Gemeenteblad van Zutphen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zutphen | Gemeenteblad 2026, 51158 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zutphen | Gemeenteblad 2026, 51158 | ander besluit van algemene strekking |
Instellingsbesluit Comité Herdenking en herinnering gemeente Zutphen 2026
De raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Zutphen, ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft,
overwegende dat het gewenst is om in de gemeente Zutphen een Comité Herdenking en herinnering in te stellen dat aan de raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester adviseert over de afstemming en de organisatie van de lokale oorlogsherdenkingen, de zes herinneringsmomenten en eventuele overige manifestaties in dit kader in de gemeente Zutphen;
gelet op artikel(en) 84 van de Gemeentewet;
Instellingsbesluit Comité Herdenking en herinnering gemeente Zutphen 2026
Artikel 2 Comité Herdenking en herinnering
Er is een Comité Herdenking en herinnering voor de lokale oorlogsherdenkingen, de zes herinneringsmomenten en overige manifestaties in dit kader in de gemeente, hierna te noemen: Comité Herdenking en herinnering.
Artikel 3 Doel en taak Comité Herdenking en herinnering
Het Comité Herdenking en herinnering heeft tot doel en taak:
Artikel 5 Werkwijze Comité Herdenking en herinnering
Jaarlijks voor 1 maart adviseert het Comité Herdenking en herinnering aan de bestuursorganen met behulp van een verslag over de in het voorafgaande jaar uitgevoerde activiteiten en een overzicht van de in dat jaar uit te voeren activiteiten. Daarnaast geeft het Comité Herdenking en herinnering hierbij desgewenst aanbevelingen voor verbetering.
Het college voegt aan het Comité Herdenking en herinnering op verzoek een ondersteunend ambtelijk adviseur toe.
Het college kan één of meer artikelen van dit besluit buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang van het herdenken, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op: 26 januari 2026
De voorzitter,
de griffier,
Aldus besloten op 2 december 2025.
Het college van burgemeester en wethouders,
De burgemeester,
de secretaris,
Aldus besloten op 2 december 2025.
De burgemeester,
De jaarlijkse dodenherdenking op 4 mei in Zutphen wordt georganiseerd door de gemeente Zutphen. In Warnsveld en De Hoven bestonden al comités samengesteld uit de burgerij. In het kader van een participatieve samenleving is het niet meer vanzelfsprekend dat de gemeente dit alleen organiseert. Door middel van het vaststellen van dit Instellingsbesluit Comité Herdenking en herinnering gemeente Zutphen 2026 wordt het herdenken en herinneren, en de in dit verband eventueel te houden overige manifestaties, mede in handen gegeven van de samenleving. Het herdenken en herinneren is immers een zaak van de gemeenschap in zijn geheel.
Het is met dit instellingsbesluit uitdrukkelijk de bedoeling dat het Comité Herdenking en herinnering een belangrijke adviseur wordt voor de zes jaarlijkse herdenkings- en herinneringsmomenten en overige manifestaties. Daarnaast worden deze zes jaarlijkse herdenkings- en herinneringsmomenten en overige manifestaties onder auspiciën van het Comité Herdenking en herinnering uitgevoerd.
Omdat het Comité Herdenking en herinnering adviseert aan de raad, het college en de burgemeester, moet dit Instellingsbesluit door de drie bestuursorganen worden vastgesteld.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In dit artikel worden de in dit besluit gehanteerde begrippen omschreven.
Artikel 2 Comité Herdenking en herinnering
Met dit artikel wordt het Comité Herdenking en herinnering gemeente Zutphen formeel ingesteld.
Artikel 3 Doel en taak Comité Herdenking en herinnering
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting. Wel kan vermeld worden dat op grond van artikel 5 in het huishoudelijk reglement onder meer een nadere concrete invulling van doel en taak van het Comité Herdenking en herinnering wordt bepaald (zie ook de toelichting bij artikel 5). Hiermee kan het Comité Herdenking en herinnering zelf een nadere invulling geven aan zijn doel en taak.
Artikel 4 Benoeming, schorsing en ontslag, vereiste lidmaatschap, vergoeding
In lid 1 is aangegeven dat het college de leden van het Comité Herdenking en herinnering benoemt op voordracht van het Comité. Bij de oprichting van het Comité Herdenking en herinnering wordt de voordracht aan college gedaan door de burgemeester.
In artikel 6 is bepaald dat een lid van het Comité Herdenking en herinnering geen presentiegeld en/ of vergoeding ontvangt, met uitzondering van gemaakte onkosten. Hierbij kan onder meer worden gedacht aan de vergoeding van de kosten van reizen buiten de gemeentegrenzen, binnen de fiscale mogelijkheden.
Artikel 5 Werkwijze Comité Herdenking en herinnering
Op grond van het eerste lid van dit artikel regelt het Comité Herdenking en herinnering zelf zijn werkwijze. Daarbij neemt het Comité Herdenking en herinnering uiteraard het bepaalde in het instellingsbesluit in acht. Het college kan hierbij ook voorschriften geven.
Het Comité Herdenking en herinnering stelt, indien gewenst, op grond van het derde lid een huishoudelijk reglement vast. Dat reglement moet voordat het wordt vastgesteld ter goedkeuring aan het college worden voorgelegd. In het kader van het vast te stellen reglement wordt nog verwezen naar artikel 3 en de bijbehorende toelichting op dat artikel.
Om op de hoogte te blijven van welke activiteiten het Comité Herdenking en herinnering in een jaar mede heeft uitgevoerd en mede ook gaat uitvoeren, bepaalt het vijfde lid dat het Comité Herdenking en herinnering jaarlijks voor 1 maart een overzicht hiervan respectievelijk een advies hierover stuurt aan de drie bestuursorganen.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Omdat er in het kader van het herdenken, het herinneren en daarmee in verband staande manifestaties een relatie is met het gemeentebestuur, is in dit artikel vastgelegd dat het college aan het Comité Herdenking en herinnering een ambtelijk adviseur toevoegt als het Comité daarom vraagt. De ambtelijk adviseur vervult niet de rol van (plaatsvervangend) voorzitter of secretaris in het Comité Herdenking en herinnering, noch is deze persoon de coördinator.
Wel fungeert de ambtelijk adviseur als aanspreekpunt ten behoeve van het Comité Herdenking en herinnering en faciliteert deze het Comité Herdenking en herinnering voor zover nodig bij het vormgeven van de herdenkingen, de zes herinneringsmomenten en overige manifestaties.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Op grond van dit artikel kan het college één of meer artikelen van dit besluit buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang van het herdenken en herinneren, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Dit kan echter alleen in die gevallen die niet zijn voorzien ten tijde van het vaststellen van dit besluit. Wordt een geval onder de hardheidsclausule gebracht, dan heeft dit tot gevolg dat het besluit op dit punt moet worden aangepast. Het geval is immers voorzienbaar geworden.
Artikel 10 Intrekking oude regeling
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-51158.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.