Stuiting vorderingsrechten op M. Khrewish

 

Van 1 juli 2020 tot en met 26 februari 2026 heeft de gemeente Barendrecht aan M. Khrewish, geboren op 4 oktober 1998, een bijstandsuitkering verstrekt. De uitkering is met ingang van 27 februari 2026 beëindigd/ingetrokken, omdat belanghebbende vanaf die datum niet langer zijn woon- of verblijfplaats in de gemeente Barendrecht had.

Belanghebbende heeft thans geen bekende woon- of verblijfplaats in Nederland of daarbuiten en staat sinds 27 februari 2026 geregistreerd in de Registratie Niet-Ingezetenen (RNI).

Bij besluit van 17 april 2026 heeft de gemeente Barendrecht de over de periode van 27 februari 2026 tot en met 31 maart 2026 teveel verstrekte bijstandsuitkering teruggevorderd tot een bedrag van € 1.426,52 netto. Van dit bedrag is € 701,48 aan gereserveerd vakantiegeld ingehouden en verrekend. Hierdoor bedraagt de resterende vordering € 725,04 netto.

Hierbij deelt de gemeente Barendrecht mede dat zij, op grond van de artikelen 3:316 en 3:317 van het Burgerlijk Wetboek, de verjaring van haar vordering op M. Khrewish stuit. De stuiting heeft betrekking op de resterende vordering van € 725,04 netto.

Omdat belanghebbende naar een onbekende woon- of verblijfplaats is vertrokken en geen andere wijze van correspondentie mogelijk is, wordt deze mededeling gepubliceerd in de Staatscourant.

 

 

Barendrecht, 26 augustus 2026

Namens deze,

mevrouw R. van der Sloot

Medewerker Terugvordering en Verhaal

Naar boven