Gemeenteblad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Gemeenteblad 2026, 52438 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Gemeenteblad 2026, 52438 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere regel subsidie Samen voor Overvecht gemeente Utrecht
Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht;
Het Ambitiedocument Samen voor Overvecht, aldus vastgesteld door de gemeenteraad op 18 juli 2019;
Besluiten vast te stellen de volgende Nadere regel subsidie Samen voor Overvecht gemeente Utrecht.
Deze nadere regel draagt bij aan het doel om initiatieven te stimuleren, die bijdragen aan het behalen van de ambitiedoelen zoals geformuleerd in de Strategie wijkaanpak Samen voor Overvecht.
De vijf ambities waaraan wordt gewerkt zijn:
Om de ambitiedoelen te bereiken wordt samenwerking in de vorm van allianties gestimuleerd.
Artikel 4 Vaststellen subsidieplafond
Burgemeester en wethouders stellen het jaarlijkse subsidieplafond vast door middel van de subsidiestaat.
Artikel 5 Subsidiabele activiteiten
Artikel 6 Eisen aan de aanvraag
De aanvraag van de subsidie wordt ingediend met e-Herkenning via www.utrecht.nl/subsidiesamenvoorovervecht. In het geval van een alliantie wordt de aanvraag ingediend met de e-Herkenning van de penvoerder.
Artikel 7 Indieningstermijn aanvraag
Voor de categorie “Samen voor Overvecht” (artikel 5, lid 1) kan voor het eerst voor het subsidiejaar 2027 een aanvraag worden ingediend, waarbij de volgende indieningstermijnen gelden:
In de periode 1 januari tot en met 30 september 23:59 uur van een bepaald jaar kunnen aanvragen worden ingediend waarvan de uitvoering van de activiteiten in hetzelfde jaar plaatsvinden. Deze aanvragen kunnen worden ingediend tot het subsidieplafond (artikel 4, lid 2, letter a) van dat jaar is bereikt.
Alle aanvragen die volledig en op tijd zijn ingediend, worden gescoord op grond van beoordelingscriteria, zoals vermeld in lid 3. Hierbij zijn maximaal 10 punten te behalen. Per criterium kan een aanvraag de score “onvoldoende”, “voldoende” of “goed” krijgen. De criteria zijn gerangschikt van meest naar minst zwaarwegend. De punten van alle criteria worden bij elkaar opgeteld. Zo ontstaat een totaalscore tussen 0 en 10.
In aanvulling op de verplichtingen uit hoofdstuk 4 van de Asv gelden de volgende verplichtingen:
De Nadere regels subsidie Samen voor Overvecht, gemeente Utrecht zoals vastgesteld op 6 december 2022 wordt ingetrokken.
Artikel 14 Overgangsbepalingen
De Nadere regels Subsidie Samen voor Overvecht, gemeente Utrecht zoals vastgesteld op 6 december 2022 blijft van toepassing op aanvragen die onder de werking van die nadere regel zijn ingediend en op subsidiebesluiten die onder de werking van die nadere regel zijn genomen.
Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, in de vergadering van 3 februari 2026.
De burgemeester
Sharon A.M. Dijksma
De secretaris,
Michiel J. Ruis
Bijlage 1 Ambitiedoelstellingen Samen voor Overvecht
Onderdeel van Strategie wijkaanpak Samen voor Overvecht
Ambitie 1: Plezierig wonen in een meer gemengde wijk
1.1 Een schoon en groen Overvecht
1.2 Bewoners voelen zich veilig en prettig in de openbare ruimte
1.3 In elke flat in Overvecht wonen bewoners prettig met elkaar en zorgen ze voor hun omgeving
1.4 Voor de huidige en toekomstige bewoners van Overvecht zijn er voldoende mogelijkheden om plezierig te wonen, werken en verblijven
Ambitie 2: Perspectief voor de jeugd versterken
2.1 Ouders zijn in staat om hun kinderen te ondersteunen in hun ontwikkeling
2.2 Kinderen (0-6) in Overvecht doorlopen een gezonde ontwikkeling
2.3 Jongeren (10-18) hebben een positieve kijk op zichzelf, de ander en hun eigen toekomst
3.1 Vertrouwen in elkaar en vreedzame omgang met elkaar
3.2 Bewoners zijn veilig in en rondom de woning
3.3 Overvechtse jeugd groeit goed en veilig op
Ambitie 4: Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat
4.1 Bewoners kunnen duurzaam rondkomen en zijn schuldenvrij
4.2 Alle Overvechters hebben de zorg en ondersteuning die nodig is
4.3 Bewoners in een kwetsbare positie in Overvecht hebben blijvend passende ondersteuning
Ambitie 5: Meedoen en ondernemen
5.1 Een duurzame match tussen werkgevers en Overvechtse werkzoekenden
5.2 Meer bewoners ontwikkelen zich richting (vrijwilligers)werk of ondernemen
5.3 Overvecht heeft een duurzame en bruisende wijkeconomie die kansen biedt aan ondernemerschap en talent in de wijk
Bijlage 2 Behorende bij artikel 9 – Verdeling subsidie
Uitleg wat bij elk beoordelingscriterium wordt verwacht:
|
- Maakt aanvrager duidelijk hoe de activiteiten concreet bijdragen aan 2 of meer ambitiedoelen van de wijkaanpak Samen voor Overvecht, zoals benoemd in bijlage 1? - Beschrijft aanvrager hoe de activiteiten passen binnen de opgestelde ambitiestrategieën, zoals benoemd in de Strategie wijkaanpak Samen voor Overvecht? - Beschrijft aanvrager hoe deze activiteiten bijdragen aan het overkoepelende doel van de wijkaanpak Samen voor Overvecht: bewoners van Overvecht leven prettig samen, in een wijk waar mensen met plezier wonen en werken, waar mensen veerkrachtig zijn en iedereen mee kan doen. Een wijk waar mensen trots op zijn. |
|
- Beschrijft de aanvrager aan welke subsidiabele activiteit(en) een bijdrage wordt geleverd, en op welke manier? - Passen de activiteiten binnen de beschrijving van deze subsidiabele activiteit(en)? - Worden hierbij concrete, meetbare resultaten genoemd? - Wordt hierbij het beoogde effect genoemd en draagt dit effect bij aan de gestelde ambitiedoelen van de wijkaanpak Samen voor Overvecht? - Beschrijft de aanvrager hoe resultaten en effecten in kaart worden gebracht? |
|
- Onderbouwt de aanvrager de noodzaak voor deze activiteiten? Welke beoogde verandering maakt deze activiteiten mogelijk? En op welke wijze dragen de activiteiten bij aan deze verandering? |
|
Het gaat hier om samenwerking met andere organisaties, ondernemers, bewonersgroepen en initiatieven in de wijk, specifiek gericht op deze aanvraag. - Maakt aanvrager inzichtelijk met wie vooraf is afgestemd over de voorgestelde activiteiten? - Maakt aanvrager inzichtelijk met wie wordt samengewerkt in de uitvoering van de activiteiten? - Maakt de aanvrager duidelijk hoe de middelen onderling worden verdeeld: in ruimte, mensen, kennis en financiële middelen? |
|
- Laat de aanvrager zien inzicht te hebben in wat er al in Overvecht gebeurt rondom het inhoudelijke thema van deze activiteit? - Laat de aanvrager zien hoe de activiteit(en) zich verhoudt/verhouden tot het bestaande aanbod in de wijk, en hoe waar nodig samenwerking wordt opgezocht om dubbelingen te voorkomen? |
|
- Maakt aanvrager inzichtelijk op welke doelgroep en/of buurt de activiteiten zich richten? - Maakt aanvrager inzichtelijk op welke manier deze doelgroep gaat worden bereikt met de activiteit(en)? |
|
- Heeft de aanvrager aantoonbare kennis en/of ervaring met de wijk Overvecht? - Voor aanvragers die al werkzaam zijn in Overvecht: in welke mate laat aanvrager zien welke ervaringen in de uitvoering er zijn van de afgelopen 2 jaar? - Voor aanvragers die nieuw zijn in Overvecht: in welke mate toont de aanvrager aan dat deze voldoende kennis en relevante ervaring heeft met werken in een wijk als Overvecht? |
|
- Wordt inzichtelijk gemaakt dat er draagvlak en/of behoefte is aan deze activiteiten voor deze doelgroep? - Wordt inzichtelijk gemaakt op welke manier draagvlak en behoefte is getoetst bij bewoners van Overvecht? - Wordt inzichtelijk gemaakt hoe de activiteit gaat worden geëvalueerd met bewoners, om te bepalen hoe zij de activiteit waarderen tijdens de uitvoering? |
|
- Beschrijft de aanvrager hoe deze gedurende de looptijd van de subsidie blijft leren en haar activiteiten hierop aanpast? - Wordt er samen met andere initiatieven en/of organisaties geleerd, en op welke manier gebeurt dit? - Wordt inzichtelijk gemaakt hoe de activiteit wordt geëvalueerd met samenwerkingspartners of andere partijen in de wijk, om te bepalen hoe zij de activiteit waarderen? |
|
- Geeft aanvrager aan welke kansen hij ziet om de activiteiten na afloop van de subsidieperiode te borgen? - Maakt de aanvrager duidelijk in hoeverre hij concrete actie onderneemt om de activiteit structureel en financieel te borgen, bijvoorbeeld door andere inkomstenbronnen aan te boren? |
|
- Toont aanvrager aan dat de kosten voor personeel, locatie, overhead, e.d. noodzakelijk zijn? - Maakt aanvrager inzichtelijk hoe het gevraagde subsidiebedrag zich verhoudt tot het resultaat? Denk aan het aantal deelnemers, het aantal vrijwilligers(uren), het aantal beoogde ‘matches’, het aantal geopende tijdstippen of dagdelen? - Laat aanvrager zien dat de kosten proportioneel zijn en onderbouwt deze waarom de inzet noodzakelijk is, bijvoorbeeld met betaalde beroepskrachten? |
Uitleg waaraan een beschrijving/aanpak moet voldoen om een bepaalde beoordeling te krijgen:
Burgemeester en wethouders hebben deze nadere regel vastgesteld met het doel dat bewoners van Overvecht prettig samenleven in de wijk. Een wijk waar mensen met plezier wonen en werken, waar mensen veerkrachtig zijn en iedereen mee kan doen. Een wijk waar mensen trots op zijn.
Samen te werken: Sinds 2019 werkt een brede wijkcoalitie samen in een langjarige wijkaanpak voor een betere wijk: Samen voor Overvecht. Bewoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers uit Overvecht, het Rijk en de gemeente Utrecht werken samen om achterstanden te verkleinen en meer kansen te creëren voor Overvechters. Samen bundelen we onze krachten en inzet, zodat het resultaat meer is dan de som der delen.
Een integrale blik, met inzet op vijf ambities: Plezierig wonen in een meer gemengde wijk, Veilige buurten, Perspectief voor de jeugd versterken, Zorg en ondersteuning dichtbij en op maat en Meedoen en ondernemen. Binnen deze ambities zijn ambitiedoelen opgesteld waar we samen met een coalitie van partijen aan werken.
Toelichting bij Artikel 9 – verdeling subsidie
In onderstaande tabel is een voorbeeld opgenomen hoe een aanvraag per criterium is beoordeeld (kolom “Beoordeling”) en hoeveel punten deze beoordeling heeft gekregen (kolom “Punten behaald").
Vervolgens worden de punten bij elkaar opgeteld. De totaalscore in onderstaand voorbeeld is 6,05 punten.
Als de aanvraag vóór 30 september 23:59 uur is ingediend voor de categorie “Samen voor Overvecht” (omdat de activiteiten het volgende jaar op 1 januari beginnen) door een alliantie, dan wordt bij de totaalscore nog 0,5 punten toegevoegd. Het totaal komt dan op 6,55 punten.
Subsidie die op grond van deze Nadere regel wordt verleend bevat mogelijk staatssteun. Dit zal per subsidieaanvraag beoordeeld moeten worden.
Van staatssteun is sprake wanneer voldaan is aan alle criteria van artikel 107 van het Verdrag inzake de Werking van de Europese Unie (hierna: VWEU). De criteria uit artikel 107 van het VWEU zijn:
Wanneer het antwoord op één of meer vragen ‘Nee’ is, is er geen sprake van staatssteun. De subsidie kan dan verleend worden; vanuit het staatssteunrecht hoeft er geen verdere actie ondernomen te worden.
Wanneer het antwoord op alle vragen ‘Ja’ is, is er sprake van staatssteun. De subsidie moet dan staatssteunproof gemaakt worden. Dit kan op verschillende manieren. Die manieren kunnen ook gebruikt worden als twijfelachtig is of een antwoord ja of nee is.
Voor deze Nadere regel kunnen de volgende opties gebruikt worden:
Op grond van de reguliere de-minimisverordening (Verordening (EU) nr. 2023/2831) kunnen overheden over een periode van drie jaar tot maximaal €300.000,- aan steun verlenen aan een onderneming. Gezien de subsidieplafonds ligt het voor de hand om de subsidies met toepassing van de reguliere de-minimisverordening te verlenen. De subsidieontvanger moet een de-minimisverklaring overleggen waaruit blijkt dat hij nog de-minimisruimte heeft. Wanneer blijkt dat die ruimte er is, wordt de subsidie verleend. In de beschikking wordt expliciet opgenomen dat het gaat om de-minimissteun. Verder moet de gemeente de steun registeren in het de-minimisregister.
Als er onvoldoende of geen de-minimisruimte is, mag aan de onderneming in het betreffende jaar geen reguliere de-minimissteun meer worden verleend. De subsidie zal dan op een andere manier staatssteunproof gemaakt moeten worden:
De subsidie voldoet dan niet aan het hierboven genoemde laatste criterium onder e. De Europese Commissie hanteert drie aspecten om te beoordelen of steun een zuiver lokaal karakter heeft:
Omdat nog niet bekend is aan welke ondernemingen en voor welke activiteiten de gemeente subsidie gaat verstrekken kan deze toets in deze Nadere regel niet vooraf gedaan worden.
Er zal dan een vrijstellingsmogelijkheid gezocht moeten worden via de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) of de DAEB-regelgeving. De eerste inschatting is dat de AGVV niet goed bruikbaar zal zijn. De activiteiten die genoemd worden in de Nadere regel lijken op het eerste gezicht niet voor te komen in de AGVV. Ze kunnen dan niet staatssteunproof gemaakt worden door de AGVV toe te passen.
De DAEB-regelgeving lijkt meer kansen te bieden. DAEB staat voor Diensten van Algemeen Economisch Belang. Het college kan activiteiten als DAEB aanwijzen wanneer zij dat in het algemeen belang acht. Zij moet dan motiveren dat deze economische activiteit in de markt, zonder overheidsoptreden, niet zal worden verricht. Er moet dus een zeker marktfalen aangetoond worden. Vervolgens kan zij een onderneming belasten met de uitvoering daarvan en haar daarvoor een compensatie, bijvoorbeeld in de vorm van subsidie toekennen. De compensatie mag niet hoger zijn dan nodig is om de kosten van de uitvoering van de DAEB geheel of gedeeltelijk te dekken, rekening houdend met de opbrengsten en een redelijke winst. Of hiervan sprake is wordt in de eerste plaats beoordeeld door de DAEB aan te besteden of door gebruik te maken van een benchmark. Er wordt onderzocht of een subsidietender in dit geval gelijkgesteld kan worden aan een aanbesteding. Wanneer de compensatie voldoet aan bovenstaande eisen wordt aangenomen dat geen sprake is van staatssteun.
Wanneer bovenstaande opties niet bruikbaar zijn heeft de gemeente twee keuzes. Zij kan de subsidieverlening zijnde staatssteun dan alleen nog rechtmatig, geoorloofd verstrekken wanneer zij deze meldt aan de Europese Commissie. Na goedkeuring van de Europese Commissie kan zij de subsidie rechtmatig verstrekken aan de aanvrager. De gemeente kan er ook voor kiezen om de subsidie niet te melden aan de Europese Commissie. Zij moet de subsidieaanvraag dan weigeren wegens strijd met het staatssteunrecht. Dat is een verplichte weigeringsgrond voor subsidies.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-52438.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.