    Stoeterijen

  • 4.

    Huisvesting van grooms

  • 5.

    Het fokken of handelen in paarden

Naar boven