Verkeersbesluit voor het instellen van een algemene gehandicaptenparkeerplaats aan Karel de Grotelaan te Vlaardingen

1100042

vastgesteld hebbend, dat de bestuurlijke bevoegdheid hiertoe op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 bij het College van Burgemeester en Wethouders ligt, omdat dit verkeersbesluit betrekking heeft op een weg of gedeelte daarvan, zoals genoemd in artikel 1, eerste lid, onder b, van die wet, die onder het beheer van noch het Rijk, noch de provincie, noch het waterschap valt en is gelegen in de gemeente Vlaardingen;

gezien het Mandaatbesluit Ambtenaren 2021 en het Ondermandaatbesluit Ambtenaren 2021;

gelezen het advies van de politie d.d. 19 augustus 2026, die met dit besluit instemt en waarmee tevens is voldaan aan de verplichting als bedoeld in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;

overwegende dat op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

overwegende dat op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken;

gelet op artikel 37 van het BABW in verband met de tijdelijkheid van de maatregel welke naar verwachting langer gaat duren dan 4 maanden;

gelet op hetgeen ten aanzien hiervan overigens in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is bepaald, alsmede op de bepalingen ter zake van de Algemene wet bestuursrecht;

Het college van Burgemeester en Wethouders besluit:

  • 1.

    tot het instellen van één algemene gehandicaptenparkeerplaats aan de Karel de Grotelaan, aan de achterzijde van het perceel Jacoba van Beierenstraat 49, door plaatsing van verkeersbord E6 zoals bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • 2.

    te bepalen dat de onder 1 genoemde maatregel wordt uitgevoerd zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende situatietekening, d.d 19 augustus 2026;

  • 3.

    te bepalen dat dit verkeersbesluit in werking treedt op de dag van bekendmaking in het Gemeenteblad.

OVERWEGINGEN TEN AANZIEN VAN HET BESLUIT

Aanleiding en bestaande situatie:

  • dat de Karel de Grotelaan is gelegen binnen de bebouwde kom van Vlaardingen;

  • dat de Karel de Grotelaan een erftoegangsweg betreft waar een maximumsnelheid van 30 km/u geldt;

  • het Marnixpark aan de Marnixlaan recent is vernieuwd en opnieuw is ingericht;

  • dat het college bij de herinrichting van het Marnixpark aandacht heeft gevraagd voor de toegankelijkheid van het park;

  • dat in dit kader is onderzocht op welke locatie in de directe omgeving van het Marnixpark een algemene gehandicaptenparkeerplaats kan worden gerealiseerd;

  • dat hiervoor een geschikte locatie is gevonden aan de Karel de Grotelaan, aan de achterzijde van het perceel Jacoba van Beierenstraat 49;

  • dat ter plaatse in de huidige situatie langs de rijbaan wordt geparkeerd en geen afzonderlijk gemarkeerde parkeervakken aanwezig zijn;

  • dat vanaf de beoogde locatie het Marnixpark goed bereikbaar is;

  • dat het wenselijk is op deze locatie een algemene gehandicaptenparkeerplaats in te stellen om de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het Marnixpark voor personen met een beperkte mobiliteit te verbeteren;

Verkeerskundige aspecten zijn:

  • dat het wenselijk is aan de Karel de Grotelaan, aan de achterzijde van het perceel Jacoba van Beierenstraat 49, één algemene gehandicaptenparkeerplaats in te stellen;

  • dat hierdoor in de directe omgeving van het Marnixpark een parkeerplaats beschikbaar komt voor houders van een gehandicaptenparkeerkaart;

  • dat hiermee de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het Marnixpark voor deze doelgroep wordt verbeterd;

  • dat de algemene gehandicaptenparkeerplaats wordt aangeduid door middel van verkeersbord E6 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • dat de betreffende parkeerplaats tevens door middel van markering op het wegdek als afzonderlijke parkeerplaats herkenbaar wordt gemaakt;

  • dat door het plaatsen van verkeersbord E6 in combinatie met de aangebrachte markering voor weggebruikers duidelijk en herkenbaar wordt gemaakt waar de algemene gehandicaptenparkeerplaats is gelegen;

  • dat met deze verkeersmaatregel wordt bijgedragen aan de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het Marnixpark;

Uit het oogpunt van:

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.

Is het gewenst om:

  • ter verbetering van de bereikbaarheid en toegankelijkheid van het Marnixpark één algemene gehandicaptenparkeerplaats in te stellen aan de Karel de Grotelaan, aan de achterzijde van het perceel Jacoba van Beierenstraat 49;

  • deze algemene gehandicaptenparkeerplaats aan te duiden door middel van verkeersbord E6 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en de parkeerplaats door middel van markering op het wegdek herkenbaar te maken, een en ander zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening.

Belangenafweging

  • bij de afweging van belangen gaat het om de verkeerskundige aspecten, in dit geval de verkeersveiligheid, het beschermen van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan, zoals geformuleerd in artikel 2, eerste lid sub a, b, c en d van de Wegenverkeerswet 1994;

  • er zijn geen individuele belangen in het geding die de positie van één of meer personen kunnen aantasten;

  • er zijn dan ook geen aanwijzingen dat er sprake is of kan zijn van belangen die strijdig zijn met de gewenste verkeersmaatregelen;

  • daarom kan bij het nemen van het besluit evenmin sprake zijn van onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Zorgvuldigheid

  • dat bij de voorbereiding van dit besluit dan ook gehandeld is overeenkomstig de zorgvuldigheid die op grond van artikel 3:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van besluiten als deze moet worden betracht;

  • dat met de vaststelling van dit besluit dan ook geen sprake is van een besluit met onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Vlaardingen,

Namens burgemeester en wethouders van Vlaardingen,

B. Huzen

Teammanager Beheer Openbare Ruimte

MEDEDELINGEN

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen ingevolge artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht tegen dit besluit binnen zes weken na bekendmaking daarvan, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen, onder vermelding van “bezwaarschrift verkeersbesluit”, Postbus 1002, 3130 EB Vlaardingen.

Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste bevatten:

naam en adres van belanghebbende;

de dagtekening;

een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt;

de gronden van het bezwaar;

een volmacht, indien het bezwaarschrift niet door de belanghebbende maar door een ander, namens hem, wordt ingediend.

Het maken van bezwaar schorst niet de werking van dit besluit (zie artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht).

De indiener van een bezwaarschrift kan ingevolge artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, als onverwijlde spoed dat – gelet op de betrokken belangen – vereist, eveneens een voorlopige voorziening (waaronder schorsing) vragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank te Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam.

Afschriften

Afschriften van dit verkeersbesluit zijn verzonden aan:

de politie.

Naar boven