Gemeenteblad van Haarlemmermeer
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlemmermeer | Gemeenteblad 2026, 42679 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlemmermeer | Gemeenteblad 2026, 42679 | beleidsregel |
Beleidsregel begrotingssubsidies gemeente Haarlemmermeer 2026
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer;
gelet op artikel 4:23 derde lid, onder c en artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Haarlemmermeer 2024;
overwegende dat het wenselijk is om beleidsregels vast te stellen over de verstrekking van subsidies op grond van artikel 4:23 derde lid, onder c van de Algemene wet bestuursrecht;
vast te stellen de ‘Beleidsregel begrotingssubsidies gemeente Haarlemmermeer 2026’:
Het college kan ook op grond van of tezamen met andere dan de in het tweede lid genoemde criteria tot het oordeel komen dat bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat sprake is van slechts één gegadigde voor de subsidie, voor zover die criteria objectief, toetsbaar en redelijk zijn.
Aldus vastgesteld op 20 januari 2026
Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer,
de secretaris,
Hermineke van Bockxmeer
de burgemeester van de gemeente Haarlemmermeer,
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Op 23 juli 2025 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat bij het verstrekken van (schaarse) begrotingssubsidies in beginsel mededingingsruimte moet worden geboden (ECLI:NL:RVS:2025:3399). De subsidieverstrekker kan de mededingingsruimte wel beperken: als bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de subsidie kan de subsidieverstrekker een begrotingssubsidie aan deze serieuze gegadigde verstrekken. Ten behoeve van het bieden van mededingingsruimte moet de subsidieverstrekker zijn voornemen daartoe dan wel minimaal acht weken van te voren bekendmaken, zodat een ieder daarvan kennis kan nemen. Daarbij moet de subsidieverstrekker deugdelijk motiveren waarom er slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de subsidie op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria. Deze regel strekt ertoe om belanghebbenden bij de subsidieverstrekking, die menen dat zij volgens de gestelde criteria in aanmerking kunnen komen voor de subsidie, de mogelijkheid te bieden om te betwisten dat er één serieuze gegadigde is of om te betwisten dat de gestelde criteria aan de daaraan te stellen eisen voldoen, aldus de uitspraak.
Met deze beleidsregel wordt invulling gegeven aan de uitspraak. Daartoe wordt bepaald op grond van welke redelijke, objectieve en toetsbare criteria het college tot het oordeel kan komen dat er slechts één serieuze gegadigde is voor een subsidie. Daarnaast worden regels gesteld over de inhoud van het voornemen en het tijdstip en de wijze van bekendmaking.
De beleidsregel is uitsluitend van toepassing op subsidies die verstrekt worden op grond van artikel 23, derde lid aanhef en onder c van de Awb, de zogenoemde ‘begrotingssubsidies’.
Uit het eerste lid volgt dat een begrotingssubsidie verstrekt kan worden als bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de subsidie. In het tweede lid staan de redelijke, objectieve en toetsbare criteria op basis waarvan het college tot dat oordeel kan komen.
Met betrekking tot de benodigde financiële bekwaamheden en draagkracht (tweede lid, onder c, i) kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de situatie waarin er maar één gegadigde is die beschikt over de capaciteiten om de subsidiemiddelen op een verantwoorde manier te beheren en op behoorlijke wijze rekening en verantwoording af te leggen over de besteding van de subsidiegelden. Ook kan gedacht worden aan de situatie dat er naast de enige serieuze gegadigde een andere gegadigde is, maar deze verkeert in staat van faillissement of surseance van betaling.
Met betrekking tot de noodzakelijke governance-structuur (tweede lid, onder c, vi) kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de inbedding van een organisatie in een geheel van instellingen die noodzakelijk geacht wordt voor het uitvoeren van de activiteiten.
Bij een marktverkenning (tweede lid, onder d) kan gedacht worden aan het uitvoeren van een onderzoek op basis van bureauonderzoek of veldonderzoek, bijvoorbeeld gesprekken met mogelijk geïnteresseerden.
Uit het derde lid volgt dat het college ook op grond van andere dan de in het tweede lid genoemde criteria tot het oordeel komen dat er maar één serieuze gegadigde is voor de subsidie. Ook die criteria moeten objectief, toetsbaar en redelijk zijn. Het college kan dit andere criterium of deze andere criteria hanteren in plaats van of tezamen met één of meer criteria genoemd in het tweede lid.
Het kan voorkomen dat een bestaande begrotingssubsidie beëindigd dient te worden omdat niet voldaan kan worden aan het bepaalde in deze beleidsregel. Voor zover op grond van artikel 4:51 Awb een redelijke termijn gehanteerd dient te worden, kan de subsidie nog (tijdelijk) verstrekt worden, zonder dat toepassing gegeven wordt aan artikel 2 tot en met 4.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-42679.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.