Gemeenteblad van Nieuwegein
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nieuwegein | Gemeenteblad 2026, 413075 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.
Officiële publicaties van de overheid.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Nieuwegein | Gemeenteblad 2026, 413075 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling Nieuwegein 2026
Burgemeester en wethouders van Nieuwegein
gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Nieuwegein 2026,
de subsidieregeling houdende regels over de activiteiten die in aanmerking kunnen komen voor subsidie, de aanduiding van subsidieplafonds, gereserveerde begrotingsbudgetten ten behoeve van subsidies, de verdeling van subsidies en de wijze van bevoorschotting.
Hoofdstuk 2 Financiële bepalingen
Artikel 10 Niet-subsidiabele kosten
De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking:
Artikel 14 Overgangsbepaling egalisatiereserve
Indien de egalisatiereserve bij inwerkingtreding van deze regeling meer bedraagt dan 15% van het laatst vastgestelde subsidiebedrag, wordt het meerdere niet teruggevorderd. Zolang de egalisatiereserve meer bedraagt dan 15%:
Op 31 december van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de subsidie wordt aangevraagd, bedraagt de omvang van de toegestane reserve die is gevormd uit verkregen middelen voor de activiteit of periodieke activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd, maximaal 30% van de begrote kosten van die activiteit.
Wanneer de subsidieaanvrager aantoont dat voor een bestendige uitvoering van de te subsidiëren activiteiten een reserve noodzakelijk is die hoger is dan de reserve als bedoeld in het tweede of derde lid, stelt het college bij beschikking de hoogte van de toegestane reserve vast op de aangetoonde noodzakelijke omvang.
Hoofdstuk 3 Specificatie Welzijn en Ondersteuning
Paragraaf 3.1 Algemene voorzieningen Wmo en Jeugdwet
Artikel 19 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Algemeen maatschappelijk werk zijnde: advisering, bemiddeling en psychosociale hulpverlening aan personen met problemen dan wel ondersteuningsvragen van maatschappelijke dan wel individuele aard tot een maximum van 8 gesprekken gericht op regie om het leven terug te krijgen, zonder hulp zelfstandig verder te kunnen, aanpak van ondersteuningsvragen door handvatten en vraagverheldering vorm te geven (zonder overname), normaliserende, krachtgerichte en oplossingsgerichte ondersteuning (zonder overname) die aanvullend en voorliggend is op begeleiding uit de Wmo;
Artikel 20 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt in aanvulling op artikel 3 voldaan aan de criteria in dit artikel.
Voor de activiteiten genoemd in artikel 19, onder i, n, o, q, r, u en w, zijn uitsluitend de basiscriteria als bedoeld in onderdeel 1 van toepassing. Op de overige activiteiten zijn zowel de basiscriteria als bedoeld in onderdeel 1 als de aanvullende criteria als bedoeld in onderdeel 2 van toepassing. Voor de activiteiten genoemd in artikel 19, onder u, v en w, gelden daarnaast de specifieke criteria als bedoeld in onderdeel 3.
Het college kan besluiten één of meer aanvullende criteria als bedoeld in onderdeel 2 buiten toepassing te laten voor activiteiten die worden uitgevoerd door een vrijwilligersorganisatie, indien de aard en omvang van de activiteit daartoe aanleiding geven en de kwaliteit van de uitvoering naar het oordeel van het college voldoende is geborgd.
Artikel 21 Aanvullende verplichtingen
Uiterlijk op 1 april in het jaar nadat de subsidieverlening heeft plaatsgevonden, dient de subsidieontvanger een inhoudelijke en financiële verantwoording in. Deze verantwoording, in één of meerdere pdf-documenten, bevat:
een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en welke concrete, meetbare resultaten met deze activiteiten zijn bereikt. In ieder geval wordt per activiteit een overzicht gegeven van het aantal Nieuwegeinse inwoners dat tijdens het gesubsidieerde tijdvak heeft deelgenomen;
Paragraaf 3.2 Armoedebestrijding
Artikel 24 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Hoofdstuk 4 Specificatie Kinderopvang en Onderwijs
In deze nadere regeling wordt verstaan onder:
Voorschoolse educatie: voorschoolse educatie (als onderdeel van voor- en vroegschoolse educatie (VVE)) voor kinderen vanaf 2,5 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin aan de hand van een VVE-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling, in een kindercentrum met een VE-registratie in het LRK.
VVE-indicatie: een indicatie die afgegeven wordt door de GGD, waarbij de GGD op basis van de gemeentelijke doelgroep definitie inschat dat er sprake is van een risico op een achterstand in één of meerdere domeinen van de ontwikkeling (taal, spel, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling) en die recht geeft op extra uren voorschoolse educatie;
Paragraaf 4.1 Peuteropvang en voorschoolse educatie
De doelstelling van deze subsidieregeling is om door middel van subsidieverstrekking te zorgen voor:
Subsidie kan worden aangevraagd door een aanbieder die voldoet aan de vereisten uit de Wet Kinderopvang en de hieruit voortvloeiende regelgeving.
Artikel 33 Zware doelgroep subsidie
De aanbieder kan voor locaties met gemiddeld meer dan 70% VE-peuters (van groep van 16) een beroep doen op een extra subsidie. Dit percentage betreft de verhouding op basis van unieke kinderen met en zonder VE-indicatie in de peilmaand juni van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar. De inzet van deze aanvullende middelen komt ten goede aan de kwaliteit van het aanbod van voorschoolse educatie op deze locatie en kan door de aanbieder naar eigen inzicht in worden gezet. Deze subsidie is gebaseerd op kosten per jaar voor de inzet van acht extra uren per week voor een pedagogisch medewerker. Het basissubsidiebedrag wordt in 2026 vastgesteld op € 13.990,40 per locatie, dit wordt jaarlijks geïndexeerd.
Artikel 35 Subsidie peuteropvang met voorschoolse educatie
De hoogte van de subsidie voor reguliere peuteropvang als bedoeld in artikel 32 onder 1A en 1B wordt als volgt berekend:
Artikel 36 Subsidie voorschoolse educatie
De hoogte van de subsidie voor voorschoolse educatie als bedoeld in artikel 32 onder 1C en 1D wordt als volgt berekend:
Artikel 37 Hoogte van de subsidie voor HBO-beleidsmedewerker VE
De hoogte van de subsidie voor een HBO-beleidsmedewerker als bedoeld in artikel 32 onder 2 wordt als volgt berekend:
Ten behoeve van de vaststelling van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage zorgt de aanbieder ervoor dat de ouder een ondertekende ‘verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag’ en een recente inkomensverklaring overlegt aan de aanbieder. De aanbieder verplicht de ouder wijzigingen in de inkomens- of gezinssituatie die van invloed zijn op de kinderopvangtoeslag per omgaande te melden bij de aanbieder. De aanbieder past het contract aan en verwerkt de wijzigingen in de verantwoording aan de gemeente.
Wanneer een verlaging van het inkomen zodanig is dat ouders in een lagere inkomenscategorie vallen, kunnen ouders een aanvraag tot herziening van de ouderbijdrage indienen bij de aanbieder. Hierbij dient de ouder de meest recente loongegevens, uitkeringsbeschikking of meest recente inkomensverklaring aan te leveren.
Paragraaf 4.2 Onderwijskansenbeleid
Artikel 42 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Artikel 43 Aanvullende verdeelregels
In aanvulling op het in artikel 4 bepaalde gelden de volgende verdeelregels:
Voor de activiteit als bedoeld in artikel 42 onder c is jaarlijks maximaal € 40.000 beschikbaar voor vervoer van/naar SBO de Evenaar en het Taalatelier Nieuwegein. Dit vervoer is alleen bestemd voor leerlingen die geen aanspraak kunnen of willen maken op de wettelijke regeling voor het leerlingenvervoer en die als gevolg van gezinsgebonden problematiek zonder georganiseerd vervoer niet naar school kunnen gaan;
In aanvulling op rijkssubsidies en overige inkomsten is voor voltijd schakelklassen in het primair onderwijs voor kinderen van statushouders maximaal €150.000 beschikbaar. Aanvrager vraagt deze subsidie uiterlijk 1 november van het lopende subsidiejaar aan wanneer zij een tekort op de begroting van de activiteit ervaren.
Paragraaf 4.3 Onderwijsvoorzieningen
Artikel 44 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Artikel 45 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt in aanvulling op het in artikel 3 bepaalde, voldaan aan het volgende aanvullende criterium: de subsidie voor de activiteit als bedoeld in artikel 44 onder c wordt verstrekt nadat een plan van aanpak is geaccordeerd door de werkgroep WEB van de regio Lekstroom.
Hoofdstuk 5 Specificatie Bibliotheekwerk
Artikel 50 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt in aanvulling op het in artikel 3 bepaalde, voldaan aan de volgende aanvullende criteria:
de bibliotheek zorgt voor realisatie en instandhouding van Informatiepunten Digitale Overheid, de promotie van deze informatiepunten bij inwoners van Nieuwegein en het voeren van regie over het netwerk van organisaties rond Informatiepunten Digitale Overheid die voor de inwoners van Nieuwegein relevant zijn.
Hoofdstuk 6 Specificatie Theater en Cultuur
Paragraaf 6.1 Theater en kunstencentrum
Artikel 52 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Artikel 54 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Paragraaf 6.3 Culturele initiatieven
Vrijwilligersinzet: aantoonbare inzet van vrijwilligers bij de uitvoering van een activiteit, gewaardeerd op € 10 per uur. Onder vrijwilligersinzet worden uitsluitend uitvoerende werkzaamheden verstaan die direct bijdragen aan de realisatie van de activiteit, zoals publieksbegeleiding, opbouw en afbouw, ondersteuning bij licht en techniek, communicatie en logistiek.
Artikel 57 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen zijn culturele activiteiten van verenigingen, collectieven en stichtingen met een culturele doelstelling en statutaire vestiging in de gemeente Nieuwegein, die een bijdrage leveren aan sociale binding in de gemeente. Een aanvraag kan meerdere culturele activiteiten omvatten.
Artikel 58 Aanvullende subsidiecriteria
Artikel 59 Aanvullende verdeelregels
Voor activiteiten als bedoeld in artikel 57 eerste lid gelden de volgende verdeelregels:
een organisatie kan jaarlijks twee aanvragen indienen, mits het totaal aan toegekende subsidie per kalenderjaar niet meer bedraagt dan €30.000. Binnen dit maximum is het toegestaan om meerdere activiteiten te combineren in één aanvraag. Een derde aanvraag is mogelijk bij aantoonbare impact op lokaal niveau en een breed en gevarieerd publieksbereik binnen de gemeente of directe omgeving, mits goed onderbouwd in het activiteitenplan.
Vrijwilligersinzet mag worden opgevoerd als onderdeel van de vereiste eigen bijdrage, gewaardeerd op € 10 per uur, mits aantoonbaar en gespecificeerd in het activiteitenplan.
De totale waarde van vrijwilligersinzet mag niet meer dan 25%, zijnde een vierde deel, van de vereiste eigen bijdrage van 30% bedragen. Voor de berekening van de maximale subsidie en de vereiste eigen bijdrage tellen zowel de opgevoerde kosten als de geldelijke waarde van de toegestane vrijwilligersinzet mee.
Vrijwilligersinzet betreft uitsluitend uitvoerende werkzaamheden. Deelname aan vergaderingen, beleidsvorming en bestuursactiviteiten zijn uitgesloten van deze berekening.
Artikel 64 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die bijdragen aan de zichtbaarheid, kenbaarheid, de (digitale) toegankelijkheid en/of beleefbaarheid van het erfgoed van Nieuwegein.
Artikel 65 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie als bedoeld in artikel 64 in aanmerking te komen wordt, in aanvulling op het in artikel 3 bepaalde, voldaan aan de volgende aanvullende criteria:
Hoofdstuk 7 Specificatie Sport en Bewegen
Artikel 69 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Artikel 70 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt in aanvulling op het in artikel 3 bepaalde, voldaan aan de volgende aanvullende criteria:
Hoofdstuk 8 Specificatie Overige Subsidies
Paragraaf 8.3 Voet- en fietsveer
Artikel 76 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
Artikel 79 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn activiteiten die een veilige en aantrekkelijke omgeving bevorderen en sociale contacten tussen buurtbewoners stimuleren, door of met ondersteuning van de wijkplatforms.
Hoofdstuk 9 Recreatieve activering
Met deze subsidieregels wordt beoogd dat alle inwoners van Nieuwegein met een ondersteuningsbehoefte, zo lang dat wenselijk en mogelijk is, laagdrempelig terecht kunnen in hun omgeving voor activiteiten die bij hen passen en die:
Artikel 87 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn:
inwoners worden geacht zoveel als mogelijk zelf of met behulp van hun netwerk vorm te geven aan vervoer naar de locatie. Indien dit voor deelnemers geen passende optie is kan de aanbieder van recreatieve activering dit op voorhand onderbouwen en vraagt een budget aan voor georganiseerd vervoer binnen de subsidieaanvraag.
Artikel 88 Aanvullende subsidiecriteria
Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt in aanvulling op het in artikel 3 bepaalde, voldaan aan de volgende aanvullende criteria:
er wordt door de aanbieder vormgegeven aan de wijze waarop zij huidige en nieuwe deelnemers begeleidt naar de activiteiten en hen in beeld houdt. De aanbieder verzorgt een intake in de vorm van een kennismaking waarbij de ondersteunings- en begeleidingsbehoefte van de inwoner op hoofdlijnen wordt achterhaald en registreert de gegevens van de inwoner zodat contact met hen opgenomen kan worden indien dit nodig is;
voor de recreatieve activering wordt, anders dan bij de maatwerkvoorziening dagbestedingplus of arbeidsmatige activering ontwikkeling niet gewerkt met een tarief per dagdeel. De kosten moeten redelijkerwijs in verhouding liggen met de werkelijkheid en in ieder geval niet hoger zijn dan de recreatieve dagbesteding.
Artikel 89 Aanvullende verdeelregels
Voor het verdelen van subsidie gelden, in aanvulling op het in artikel 4 bepaalde, de volgende aanvullende verdeelregels:
Hoofdstuk 10 Stabiliserende Arbeidsactivering
Stabiliserende Arbeidsactivering: het aanbieden van begeleide arbeidsmatige activiteiten aan inwoners die door instabiliteit in hun persoonlijke situatie nog niet in staat zijn zelfstandig deel te nemen aan werk, opleiding of andere vormen van maatschappelijke participatie, gericht op het vergroten van stabiliteit en participatie.
De Stabiliserende Arbeidsactivering is voorliggende op de maatwerkvoorziening Arbeidsmatige Activering Ontwikkeling.
Artikel 96 Subsidiabele activiteiten
Voor subsidie komen in aanmerking activiteiten die gericht zijn op stabiliserende arbeidsactivering, waaronder:
Om voor subsidie in aanmerking te komen voldoet de aanvrager aan de volgende criteria:
Hoofdstuk 11 Overige bepalingen
Aanvragen en bezwaar (en beroepsschriften) voor Recreatieve activering (hoofdstuk 9) die zijn ingediend op grond van de Subsidieregeling Recreatieve activering 2021 en waarop nog niet is beslist bij op het moment van intrekken van de Subsidieregeling Recreatieve activering 2021, worden afgehandeld krachtens de Subsidieregeling Recreatieve activering 2021.
Met vriendelijke groet,
burgemeester en wethouders,
Ellie Liebregts
secretaris
Marijke van Beukering-Huijbregts
burgemeester
Bijlage 1 bij Subsidieregeling Nieuwegein 2026: Subsidieplafonds 2026
Bijlage 2 bij Subsidieregeling Nieuwegein 2026: Subsidieplafonds 2027
|
Armoedebestrijding, activiteiten zoals vermeld in artikel 12 onder d |
|||
|
Sport en bewegen, activiteiten zoals vermeld in artikel 34 onder b, c, d, e, f, g, h en i |
|||
Bijlage 3 bij Subsidieregeling Nieuwegein 2026: Beoordelingskader behorende bij de activiteiten Recreatieve activering (hoofdstuk 9) en Stabiliserende Arbeidsactivering (hoofdstuk 10)
Met betrekking tot de verdeling van het beschikbare budget gelden de volgende bepalingen:
Bij elk criterium wordt een onderscheid gemaakt tussen de score ‘goed’, ‘voldoende’ en ‘onvoldoende’. Het aantal punten is afhankelijk van het belang van het criterium. Bij een aantal criteria is alleen een keuze tussen 2 categorieën toepasbaar. Zo is onvoldoende geen optie als het criterium raakt aan een subsidiecriteria, zoals omschreven in de subsidieregeling. Daarnaast is er in een aantal gevallen alleen onderscheid mogelijk tussen ‘voldoende’ of ‘onvoldoende’.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-413075.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.