Gemeenteblad van Almere
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Almere | Gemeenteblad 2026, 393705 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Almere | Gemeenteblad 2026, 393705 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening jeugdhulp gemeente Almere 2025 – Tijdelijke overbruggingsverordening jeugdhulp
De raad van de gemeente Almere,
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 27 mei 2025.;
gelet op de artikelen 2.9, 2.10, 2.12 en 8.1.1, derde lid, van de Jeugdwet;
besluit de Verordening jeugdhulp gemeente Almere 2025 – Tijdelijke overbruggingsverordening jeugdhulp vast te stellen.
Hoofdstuk 1 Wat staat er in de verordening en voor wie is het?
Artikel 1.1 Wat staat er in deze verordening?
Deze verordening bevat de regels van de gemeente Almere op grond van de Jeugdwet die de gemeenteraad heeft vastgesteld.
In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
Budgetplan of Pgb-plan: een document dat de jeugdige of de ouder invult. Hiermee geeft de jeugdige of ouder aan dat hij of zij jeugdhulp wil inkopen met een pgb. De gemeente zorgt voor een document dat de jeugdige of de ouder kan invullen. Het jeugdteam bepaalt vooraf wat er in het document moet komen;
eigen kracht: hetgeen binnen het eigen probleemoplossend vermogen van de (pleeg)ouder(s)/verzorger(s) of jeugdige zelf valt. Het kan gaan om gebruikelijke of boven gebruikelijke hulp of het aanspreken van een verzekering. De eigen kracht van (pleeg)ouder(s)/verzorger(s) wordt onderzocht en hierbij worden alle feiten en omstandigheden meegenomen;
informele aanbieder: dit is een aanbieder die niet-professionele hulp verleent vanuit het sociale netwerk of iemand die door de jeugdige en/ of ouder zelf is gezocht en gevonden. Er hoeft tussen de jeugdige en/ of ouder(s) en de hulpverlener geen bestaande relatie te zijn en de ondersteuning wordt niet verleend vanuit een hulpverlenend beroep;
team AnderS (TAS): brengt ambulant aanbod vanuit verschillende disciplines en organisaties samen. Het team biedt zorg die nodig is om een kind thuis te laten opgroeien of weer thuis te laten wonen. Team AnderS is erop gericht de zorg zo snel mogelijk weer terug te brengen in regulier beschikbare zorg en het voorkomen van uithuisplaatsingen.
toekenningsdatum: de ingangsdatum van een individuele voorziening is de datum van de toekenning (datum besluit), tenzij in de beschikking anders is bepaald en bijzondere omstandigheden van het geval daar aanleiding voor geven. De datum voor het daadwerkelijk leveren van de jeugdhulp wordt nader bepaald door de jeugdhulpaanbieder;
professional: een (jeugd)professional met een SKJ-registratie of een BIG-registratie. De SKJ-registratie blijkt uit de inschrijving in het kwaliteitsregister Jeugd. De BIG-registratie blijkt uit de inschrijving in een register zoals bedoeld is in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG);
vertegenwoordiger Pgb-zaken: een vertegenwoordiger die aangesteld is door de budgethouder en het Pgb-budget beheert én toezicht houdt op de kwaliteit van de geleverde zorg met een Pgb ingekochte ondersteuning/hulp. Een bewindvoerder is weliswaar een vertegenwoordiger maar geen vertegenwoordiger Pgb zaken in de zin van de Jeugdwet aangezien alleen het financiële gedeelte in de gaten wordt gehouden en niet de kwaliteit;
Hoofdstuk 3 Individuele voorzieningen
Artikel 3.3 Toegang jeugdhulp via de huisarts, medisch specialist, jeugdarts of GI
Als de jeugdige en/ of ouder(s) na een verwijzing door de huisarts, de medisch specialist of de jeugdarts kiezen voor een aanbieder van jeugdhulp die geen contract met de gemeente heeft en de gemeente soortgelijke jeugdhulp wel kan laten leveren door een gecontracteerde aanbieder, is de gemeente niet gehouden deze andere keuze te vergoeden. In het geval dat het gaat om niet-gecontracteerde jeugdhulp, waarvan gemeente Almere geen alternatief heeft ingekocht kan hierover contact gezocht worden via de gemeentelijke toegangsfunctie (JGZ Almere).
Artikel 3.4 Toegang via het JGO-team voor individuele voorzieningen Begeleiding
Individuele voorzieningen in de vorm van Begeleiding (Begeleiding individueel basis, Begeleiding individueel specialistisch, Begeleiding groep basis en Begeleiding groep specialistisch, zie art 3.1) voor jeugdigen op een JGO-schoollocatie worden in de gemeente Almere uitgevoerd door het JGO-team. Het JGO-team is verbonden aan de schoollocaties en werkt integraal samen met het onderwijs.
Met toestemming van de jeugdige en/of ouder(s) worden in het ondersteuningsplan afspraken opgenomen over het moment en de wijze waarop de resultaten van het ondersteuningsplan met de jeugdige en/of ouder(s), deskundigen of de vertegenwoordiger van de gecertificeerde instelling en de jeugdhulpaanbieder besproken worden.
Artikel 3.7 Maatwerk individuele voorziening
Het college legt in beginsel de beslissing omtrent het al dan niet verlenen van een individuele voorziening naar aanleiding van een hulpvraag vast in een beschikking. De jeugdige en/ of ouder(s) moeten zich binnen 3 maanden na de besluitdatum hebben gemeld bij een jeugdhulpaanbieder, dan wel zijn gestart met de inzet van het Pgb.
Het college draagt zorg voor de inzet van zorg na verwijzing naar een gecontracteerde aanbieder door de huisarts of medisch specialist of jeugdarts; hiervoor zal in de regel geen beschikking worden afgegeven. Dit geldt ook voor bepalingen jeugdhulp die door de voor jeugdbescherming gecertificeerde instellingen worden afgegeven en voor crisishulp.
Paragraaf 5 Beoordeling voorzieningen
Artikel 3.11 Algemene weigeringsgronden
Een jeugdige en/ of ouder(s) komen niet in aanmerking voor een individuele voorziening als:
De jeugdige en/ of ouder(s) aanspraak maken op een voorliggende voorziening die voorziet in de ondersteuningsbehoefte, of de mogelijkheid bestaat dat zij aanspraak kunnen maken op een voorliggende voorziening die voorziet in de ondersteuningsbehoefte, maar zij hiervoor geen aanvraag wensen in te dienen. Voorziet de voorliggende voorziening gedeeltelijk in de ondersteuningsbehoefte dan kan aanvullend alsnog een individuele voorziening worden afgegeven;
Paragraaf 6 Jeugdhulp met Verblijf
Artikel 3.12 Criteria Jeugdhulp met Verblijf
Jeugdhulp met verblijf betreft intensieve hulp in de vorm van persoonlijke verzorging, begeleiding en/of behandeling in combinatie met verblijf. Jeugdhulp met Verblijf is bestemd voor jeugdigen met problemen op het gebied van gedrag, opvoeding en/of de gezinssituatie. Soms is ook een (lichte) verstandelijke beperking aan de orde. Binnen Jeugdhulp met Verblijf vinden zij een veilige woonplek wanneer ze (tijdelijk) niet bij het eigen gezin of netwerk kunnen wonen.
Pleegzorg is een vorm van jeugdhulp waarbij jeugdige tijdelijk of langdurig in een pleeggezin woont omdat opgroeien bij ouder(s)/verzorger(s) niet mogelijk is. Het biedt een veilige gezinssituatie met professionele begeleiding. Het doel is herstel, ontwikkeling en, indien mogelijk, terugkeer naar huis.
Artikel 3.16 Gezinshuis (generiek)
Een gezinshuis generiek is een kleinschalige jeugdhulpvoorziening waar professionele opvoeders 24/7 een veilige en stabiele gezinssituatie bieden. Het biedt intensieve begeleiding en opvoeding gericht op veiligheid, ontwikkeling en zelfredzaamheid, met betrokkenheid van biologische (pleeg)ouder(s)/verzorger(s). Het doel is een haalbaar toekomstperspectief zoals terugkeer naar huis, zelfstandig wonen of een lichtere zorgvorm.
Artikel 3.17 Gezinshuis (specifiek)
Een gezinshuis specifiek is een kleinschalige en professionele jeugdhulpvorm waar jeugdigen met complexe problematiek wonen in een stabiele gezinssituatie. De gezinshuisouder biedt intensieve begeleiding en werkt samen met professionals en het netwerk van de jeugdige. Het doel is een veilige omgeving te bieden voor herstel, ontwikkeling en zelfredzaamheid, met een focus op een perspectiefvolle toekomst.
Artikel 3.18 Kamertrainingscentrum
Een kamertrainingscentrum is een voorziening waar jeugdigen begeleiding ontvangen om zich voor te bereiden op zelfstandig wonen. Het doel is om deze jeugdigen stapsgewijs voor te bereiden op een zelfstandig leven door hen praktische vaardigheden, zoals het beheren van een huishouden en sociale interacties, aan te leren. Het traject richt zich op een goede overgang naar zelfstandig wonen of andere vormen van zorg na de 18-jarige leeftijd.
Artikel 3.19 Woon- en leefgroep
Een woon- en leefgroep is een voorziening waar begeleiding wordt geboden die zich richt op het vergroten van zelfredzaamheid en het aanleren van sociale en praktische vaardigheden. Het doel van de woon- en leefgroep is om deze jeugdigen te ondersteunen in hun ontwikkeling, waarbij ze vaardigheden leren die hen helpen terug te keren naar het gezin of door te stromen naar zelfstandig wonen.
Behandeld wonen is een vorm van zorg voor jeugdigen die tijdelijk niet thuis kunnen verblijven en specialistische behandeling nodig hebben. Het doel is om de jeugdigen weer terug te laten keren naar het eigen netwerk, gezin of systeem, of om hen naar zelfstandigheid te begeleiden. De ondersteuning richt zich zowel op de jeugdigen zelf als op hun netwerk, gezin of systeem.
Artikel 3.21 Behandeld wonen specialistisch driemilieus-voorziening
Behandeld wonen specialistisch driemilieus-voorziening is een tijdelijk verblijf voor jeugdigen die vrijwillig of middels een jeugdbeschermingsmaatregel (tijdelijk) 24/7 buiten hun eigen netwerk verblijven. Dit heeft als doel hun ontwikkeling te bevorderen en problemen te verminderen. Het richt zich op behandeling en begeleiding om stabiliteit, veiligheid en de relatie met het netwerk te herstellen. De problematiek is zichtbaar in de thuissituatie, op school en in de vrijetijdsbesteding.
Jeugdzorg Plus is hulp voor jeugdigen met ernstige gedrags- en opvoedingsproblemen die volgens de rechter gesloten behandeld moeten worden om te voorkomen dat zij zich aan de zorg onttrekken. Het richt zich op intensieve dagelijkse begeleiding, dagstructurering en individueel toezicht om risico's voor de jeugdige of zijn omgeving te voorkomen. De ondersteuning is gericht op zowel de jeugdige als de ouder(s).
Paragraaf 7 Jeugdhulp zonder verblijf
Artikel 3.23 Begeleiding individueel basis
Begeleiding basis richt zich op het verminderen of stabiliseren van enkelvoudige opgroei- en opvoedproblematiek door ondersteuning in dagelijkse zelfredzaamheid. De focus ligt op sociaal-emotionele begeleiding, het aanleren van vaardigheden en een dag structuur. Het doel is het ontwikkelen en behouden van vaardigheden in een veilige omgeving.
Artikel 3.24 Begeleiding individueel specialistisch
Begeleiding individueel specialistisch biedt intensieve, ontwikkelingsgerichte ondersteuning in de zelfredzaamheid. De focus ligt op sociaal-emotionele begeleiding, vaardigheden oefenen, dag structuur aanbrengen en activering in een veilige omgeving. Methodische interventies worden ingezet om escalatie te voorkomen en vaardigheden te versterken.
Artikel 3.25 Begeleiding groep basis
Begeleiding groep basis biedt gestructureerde groepsbegeleiding aan jeugdigen gericht op zelfredzaamheid in het dagelijks leven. De focus ligt op sociaal-emotionele ondersteuning, vaardigheidstraining, dag structuur en activering. Het bevordert samenhorigheid en biedt een veilige plek voor het delen van ervaringen.
Artikel 3.26 Begeleiding groep specialistisch
Begeleiding groep specialistisch biedt gestructureerde groepsbegeleiding aan jeugdigen waarbij de focus ligt op het stimuleren van ontwikkeling en zelfredzaamheid. Het doel is om een veilige omgeving te creëren voor het delen van ervaringen en het bevorderen van samenhorigheid. Methodische interventies worden ingezet om escalatie te voorkomen en vaardigheden te versterken.
Artikel 3.27 Dagbesteding basis
Artikel 3.28 Dagbesteding specialistisch
Dagbesteding specialistisch is gericht op het bieden van zinvolle invulling en structuur aan de dag en het methodisch ondersteunen bij en het leren toepassen van dagelijkse handelingen en vaardigheden. Dit vindt plaats in een structuurversterkend en specialistisch klimaat, en wordt programmatisch/methodisch aangeboden. De activiteiten vinden overdag plaats op locatie.
Bij de beoordeling van een aanvraag voor vervoer jeugdhulp wordt de gehele situatie van een gezin en het bijbehorende netwerk in ogenschouw genomen. De beoordeling van de zelfredzaamheid, mogelijkheden en draagkracht van het gezin en bijbehorende sociale netwerk zal vanuit de uitgangspunten redelijkheid, nut en noodzaak plaats vinden.
De goedkoopst adequate voorziening wordt verstrekt. Dit betekent dat wanneer er een individuele voorziening voor vervoer wordt ingezet het college uitgaat van de dichtstbijzijnde adequate (jeugdhulp)voorziening. Wanneer een jeugdige en/ of (pleeg)ouder(s)/verzorger(s) kiest voor een jeugdhulpaanbieder verder weg dan de dichtstbijzijnde aanbieder met een kwalitatief goed/voldoende passend aanbod, kan dit consequenties hebben voor het te verstrekken van een individuele voorziening voor vervoer. De gemeente zal de consequenties na een inhoudelijke beoordeling nader bepalen.
Artikel 3.32 Groepsbehandeling jeugd-GGZ
Voor groepsbehandeling geldt dat ook professionals met een relevante afgeronde mbo-4 opleiding onder verantwoordelijkheid van de SKJ- of BIG-geregistreerde hbo(+) of wo(+)-professional kunnen worden ingezet. Hierbij wordt een verantwoorde samenstelling van het team verwacht conform de norm van verantwoorde werktoedeling.
Artikel 3.33 Diagnostiek (Jeugd-GGZ)
Diagnostiek is gericht op het systematisch verzamelen en interpreteren van informatie om te bepalen welke vorm van behandeling het meest passend is voor de jeugdige. Dit onderzoek helpt om vast te stellen of de problematiek beter past binnen de Jeugd-GGZ (Geestelijke Gezondheidszorg) of Jeugd-LVB (Licht Verstandelijke Beperking) behandeling.
Artikel 3.34 Diagnostiek Ernstige Dyslexie
De hoofdbehandelaar is SKJ-/BIG-geregistreerd, tenzij de jeugdhulpaanbieder aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet geregistreerde professional niet afdoet aan de kwaliteit van de hulp of aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet-geregistreerde professional noodzakelijk is voor de kwaliteit van hulp (Besluit Jeugdwet, artikel 5.1.1.) en beschikt over een afgeronde relevante hbo(+) of wo-(+) opleiding.
Artikel 3.35 Behandeling Ernstige Dyslexie
De hoofdbehandelaar is SKJ-/BIG-geregistreerd, tenzij de jeugdhulpaanbieder aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet geregistreerde professional niet afdoet aan de kwaliteit van de hulp of aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet-geregistreerde professional noodzakelijk is voor de kwaliteit van hulp (Besluit Jeugdwet, artikel 5.1.1.) en beschikt over een afgeronde relevante hbo-(+) of wo-(+) opleiding.
Medebehandeling kan worden uitgevoerd door ten minste een hbo-(plus) opgeleide SKJ- of BIG-geregistreerde professional. Tenzij de jeugdhulpaanbieder aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet geregistreerde professional niet afdoet aan de kwaliteit van de hulp of aannemelijk kan maken dat de inzet van een niet-geregistreerde professional noodzakelijk is voor de kwaliteit van hulp (Besluit Jeugdwet, artikel 5.1.1.).
Artikel 3.36 Diagnostiek licht verstandelijke beperking (LVB)
Diagnostiek is gericht op het systematisch verzamelen en interpreteren van informatie om te bepalen welke vorm van behandeling het meest passend is voor de jeugdige. Dit onderzoek helpt om vast te stellen of de problematiek beter past binnen de Jeugd-GGZ (Geestelijke Gezondheidszorg) of Jeugd-LVB (Licht Verstandelijke Beperking) -behandeling.
Artikel 3.38 behandeling specialistisch licht verstandelijke beperking (LVB)
Uitvoerende professionals dienen hbo te zijn opgeleid en te beschikken over diepgaande kennis en vaardigheden in psychologie, pedagogiek en sociale wetenschappen, waardoor ze in staat zijn om complexe casussen te analyseren, behandelplannen op te stellen en therapeutische interventies uit te voeren.
Artikel 3.39 behandeling groep licht verstandelijke beperking (LVB)
Behandeling groep (LVB) is gericht op het behandelen van LVB-problematiek met als doel de jeugdige veilig, gezond en zelfstandig te laten opgroeien én het bieden van een omgeving aan jeugdigen en hun (pleeg)(pleeg)ouder(s)/verzorger(s)/verzorgers waarin zij kunnen leren van elkaar, steun kunnen ervaren en vaardigheden kunnen oefenen in een sociale context.
Paragraaf 8 Landelijk Transitiearrangementen
Artikel 3.40 Landelijke transitiearrangement
Jeugdigen met zeer weinig voorkomende zorgvragen die een zeer specialistische inzet vragen. Jeugdigen hebben onvoldoende baat gehad of zullen naar verwachting onvoldoende baat hebben bij een (hoog)specialistische behandeling in de regio. De jeugdhulp is gericht op het herstel van deelname in het gewone leven.
Jeugdigen en hun (gezins)systeem verkeren in een crisissituatie waarbij direct ingrijpen vaak noodzakelijk is. In veel gevallen wordt eerst gekeken naar de mogelijkheden binnen de bestaande hulpverlening maar als er opschaling van jeugdhulp nodig is, kan acute Jeugd-GGZ worden ingezet. Het plegen van een adequate crisisinterventie heeft als doel het zodanig stabiliseren van het niveau van functioneren van de jeugdige en het gezin dat afschalen van zorg mogelijk is. Crisiszorg heeft een richtlijn van maximaal 28 dagen inzetten, daarna volgt de vervolgzorg buiten de crisisproducten. Binnen 24 uur of de eerstvolgende werkdag (uiterlijk binnen vijf werkdagen) vindt er een zorg afstemmingsgesprek plaats waarin een uitgebreid zorgplan wordt opgesteld voor de situatie
Artikel 3.42 Overige crisiszorg jeugd
Jeugdigen en hun (gezins)systeem verkeren in een crisissituatie waarbij direct ingrijpen vaak noodzakelijk is. In veel gevallen wordt eerst gekeken naar de mogelijkheden binnen de bestaande hulpverlening maar als er opschaling van jeugdhulp nodig is, kan overige crisiszorg jeugd worden ingezet. Doel van de jeugdhulp is het zodanig stabiliseren van het niveau van functioneren van de jeugdige en het gezin dat afschalen van zorg mogelijk is. Crisiszorg heeft een richtlijn van maximaal 28 dagen inzetten, daarna volgt de vervolgzorg buiten de crisisproducten. Binnen 24 uur, of de eerstvolgende werkdag (uiterlijk binnen vijf werkdagen) vindt er een zorg afstemmingsgesprek plaats waarin een uitgebreid zorgplan wordt opgesteld voor de situatie
Paragraaf 10 Hoog Specialistische Jeugd-GGZ & Interculturele Jeugd-GGZ
Artikel 3.43 Forensisch Jeugd-GGZ
Forensische Jeugd-GGZ is gericht op het bieden van behandeling voor jeugdigen die (dreigend) delict gedrag en/of seksueel of agressief grensoverschrijdend gedrag vertonen. Zonder passende en tijdige behandeling vormen deze jeugdigen een gevaar voor zichzelf en/of hun omgeving, waarbij het steeds moeilijker wordt om het grensoverschrijdende gedrag te beperken en de negatieve ontwikkeling en achterliggende problematiek aan te pakken.
Artikel 3.44 Hoog complex Jeugd-GGZ
Hoog complexe Jeugd-GGZ is gericht op het bieden van behandeling voor jeugdigen bij wie sprake is van (sterke aanwijzingen zijn voor) één of meerder psychische stoornissen met een hoog risico waarbij duidelijke aanwijzingen zijn voor gevaar en/of complexe problematiek waarbij de kwaliteit van leven ernstig onder druk staat. De zorgaanbieder hanteert de meest recente, ‘state of the art’ criteria en instrumenten gebruikelijk binnen de GGZ.
Artikel 3.45 Klinisch behandeling Jeugd- GGZ.
Klinische behandeling Jeugd-GGZ is gericht op het bieden van behandeling waarbij het hoofddoel het weer op gang brengen van de ontwikkeling is. De behandeling zorgt voor het hanteerbaar maken, verminderen of oplossen van de problematiek. Het is gericht op een blijvende verbetering in het functioneren van de jeugdige en gezin. Er worden twee vormen van jeugdhulp onderscheiden met een verschil in intensiteit van de behandeling, begeleiding en verzorging (intensiteit 1 en intensiteit 2).
Een jeugdige komt in aanmerking voor klinische behandeling indien er sprake is van moeilijkheden die leiden tot diverse problemen, die vervolgens verminderd kunnen worden met behulp van een klinisch verblijf. Het uiteindelijke doel hiervan is het mogelijk maken van terugkeer naar huis of directe omgeving.
Artikel 3.46 Consultatie en Advies
Consultatie en advies draagt bij aan het bepalen van passende hulp voor jeugdigen (het regionale expertteam), het voorkomen van breakdowns (jeugdhulp met verblijf) en het voorkomen van doorverwijzen van de jeugdige naar het hoog specialistische complexe JGGZ-aanbod (aanbieders jeugd-GGZ). Vormen van consulatie en advies zijn:
Meedenken: het gaat hierbij om een telefonisch consult voor vragen zoals een professional die zich zorgen maakt omdat er sprake is van een forse ontregeling of stagnering in de behandeling. De professional wil dan advies over hoe verder te handelen. Of wil weten welke andere behandelmogelijkheden er zijn en waar dit het beste kan plaats vinden.
Artikel 3.47 Interculturele Jeugd- GGZ (is niet onderverdeeld en bestaat uit één vorm van jeugdhulp)
Interculturele Jeugd-GGZ is gericht op het bieden van behandeling bij jeugdigen met een niet westerse culturele achtergrond en een (vermoeden van) een psychische stoornis. De jeugdige heeft meervoudige ernstige problematiek en ervaart aanzienlijke beperkingen in het dagelijks functioneren, zowel thuis, op school als elders als gevolg van het ziektebeeld.
De regiebehandelaar zorgt dat een behandelplan wordt opgesteld en schept de benodigde voorwaarden voor een verantwoorde uitvoering van het behandelplan, initieert de uitvoering van het behandelplan en bewaakt de voortgang. Iedere behandelaar is verantwoordelijk voor zijn of haar eigen aandeel in de behandeling en is daar ook op aanspreekbaar.
Hoofdstuk 4 Kwaliteit en afstemming
Artikel 4.1 Algemene kwaliteitseisen
De jeugdhulpaanbieder van een individuele voorziening houdt rekening met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van jeugdigen. De jeugdhulpaanbieder zorgt ervoor dat binnen de organisatie als vanzelfsprekend wordt omgegaan met verschillen in o.a. seksuele oriëntatie, genderdiversiteit en intersekse-conditie. De samenstelling van het team van zorgverleners past bij de diversiteit van (de vraag van) jeugdigen.
Artikel 4.2 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering
Artikel 4.4 Melding incidenten, calamiteiten, geweld en misbruik alsmede (seksueel-) grensoverschrijdend gedrag
Een jeugdhulpaanbieder stelt schriftelijk een interne procedure vast waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe wordt omgegaan met signalen van incidenten, geweld in de zorgrelatie alsmede van (seksueel-) grensoverschrijdend gedrag en op grond van artikel 9 Wet kwaliteit klachten geschillen zorg (Wkkgz).
Een jeugdhulpaanbieder doet op grond van artikel 11 Wkkgz bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) onverwijld melding van iedere calamiteit die bij de zorgverlening heeft plaatsgevonden, geweld in de zorgrelatie of opzegging, ontbinding of niet voortzetting van een overeenkomst met een zorgverlener op grond van zijn oordeel dat de zorgverlener ernstig is tekortgeschoten in zijn functioneren.
Artikel 4.5 Afstemming met gezondheidszorg
Het college maakt afspraken met de zorgverzekeraars en het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) hoe de continuïteit van zorg te garanderen voor jeugdigen die jeugdhulp ontvangen en bijvoorbeeld doordat ze de leeftijd van 18 jaar bereiken onder de Zorgverzekeringswet of Wet langdurige zorg komen te vallen, en hoe te voorkomen dat jeugdigen tussen wal en schip vallen wanneer er discussie is over het wettelijke kader.
Artikel 4.7 Afstemming met justitiedomein
Het college maakt afspraken met de gecertificeerde instellingen, de Raad voor de Kinderbescherming en Justitiële Jeugdinrichtingen over het overleg over de inzet van jeugdhulp bij de uitvoering van een strafrechtelijke beslissing en jeugdreclassering als bedoeld in artikel 2.4 lid 2 onderdeel b van de wet.
Artikel 4.9 Afstemming Veilig Thuis Flevoland
Het college maakt afspraken met Veilig Thuis over de toegang naar algemene en individuele voorzieningen.
Artikel 4.11 Afstemming met voorzieningen werk en inkomen
Het college draagt zorg dat het toegangsteam, jeugdhulpaanbieders en de gecertificeerde instellingen financiële belemmeringen voor het slagen van preventie en jeugdhulp vroegtijdig signaleren en waar nodig jeugdigen en/ of ouder(s) helpen de juiste ondersteuning vanuit de gemeentelijke voorzieningen –zoals schuldhulpverlening, inkomensvoorzieningen, re-integratievoorzieningen en armoedevoorzieningen - te krijgen om deze belemmeringen weg te nemen.
Hoofdstuk 5 Persoonsgebonden budget
Artikel 5.1 Ondersteuning inkopen met een Pgb
Het college beoordeelt of de jeugdige en/ of ouder(s) of de vertegenwoordiger Pgb-zaken in staat zijn tot een redelijke waardering van de belangen. Het college kan een Pgb-vaardigheden toets uitvoeren of de jeugdige en/ of ouder(s), of de vertegenwoordiger Pgb-zaken een Pgb-test laten doen, zoals bedoeld in artikel 5.6 lid 1 van deze verordening.
Artikel 5.2 Onderscheid formele aanbieder en informele aanbieder
Van een formele aanbieder is sprake indien de hulp verleend wordt door één van de onderstaande personen, met uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e of 2e graad van de budgethouder:
Personen die werkzaam zijn bij een instelling die ten aanzien van de voor het Pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staat in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en die beschikken over de relevante zorg gerelateerde diploma’s en een recent afgegeven VOG die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken, of;
Personen die aangemerkt zijn als Zelfstandige Zonder Personeel (ZZP). Daarnaast moeten deze personen ten aanzien van de voor het Pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en beschikken over de relevante zorg gerelateerde diploma’s en recente VOG die nodig zijn voor uitoefening van de desbetreffende taken, of;
Artikel 5.3 Voorwaarden voor ondersteuning door een formele aanbieder
De kwaliteit van de met het Pgb ingekochte professionele ondersteuning, voldoet minimaal aan dezelfde eisen die de gemeente stelt aan de gecontracteerde zorgaanbieders die vergelijkbare ondersteuning leveren, hierbij moeten deze aanbieders in elk geval voldoen aan de volgende criteria:
Artikel 5.4 Voorwaarden ondersteuning door een informele aanbieder
Artikel 5.5 Weigeringsgronden Pgb
De ondersteuning die door één en dezelfde persoon geleverd wordt meer bedraagt dan 40 uur per week. Bij het vaststellen of deze 40 uur per week overschreden wordt kan ook betrokken worden de hoeveelheid ondersteuning die deze persoon, al dan niet via een Pgb, levert aan andere personen of gezinsleden;
De jeugdige en/ of ouder(s) of zijn Pgb-vertegenwoordiger naar het oordeel van het college:
Verwijtbaar onder toezicht staan of een bewindvoerder hebben tenzij de bewindvoerder het volledige beheer van het Pgb op zich neemt. De kosten die hiermee gemoeid zijn komen ten laste van de jeugdige en/ of ouder(s). Onder verwijtbaar wordt in dit geval verstaan dat de persoon handelingen heeft verricht of keuzes heeft gemaakt die ertoe hebben geleid dat toezicht of bewindvoering noodzakelijk is;
Indien er twijfels zijn over de integriteit van de zorgverlener, dat zich in ieder geval voordoet indien de zorgverlener in de afgelopen vijf jaar:
Er sprake is van feiten en omstandigheden die erop wijzen of redelijkerwijs doen vermoeden dat de Pgb-aanbieder en/of zijn directie en/of de aan hen gelieerde vennootschappen een zakelijk samenwerkingsverband onderhouden met derden die in relatie staan tot strafbare feiten of daarvan verdacht worden;
Artikel 5.7 Hoogte van het PGB
Bij een individuele voorziening die wordt verleend op basis van een verklaring als bedoeld in artikel 8ab lid 1 Regeling Jeugdwet bedraagt het Pgb:
de tegemoetkoming per kalendermaand voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding of reiskosten zoals bedoeld in artikel 8ab lid 1 van de Regeling Jeugdwet. De tegemoetkoming wordt berekend aan de hand van de door het college vastgestelde vergoedingenlijst die waar mogelijk gebaseerd is op richtbedragen van het Nibud.
Hoofdstuk 6 Bestrijding misbruik en oneigenlijk gebruik
Artikel 6.4 Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening en intrekking
Degene aan wie een individuele voorziening is verstrekt, is verplicht onverminderd artikel 8.1.2 van de wet op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening.
Hoofdstuk 7 Klachten en medezeggenschap
Artikel 7.2 Klachtregeling, medezeggenschap en cliënttevredenheid
In de contracten en/of subsidie afspraken tussen het college en de jeugdhulpaanbieders wordt vastgelegd dat jeugdhulpaanbieders een regeling vaststellen voor medezeggenschap. Deze regeling ziet in ieder geval toe op voorgenomen besluiten van de jeugdhulpaanbieder die voor de cliënten van belang zijn.
Hoofdstuk 8 Slot- en overgangsbepalingen
Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing van dat artikel gelet op het belang van de jeugdige en/of ouder(s) leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit artikel wordt gemotiveerd in het besluit.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 28 mei 2026
de raad voornoemd,
de griffier,
G. J. Broer
de voorzitter,
W.H.J.M. van der Loo
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-393705.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.