Gemeenteblad van Oldebroek
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Oldebroek | Gemeenteblad 2026, 403987 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Oldebroek | Gemeenteblad 2026, 403987 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Oldebroek 2026
De raad van de gemeente Oldebroek;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 31 maart 2026,
gelet op artikel 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, artikel 3.1.4a, eerste lid, 3.1.8, eerste lid, 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.4.1, eerste lid, en 3.4.2 en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;
gezien het advies van de werkgeverscommissie;
overwegende dat het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is gewijzigd;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Oldebroek 2026.
Artikel 1 Vergoeding voor de werkzaamheden van raadsleden
Van de vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, wordt maximaal 20% uitgekeerd op basis van het aantal bijgewoonde raadsvergaderingen ten opzichte van het aantal gehouden vergaderingen.
Artikel 2. Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie
Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet ontvangt een maandelijkse toelage zolang de commissie actief is. De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.)
Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ontvangt een maandelijkse toelage van maximaal 20% procent van het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, zolang de commissie actief is.
Raadsleden die roulerend voorzitter zijn in één commissie als bedoeld in artikel 3.1.4a, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, ontvangen ieder een maandelijkse toelage van maximaal 10% procent van het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, per persoon, zolang de commissie actief is.
Artikel 3. Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) voor het bijwonen van commissievergaderingen i.v.m. bijzondere deskundigheid of zwaarte taak
Een commissielid krijgt een verhoogde vergoeding van 10% bovenop de vergoeding van artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, als de vergoeding van artikel 3.4.1, eerste lid niet redelijk wordt geacht ten opzichte van de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de werkzaamheden.
Artikel 4. Niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden
Een raads- of commissielid dat een vergoeding wil ontvangen in verband met het deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing voor de uitvoering van zijn functie, zoals bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daarvoor vooraf een gemotiveerd verzoek in bij de werkgeverscommissie of het Presidium via de griffier.
Bij dit verzoek worden documenten (papier of digitaal) met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen
Een raads- of commissielid tekent, zolang hij actief is in zijn functie, een bruikleenovereenkomst voor de informatie- en communicatievoorzieningen die ter beschikking zijn gesteld. Het gaat hier om de informatie- en communicatievoorzieningen zoals bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
Artikel 6. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 7. Betaling vaste vergoedingen
De betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers vindt periodiek plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering, tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-403987.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.