|
Paragraaf 2.1
|
Algemene bepalingen
|
|
|
2.1
|
Definities
|
|
|
2.1.1
|
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
2.1.2
|
In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
|
|
|
2.1.3
|
In hoofdstuk 2 van deze verordening wordt verstaan onder:
|
|
|
2.1.3.a
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;
|
|
|
2.1.3.b
|
binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet;
|
|
|
2.1.3.c
|
buitenplanse omgevingsplanactiviteit: activiteit, inhoudende: a. een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, of b. een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan;
|
|
|
2.1.3.d
|
kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit: een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarop bijlage 1 van deze tarieventabel van toepassing is.
|
|
|
2.1.3.e
|
Vooroverleg: Via het vooroverleg kunnen initiatiefnemers hun beoogde plan bespreken en laten beoordelen, vóórdat zij een aanvraag voor een omgevingsvergunning indienen.
|
|
|
|
Het proces start met een toets of het plan past in het omgevingsplan en/of een toets of het plan voldoet aan de redelijke eisen van welstand.
|
|
|
|
Past het plan niet in het omgevingsplan, dan wordt het plan ambtelijk beoordeeld of afgeweken kan worden van het omgevingsplan.
|
|
|
|
Afhankelijk van de complexiteit van het plan, kunnen er meerdere overleggen nodig zijn.
|
|
|
|
Indien gewenst, kan de initiatiefnemer na de verkregen ambtelijke indicatie nog een verzoek indienen voor het verkrijgen van een principebeslissing van het college van burgemeester en wethouders.
|
|
|
|
principebeslissing: Een voorlopig standpunt van het college van burgemeester en wethouder met betrekking tot de vraag of het college, op basis van de beoogde uitwerking van een project of (bouw)plan, bereid is medewerking te verlenen aan het beoogde plan.
|
|
|
|
(Het betreft hier geen besluit maar een bestuurlijke indicatie)
|
|
|
2.1.3.f
|
Principebeslissing: een voorlopig oordeel van burgemeester en wethouders over een initiatief. Dit is nog geen officieel besluit, maar een voorlopig standpunt over haalbaarheid en wenselijkheid van een initiatief.
|
|
|
2.1.4
|
(vervallen)
|
|
|
2.1.5
|
In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan:
|
|
|
|
de bouwkosten die worden bepaald op basis van de normkostentabel ‘Basisbedragen bouwleges 2026 Gelderland uitgave vierde kwartaal’ van Casadata, en de ‘aanvullende tabel ‘normkosten kleinere bouwwerken 2025’ welke als bijlagen bij deze verordening zijn opgenomen. Hier wordt in de tabellen bouwkosten voor de legeskosten voor alle gebouwen uitgezonderd woonvoorzieningen, uitgegaan van een standaard uitvoeringsniveau. Voor woonvoorzieningen wordt het afwerkingsniveau hoogwaardig toegepast. Voor alle uitvoeringsniveaus geldt het Besluit bouwwerken leefomgeving.
|
|
|
|
Indien in genoemde tabellen de normkosten zowel op basis van het aantal m2 als op grond van het aantal m3 kan worden bepaald, dan wordt bij de berekening het normbedrag op basis van het aantal m3 aangehouden.
|
|
|
|
Indien in de normkostentabellen als voornoemd voor een bepaalde categorie bouwwerken geen normatieve bouwkosten zijn opgenomen, wordt onder bouwkosten verstaan:
|
|
|
|
de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van het Besluit vaststelling Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 UAV 2012; (Staatscourant 2012, 1567), voor het uit te voeren werk;
|
|
|
|
Voor zover een aannemingssom ontbreekt: een raming van de bouwkosten exclusief omzetbelasting als bedoeld in de laatste uitgave van het normblad NEN 2699 :
|
|
|
|
Met het voordeel van het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid wordt bij het bepalen van de bouwkosten geen rekening gehouden.
|
|
|
|
Bovenbedoeld normblad NEN 2699, normblad NEN 2580 en de normkostentabel ‘Basisbedragen bouwleges 2025 Gelderland uitgave vierde kwartaal’ van Casadata liggen conform artikel 13 juncto 14a van de Bekendmakingswet ter inzage bij de gemeente Beuningen, Van Heemstraweg 46, Beuningen
|
|
|
|
|
|
|
2.2
|
Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven
|
|
|
|
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
|
|
|
2.2.a
|
vooroverleg
|
|
|
2.2.b
|
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;
|
|
|
2.2.c
|
een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;
|
|
|
2.2.d
|
toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;
|
|
|
2.2.e
|
een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;
|
|
|
2.2.f
|
wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;
|
|
|
2.2.g
|
een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.
|
|
|
|
|
|
|
2.3
|
Bepalen tarief
|
|
|
2.3.1
|
De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende hoofdstukken van titel 2 van deze verordening.
|
|
|
2.3.2
|
Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.
|
|
|
2.3.3
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12.
|
|
|
2.3.4
|
Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13.
|
|
|
2.3.5
|
Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
|
|
2.3.6
|
In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.2
|
Voorfase
|
|
|
2.4
|
Vooroverleg
|
|
|
2.4.1
|
Als de aanvraag om vooroverleg betrekking heeft op de beoordeling van een plan, waarbij beoordeeld wordt of het past in het omgevingsplan, bedraagt het tarief:
|
€ 106,10
|
|
2.4.2
|
Als de aanvraag betrekking heeft op het verkrijgen van een ambtelijke indicatie of medewerking zal worden verleend aan een afwijking van het omgevingsplan, bedraagt het tarief:
|
|
|
2.4.2.a.
|
voor een eerste overleg bij het scanteam enkelvoudig beleidsaspect (intake):
|
€ 106,10
|
|
2.4.2.b
|
voor een eerste overleg bij het scanteam meervoudige beleidsaspecten (intake):
|
€ 424,35
|
|
2.4.2.c
|
voor elk volgend overleg scanteam, per overleg:
|
€ 265,25
|
|
2.4.2.d
|
Voor het eerste overleg bij de omgevingstafel:
|
€ 530,45
|
|
2.4.2.e
|
voor elk volgend overleg bij de omgevingstafel, per overleg:
|
€ 530,45
|
|
2.4.3
|
Indien de aanvrager na het verkrijgen van de ambtelijke indicatie als bedoeld in artikel 2.4 tweede lid, een aanvraag indient voor een bestuurlijke indicatie of een voorgenomen plan onder de Omgevingswet uitvoerbaar en/of vergunbaar is, wordt het bedrag uit lid 2 verhoogd met:
|
€ 424,36
|
|
2.4.4
|
Indien een aanvraag om vooroverleg betrekking heeft op de beoordeling of het plan in overeenstemming is met redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet, en hiertoe advies benodigd is van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie: het tarief dat aan de hand van de tarieventabel van het Gelders Genootschap 2026 is vastgesteld. Deze tarieventabel is als bijlage bij deze verordening opgenomen.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.3
|
Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
|
|
|
Artikel 2.5
|
Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)
|
|
|
2.5.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.5.1.a
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 0 tot € 25.000:
|
1,27%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 103,00
|
|
2.5.1.b
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 25.000 tot € 50.000:
|
1,26%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.5.1.c
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 200.000:
|
1,24%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.5.1.d
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 200.000 tot € 2.500.000:
|
1,21%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.5.1.e
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 2.500.000:
|
1,24%
|
|
|
van de bouwkosten, met een maximum van:
|
€ 200.000,00
|
|
|
|
|
|
Artikel 2.6
|
Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel)
|
|
|
2.6.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het te bouwen bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.6.1.a
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 0 tot € 25.000:
|
2,16%
|
|
|
van de bouwkosten, met een minimum van:
|
€ 187,00
|
|
2.6.1.b
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 25.000 tot € 50.000:
|
2,14%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.6.1.c
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 50.000 tot € 200.000:
|
2,11%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.6.1.d
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 200.000 tot € 2.500.000:
|
2,05%
|
|
|
van de bouwkosten;
|
|
|
2.6.1.e
|
over het deel van de bouwkosten vanaf € 2.500.000:
|
2,09%
|
|
|
van de bouwkosten, met een maximum van
|
€ 300.000,00
|
|
2.6.2
|
Als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde wijziging van het omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- en dorpsgezicht, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met:
|
€ 233,40
|
|
2.6.3
|
als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met een binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met:
|
€ 530,45
|
|
2.6.4
|
als moet worden beoordeeld of de activiteit kan worden toegestaan via een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met:
|
|
|
2.6.4.a
|
indien dit een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft die voldoet aan de definitie van bijlage 1 (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit):
|
€ 530,45
|
|
2.6.4.b
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, anders dan artikel 2.6 lid 4, onderdeel a:
|
€ 4.880,00
|
|
|
|
|
|
2.6.5
|
als moet worden beoordeeld of de activiteit niet in strijd is met een binnenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 22.280 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan (oude binnenplanse afwijking Wro), wordt het bedrag in artikel 2.6 lid 1 verhoogd met:
|
€ 185,65
|
|
|
|
|
|
2.7
|
Omgevingsplanactiviteit: Slopen van een bouwwerk
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
a.
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit
|
€ 159,15
|
|
b.
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit
|
€ 530,45
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.4
|
Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
2.8
|
Omgevingsplanactiviteit: monumenten
|
|
|
2.8.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd gemeentelijk monument of voorbeschermd provinciaal monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.8.1.a
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van artikel 14 van de Erfgoedverordening Beuningen 2023 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit:
|
|
|
2.8.1.a.1
|
voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 127,30
|
|
2.8.1.a.2
|
voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 127,30
|
|
2.8.1.b
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
2.8.1.b.1
|
voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 127,30
|
|
2.8.1.b.2
|
voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 127,30
|
|
2.8.2
|
Als de in het eerste lid bedoelde aanvraag een archeologisch monument betreft, worden de in het eerste lid genoemde tarieven verhoogd met:
|
€ 297,05
|
|
2.8.3
|
Het eerste lid, aanhef en onder a, en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning met betrekking tot een monument of archeologisch monument dat op grond van de Erfgoedverordening Beuningen 2023 is aangewezen respectievelijk waarop, voordat het is aangewezen, die verordening van overeenkomstige toepassing is. De vorige volzin is van toepassing:
|
|
|
2.8.3.a
|
als het gaat om een aangewezen monument of archeologisch monument: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven; en
|
|
|
2.8.3.b
|
als het gaat om een monument of archeologisch monument waarop voordat het is aangewezen de verordening van overeenkomstige toepassing is: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven of het omgevingsplan nog geen voorbeschermingsregel bevat vanwege het voornemen om die functie-aanduiding te geven.
|
|
|
|
|
|
|
2.9
|
Rijksmonumentenactiviteit
|
|
|
2.9.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.9.1.a
|
voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:
|
€ 127,30
|
|
2.9.1.b
|
voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:
|
€ 127,30
|
|
|
|
|
|
2.10
|
Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.11
|
Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.5
|
Milieubelastende activiteiten
|
|
|
2.12
|
Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 2.147,25
|
|
|
|
|
|
2.13
|
Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.13.a
|
voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.147,25
|
|
2.13.b
|
voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.13.c
|
voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit
|
€ 1.273,10
|
|
|
|
|
|
2.14
|
Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.14.a
|
voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.147,25
|
|
2.14.b
|
voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.14.c
|
voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.273,10
|
|
|
|
|
|
2.15
|
Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector afvalbeheer als bedoeld in de paragrafen 3.5.1, 3.5.4, 3.5.7, 3.5.8 en 3.5.11 van afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.15.a
|
voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.147,25
|
|
2.15.b
|
voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.15.c
|
voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.273,10
|
|
|
|
|
|
2.16
|
Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de agrarische sector als bedoeld in de paragrafen 3.6.1, 3.6.7 en 3.6.8 van afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.16.a
|
voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.147,25
|
|
2.16.b
|
voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.16.c
|
voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.273,10
|
|
|
|
|
|
2.17
|
Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 2.147,25
|
|
|
|
|
|
2.18
|
Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit activiteiten leefomgeving)
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3.8.2, 3.8.3, 3.8.5, 3.8.6, 3.8.8 tot en met 3.8.11 van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.18.a
|
voor één milieubelastende activiteit:
|
€ 2.147,25
|
|
2.18.b
|
voor twee milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.18.c
|
voor drie of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.273,10
|
|
|
|
|
|
2.19
|
Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector sport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 2.147,25
|
|
|
|
|
|
2.20
|
Samenloop van milieubelastende activiteiten
|
|
|
2.20.1
|
Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast.
|
|
|
2.20.2
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in dit hoofdstuk, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.6
|
Lozingsactiviteiten
|
|
|
2.21
|
Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.22
|
Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.7
|
Aanlegactiviteiten
|
|
|
2.23
|
Omgevingsplanactiviteit: opbreken en graven
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.24
|
Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.25
|
Omgevingsplanactiviteit: geluid weg
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.26
|
Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 503,95
|
|
|
|
|
|
2.27
|
Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 238,70
|
|
|
|
|
|
2.28
|
Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten
|
|
|
2.28.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van dit hoofdstuk is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.28.1.a
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 344,80
|
|
2.28.1.b
|
en als moet worden beoordeeld of de in het tijdelijke deel van het omgevingsplan bedoelde aanlegactiviteit niet in strijd is met het in voorbereiding zijnde omgevingsplan respectievelijk het in voorbereiding zijnde omgevingsplan dat voorziet in de bescherming van het stads- of dorpsgezicht, als bedoeld in artikel 22.278, tweede lid, van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, verhoogd met:
|
€ 106,10
|
|
2.28.1.c
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 344,80
|
|
2.28.1.d
|
voor een binnenplanse omgevingsactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:
|
€ 344,80
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.8
|
Overige activiteiten
|
|
|
2.29
|
Omgevingsplanactiviteit: alarminstallatie
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.30
|
Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.31
|
Omgevingsplanactiviteit: reclame
|
|
|
2.31
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, als bedoeld in artikel 4:15 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, en als niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in hoofdstuk 2.3, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 132,60
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
2.32
|
Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken / objecten plaatsen op de weg
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.33
|
Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.34
|
Andere activiteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in dit hoofdstuk en voorgaande hoofdstukken van deze titel bedoeld en die activiteit:
|
|
|
2.34.1
|
betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
€ 185,65
|
|
2.34.2
|
betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
|
|
|
2.34.2.a
|
voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 22.280 van tijdelijk deel van het omgevingsplan (oude binnenplanse afwijking Wro):
|
€ 185,65
|
|
2.34.2.b
|
voor een andere binnenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 185,65
|
|
2.34.2.c
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
|
|
2.34.2.c.1
|
indien dit een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft die voldoet aan de definitie van bijlage 1 (kleine buitenplanse omgevingsplanactiviteit):
|
€ 530,45
|
|
2.34.2.c.2
|
voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, anders dan artikel 2.34 lid 2, onderdeel b onder 1:
|
€ 4.880,15
|
|
2.34.2.c.3
|
voor een in een gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit aangewezen vergunningplichtige activiteit:
|
€ 177,00
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.9
|
Maatwerkvoorschriften
|
|
|
2.35
|
Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief:
|
|
|
2.35.a
|
voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:
|
|
|
1.
|
het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
2.
|
bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
3.
|
het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of
|
|
|
4.
|
het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;
|
|
|
|
per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.366,45
|
|
2.35.b
|
in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.366,45
|
|
|
|
|
|
2.36
|
Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:
|
|
|
2.36.1
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:
|
|
|
2.36.1.a
|
een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.366,45
|
|
2.36.1.b
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit:
|
€ 1.366,45
|
|
|
|
|
|
2.37
|
Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten
|
|
|
|
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:
|
€ 1.366,45
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.10
|
Gelijkwaardigheid
|
|
|
2.38
|
Gelijkwaardige maatregel
|
|
|
|
Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:
|
|
|
|
1. een bouwactiviteit
|
|
|
|
2. een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed
|
|
|
|
3. een milieubelastende activiteit
|
|
|
|
4. een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c,
|
|
|
|
bedraagt het tarief:
|
€ 1.366,45
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.11
|
Overige tarieven
|
|
|
2.39
|
Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:
|
€ 238,70
|
|
|
|
|
|
2.40
|
Wijzigen omgevingsvergunning
|
|
|
2.40.a
|
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een omgevingsvergunning , niet zijnde een geringe wijziging zoals bedoeld onder 2.40 onderdeel b., is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.
|
|
|
2.40.b
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:
|
€ 238,70
|
|
|
|
|
|
2.41
|
Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:
|
€ 1.268,85
|
|
|
|
|
|
2.42
|
Intrekken omgevingsvergunning
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.43
|
Beoordeling aanvullende gegevens
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
2.44
|
Beoordeling onderzoeksrapporten
|
|
|
|
De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
|
|
|
|
|
|
|
2.45
|
Wijzigen van het omgevingsplan
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan:
|
€ 9,017,65
|
|
|
|
|
|
2.46
|
Niet genoemd besluit op aanvraag
|
|
|
|
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan
|
€ 265,25
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.12
|
Modaliteiten
|
|
|
2.47
|
Achteraf ingediende aanvraag
|
|
|
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met:
|
10%
|
|
|
|
|
|
2.48
|
Uitgebreide voorbereidingsprocedure
|
|
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
|
|
|
2.48.a
|
als sprake is van een milieubelastende activiteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.48.b
|
als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
|
€ 1.591,35
|
|
2.48.c
|
als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b:
|
€ 1.591,35
|
|
|
|
|
|
2.49
|
Beoordeling onderzoeksrapporten
|
|
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld:
|
|
|
2.49.a
|
voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:
|
€ 424,35
|
|
2.49.b
|
voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:
|
€ 424,35
|
|
2.49.c
|
voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting:
|
€ 424,35
|
|
2.49.d
|
voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:
|
€ 424,35
|
|
2.49.e
|
voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport:
|
€ 424,35
|
|
2.49.f
|
voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):
|
€ 424,35
|
|
2.49.g
|
voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:
|
€ 424,35
|
|
|
|
|
|
2.50
|
Advies
|
|
|
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
|
|
|
2.50.1
|
voor een advies van de gemeenteraad:
|
€ 530,45
|
|
2.50.2
|
voor een advies van de gemeentelijke adviescommissie als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Beuningen dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: het tarief dat aan de hand van de tarieventabel van het Gelders Genootschap 2026 is vastgesteld. Deze tarieventabel is als bijlage bij deze verordening opgenomen.
|
|
|
2.50.3
|
voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de leden 1 en 2: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.
|
|
|
2.50.4
|
Als een begroting als bedoeld in het derde lid, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
2.51
|
Instemming
|
|
|
2.51.1
|
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:
|
|
|
2.51.1.a
|
als de gemeenteraad moet besluiten over de instemming:
|
€ 371,30
|
|
2.51.1.b
|
als een ander bestuursorgaan moet besluiten over de instemming: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn
|
|
|
|
Het bedrag bedoeld in het eerste lid, onder b, wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.13
|
Vermindering
|
|
|
2.52
|
Vermindering na vooroverleg
|
|
|
2.52.1
|
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt:
|
100%
|
|
|
van de voor het vooroverleg geheven leges, als bedoeld in artikel 2.4, eerste en tweede lid.
|
|
|
|
En indien van toepassing, tevens:
|
100%
|
|
|
Van de voor de principebeslissing geheven leges als bedoeld in artikel 2.4 derde lid.
|
|
|
|
En indien van toepassing, tevens:
|
100%
|
|
|
Van de ingevolge artikel 2.4 lid 4 voor welstand geheven leges.
|
|
|
2.52.2
|
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan:
|
|
|
|
'- voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het vooroverleg betrekking had;
|
|
|
|
'- in overeenstemming met de uitkomsten van het vooroverleg; en
|
|
|
|
binnen 12 maanden na het laatste vooroverleg of, als het vooroverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving
|
|
|
2.52.3
|
Indien de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, minder bedragen dan de leges die verschuldigd zijn voor de aanvraag om een vooroverleg als in lid 1 bedoeld, dan bedraagt de vermindering ten hoogste het bedrag van de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8.
|
|
|
|
(De vermindering als bedoeld in dit artikel kan dus nooit leiden tot een teruggave van leges.)
|
|
|
2.52.4
|
Onder een aanvraag om vooroverleg als bedoeld in dit artikel moet tevens worden verstaan: een aanvraag tot vooroverleg/beoordeling van een conceptaanvraag die is ingediend vóór 1 januari 2024. De voorgaande leden zijn hierop van overeenkomstige toepassing.
|
|
|
|
|
|
|
2.53
|
Vermindering bij meervoudige aanvraag
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|
|
|
|
|
|
Paragraaf 2.14
|
Teruggaaf
|
|
|
2.54
|
Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig
|
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag om een vooroverleg of een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
100%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
|
|
|
|
|
|
|
2.55
|
Teruggaaf als aanvraag of vooroverleg verder buiten behandeling wordt gelaten
|
|
|
|
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:
|
50%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
|
|
|
|
|
|
|
2.56
|
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag, vooroverleg, omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure
|
|
|
|
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
|
|
2.56.a
|
bij gehele of gedeeltelijke intrekking van de aanvraag:
|
50%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;
|
|
|
|
|
|
|
2.57
|
Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag vooroverleg, omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure
|
|
|
|
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
|
|
2.57.a
|
bij gehele of gedeeltelijke intrekking van de aanvraag:
|
50%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;
|
|
|
|
|
|
|
2.58
|
Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning
|
|
|
|
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat er geen aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.
|
|
|
|
|
|
|
2.59
|
Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, een milieubelastende activiteit of een activiteit als bedoeld in artikel 2.6
|
|
|
2.59.a
|
Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit, een milieubelastende activiteit of een activiteit als bedoeld in artikel 2.6 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
|
50%
|
|
|
van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges.
|
|
|
2.59.b
|
Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.
|
|
|
|
|
|
|
2.60
|
Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten
|
|
|
|
In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.
|
|
|
|
|
|
|
2.61
|
Minimumbedrag voor teruggaaf
|
|
|
|
Gereserveerd
|
|