Gemeenteblad van Best
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Best | Gemeenteblad 2026, 73958 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Best | Gemeenteblad 2026, 73958 | beleidsregel |
Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Artikel 4. Voorwaarden voor toekenning
Het college kan afzien van het vereisen van een daadwerkelijke verhuizing indien geen passende of beschikbare goedkopere woning aanwezig is, of indien verhuizen om medische, sociale of gezinsredenen niet verantwoord is. Bij een eerste aanvraag wordt beoordeeld of de inwoner redelijke inspanningen heeft geleverd om een passende alternatieve woning te vinden; een daadwerkelijke verhuizing wordt hierbij (nog) niet verwacht. Bij verlenging of heronderzoek wordt de inspanningsverplichting strenger getoetst, zoals nader uitgewerkt in lid 4, onderdeel b.
Toelichting Beleidsregels Woonkostentoeslag (WKT) gemeente Best 2026
Per 1 januari 2026 verandert de Wet op de huurtoeslag (Wht) op twee belangrijke punten:
De gemeente blijft op grond van artikel 35 van de Participatiewet verantwoordelijk voor maatwerk bij noodzakelijke woonlasten. De woonkostentoeslag (WKT) biedt een vangnet voor inwoners met noodzakelijke woonlasten die niet volledig door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen worden gedekt. De regeling richt zich op inwoners met een laag inkomen en beperkt vermogen, zodat de meest kwetsbare huishoudens worden ondersteund zonder het landelijke huurtoeslagsysteem te doorkruisen.
Om de noodzakelijkheid en redelijkheid van woonlasten te borgen, is in deze beleidsregels gekozen voor een begrenzing van de woonkosten die voor WKT in aanmerking komen. Deze begrenzing sluit aan bij de maximale rekenhuur van de Wht en wordt uitgedrukt in een percentage daarvan (135%). Het bedrag dat maximaal kan worden gecompenseerd door de WKT is dus begrensd tot 35% van de maximale rekenhuur. Hiermee wordt enerzijds rekening gehouden met de krapte op de woningmarkt en anderzijds voorkomen dat zeer hoge woonlasten volledig worden gecompenseerd met publieke middelen.
Voor de WKT wordt een inkomensgrens van 100 % van de bijstandsnorm gehanteerd (dit komt overeen met een draagkrachtpercentage van 100 %). Dit is in heel Nederland gebruikelijk bij woonkostentoeslag en zorgt ervoor dat de gemeentelijke regeling het landelijke stelsel van huurtoeslag niet doorkruist.
Samenhang met het landelijke stelsel:
Een hogere grens (bijvoorbeeld 120 %) zou betekenen dat mensen met relatief hogere inkomens aanspraak kunnen maken op gemeentelijke compensatie van woonlasten, terwijl de landelijke huurtoeslag al inkomensafhankelijk is ontworpen om woonlasten te ondersteunen. Een hogere grens zou het nationale stelsel doorkruisen of verruimen buiten wat maatschappelijk en wettelijk bedoeld is.
Consistentie met bestaande gemeentelijke beleidsregels bijzondere bijstand:
In de Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Best 2023 wordt bij woonkostentoeslag expliciet een draagkrachtpercentage van 100 % gehanteerd voor inkomen en vermogen, in afwijking van de algemene regels over draagkracht. Het hanteren van een andere inkomensgrens of draagkrachtpercentage voor de WKT zou leiden tot interne tegenstrijdigheden en uitvoeringsproblemen. Het handhaven van 100 % borgt zowel wettelijke consistentie als praktische uitvoerbaarheid. Ook bij toekomstige herzieningen of nieuwe beleidsregels voor bijzondere bijstand blijft deze inkomensgrens voor WKT gehandhaafd, zodat de regeling stabiel en voorspelbaar blijft.
Met deze beleidsregels wordt een zorgvuldig afgewogen en begrensde invulling gegeven aan de verantwoordelijkheid van de gemeente om inwoners met noodzakelijke woonlasten tijdelijk te ondersteunen, in samenhang met het landelijke stelsel van huurtoeslag.
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
De definities van woonlasten, WKT, maximale rekenhuur, basishuur, aftoppingsgrens en overige begrippen vormen de basis voor uitvoering en afbakening van de regeling. De begrippen zijn duidelijk omschreven om zowel uitvoering, toetsing én een consistente toepassing van de regeling te borgen en de communicatie richting inwoners eenvoudig en eenduidig te maken.
Dit artikel maakt duidelijk dat de WKT een vorm van bijzondere bijstand is op grond van artikel 35 van de Participatiewet. Toekenning vindt uitsluitend plaats na individuele beoordeling van de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten. Een aanvraag geeft dus geen automatisch recht op WKT. De regeling fungeert als een tijdelijk vangnet en aanvullend instrument, voor inwoners met noodzakelijke woonlasten die niet (volledig) door voorliggende voorzieningen, zoals huurtoeslag, worden gedekt.
De WKT is bedoeld voor inwoners van onze gemeente met woonlasten die na beoordeling als noodzakelijk en redelijk worden aangemerkt, en die niet volledig door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen worden gedekt.
In aanmerking komen inwoners met een inkomen tot 100% van de bijstandsnorm en een beperkt vermogen. Zowel huurders als huiseigenaren kunnen WKT aanvragen, mits zij voldoen aan de overige voorwaarden.
Artikel 4. Voorwaarden voor toekenning
Dit artikel bevat het toetsingskader voor de beoordeling van aanvragen. De woonlasten worden beoordeeld op noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid, rekening houdend met: de actuele aftoppingsgrens, de plaatselijke woningmarkt (gemeente Best en gemeente Oirschot; gelet op de beoogde gemeentelijke fusie per 1 januari 2028), de regionale woningmarkt en de beschikbare huisvestingsmogelijkheden, en persoonlijke omstandigheden.
Van de inwoner wordt verwacht dat hij of zij redelijke inspanningen levert om woonlasten te beperken en gebruik te maken van voorliggende voorzieningen.
Het college kan afzien van het vereisen van een daadwerkelijke verhuizing indien geen passende of beschikbare goedkopere woning aanwezig is, of indien verhuizen om medische, sociale of gezinsredenen niet verantwoord is.
Bij de toepassing van dit toetsingskader staat maatwerk centraal, waarbij het college steeds een integrale afweging maakt op basis van de individuele omstandigheden van de inwoner.
Artikel 5. Woonkostentoeslag voor huiseigenaren
Huiseigenaren kunnen in aanmerking komen voor WKT onder dezelfde voorwaarden als huurders. Alleen noodzakelijke lasten die verband houden met eigenaarschap, zoals benoemd in artikel 1, worden meegenomen; aflossing van de hypotheek wordt niet vergoed.
De systematiek voor hoogte, duur en heronderzoek volgt dezelfde uitgangspunten als voor huurders. Wijzigingen in woon- of financiële situatie moeten onverwijld worden gemeld.
Artikel 6. Hoogte van de woonkostentoeslag
Dit artikel beschrijft hoe WKT wordt berekend.
Bij huurders wordt uitgegaan van het deel van de huur dat, na toepassing van de huurtoeslag op grond van de Wet op de huurtoeslag, niet wordt gecompenseerd en uitkomt boven de maximale rekenhuur.
Voor huiseigenaren geldt dat de WKT wordt berekend over het deel van de noodzakelijke woonlasten dat boven de basishuur uitkomt.
De noodzakelijke woonlasten worden in beginsel beperkt tot 135% van de maximale rekenhuur. Het deel van de huur of woonlasten boven deze grens wordt normaal gesproken niet als noodzakelijk aangemerkt. Daarnaast geldt dat de WKT maximaal 35% van de maximale rekenhuur kan vergoeden.
In bijzondere situaties, zoals bij medische, sociale of gezinsomstandigheden, kan het college gemotiveerd besluiten een hoger bedrag als noodzakelijk aan te merken, binnen de vastgestelde maximale vergoeding. Dit mag echter nooit leiden tot een WKT hoger dan het in lid 4 vastgestelde maximum. Hiermee wordt geborgd dat de toeslag een vangnetfunctie vervult, zonder dat buitensporige woonlasten volledig door publieke middelen worden gecompenseerd.
Artikel 7. Duur van de Woonkostentoeslag en heronderzoek
Dit artikel regelt het tijdelijke karakter van de WKT. De WKT wordt in beginsel toegekend voor een periode van maximaal 12 maanden. Tegen het einde van deze periode vindt een heronderzoek plaats naar de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten, alsmede naar de mate waarin is voldaan aan de inspanningsverplichting.
Indien de WKT na heronderzoek nog noodzakelijk is, kan de toeslag worden verlengd voor een tweede periode van maximaal 12 maanden. In zeer bijzondere en schrijnende omstandigheden is vervolgens nog één verlenging van maximaal 12 maanden mogelijk. De totale duur van de WKT bedraagt daarmee maximaal 36 maanden binnen een aaneengesloten periode.
In normale omstandigheden eindigt de WKT na maximaal 24 maanden. De maximale termijn van 36 maanden vormt het uiterste vangnet; structurele of langdurige compensatie van woonlasten is niet beoogd. Bij iedere beoordeling blijft maatwerk centraal staan.
Artikel 8. Vorm van de bijstand
De WKT wordt in beginsel om niet verstrekt. Gelet op het karakter van woonkosten als noodzakelijke, terugkerende kosten van het bestaan wordt woonkostentoeslag niet als lening verstrekt.
De WKT wordt toegekend op basis van een ingediende aanvraag. Het indienen van een aanvraag geeft geen automatisch recht op WKT; iedere aanvraag wordt beoordeeld op basis van de geldende voorwaarden en de individuele omstandigheden van de belanghebbende.
De toeslag gaat in beginsel in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag door de gemeente is ontvangen. In afwijking hiervan kan het college besluiten de WKT met terugwerkende kracht toe te kennen tot maximaal drie maanden voorafgaand aan de dag waarop de aanvraag is ontvangen, indien de individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven. Deze mogelijkheid is gebaseerd op artikel 44, vijfde lid, van de Participatiewet. Bij de beoordeling wordt betrokken of de belanghebbende zich onverwijld heeft gemeld, gelet op wat in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs van hem of haar mocht worden verwacht. Het college motiveert een besluit tot terugwerkende kracht altijd expliciet.
De eventuele toepassing van terugwerkende kracht heeft geen invloed op de maximale duur van de woonkostentoeslag zoals geregeld in artikel 7; de totale toekenningsduur bedraagt ook in dat geval maximaal 36 maanden.
Indien een belanghebbende dezelfde woning blijft bewonen en de overige relevante omstandigheden, zoals inkomen en woonlasten, onveranderd zijn gebleven, kan een nieuwe aanvraag buiten behandeling worden gelaten. Deze bepaling voorkomt herhaalde aanvragen zonder gewijzigde omstandigheden en draagt bij aan een doelmatige uitvoering van de regeling.
Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de beleidsregels indien strikte toepassing leidt tot onbillijkheden van overwegende aard. Dit artikel biedt ruimte voor maatwerk in uitzonderlijke situaties waarin de beleidsregels niet voorzien.
Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel
Regelt de datum van inwerkingtreding (met terugwerkende kracht per 1 januari 2026) en de citeertitel van de beleidsregels.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-73958.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.