Gemeenteblad van Nissewaard
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nissewaard | Gemeenteblad 2026, 54882 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nissewaard | Gemeenteblad 2026, 54882 | beleidsregel |
Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige en een WOZ-belanghebbende in een keuzesituatie
De in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar van de gemeente Nissewaard;
gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 253 van de Gemeentewet, artikel 1 van de vigerende verordening onroerende-zaakbelastingen, artikel 3 van de vigerende verordening rioolheffing, artikel 3 van de vigerende verordening afvalstoffenheffing, artikel 2 van de vigerende verordening hondenbelasting, artikel 2 van de vigerende verordening forensenbelasting en artikel 24, vierde en zesde lid, van de Wet waardering onroerende zaken;
de Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige en een WOZ-belanghebbende in een keuzesituatie.
De gemeente Nissewaard heft onroerende-zaakbelastingen, rioolheffing, afvalstoffenheffing, hondenbelasting en forensenbelasting en heeft voor deze belastingen verordeningen vastgesteld. Voor deze belastingen kunnen in sommige gevallen meerdere natuurlijke of niet natuurlijke personen als belastingplichtige worden aangemerkt, met andere woorden: in sommige gevallen is de omschrijving van het belastbare feit in de belastingverordening op meerdere natuurlijke of niet natuurlijke personen van toepassing.
Op grond van de Gemeentewet bestaat de mogelijkheid om de aanslag ten name van één van deze personen te stellen, met andere woorden: om één van deze personen als belastingplichtige aan te wijzen. De gemeente Nissewaard maakt gebruik van deze mogelijkheid.
In deze Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige en een WOZ-belanghebbende in een keuzesituatie wordt omschreven welke voorkeursvolgorde de gemeente hanteert ten behoeve van een doelmatige en doeltreffende heffing en invordering.
De in de voorkeursvolgorde neergelegde criteria bevatten geen limitatieve opsomming. Het zijn richtlijnen voor de meest voorkomende gevallen. De definitieve aanwijzing van de belastingplichtige vindt plaats door middel van de tenaamstelling van de aanslag.
De persoon die de gemeente als belastingplichtige aanwijst, wordt geacht de aanslag te kunnen betalen.
Zoals op grond van de Gemeentewet de mogelijkheid bestaat om de aanslag ten name van één van de belastingplichtige personen te stellen, zo bestaat op grond van de Wet waardering onroerende zaken de mogelijkheid om de WOZ-beschikking aan één van de belanghebbende personen bekend te maken.
In deze Beleidsregels voor het aanwijzen van een belastingplichtige en een WOZ-belanghebbende in een keuzesituatie sluit de voorkeursvolgorde die de gemeente hanteert bij het aanwijzen van een WOZ-belanghebbende aan bij de voorkeursvolgorde die de gemeente hanteert bij het aanwijzen van een belastingplichtige.
Artikel 1 Belastingen geheven van de genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van een onroerende zaak
In aflopende voorkeursvolgorde wordt als belastingplichtige aangewezen:
Artikel 2 Belastingen geheven van de gebruiker krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht van een niet-woning
In aflopende voorkeursvolgorde wordt als belastingplichtige aangewezen:
Artikel 3 Belastingen geheven van de gebruiker krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht van een woning
In aflopende voorkeursvolgorde wordt als belastingplichtige aangewezen:
Als belastingplichtige wordt aangewezen degene die op grond van artikel 3 als gebruiker van de woning krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht wordt aangewezen.
Bij het heffen van een belasting over een tijdvak is bij de toepassing van de voorkeursvolgorde beslissend de situatie bij het begin van dat tijdvak of, als dit later is, bij het begin van de belastingplicht.
Artikel 7 WOZ-Beschikking voor het genot krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van een onroerende zaak
Als belanghebbende wordt aangewezen degene die op grond van artikel 1 wordt aangewezen als de genothebbende van de onroerende zaak krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.
Artikel 8 WOZ-Beschikking voor het gebruik krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht van een niet-woning
Als belanghebbende wordt aangewezen degene die op grond van artikel 2 wordt aangewezen als gebruiker van de niet-woning krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht.
Artikel 9 WOZ-Beschikking voor het gebruik krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht van een huurwoning
Als belanghebbende wordt aangewezen degene die op grond van artikel 3 wordt aangewezen als gebruiker van de huurwoning krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht.
Artikel 10 Gevallen waarin de voorgaande artikelen niet worden toegepast
De voorgaande artikelen worden niet toegepast indien:
Artikel 11 Andere persoon als belastingplichtige aanwijzen
Als blijkt of het vermoeden bestaat dat de persoon die op grond van de in de voorgaande artikelen omschreven voorkeursvolgorde als belastingplichtige zou worden aangewezen de belasting niet of moeilijker dan een andere persoon kan betalen, kan de andere persoon als belastingplichtige worden aangewezen.
Artikel 12 Andere persoon als belastingplichtige aanwijzen in het volgende belastingtijdvak of kalenderjaar
Indien voor het desbetreffende belastingtijdvak of kalenderjaar reeds een aanslag is opgelegd aan de persoon die op grond van de in de voorgaande artikelen omschreven voorkeursvolgorde als belastingplichtige is aangewezen, kan pas met ingang van het daaropvolgende belastingtijdvak of kalenderjaar een andere persoon als belastingplichtige worden aangewezen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-54882.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.