Gemeenteblad van Steenwijkerland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenwijkerland | Gemeenteblad 2026, 424999 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.
Officiële publicaties van de overheid.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenwijkerland | Gemeenteblad 2026, 424999 | beleidsregel |
Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Steenwijkerland tot wijziging van de Leidraad invordering gemeentelijke belastingen Steenwijkerland
De Leidraad invordering gemeentelijke belastingen Steenwijkerland van 5 april 2022, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 10 februari 2026, wordt als volgt gewijzigd:
Aan artikel 1.1.5 wordt, na de laatste zin, het volgende toegevoegd:
Dit betekent onder meer dat de beslistermijnen uit de AWB inclusief de mogelijkheden tot verlenging van toepassing zijn, tenzij de wet, de regeling of deze leidraad anders bepaalt.
Voor beschikkingen op aanvraag geldt daarom een termijn van acht weken, met de mogelijkheid hiervan af te wijken door een redelijke termijn te noemen (zie artikel 4:13, 4:14 en 4:15 Awb).
Voor het beslissen op bezwaarschriften geldt een verdagingstermijn van maximaal zes weken en de mogelijkheid tot verder uitstel in gezamenlijk overleg (artikel 7:10 Awb). Voor het beslissen op beroepschriften bij administratief beroep geldt een verdagingstermijn van maximaal zes weken en de mogelijkheid tot verder uitstel in gezamenlijk overleg (artikel 7:24 Awb).
Het uitgangspunt met betrekking tot de Awb-conforme werkwijze geldt niet voor de regeling inzake de dwangsom bij niet tijdig beslissen (artikel 4:17 Awb). Dit laatste betekent dat bij de uitvoering van de wet de dwangsom uitsluitend van toepassing is op de volgende gevallen:
Naast het zoveel mogelijk handelen in overeenstemming met de Awb moet de ontvanger bij zijn handelen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in acht nemen, ook als sprake is van privaatrechtelijke handelingen (beslag, executoriale verkoop en dergelijke).
Artikel 14.4.14 komt te luiden:
Als derdenbeslag onder de Belastingdienst wordt gelegd op een voorlopige teruggaaf, dan wordt rekening gehouden met de regeling van de beslagvrije voet.
Het bedrag dat ingevolge het gelegde beslag moet worden voldaan, wordt berekend uitgaande van het termijnbedrag van de voorlopige teruggaaf.
In artikel 25.1.3, onderdeel i, wordt, onder vervanging van de puntkomma aan het einde door een punt, een zin toegevoegd, luidende:
Er wordt in ieder geval vermoed sprake te zijn van structurele betalingsproblemen in het geval een eerder ingediend verzoek om uitstel van betaling in verband met betalingsproblemen is afgewezen, de schulden waar dat eerdere verzoek betrekking op had (gedeeltelijk) nog openstaan en er geen sprake is van andere feiten of veranderde omstandigheden zoals vermeld in artikel 25.7.5 van deze leidraad;
Na artikel 25.4.5 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
25.4.6 Verzoek voegen nieuwe schuld gedurende de behandeling van een verzoek
Wanneer de belastingschuldige gedurende de behandeling van een verzoek om uitstel in verband met betalingsproblemen een nieuw verzoek om uitstel van betaling indient dat betrekking heeft op nieuw opgekomen of op te komen fiscale verplichtingen, voegt de ontvanger dit verzoek samen met het eerdere verzoek en behandelt hij de verzoeken gezamenlijk.
Artikel 25.7.5 wordt als volgt gewijzigd:
Na de tweede alinea wordt een alinea ingevoegd, luidende:
Als gedurende de behandeling van het administratief beroep tegen de afwijzende beschikking op het eerdere verzoek om uitstel van betaling de belastingschuldige een nieuw verzoek om uitstel van betaling indient voor dezelfde belastingschuld, merkt de ontvanger het nieuwe verzoek om uitstel van betaling aan als aanvulling op het lopende beroep. Het college zal met inachtneming van het nieuwe verzoek om uitstel van betaling beslissen op het administratief beroep.
Artikel 26.3.4 wijzigt als volgt:
De tweede en derde zin in artikel 26.3.7 vervallen.
In artikel 26.3.8 wordt na laatste gedachtestreepje een nieuw gedachtestreepje toegevoegd, luidende:
Kleine crediteuren. Onder kleine crediteuren worden verstaan: crediteuren met een zogenoemde kleine vordering. Van een kleine vordering is sprake wanneer de inspanningen om die crediteuren individueel te betrekken bij het akkoord niet in verhouding staan tot het belang van de ontvanger. Er wordt vermoed sprake te zijn van een kleine vordering als de totale vordering van de betreffende crediteur ten hoogste € 500 bedraagt. Ook hogere vorderingen kunnen door de ontvanger onder omstandigheden als klein worden aangemerkt. Daarvan kan sprake zijn wanneer de ontvanger een redelijke grond aanwezig acht als bedoeld in artikel 384, vierde lid, onderdeel b, FW.
Artikel 26.4.2 wordt als volgt gewijzigd:
Na de tweede alinea wordt een alinea ingevoegd, luidende:
Als gedurende de behandeling van het administratief beroep tegen de afwijzende beschikking op het eerdere verzoek om kwijtschelding de belastingschuldige een nieuw verzoek om kwijtschelding indient voor dezelfde belastingschuld, merkt de ontvanger het nieuwe verzoek om kwijtschelding aan als aanvulling op het lopende beroep. Het college zal met inachtneming van het nieuwe verzoek om kwijtschelding beslissen op het administratief beroep.
Als voor een belastingaanslag ten name van een overledene niet meer tegen de gezamenlijke erfgenamen kan worden opgetreden, blijft invordering ten laste van een erfgenaam van wie minder dan € 49 moet worden ingevorderd achterwege, tenzij het de hoofdsom van de aanslag betreft. Er kan ook aanleiding bestaan een gering restbedrag op tactische gronden buiten invordering te laten.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-424999.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.