Omgevingsvisie gemeente Putten 2040

Het/De gemeenteraad van Gemeente Putten

gelezen de tekstinhoud van ”Omgevingsvisie Putten 2040” d.d. DATUM

Overwegende dat:

Besluit;

Artikel I

"Omgevingsvisie Putten 2040" opgenomen in Bijlage A wordt vastgesteld.

Artikel II

Van de terinzagelegging, de termijn voor terinzagelegging en de mogelijkheid om te reageren wordt kennis gegeven in het gemeenteblad en lokale huis-aan-huisbladen.

Aldus vastgesteld door Gemeente Putten, DATUM

Diegenen die mogen ondertekenen

Niet getekend proef-exemplaar

Bijlage A Bijlage bij artikel I

Omgevingsvisie Putten 2040

Voorwoord

Daar is hij dan: de Omgevingsvisie Putten waar we bijna 2 jaar aan gewerkt hebben. Een verplichte visie bij de Omgevingswet die al 5 keer is uitgesteld en niet voor 2024 van kracht wordt. Zijn we dan te vroeg of hebben we iets gedaan dat niet nodig is? Zeker niet! Ik ben erg blij met de omgevingsvisie, met het resultaat en met het proces.

Met het resultaat omdat de visie aan de ene kant laat zien wie we als Putten zijn, een prachtig dorp op de Veluwe, prettig om te wonen, een open en agrarisch karakter, plek voor bedrijvigheid, een no-nonse aanpak, aandacht voor elkaar en een sterke sociale betrokkenheid. Aan de andere kant laat de visie zien waar we naar toe gaan: een vitaal dorp met behoud van onze eigenheid, ruimte om te wonen, te werken en te recreëren, gericht op de toekomst met oog voor de menselijke maat en schaal.

Maar meer nog ben ik blij met het proces. U en vele, vele anderen hebben het afgelopen jaar input geleverd. Via persoonlijke gesprekken, gesprekken in grotere en kleinere groepen, tot twee maal toe honderden ingevulde enquêtes hebben inwoners, bedrijven, agrariërs, het maatschappelijk middenveld, de gemeenteraad, scholen, marktbezoekers, instellingen

en velen meegepraat. Bij iedereen proefde ik de betrokkenheid op Putten en op elkaar. Dank daarvoor! Zoveel mensen, zoveel wensen, dat betekent uiteenlopende en soms tegengestelde meningen waardoor er gewikt en gewogen is en keuzes gemaakt zijn waarbij het laatste woord is aan onze gemeenteraad.

Daar is hij dan: uw omgevingsvisie: niet bedacht achter een bureau, maar opgehaald bij u thuis en op de straat. Meer nog dan wat op papier staat geeft uw betrokkenheid mij vertrouwen in de toekomst!

Ewoud ’t Jong,

wethouder gemeente Putten

afbeelding binnen de regeling
Wethouder E.T. 't Jong

Leeswijzer

De Omgevingsvisie Putten 2040 bestaat uit een aantal onderdelen

  • Hoofdstuk  1  beschrijft de aanleiding voor het opstellen van deze omgevingsvisie. De inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt kort toegelicht, waarna het participatieproces wordt beschreven. Ook wordt de landelijke en regionale context waarbinnen de omgevingsvisie is opgesteld beschreven.

  • Hoofdstuk  2  beschrijft de kracht van Putten: haar identiteit, kernkwaliteiten en de ontstaansgeschiedenis van de gemeente.

  • Hoofdstuk 3  start met de belangrijkste trends en beschrijft ontwikkelingen waarop de gemeente moet kunnen reageren. Vervolgens is de gemeentebrede ambitie met zijn negen centrale Puttense opgaven beschreven.

  • Hoofdstuk  4  laat de visie van de gemeente Putten zien op de leefomgeving. Deze visie is uitgewerkt aan de hand vaneen integraal visiebeeld. Ook zijn hier de opgaven en uitdagingen per deelgebied uitgewerkt en geprioriteerd ten opzichte van elkaar.

  • Hoofdstuk  5  laat zien hoe de Omgevingsvisie Putten 2040 te gebruiken is. We benoemen hier de samenhang met andere Omgevingswetinstrumenten en maken een koppeling met de uitvoering van de omgevingsvisie. We benoemen ook de rolverdeling en de belangrijke samenwerking met de regio. De spelregels voor initiatieven zijn ook onderdeel van hoofdstuk 5.

1 Inleiding

Inleiding

Dit is de omgevingsvisie van de gemeente Putten. Hierin beschrijven we onze visie op onze ‘fysieke leefomgeving’. Dit gaat over veel verschillende onderwerpen.

Onder ‘fysieke leefomgeving’ verstaan we bijvoorbeeld landschap, natuur, water, milieu, verkeer en vervoer, wonen, economie en cultureel erfgoed. In de omgevingsvisie van Putten is er ook aandacht voor de ‘sociale leefomgeving’. Omdat de ruimte beperkt is en we scherpe keuzes moeten maken wat we waar wel of niet willen ontwikkelen of behouden, biedt deze visie ons houvast’. Niet alles kan overal. Het opstellen van een omgevingsvisie is ook (verplicht) onderdeel van een nieuwe landelijke wet met ingangsdatum 1 januari 2024, de Omgevingswet. We hebben de omgevingsvisie samen met inwoners, ondernemers en partners van de gemeente gemaakt. Er bleek een grote betrokkenheid om mee te denken over de toekomst van Putten. Wij zijn hier erg blij mee. Het heeft de omgevingsvisie completer gemaakt. Zie voor de Omgevingsvisie in pdf naar de documentbijlage II  Bijlage Omgevingsvisie Putten 2040 in pdf.

afbeelding binnen de regeling
De fysieke leefomgeving en de sociale leefomgeving zijn eigenlijk niet los van elkaar te zien. De fysieke leefomgeving en de opgaven

daarbinnen hebben vaak ook sterke wortels in het sociale domein. Zoals een boom met takken stevig geworteld is in de aarde.

 

1.1 Wat is de Omgevingsvisie Putten?

De omgevingsvisie van de gemeente Putten beschrijft de keuzes die we vandaag moeten maken, om in 2040 als gemeente nog vitaler, mooier en duurzamer te zijn. Wat dit precies inhoudt, beschrijven we verder in hoofdstuk 3 en 4. We gebruiken de omgevingsvisie als zogenoemde ‘stip op de horizon’ bij het uitwerken van plannen en ideeën. Een omgevingsvisie gaat over de ruimte om ons heen. Bijvoorbeeld over landschap, natuur, water, milieu, verkeer en vervoer, wonen, economie en cultureel erfgoed. We maken dus keuzes over onze omgeving. Deze keuzes gaan over wat we waardevol vinden en willen beschermen. De keuzes gaan ook over wat voor nieuwe ontwikkelingen we willen en waar deze moeten komen.

In de omgevingsvisie beschrijven we daarom eerst de kracht van onze gemeente. Vervolgens geven we aan met welke plannen en ideeën we tot 2040 aan de slag gaan. Dit doen we met heldere keuzes en duidelijke kaarten en beelden. Op deze manier weet iedereen in welke richting de gemeente Putten zich tot 2040 zal ontwikkelen.

Deze omgevingsvisie is een verplicht instrument onder de Omgevingswet, die op 1 januari

2024 ingaat. Deze wet bundelt 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Het doel is dat hierdoor meer overzicht, flexibiliteit en samenhang komt in de fysieke leefomgeving.

In lijn met de bundeling van wetten voor meer overzicht en samenhang, willen we ook de visies die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zo veel mogelijk inhoudelijk afstemmen en bundelen. De eerste stappen hiertoe zijn gezet in deze omgevingsvisie. De omgevingsvisie is een belangrijke stap bij de invoering van de Omgevingswet in de gemeente Putten. 

De Omgevingsvisie Putten 2040 vervangt de Structuurvisie Putten uit 2015 en de Toekomstvisie uit 2014. De hoofdlijnen van de Bomenvisie en de Economische visie zijn meegenomen in deze Omgevingsvisie.

Uiteindelijk is het streven om zo veel mogelijk visie-elementen met betrekking tot de fysieke leefomgeving te laten landen in de omgevingsvisie en de visie-elementen met betrekking tot het domein samenleving te laten landen in het Meerjarenplan samenleving.



De visies vormen de kapstokhaakjes voor de uitwerking van een heldere programmastructuur. Hierover meer in hoofdstuk 5. De omgevingsvisie is in principe (alleen) zelfbindend, maar het is ook de basis voor de toekomstige (strategische) samenwerking met partners en het afwegen van belangen en initiatieven.

1.2 Hoe en met wie hebben we de visie gemaakt?

Inleiding

De gemeente Putten heeft deze visie samen met zoveel mogelijk betrokkenen uit de Puttense samenleving gemaakt. Er was een grote bereidheid om mee te denken. We zijn blij met het doorlopen proces en bedanken iedereen die heeft meegewerkt aan deze visie.

afbeelding binnen de regeling
Tijdlijn en stappen Omgevingsvisie Putten
Participatieweek '1e week van de leefomgeving'

In juni 2021 is er een week georganiseerd waarin iedereen mee kon denken over de belangrijkste opgaven voor Putten tot het jaar 2040. We hebben deze week de ‘Week van de Leefomgeving genoemd’. In juni 2021 hebben wij onze inwoners opgeroepen om actief mee te denken over de toekomst van Putten. Onder de noemer “Hoe ziet Putten er uit in 2040” stelden wij onze inwoners 26 concrete vragen. 262 plaatsgenoten namen gemiddeld een half uur de tijd om onze vragen te beantwoorden. Deze inbreng is verwerkt in het Waardendocument welke de basis heeft geleverd voor de visie. 

Wij zijn blij met het aantal respondenten en zeker ook met de kwaliteit van alle inbreng. Naast bewoners hebben ook vakinhoudelijke experts meegedacht. De ‘ketenpartners’ hierin waren provincie, water- schap, GGD, Omgevingsdienst Veluwe en de Veiligheidsregio. Ook zijn er gesprekken gevoerd met een brede groep van maatschappelijke partners. Bovendien is er binnen de gemeentelijke organisatie door een grote groep vakspecialisten input geleverd.

Uitgangspunten proces

De gemeenteraad van Putten heeft op 23 september 2021 een besluit genomen over de uitgangspunten en het proces van de omgevingsvisie.

Waardendocument Omgevingsvisie Putten

Als eindproduct van de eerste fase van het proces voor het opstellen van de visie  heeft het college op 5 oktober 2021 het Waardendocument Omgevingsvisie Putten vastgesteld. Alle relevante onderwerpen uit de eerste fase van inventarisatie, analyse en verkenning zijn hierin opgenomen. Verder is hierin de inbreng die we tijdens de 1e week van de leefomgeving hebben opgehaald verwerkt.

Het document biedt inzicht in zaken die voor de Puttense samenleving van belang zijn: de identiteit van Putten en haar kernkwaliteiten, maar ook welke uitdagingen en wensen er voor de toekomst zijn. Hieruit zijn de belangrijkste hoofdopgaven voor Putten 2040 geformuleerd. Het Waardendocument bood een goede basis voor de uitwerking van het latere proces. 

Toekomstscenario's

De uitdagingen opgehaald in fase 1 vragen om een vernieuwende manier van denken en een bepaalde innovatieslag. Dat strookt niet automatisch met het idee van ‘behouden en beschermen wat er is’. In Putten wilden we de spreekwoordelijke ‘stip op de horizon’ met elkaar gaan bepalen. Maar wat willen we wel meenemen in onze toekomstdroom, en wat willen we ook nadrukkelijk niet? Een methode om dit gesprek aan te gaan was aan de hand van een aantal scenario’s.

Scenarioplanning is het ontwikkelen, vergelijken en anticiperen op mogelijke toekomstscenario’s.

Toekomstonderzoek wordt vaak bedreven door overheden en bedrijven in het kader van strategische beleidsvorming. Door per thema een aantal opties uit te werken vormden zich drie eigen denkrichtingen naar de toekomst. Voor de koersbepaling in fase 2 hebben we drie scenario’s uitgewerkt:      

afbeelding binnen de regeling



Binnen deze scenario’s was het (als) Vanouds scenario de meest conservatieve/traditionele vorm. Het Vernieuwende scenario bevatte de meest progressieve en innovatieve ideeën.

Vervolgens zijn per denkrichting een aantal thema’s uitgewerkt. Hierin is ook een bepaalde getraptheid aangebracht. Wat in het meest conservatieve scenario is opgenomen was ook onderdeel van het Vernieuwende scenario. Andersom was dit minder waarschijnlijk. Het (als) Vanouds scenario bevat ambities die eigenlijk al wel bekend waren of al gevat waren in beleid en keuzes. Het Verfrissende en Vernieuwende scenario deden daar nog een schepje bovenop. Bij het nadenken over de koers voor de komende 20 jaar mag namelijk best worden gedroomd! Want wie niet durft te dromen is geen realist.

Participatieweek '2e Week van de leefomgeving'

De verschillende denkrichtingen bespraken we in november 2021 met de omgeving. Dit zijn de ketenpartners, maatschappelijke partners en de samenleving. Aan de hand van de inbreng van de omgeving toetsten we de scenario’s, schaafden we ze bij en sorteerden we voor op keuzes! Het was nadrukkelijk niet de bedoeling om te kiezen voor een scenario A, B of C. Het doel van de scenario-planning was een beeld te krijgen van de specifieke elementen van de scenario’s waar mogelijk veel draagvlak voor was.

Naast drie fysieke rondetafelgesprekken met een kopgroep aan betrokken inwoners zijn er wederom waardevolle rondetafelgesprekken georganiseerd met onze ketenpartners en het maatschappelijk middenveld van Putten.

Ook heeft het projectteam van de omgevingsvisie, bestaande uit inhoudelijke experts vanuit de gemeente op de weekmarkt in Putten gestaan met een marktkraam om het met u over de toekomst van Putten te hebben!

In een tweede online enquête hebben wij de mensen in Putten gevraagd te reageren op de drie toekomstscenario’s. Er werd veelvuldig gebruik gemaakt van de mogelijkheid om mee te denken. Wij ontvingen 615 ingevulde reacties! De uitkomsten van de gesprekken en vragenlijst laten een gemêleerd beeld zien. Over één onderwerp bestaat echter grote unanimiteit: u vindt dat wij volop moeten inzetten op het thema volkshuisvesting. 

Animatie van resultaten online enquête

Klik op de volgende snelkoppeling om een informatief filmpje te openen over de resultaten van de online enquête: https://www.youtube.com/watch?v=5fBB1JBAqn8

afbeelding binnen de regeling

1.3 Context Omgevingsvisie

Inleiding

De gemeente Putten is niet de enige partij die zich bezighoudt met het denken over de toekomst. Ook op landelijk, provinciaal en regionaal niveau wordter gedaan aan visievorming richting 2040.We sluiten zoveel mogelijk aan op de ambities  die geschetst worden en zorgen dat ze aansluiten op de Puttense situatie.

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

In Nederland wonen we met ruim 17 miljoen mensen op ruim 41.000 km². We willen graag dat ons land over 30 jaar nog steeds prettig veilig en gezond is om in te wonen, werken en recreëren. Daarom is het belangrijk nu al na te denken over de keuzes die daarvoor nodig zijn. De vraagstukken zijn groot en vaak met elkaar verweven. Denk aan het bouwen van een miljoen nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van nieuwe werklocaties voor industrie en logistiek in een circulaire economie en de stikstofproblematiek

die vooral van de agrarische sector maar ook van andere sectoren veel vergt. Ze vragen meer ruimte dan zomaar beschikbaar is in ons land. Ook de Corona pandemie laat zien hoe belangrijk buitenruimte van hoge kwaliteit voor ons is. In de NOVI zijn vier prioriteiten beschreven:

afbeelding binnen de regeling

De NOVI geeft richting en helpt om keuzes te maken; te kiezen voor slimme combinaties van functies; uit te gaan van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van gebieden. En er nu mee aan de slag te gaan en beslissingen niet uit te stellen of door te schuiven. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met het Rijk, provincies, gemeenten, maatschappelijke organisaties, bedrijven en inwoners van ons land. Zo bouwt de Nederlandse overheid aan een mooier en duurzamer Nederland. De NOVI is in te zien op: www.denationaleOmgevingsvisie.nl.

Regionale sfeer

Putten is als gemeente onderdeel van de provincie Gelderland. Het oosten van de gemeente maakt onderdeel uit van de Veluwe, het grootste natuurgebied van Nederland. Een ander groot deel van de gemeente Putten bestaat uit landbouwgrond, dat onderdeel is van de noordoostelijke hoek van de Gelderse Vallei. In het uiterste westen grenst de gemeente aan een van de randmeren rond Flevoland: het Nuldernauw. Hier heeft Putten een jachthaven, hotel/motel en recreatiestrand(en).

Provinciale Omgevingsvisie (POVI); Gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland

Gelderland werkt elke dagsamen met partners aan een gezond,veilig, schoonen welvarend Gelderland. Dit doet de provincie door bij het uitvoeren van haar takenzich te richtenop een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met hulp van 7 onderwerpen geeft de provincie hiermet de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland richting aan:

  • energietransitie

  • klimaatadaptatie

  • circulaire economie

  • biodiversiteit

  • bereikbaarheid

  • economisch vestigingsklimaat

  • woon- en leefklimaat

De volledige Provinciale Omgevingsvisie is in te zien op: www.gelderland.nl/Omgevingsvisie

Blauwe Omgevingsvisie 2050 (BOVI); Waterschap Vallei en Veluwe

Waterschappen hoeven volgens de nieuwe Omgevingswet geen omgevingsvisie te maken. Waterschap Vallei en Veluwe koos ervoor er wél een op te stellen. Dit in de overtuiging dat water onderdeel is van veel kansrijke oplossingen in het stedelijk en landelijk gebied; een Blauwe Omgevingsvisie als voeding voor andere Omgevingsvisies. De BOVI bevat een duidelijke gebiedsvisie. Aanvullend is er voor het deelgebied een gebiedsprogramma opgesteld. Een aantal maatregelen die hier worden genoemd zijn ook voor de Omgevingsvisie Putten van belang. De BOVI en het programma zijn in te zien op Blauw Omgevingsprogramma 2022-2027 - BOVI 2050

Gemeentes werken samen in Noord-Veluwe

Verschillende Veluwse gemeenten werken in verschillende samenstellingen en met andere overheden en partijen samen aan regionale opgaven op het gebied van onder andere:

  • Energietransitie; uitwerking van de Regionale Energie Strategie (RES) Noord-Veluwe

  • Wonen; Regionale Woonagenda Noord-Veluwe

  • Economie; FactorWerk arbeidsmarktregio, schone, slimme en duurzame bedrijvigheid en afstemming bedrijventerreinen Noord-Veluwe (ook in samenwerking met Zeewolde).

  • Milieuzaken; samenwerking met de Omgevingsdienst Veluwe (ODV) 

    Toerisme en recreatie, cultuur, historie en erfgoed

  • Water en klimaat; het regionaal overleg water en klimaatadaptatie Noord-Veluwe (tevens is er samenwerking tussen 28 gemeenten, 2 provincies en diverse partners binnen het werkgebied van het waterschap, de zogenaamde Manifestregio; binnen deze samenwerking is het Regionaal Adaptatieplan (RAP) opgesteld)

  • Veiligheid; samenwerking met o.a. Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) en politie basisteam Veluwe-West (waar Harderwijk, Ermelo en Putten deel van uitmaken)

  • Sociaal domein; meerdere samenwerkingsverbanden op het gebied van Sport, Cultuur,

  • Gezondheid (GGD), Wmo en participatie. Ook het gezamenlijk inkopen van zorg (Wmo en jeugd).

  • Het Cultuur en Erfgoedpact

  • Veluwe op 1, samenwerkingsovereenkomst tussen 40 Veluwse partijen om de Veluwse natuur, economie en samenleving te versterken.

  • Noord-Veluwe Bereikbaar; de genoemde gemeenten en gemeente Nijkerk werken in dit verband samen aan gemeentegrensoverschrijdende projecten die de bereikbaarheid in de Noord-Veluwe dienen te verbeteren.

Landbouwnetwerk Regio Foodvalley

Foodvalley is hét kennisintensieve agrifood ecosysteem in Nederland. Dit ecosysteem kenmerkt zich door de vele innovatieve agrifood en foodgerelateerde oplossingen van wereldformaat. Foodvalley wordt gedragen door Foodvalley NL en Regio Foodvalley. Regio Foodvalley is een samenwerking tussen regionale overheden, ondernemers, onderwijs- en kennisinstellingen. Ontwikkelingen op het gebied van kennis en innovatie zijn van groot belang in deze economische topregio. In Regio Foodvalley worden namelijk al decennia lang baanbrekende oplossingen bedacht. Als gemeente Putten participeren we al in het Landbouwnetwerk regio Foodvalley en zoeken we verdere samenwerking met de Regio Foodvalley ter versterking van het buitengebied en de agrarische sector.

2 De kracht van Putten

Inleiding

In dit hoofdstuk beschrijven we kort en bondig de belangrijkste kwaliteiten van onze gemeente, die we in de inventariserende fase van het omgevingsvisietraject hebben opgehaald. Deze kwaliteiten (H. 2.1) vormen de basis voor de koers van Putten op weg naar 2040 (de vaste kern van de visie). De ontstaansgeschiedenis (H. 2.2) en de positionering binnen de regio (H. 2.3) dragen in sterke mate bij aan de kracht van Putten.

afbeelding binnen de regeling

2.1 De identiteit van Putten

 

De sterke identiteit van Putten is goed te beschrijven aan de hand van de volgende 4 kernkwaliteiten:

  • a.

    Veelzijdig Veluwelandschap

  • b.

    Ondernemend en gastvrij dorp

  • c.

    Recreatie: natuurlijk en ontspannen doen

  • d.

    Rijke beleving van cultuur en historie

1: Veelzijdig Veluwelandschap

De gemeente Putten is een gemeente waar de natuur de kleur bepaalt. Putten onderscheidt zich door haar groene en landelijke karakter met fraaie landschappelijke contrasten. Putten staat met het ene been op de Veluwe en met het andere in de Gelderse Vallei. Dit is terug te zien in de variatie van het landschap. Bossen, heidevelden, weiden, beekdalen, stranden en een uitgestrekt randmeer maken deel uit van de gemeente. Als bijzondere Veluwse elementen bevinden zich in de gemeente het Speulder- en Sprielderbos, landgoed Schovenhorst en vele beken en sprengen. De elementen van de Gelderse Vallei uiten zich in het agrarische landschap met landerijen en open gebieden, zoals polder Arkemheen. Het waterrijke Nuldernauw met Strand Nulde en Delta Schuitenbeek bieden weer een hele andere dimensie aan het diverse landschap van Putten.

2: Ondernemend en gastvrij dorp

Centraal in deze natuurpracht ligt het dorp Putten met een actieve en hechte gemeenschap, een sterk en uitgebreid voorzieningenniveau en een aantrekkelijk en levendig centrum. Het dorpscentrum is de spil van de gemeenschap met een dorpse beleving en uitstraling en ruimte voor een actieve en zorgzame gemeenschap. Het uitgestrekte buitengebied kent meerdere buurtschappen. De Puttense samenleving kenmerkt zich door een sterke sociale samenhang en een gemoedelijk karakter. Puttenaren zijn betrokken en nuchtere aanpakkers.

Er zijn veel ondernemers in de gemeente. Zowel ondernemend in economische zin als qua karakter. Ondernemers zijn in vele sectoren te vinden, van de agrarische sector tot in de recreatie.

Puttenaren regelen de zaken zelf en met én voor elkaar. Putten kent dan ook veel vrijwilligers en er is een rijk verenigingsleven. Bovendien is er een actieve kerkelijke gemeenschap in Putten die veel organiseert voor de maatschappij. Het voorzieningenniveau is hoog, met goede zorg- en sportvoorzieningen en zaken als een skatepark voor jongeren en een multifunctionele accommodatie met ruimte voor ontmoeting, theater en zorg. Evenementen als de Ossenmarkt en de wekelijkse markt trekken bezoekers uit de hele regio.

3. Recreatie: natuurlijk en ontspannen doen

Het dorpse en landschappelijke karakter van Putten maakt de gemeente zeer aantrekkelijk voor recreatie. De gemeente trekt dan ook vele bezoekers en kent een sterke recreatieve sector met clusters van verblijfsrecreatie en enkele sterke dagrecreatieve voorzieningen.

In de gemeente bevinden zich sterke recreatiebedrijven en vele ondernemers, waardoor je hier goed kunt winkelen, eten en drinken, overnachten en een hoop andere bijzondere dingen kunt doen. Daarnaast biedt de mooie omgeving genoeg mogelijkheden om actief te recreëren. Het fietsnetwerk van Putten is uitgebreid en goed toegankelijk. Ook wandelaars hebben genoeg te beleven. Je kunt hier wandelen over een netwerk van bijzondere paden, waaronder ook klompenpaden. Hierdoorheen zijn ook ruiter- en menpaden verweven. Vanaf dit netwerk is de Veluwenatuur te ervaren, bijvoorbeeld bij landgoed Schovenhorst, maar komt ook het agrarisch buitengebied tot leven, direct bij de boer of bijvoorbeeld bij een pluktuin. De waterrijke elementen van Putten zijn te beleven vanuit de jachthaven en stranden bij Nulde en er zijn verschillende mogelijkheden om watersport te bedrijven. Bezoekers van Putten die langer willen blijven, hebben uitgebreide keuzemogelijkheden voor een verblijfslocatie. Er is een breed aanbod aan vakantieparken, B&B’s en hotels in de gemeente. Een bijkomend voordeel voor bezoekers is de korte afstand tot nabijgelegen dorpen en recreatieve voorzieningen in de buurt.

4. Rijke beleving van cultuur en historie

Naast bijzondere natuur en landschappen heeft Putten ook een bijzonder verleden. Deze historie is vandaag de dag op verschillende manieren te beleven. Enerzijds is dit terug te

zien in de natuurlijke omgeving zelf. Sporen van de ijstijd zijn herkenbaar in de stuwwallen en ook andere historische sporen in het landschap zijn zichtbaar: leemputten, stuifzandgordels en beekdalen. Daarnaast is er een aantal herkenbare sporen van vroegere culturen, zoals de grafheuvels uit de steen-, brons-, en ijzertijd,

de handelswegen uit de middeleeuwen en de celtic fields met oude sporen van landbouw. Ook de landgoederen Gerven en Hell zijn gezamenlijk een gekoesterd cultuurlandschap. De historie wordt beleefbaar gemaakt middels routes en andere vormen van informatieverschaffing. In het landschap met sporen van de geschiedenis bevindt zich een aantal bijzondere landgoederen, waaronder kasteel Oldenaller en Oud-Groevenbeek (tussen Ermelo en Putten). Hier op de Noordwest-Veluwe bevindt zich een sprengenbeek, waar vroeger met het water een papiermolen werd aangedreven. Het eerderge-

noemde landgoed Schovenhorst met een bijzonder pinetum en de Bostoren biedt ook specifiek ruimte aan de beleving van cultuurhistorie. In kasteel De Vanenburg kun je overnachten en dineren op een 17e-eeuws landgoed. Hedendaagse vormen van cultuur zijn ook volop aanwezig in Putten. Er zijn meerdere musea, waaronder De Mariahoeve en De Tien Malen.

Ook is er een theater met een regionale functie en zijn er bijzondere cultuuractiviteiten te ondernemen. Puttenaren staan stil bij gebeurtenissen die een grote indruk hebben achtergelaten op het collectieve geheugen van de gemeente, zoals de razzia in de Tweede Wereldoorlog. De sporen die hiervan in Putten nog aanwezig zijn, zijn te beleven via een jaarlijkse herdenking, een route door het dorp en een Herdenkingshof en Gedachtenisruimte ter herinnering aan de Razzia van 2 oktober 1944.

herdenking razzia 1944 bij Vrouw van Putten
afbeelding binnen de regeling

2.2 Het ontstaan van Putten

Inleiding

Putten is een oud dorp, gelegen in het kustgebied van de vroegere Zuiderzee (of het nóg vroegere Flevomeer). Het is één van de, vanuit agrarisch oogpunt bezien, beste plekjes van de Veluwe.

De eerste vermelding van Putten dateert uit 855. In een akte waar een zekere Folckerus vele landerijen, bossen en hoeven ‘in vico qui dicitur Puthem’ ofwel ‘in het dorp genaamd Puthem’ schenkt aan een klooster in Werden (Duitsland). Puthem betekent letterlijk huis bij de put (bron). Maar de geschiedenis van het gebied rond Putten is natuurlijk veel ouder en gaat terug tot in de prehistorie, zoals de grafheuvels en diverse archeologische vondsten laten zien.

Met de komst van het christendom en de vele kloostergoederen volgt een nieuw hoofdstuk. Met de stichting van een kerk in Putten in het begin van de 10e eeuw wordt deze buurtschap het centrum van het complex van buurtschappen die samen het kerkdorp (kerspel) Putten vormen. Putten behoort zo tot de oudste kerspels op de Veluwe en heeft enkele eeuwen lang een zeer groot gebied omvat. Naast het gebied van de huidige gemeente Putten hebben ook delen van het grondgebied van Nijkerk, Voorthuizen en de zeewaarts gelegen ontginningen er deel van uitgemaakt. Later zijn Nijkerk (1416) en Voorthuizen van het kerspel Putten losgemaakt. Van de zeewaarts gelegen ontginningen is in de loop der eeuwen, als gevolg

van bodemdaling door ontwatering voor de landbouw, tijdens stormvloeden veel verloren gegaan. Sinds de dijkaanleg in de latere middeleeuwen (vanaf 1356) is de kustlijn enigszins gefixeerd.

Tot 1530 vormen Putten en Nijkerk één scholtambt. Dan wordt het gesplitst in de nieuwe scholtambten Nijkerk en Putten. Het nadien bestaande scholtambt Putten is later, na de veranderingen in de bestuurlijke organisatie van de Bataafse Republiek, het Koninkrijk Holland, het Franse keizerrijk en het Koninkrijk der Nederlanden, gecontinueerd als gemeente Putten.

afbeelding binnen de regeling

 

 

Agrarische sector

Naast bos en heide op de hogere delen van de gemeente bestaat Putten vooral uit agrarisch gebied. De meeste Puttense boerderijen behoren gedurende het Ancien Régime tot het goederenbezit van drie kloosters: Elten, Werden en de Abdinckhof te Paderborn. Het bezit van Werden is in 1559 aan de Abdinckhof overgedragen waardoor de Abdinckhof verreweg de grootste grondeigenaar werd in het Puttense  en Nijkerkse gebied. Dit omvangrijke complex is tot de secularisatie van deze goederen in 1803 namens de Abdinckhof bestuurd door een rentmeester, de kellenaar (vanaf de 16e eeuw uitsluitend paters van de Abdinckhof), gevestigd op een ‘hof’, de Kelnarij (vroeger gelegen aan de huidige Brinkstraat). Gedurende haar geschiedenis tot aan de dag van vandaag is de agrarische sector in Putten van overwegend belang gebleven voor de identiteit van Putten.

Reformatie

De Reformatie heeft zich in Putten pas laat voltrokken. Tot aan het eind van de 16e eeuw bleef de Pancratiuskerk rooms-katholiek en tot 1608 bleef de pastoor van Putten op zijn post als zieleherder. Daarna vond een bijna volledige reformatie plaats. Door de aanwezigheid  van de Abdinckhofse pater(s) op de Kelnarij kon de rooms-katholieke zielzorg in beperkte mate worden voortgezet, zodat naast het grote protestantse deel van de Puttense bevolking altijd een kleine rooms-katholieke gemeenschap is blijven bestaan. 

WOII tot nu

Eind september 1944, tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog, wordt door de ondergrondse in Putten een aanslag gepleegd op een aantal Duitse officieren. Als vergeldingsactie wordt een razzia uitgevoerd door de Wehrmacht en de SS en wordt een deel van het centrum van het dorp platgebrand en worden 659 mannen weggevoerd naar Kamp Amersfoort en vervolgens naar werkkampen in Duitsland. Slechts 48 mannen keerden in Putten terug. Na de oorlog is Putten nog steeds grotendeels agrarisch gebied, maar al vanaf het midden van de 19e eeuw en vooral in de 20e eeuw zijn de recreatiesector en toerismebranche een economische factor van belang geworden. Vooral in de tweede helft van de 20e eeuw is bovendien de (kleinschalige en  schone) industrie in betekenis toegenomen. Vanaf de jaren 60 hebben planmatige uitbreidingen het dorp Putten sneller doen groeien. De aanleg van Flevoland, de A28 en de laatste uitbreidingswijken zoals Bijsteren en Rimpeler zijn ‘recente’ grote veranderingen in het landschap.

Meer informatie over het ontstaan en de geschiedenis van Putten kunt u vinden op www.mijngelderland.nl/canons/putten

3 De Puttense ambities en opgaven

Inleiding

In dit hoofdstuk zijn de belangrijkste thematische ambities en opgaven beschreven waar Putten de komende jaren aan wil werken. De gemeente Putten moet kunnen anticiperen op trends en ontwikkelingen die de gemeente gewenst of ongewenst beïnvloeden. Op basis van diverse gemeentelijke en regionale beleidsstukken en databronnen is in beeld gebracht met welke opgaven we de komende jaren aan de slag moeten. Elke opgave is vervolgens thematisch uitgewerkt.

3.1 Trends en ontwikkelingen

Klimaatverandering en afname biodiversiteit

Door klimaatverandering neemt de kans op wateroverlast, overstromingen, hitte en

droogte toe. Deze veranderingen lijken zich te versnellen en de gevolgen worden naar alle waarschijnlijkheid (nog) groter. Verdroging en droogvallende beken zijn inmiddels bekende effecten. Tegelijkertijd kan er, door hevige regen in korte tijd, wateroverlast ontstaan. Ook nemen hittegolven in aantal en duur toe, met hittestress tot gevolg. Het klimaatadaptief inrichten van de ruimte op dorps-, wijk-, straat- en perceelniveau wordt daarmee steeds belangrijker voor mens en natuur. Daarnaast heeft de natuur ook te maken met een afnemende biodiversiteit door:

  • Klimaatverandering;

  • Veranderend landgebruik: 1; Versnippering, verstoring en vernietiging van leefgebied (door verstedelijking, groei infrastructuur en verkeer, ontginningen, etc.) 2; Intensivering van de landbouw (intensivering gebruik en beheer, monoculturen, ontbossing, etc.);

  • Vervuiling (gebruik gewasbeschermings- middelen en andere chemicaliën, stikstof- depositie door uitstootgassen industrie, verkeer en landbouw, etc.);

  • Invasieve exoten;

  • Overexploitatie van grondstoffen (visserij, jacht, bosbouw, energie- en grondstoffenwinning).

 

Al deze factoren verminderen de veerkracht van het ecosysteem en tasten de biodiversiteit op veel manieren aan.

Bevolkingsgroei en demografie

De bevolking in de gemeente Putten zal steeds meer groeien. De verwachting is dat het inwonersaantal zal groeien van 24.598 (2022) naar 26.723 in 2040.1 Deels omdat er steeds meer mensen van buitenaf in Putten komen wonen en deels door natuurlijke aanwas. De bevolkingssamenstelling verandert ook: er wonen in 2040 relatief meer ouderen in Putten. Waar het percentage 65+ tot en met 80+ in 2022 21,5% bedraagt, is dit in 2040 27,4% geworden.

afbeelding binnen de regeling
De woningbehoefte groeit en verandert

Met de verandering van de bevolkingssamenstelling verandert ook de woningbehoefte. Het aantal huishoudens groeit in Putten van 9.846 in 2022 naar 11.206 in 2040. Dit wordt mede veroorzaakt doordat huishoudens uit minder mensen gaan bestaan. De vraag naar 1- en 2- persoons woningen stijgt en dit creëert een behoefte aan andere soort woningen. Woningen moeten kleiner en compacter worden gebouwd. Verder neemt onder andere de vraag naar woningen voor 75-plussers enorm toe. Die steeds omvangrijkere groep (kwetsbare) ouderen blijft door landelijk beleid ook steeds langer thuis wonen. Het gevolg hiervan is er een groeiende vraag naar (mantel) zorg en passende woonvormen (levensloopbestendig en beschermd). Voor de ouderen is er dus een grote vraag naar innovatieve woonvormen, maar ook voor de andere bewoners van Putten ontstaat hier vraag naar. Flexwonen is hier onderdeel van en biedt een tijdelijke oplossing bij woningnood. Vooral voor jongere huishoudens wordt het namelijk steeds moeilijker om op de huizenmarkt te komen en een geschikte woning te vinden. Dit komt ook door de grote concurrentie van de omliggende gemeenten. Een laatste recente trend is het groeiend gebrek aan woonruimte voor vluchtelingen en arbeidsmigranten als gevolg van conflicten en Europese plannen.

Aandacht voor gezondheid en welzijn groeit

 

Bewegen, ontmoeting en meedoen zijn ontzettend belangrijk voor het welzijn van Puttenaren. We zien momenteel een toename van inwoners met overgewicht in alle leeftijdsgroepen (bron: GGD Noord- en Oost-Gelderland, 2020). Speelplekken en sportvoorzieningen scoren een 2,3 op een schaal van 0-5 (bron: GGD Noord- en Oost-Gelderland, 2020). Inzet is nodig om de sportinfrastructuur te verduurzamen. Mogelijk krijgt Putten een nieuwe sporthal. Verder is er een grotere behoefte aan een breed aanbod van voorzieningen en faciliteiten als basis- infrastructuur. Intensiever samenwerken op sociaal vlak wordt steeds belangrijker (met de gemeente als netwerkpartner). We doen ook steeds meer beroep op de zelfredzaamheid van burgers. 14% van de Puttenaren woont alleen en 37% voelt zich wel eens eenzaam (bron: GGD Noord- en Oost-Gelderland, 2020). De inrichting van de openbare ruimte kan hier in sterke mate een verbetering in aanbrengen. Verder zet de gemeente in op campagnes/projecten op het terugdringen van overmatig alcoholgebruik, roken en overgewicht. Een ander mooi voorbeeld is het Project Pleintje, waar het buiten spelen weer een boost krijgt. Telefoons worden ingezet om jeugdigen weer meer buiten te laten spelen. Hieraan gekoppeld onderzoeken we de mogelijkheden om op dezelfde wijze volwassenen te stimuleren meer te gaan sporten en bewegen in de openbare ruimte. Belangrijk is om de negatieve milieueffecten aan te pakken door overmatige geluid en/of geurbelasting te voorkomen en luchtverontreiniging door verkeer en bedrijvigheid aan te pakken2. In Putten waren er in 2020 4.407 dagen ziekteverzuim door luchtverontreiniging (bron: GGD Noord- en Oost-Gelderland, 2020). Het verduurzamen van de mobiliteit en de bedrijvensector kan de luchtkwaliteit verbeteren. Een leefbare omgeving wordt steeds meer onderwerp van gesprek. Hittestress, wateroverlast, tekort aan groen en tekort aan voorzieningen lijken steeds meer een direct effect op onze welzijn en gezondheid te hebben.

Het veiligheidsgevoel neemt toe

Meer mensen voelen zich veilig in hun eigen omgeving (sociale veiligheid). De veiligheidsbeleving is in 2020 toegenomen ten opzichte van 2014 (veiligheidsmonitor). Het (fysiek) beschermen van de leefomgeving wordt nu nog ‘externe veiligheid’ genoemd, maar dat zal met de komst van de Omgevingswet veranderen. De nieuwe term wordt ‘omgevingsveiligheid’ en de Omgevingswet beoogt specifiek mensen in gebouwen te beschermen, omdat de meeste mensen zich voor het grootste deel van de dag binnenshuis bevinden. Nieuw is de komst van aandachtsgebieden en voorschriftengebieden. Ook zal klimaatverandering nieuwe risico’s meebrengen zoals hittestress, verdroging en kans op bosbranden. De energietransitie brengt mogelijk nieuwe veiligheidsrisico’s met nieuwe technieken zoals brandgevaar bij buurtbatterijen.

Sociaaleconomische verschillen nemen toe

De verschillen onder inwoners nemen toe, en de sociale problematiek wordt steeds complexer. Doelmatig en betaalbaar leveren van zorg komt steeds meer onder druk te staan en het maken van gezondere keuzes wordt steeds duurder.

Dit vraagt om een kanteling in de benadering. We willen meer investeren in een veilige en gezonde leef- en woonomgeving. Om zo te voorkomen dat duurdere en zwaardere interventies nodig zijn. We zien dat er steeds minder mensen in instellingen worden opgenomen

en er meer een plek moeten krijgen in de wijk. Dat vraagt om aanpassingen aan maar ook van de leefomgeving. Denk bijvoorbeeld aan het toegankelijk en ‘leesbaar’ maken van de wegenstructuur voor iemand met dementie.

De economie vraagt om ruimte, innovatie en verduurzaming

Het aantal banen in Putten neemt – na een beperkte krimp in 2013 – gestaag toe. Over de periode 2011-2020 komt deze groei van het aantal banen neer op een groei van 11,7%.

Daarmee ligt de groei van het aantal banen hoger dan de Nederlandse (+5,8%), Gelderse (+5,0%) en COROP-Veluwse (+6,9%) groei over diezelfde periode. De economie is wel in ontwikkeling. De lange termijn effecten van Corona en de oorlog in Oekraïne zijn nog niet

geheel duidelijk. Maar wat wel duidelijk is, is dat in iedere economische sector technologische ontwikkelingen steeds belangrijker worden voor een gezonde bedrijfsvoering. In iedere economische sector liggen er opgaven voor verduurzaming. Bij de verduurzaming van de technologieën moet ook de impact op de andere milieuthema’s betrokken worden. Daar waar mogelijk met de ambitie om naast verduurzaming ook een positieve impact te hebben op de andere milieuthema’s (bijvoorbeeld bodem, water, lucht). Duurzame economie moet leiden tot een leefbare of leefbaardere omgeving. Dit betekent dus ook een gezond en duurzaam ondernemend landschap, waarbij iedereen een boterham kan verdienen. Echter, binnen kaders: zodat inwoners een gezond leefklimaat blijven hebben. De stikstofcrisis brengt risico’s voor de natuurlijke biodiversiteit met zich mee, en zorgt voor uitdagingen in ontwikkelruimte  (van zowel bedrijvigheid als woningen). De 24-uurseconomie zorgt voor potentieel 24 uur lang overlast van bedrijfsprocessen (geluid, geur etc.).

We zien ook in toenemende mate de digitalisering van de samenleving en economie doorzetten. Dit heeft ook effect op de vitaliteit van detailhandel. Immers neemt door de toename van internetverkoop (e-commerce) het fysieke winkeloppervlakte langjarig af.

Hierdoor kan de Puttense winkelstructuur steeds meer onder druk komen te staan. Van de vier bedrijventerreinen worden het bedrijventerrein Ambachtsstraat (6 ha.) en het voormalige Sligro-/Emtéterrein getransformeerd. Om het verlies aan ruimte voor bedrijven te compenseren wordt een nieuw en duurzaam bedrijventerrein genaamd Henslare (7,2 ha., deelgebied Bedrijventerrein in ontwikkeling) nabij het NS-station Putten ontwikkeld. De behoefte aan bedrijventerreinen ligt op ruim 14 ha. Hoe hier invulling aan wordt gegeven komt naar voren in de Economische Visie (vaststelling 2023). Naast ruimtelijke vraagstukken, liggen er opgaven rond toekomstbestendigheid van werklocaties, samenwerking in de regio en dienstverlening vanuit de gemeente. Belangrijke onderdelen van de economie naast de maakindustrie en dienstverlening zijn de agrarische sector en de vrijetijdseconomie.

De agrifood sector verandert

Putten is een groene gemeente met agrarische bedrijven en grond die ter beschikking is gesteld voor de landbouw. Putten is van oudsher een plattelandsgemeente en de gemeente draagt de agrarische bedrijven een warm hart toe. Echter, er zijn landelijk en provinciaal diverse ontwikkelingen gaande die de agrarische sector onder druk zetten. Met name de stikstof problematiek  is daarbij urgent. De aandacht komt steeds meer te liggen op het versterken van de biodiversiteit, landschapsbeheer, dierenwelzijn en het beperken van milieubelasting. Er loopt momenteel een pilot natuur inclusieve landbouw in Veenhuizerveld. Ook andere ontwikkelingen zoals multifunctionele landbouw, schaalvergroting of juist extensivering, hebben invloed op het economisch perspectief van agrariërs en de uitstraling van het gebied. De verwachting is dat veel agrarische bedrijven zullen stoppen en dat er een afname is in het aantal agrarische bedrijven. Dit komt mede doordat veel boeren geen opvolger hebben om het bedrijf over te nemen. Dit is een ontwikkeling waar de gemeente helaas weinig invloed op heeft. Het functieveranderingsbeleid biedt agrarische ondernemers mogelijkheden op een verantwoorde manier hun bedrijfsvoering te beëindigen. De ruimte die vrijkomt kan worden ingezet voor bijvoorbeeld de energietransitie, klimaatadaptatie, recreatie, (flex)wonen, cultuur en natuur of kan natuurlijk weer opnieuw voor agrarische doeleinden worden ingezet. 

De recreatieve en toeristische sector groeit

Mede door de Corona pandemie zien we een grote stijging van vakanties in eigen land en dus ook op de Veluwe. De verwachting is dat deze trend zich doorzet naar de toekomst. We hebben ons eigen land ontdekt en worden

steeds klimaatbewuster. Het is belangrijk om bestemmingsmanagement toe te passen: inzetten op kwaliteit in plaats van kwantiteit van bezoekers. Korte en lange investeringstermijnen zijn belangrijk om steeds in te spelen op de veranderende wensen van de gast en om te kunnen blijven concurreren met overige toeristische sectoren. Landelijk wordt ook archeologie meer op de kaart gezet en ingezet voor onder andere recreatie en toerisme. Er is een landelijke lobby voor meer archeologische deskundigheid bij gemeenten. Er wordt bovendien gepleit voor het met regelmaat aanpassen van verwachtings- en beleidskaarten.

Mobiliteit neemt toe, verandert en verduurzaamt

Putten is gegroeid en het mobiliteitssysteem is niet meegegroeid. Hierdoor is de drukte op de wegen toegenomen. De ontsluitingswegen staan onder druk en raken vol. Ook leidt dit tot onveilige situaties. De ontwikkeling van een nieuwe ontsluitingsweg bij Halvinkhuizen zal zorgen voor minder drukte op bestaande wegen en een betere verdeling van het vele verkeer. Het verduurzamen van de mobiliteit wordt een belangrijk onderdeel van het ‘schoner’ maken van de gemeente en het bijdragen aan de klimaatdoelstellingen. Hier horen belangrijke keuzes over autobezit en parkeernormen ook bij. Aanbieden van deelmodaliteiten heeft de potentie om het (tweede) autobezit omlaag te brengen. Het openbaar vervoer aantrekkelijker en geheel elektrisch maken en het inzetten op laadpalen helpt ook om de keuze voor duurzame vervoersopties te stimuleren.

Energietransitie en beschikbaarheid grondstoffen

Putten heeft een aantal klimaatdoelen gesteld die moeten worden behaald in het jaar 2050. Om deze doelen te behalen moet de gemeente het energiesysteem duurzaam inrichten.

Opwekking, opslag en levering van duurzame energie vragen om ruimtelijke inpassing. De energie zal steeds meer fossielvrij (dat wil zeggen zonder CO2-uitstoot) en lokaal/regionaal opgewekt gaan worden. Regionaal wordt bijvoorbeeld bekeken waar en hoe duurzame elektriciteit, zoals wind- en zonne-energie en mogelijk mestvergisting voor biogas het beste opgewekt kan worden. Maar ook welke warmtebronnen er zijn, zodat wijken en gebouwen van het aardgas af kunnen. Ook wordt bekeken hoe we het beste energie kunnen besparen. De locaties van deze duurzame energiesystemen zijn aangewezen in RES-zoekgebieden. Woningen worden op grote schaal geïsoleerd en gaan van het gas af. De wijken worden aangesloten op nieuwe duurzame warmtebronnen om deze ’s winters warm te houden. Ten gevolge van klimaatverandering is koeling in de zomer ook een nieuw aandachtspunt geworden. Door grondstoftekorten die resulteren in prijsstijgingen en krapte op het energienet wordt de overgang naar duurzame energie en warmte systemen steeds complexer. Er bestaan risico’s op een verdere polarisatie tussen arm en rijk wanneer aandachtspunten zoals energie- armoede niet worden aangepakt. Dit kan de haalbaarheid van de klimaatdoelstellingen in het gedrang brengen.

3.2 Ambities

Inleiding

In deze paragraaf beschrijven we wat onze richtinggevende ambities zijn. In hoofdstuk 4 laten we zien wat onze visie is op kaart en hoe onze ambities een plek krijgen in onze leefomgeving. 

Onze prachtige ligging in een groen en divers landschap vormt de basis van Putten. Grote bosrijke natuurgebieden, een afwisselend agrarisch buitengebied, bijzondere landgoederen en authentieke kernen en buurtschappen vormen het decor waarin wij

zo prettig wonen, recreëren en werken. Dat die kwaliteiten blijven is niet vanzelfsprekend. Diverse ontwikkelingen zetten druk op de huidige situatie. Om de kwaliteiten veilig te stellen voor de toekomst en nieuwe, gewenste kwaliteiten toe te voegen, zetten we als gemeente in op een aantal gemeentebrede ambities. Wij streven naar een duurzame (fysieke) leefomgeving, waarin de mensen (sociaal/ cultureel), de planeet (ecologie) en de welvaart op harmonieuze manier in balans zijn. Hierin streven we sociale, ecologische en economische duurzaamheid na. Deze drie ambities zijn verbeeld in het Puttense Wiel:

  • We stellen de mens centraal

  • We zijn rentmeester van onze (dorpse en natuurlijke) leefomgeving

  • We blijven werken aan een vitale en gastvrije economie

Het Puttense Wiel met onze 3 hoofdambities
afbeelding binnen de regeling
We stellen de mens centraal, als gebruiker van de ruimte

Alle mensen in Putten doen ertoe. We vinden het belangrijk dat iedereen in Putten kan wonen, meedoen, elkaar kan ontmoeten, bewegen. En dat het er gezond en veilig is. In Putten stellen we de mens centraal, in alle ruimte die we nodig hebben om fijn in Putten te kunnen leven.

We zijn rentmeester van onze (dorpse en natuurlijke) leefomgeving

We hechten grote waarde aan onze dorpse gemeenschap en dynamiek. Rust en ruimte en de dorpse schaal is wat bewoners en bezoekers aan Putten bindt. Die rust en ruimte willen

we behouden en we zoeken naar een juiste balans tussen rust en reuring. We zijn ook rentmeester van onze natuurlijke leefomgeving en ons erfgoed. We beschermen ons groene buitengebied en de prachtige natuur in Putten, evenals bijzondere cultuurhistorische elementen. Hierbij zorgen we voor een goede afweging met andere ruimtevragers zoals de energietransitie, woonopgaven en de groeiende recreatiesector.

We blijven werken aan een vitale en gastvrije economie

Putten staat bekend om zijn vitale en goed functionerende lokale economie. De vele vakantieparken en prachtige routes maken Putten een hotspot op het gebied van recreatie in Nederland en op de Veluwe. Putten zet zich de komende jaren in om deze vitale en gastvrije economie nog sterker te maken. Daarnaast blijft Putten een gemeente voor de ondernemer. De Puttense economie wordt zoveel mogelijk circulair ingezet, zodat de fysieke omgeving, de bewoner en de portemonnee er baat bij hebben. De economie is dan de centrale verbinder tussen een gastvrij Putten als markt en als woonplaats.

3.3 Centrale Puttense opgaven

Inleiding

Hoe blijft Putten de komende jaren sterk verbonden, dorps, natuurlijk en economisch vitaal en gastvrij? Putten heeft veel verschillende ambities op het terrein van natuur en groen, wonen, voorzieningen, gezondheid,  samen leven en inclusie, duurzaamheid, economie, mobiliteit, recreatie, cultuur en veiligheid. Deze ambities zijn soms goed samen te realiseren. Maar soms ook niet. Putten hecht veel waarde aan de hechte gemeenschap, vitale kernen en de groene buitenruimte. We willen zorgvuldig en creatief met de ruimte omgaan, zodat we Putten vitaal kunnen houden.

In de omgevingsvisie zijn negen centrale opgaven uitgewerkt die goed het brede palet aan opgaven en ambities weergeeft. Een opgave is een maatschappelijk vraagstuk dat om een antwoord vraagt. Deze opgaven zijn gekoppeld aan onze drie ambities die onderdeel zijn van het Puttense Wiel. De negen centrale opgaven zijn:

  • Aangenaam wonen in Putten (1) 

  • Sociaal en vitaal Putten (2)

  • Veilig Putten (3)

  • Natuurlijk en groen Putten (4)

  • Cultuur en historische Putten (5)

  • Energieneutraal Putten (6)

  • Ondernemend Putten (7)

  • Bereikbaar Putten (8) 

  • Recreatief Putten (9)

In dit hoofdstuk zijn de negen centrale opgaven verder uitgewerkt. Per opgave zijn de belangrijkste thema’s benoemd. Enkele opgaven zijn verrijkt met een aantal analysekaarten die de huidige situatie, belangrijke plekken of lijnen, beschermingsgebieden of juist ambities beschrijven. 

Het Puttense wiel met de 9 opgaven in combinatie met de 3 ambities
afbeelding binnen de regeling

 

3.3.1 Aangenaam wonen in Putten
Een passende en betaalbare woningvoorraad voor de lange termijn

In Putten willen we ervoor zorgen dat de woningvoorraad op de lange termijn aansluit bij de woonbehoeften uit de samenleving.

Rekening houden met de ontwikkeling op langere termijn vraagt om flexibiliteit. Het realiseren van passende huisvesting zien we als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van inwoners, maatschappelijke organisaties en gemeentebestuur. We streven naar een evenwichtige woningvoorraad die alle segmenten omvat en alle doelgroepen

onderdak biedt. Bij voorkeur zijn woningen voor meerdere doelgroepen geschikt en daarmee ook op langere termijn inzetbaar. Er is een gezonde opbouw van de bevolking nodig om de vitaliteit van Putten en haar voorzieningen in stand te houden. Aandachtspunt hierbij is de doelgroep jongeren. Ook voor deze doelgroep willen we voldoende woningen bieden. We zetten ons

in om tot 2040 2.200* woningen te bouwen, aansluitend bij de prognoses voor de groei van het aantal inwoners in Putten. We bouwen voor de lokale behoefte, met extra aandacht voor starters en (vitale) ouderen. Hier is voldoende aanbod in sociale huur en betaalbare koop voor nodig. Woningbouwontwikkeling kan zo bijdragen aan een inclusieve samenleving voor jong en oud. We kijken met Woningstichting Putten naar mogelijkheden om doorstroming van ouderen in de sociale huur te stimuleren, waardoor meer mensen passend worden gehuisvest.

  • Gebaseerd op de intern gebruikte prognosecijfers van eind 2022 komen we uit op een woningaantal van 2200. Uit het Regionaal Woningmarktonderzoek komt voor wat betreft de bevolkingsprognose het volgende:

    Na 2030 groeit het aantal huishoudens ook nog, maar wel minder hard, doordat sterfte onder babyboomhuishoudens groter wordt.

  • Overal is behoefte aan extra woningen, maar de vraag is per saldo het grootst in goed bereikbare kernen met voorzieningen voor dagelijks en niet-dagelijks gebruik. Op de Noord-Veluwe verwachten we de grootste behoefte in de kern Harderwijk met 3.000 tot 4.000 woningen extra tot 2030. Ook andere grotere kernen kunnen rekenen op extra huishoudens, in aantallen die passen bij de grootte van de kern.

afbeelding binnen de regeling
Vernieuwende woonvormen

Om voorbereid te zijn op de behoefte op de lange termijn is flexibiliteit nodig, zowel qua vorm als qua regelgeving. Er valt te denken aan tijdelijke bouw of een eigendomsvorm die kan veranderen (huurwoningen die verkocht kunnen worden). We zetten in op vernieuwende woonvormen die aansluiten bij de woonbehoefte en creëren hier extra ruimte voor. Prioriteit ligt bij huizen voor kleine gezinnen, met meer buitenruimte en een kleinere binnenruimte. Tegelijkertijd komt uit de participatie naar voren dat driekwart van de 615 deelnemers inzetten op vernieuwende woonvormen en op geschikte plekken ruimte willen bieden aan woonconcepten bestaande uit 5 tot 7 bouwlagen. Dit om veel woningen toe te kunnen voegen, ruimte te besparen en woningen betaalbaar te houden. Met innovatieve bouwmethoden worden de bouwkosten en/of de ecologische voetafdruk gereduceerd, ten opzichte van traditionele manieren van bouwen. We vinden circulair en modulair bouwen dan ook interessant. We stimuleren dit bij onder andere aanbestedingen. Naast het bouwen van nieuwe woningen, kan ook de huidige voorraad aan gebouwen beter benut worden. We bieden ruimte aan het splitsen van woningen en hergebruik van vrijkomende bebouwing in het dorp. Daarnaast voeren we het functieveranderingsbeleid, waarbij in ruil voor sloop van bedrijfsbebouwing (en onder bepaalde voorwaarden) burger- woningen kunnen worden toegevoegd in het buitengebied of liever nog aan de rand van de bebouwde kom. Om spoedzoekers een kans op een woning te geven faciliteren we Flexwonen. We zoeken naar geschikte locaties voor 20-25 woningen, maar het kan bijvoorbeeld ook doordat we kleinschalig onder voorwaarden huisvesting tijdelijk toestaan op vakantieparken.

Prettige woonwijken: gezond en inclusief

We zetten in op zorgzame en inclusieve wijken. We maken goed wonen voor onze inwoners met een zorgbehoefte mogelijk. Dat vraagt om een integrale benadering van wonen, zorg en welzijn, samenwerking, mogelijkheden voor ontmoeting en geschikte  woonvormen  op de juiste plek. Hier passen we een integrale benadering van wonen, zorg en welzijn toe. Om te beginnen is daar een gezonde en aantrekkelijke woonomgeving met een hoge milieukwaliteit voor nodig. Ruimte voor sport en beweging is een belangrijk onderdeel van een gezonde woonomgeving. Bovendien biedt groen een aantrekkelijk omgeving om te sporten en bewegen en elkaar te ontmoeten. De woonomgeving van de toekomstige Uitbreidingslocatie Halvinkhuizen en het sportpark Putter Eng kunnen naadloos in elkaar overgaan. Verder kunnen sportverenigingen hun activiteiten verbreden wanneer dit de leefbaarheid van het dorp ten goede komt. Verder moeten mogelijke bronnen (bedrijven, wegen, etc.) met een relevante milieubelasting zich op voldoende afstand van woningen bevinden. Bovendien moet iedere woning een aangename zijde hebben: uitzicht op groen (we streven de 3/30/300 vuistregel na 1), geen geluid- (geluidluwe zijde) en/of geuroverlast, geen luchtverontreiniging en een veilige vluchtroute i.v.m. Omgevingsveiligheid. Putten zet zich in om de woonkwaliteit blijvend te monitoren. Op dit moment gaat het bijvoorbeeld al goed met het monitoren van afstanden tot groen en het zicht op groen in de wijk. Verder dragen mogelijkheden voor ontmoeting, toegankelijkheid en bereikbaarheid van voorzieningen bij aan vitaliteit (zie ook H3.3.2). Dit gaat vereenzaming tegen omdat mensen elkaar meer tegenkomen op straat. Om dit zo goed mogelijk op de wensen van bewoners aan te laten sluiten zorgen we voor meer betrokkenheid van inwoners bij de inrichting van de openbare ruimte. We stimuleren het aanpassen van woningen, woonomgeving en voorzieningen aan de wens of noodzaak van veel inwoners om (langer) zelfstandig te wonen en ten behoeve van toekomstbestendigheid.

Een speciaal aandachtspunt in Putten is goed wonen voor mensen met een zorgbehoefte. We stimuleren nieuwe woonvormen voor vitale senioren. We denken mee bij initiatieven gericht op het levensloopbestendig maken van woningen en aanpassingen aan woningen voor zorgcomponenten zoals mantelzorg of zorg aan huis.

Woningbouw locaties: transformatie boven uitbreiding

Het zwaartepunt van woningbouw ligt in het dorp Putten. Ook in buurtschappen kijken we naar woningtoevoeging op een passend schaalniveau. We vinden dat inbreiding boven uitbreiding moet gaan. En dan voornamelijk: transformatie boven uitbreiding. Transformatie van verouderde woningen of bedrijven biedt ruimte voor het toevoegen van nieuwe woningen binnen de bebouwde kom. We kiezen nadrukkelijk voor 3 woningbouwlocaties als Gebiedstype woongebied in ontwikkeling: De Bosrande (Transformatie Sligro naar wonen), Uitbreidingslocatie Halvinkhuizen en Ambachtstraat (locatie Ambachtstraat naar wonen). Inbreiding moet passen in de dorpse schaal en mag niet ten koste gaan van de bestaande omgeving, maar juist (groene) kwaliteit toevoegen. In bestaande woonwijken kan ook verdicht worden door splitsing van woningen of het toevoegen van nieuwe woningen. Hoogteaccenten (maximaal 4 tot 5 bouwlagen) op een aantal plekken in de kern zijn denkbaar en passen bij het dorpse karakter. Bij inbreiding moet wel aandacht zijn voor de balans tussen verharding (waaronder parkeren) en ruimte voor groen, in het voordeel van het groen.

Duurzaam wonen

We willen dat de Puttense woningen toekomstbestendig zijn, zowel de bestaande als nieuwe woningen. We streven dan ook naar een duurzame woningvoorraad  die zich kenmerkt door: groen, klimaatadaptief, natuurinclusief en energieneutraal. Duurzaam en circulair bouwen vinden we belangrijk en in Putten bouwen we in de toekomst bio-based. Een middel om initiatieven op duurzaamheid te toetsen is de BREAAM certificering of soortgelijke methoden. We stimuleren bewoners (zowel particuliere eigenaren als huurders) tot het nemen van energetische maatregelen zoals grootschalig isoleren en gebruik maken van alternatieve energie- en warmtebronnen. Daarnaast stimuleren we ‘Veluwe Duurzaam’: een energieloket met voorlichting over energiemaatregelen en klimaatadaptatie voor en door bewoners. Door het verergeren van wateroverlast, droogte- en hitteproblematiek dienen ook de woonomgevingen aangepast te worden gericht op een groene inrichting en het verminderen van het verhard oppervlak. Hier moet voldoende ruimte voor groen-blauwe structuren zijn. Maar ook op particulier terrein willen we dit stimuleren. Het behoud van aanwezig groen vinden we belangrijk. Het onderhoud zal plaatsvinden gericht op behoud.

3.3.2 Sociaal en vitaal Putten
Iedereen in Putten doet mee en is betrokken

Putten kent een rijk verenigingsleven, zowel op kerkelijk, sportief, sociaal en cultureel gebied. De inzet van vele vrijwilligers is hierbij bijzonder belangrijk en waardevol. Religie en het verenigingsleven zijn belangrijke dragers voor sociale samenhang. De gemeente Putten wil een sociaal vitale samenleving zijn, waarin inwoners zich actief inzetten voor elkaar,

hun buurtschap, wijk of dorp. Hierin doen inwoners (met ondersteuning van hun naasten en voorzieningen) mee aan de samenleving.

We kijken naar elkaar om en zetten in op ontmoeting in de buurt. Het bevorderen van gemixt wonen van jong en oud heeft een positief effect op de sociale samenhang in een wijk. Waar mogelijk stimuleert Putten deze ambitie.

De openbare ruimte is van en voor iedereen. Dit betekent dat iedereen er gebruik van moet kunnen maken. De openbare ruimte moet dus ook zo veel mogelijk toegankelijk zijn voor inwoners met een beperking. Er liggen kansen in het creëren van een levensloopbestendige woonomgeving die veilig is voor ouderen en uitnodigt tot ontmoeten (zie 3.3.1).

Het betrekken van de inwoners bij het maken en uitvoeren van plannen doen we in het licht van participatie en eigen regie. Breed draagvlak is essentieel voor inclusieve wijken. Wij zoeken naar manieren om zoveel mogelijk betrokkenen mee te nemen en ze te laten ervaren dat ze onderdeel zijn van het team. Ook kunnen inwoners waar mogelijk invloed uitoefenen op de plannen.

afbeelding binnen de regeling

 

In Putten hebben we passende voorzieningen van hoge kwaliteit

De leefbaarheid en de aanwezigheid van voorzieningen vinden we belangrijk. Er wordt kritisch gekeken naar het gemeentelijke voorzieningenniveau, waarbij gekozen wordt voor kwaliteit boven kwantiteit. We streven ernaar overal in Putten de leefbaarheid

naar een acceptabel niveau te brengen. In het dorp Putten, het buitengebied en alle buurtschappen. Het dorp is echter de kern voor de primaire voorzieningen. We streven ernaar om maatschappelijke voorzieningen goed te spreiden over het dorp. Zo worden ze voor iedereen goed bereikbaar. 

Toegankelijke en goed bereikbare voorzieningen op wijkniveau dragen bij aan een betere leefbaarheid voor inwoners. Men kan hierdoor langer zelfstandig meedoen aan de maatschappij. Alle voorzieningen zoals sportcomplexen en gezondheidscomplexen zorgen voor een verhoogde sociale duurzaamheid in Putten. Dit komt doordat zij activiteiten en voorzieningen aanbieden die de leefbaarheid van de omgeving verhogen. Leefbaarheid wordt ook vergroot door voorzieningen aan te bieden die aansluiten bij de behoefte van Puttenaren. Voor jongeren in de gemeente is er behoefte aan meer levendigheid in het centrum. We staan positief tegenover nieuwe initiatieven op dit vlak.



Het kan noodzakelijk zijn dat in de toekomst meer gezamenlijk multifunctioneel gebruik wordt gemaakt van voorzieningen en dat de betrokken partijen hun krachten bundelen. Servicepunten in de buurt, met een combinatie van functies, zullen belangrijk worden als ontmoetingsplekken voor bewoners en ondernemers.

In Putten werken we vanuit Positieve Gezondheid

De fysieke en sociale leefomgeving zijn niet los van elkaar te zien. Dat wat er geboden wordt aan fysieke voorzieningen wordt succesvol gemaakt door het gebruik van mensen. Denk aan een prachtig sportcomplex  dat tot bloei komt door inzet van betrokken en hardwerkende vrijwilligers. Of een aantrekkelijke groene omgeving die ontmoeting stimuleert  en daarmee eenzaamheid tegengaat. Dit vraagt om het leggen van verbindingen tussen beleidsterreinen om gezondheid van inwoners te bevorderen. Zowel in de thuissituatie, op wijkniveau als gemeentebreed. We streven een leefomgeving na waarin inwoners van alle leeftijden worden uitgenodigd tot bewegen en ontmoeten. Kansrijk is het aanleggen van goede fietspaden als ontsluiting naar voorzieningen zoals sportaccommodaties, scholen of zorgvoorzieningen (zie 3.3.9). Wandelen en fietsen wordt de norm. Ook  zetten we in op autoluwe schoolzones door parkeerplaatsen en autobewegingen rond scholen te beperken. Ouders worden zo uitgenodigd kinderen met de fiets te brengen  of iets verderop te parkeren. Zo voorkomen we verkeersopstoppingen en onveilige situaties. Interessant is ook het gebruik van digitale middelen in de openbare ruimte om zo meer mensen aan het sporten en bewegen te krijgen.

Het uitgangspunt hierbij is dat we denken vanuit de eigen kracht van de inwoner en zijn netwerk. We investeren gericht in het versterken van de informele netwerken. Zo versterken we de regie van inwoners voor preventie van zware problematiek en ondersteuning bij lichte problematiek. Hiermee willen we zwaardere problematiek voorkomen. Daarom hebben we op alle domeinen aandacht voor het gedachtegoed van positieve gezondheid. Bij besluiten die gaan over de fysieke leefomgeving wegen wij mee wat de effecten zijn op de gezondheid / het welbevinden van de mens als gebruiker van de leefomgeving. Mooie voorbeelden zijn antirookcampagnes, als de Rookvrije generatie, waarin we streven naar rookvrije omgevingen voor kinderen. 

Gezondheid en milieu

Een integrale benadering van de milieuthema’s (bijv. geluid, bodem en gezondheid), waarbij een gezonde en veilige fysieke leefomgeving centraal staat, heeft onze aandacht. Hiervoor vindt de gemeente Putten het belangrijk om ambities voor de  verschillende milieuthema’s te definiëren die aansluiten bij de gewenste en huidige milieubeleving in de verschillende gebiedstypen.

De te definiëren ambities met betrekking tot milieu zijn bedoeld om burgers te beschermen (op plekken waar geleefd, gewerkt en gerecreëerd wordt) of lokaal de natuurwaarden te beschermen. De gemeente Putten vindt het belangrijk de ambitiebepaling op het gebied van milieu de komende jaren verder te concretiseren, in lijn met de verdere en gelijkmatige invoering van de Omgevingswet. Dit met als doel de milieukwaliteit te verbeteren. Dit is iets dat jaren in beslag zal nemen. Tegelijkertijd vindt Putten het ook belangrijk dat deze ambitiebepalingen de gemeente niet op slot zet, en lokaal niet tot onoverkomelijke belemmeringen mag leiden. De huidige milieuruimte gebaseerd op wettelijke ruimte en lokaal en/of regionaal milieubeleid willen we behouden. Ontwikkelingen op de korte termijn die de gemeente wenselijk acht moeten uitvoerbaar blijven. Zo blijft Putten bijvoorbeeld een agrarische en ondernemende gemeente waar ruimte is en blijft voor landbouw en ook voor bedrijvigheid.

In beginsel hanteren we op hoofdlijnen het stand still-principe tenzij het stand still-principe zal leiden tot verslechtering van de huidige situatie (stilstand is achteruitgang) doordat

de toegestane immissie de gezondheid of de natuurwaarden blijvend gaat aantasten. Hiermee spreken we uit dat de lokale milieubelasting in globale zin niet mag toenemen. Met het oog op het invoeren van de Omgevingswet adopteren we in beginsel de Bruidsschat met de hierin opgenomen milieukaders voor zover deze niet leidt tot een toename van de milieuruimte ten opzichte van het lokale en/of regionale milieubeleid. Hierbij kan als voorbeeld genoemd worden, dat de huidige geluidsnormen voor het buitengebied van de gemeente Putten, gebied specifiek zijn gemaakt. De normstelling in dit beleid is strenger dan de normen zoals opgenomen in de Bruidsschat. In de overgangsperiode zal dus aangesloten worden bij het geluidbeleid (Nota industrielawaai). De Nota Industrielawaai zal in de toekomst worden geactualiseerd en onderdeel worden van het definitieve omgevingsplan, waarbij normen op basis van de in de omgevingsvisie gedefinieerde gebieden moeten worden vastgesteld.

Ambitiebepaling luchtkwaliteit

Luchtkwaliteitsnormen worden opgenomen in het besluit kwaliteit leefomgeving. Voor luchtkwaliteit gelden wettelijke grenswaarden. Ook zijn er streefwaarden benoemd door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De WHO-normen voor luchtkwaliteit zijn strengere normen dan die in Nederland worden gehanteerd. Het aansluiten bij de WHO-normen is een beleidsuitspraak die nog niet is genomen. Putten is ook nog niet aangesloten op het Schone Lucht Akkoord. We streven ernaar om de ambities op het gebied van luchtkwaliteit de komende 5 jaar te concretiseren.

3.3.3 Veilig Putten
Een veilige leefomgeving

Ook in de toekomst willen we in Putten een sociaal veilige en een fysiek veilige leefomgeving. In een sociaal veilige leefomgeving voel je je veilig en kun je je vrij bewegen zonder overlast en angst voor bedreigingen en criminaliteit door andere mensen. Bij fysieke veiligheid, waar je echt veilig bent, gaat het over bescherming tegen ongevallen, tegen niet menselijke factoren, zoals natuurrampen en om omgevingsveiligheid (o.a. bescherming tegen bedrijvigheid en vervoer gevaarlijke stoffen).

In Putten voel je je veilig
afbeelding binnen de regeling

n Putten bevorderen we de sociale veiligheid. Dit houdt in dat we het veiligheidsgevoel van de openbare ruimte verhogen, o.a. rond bedrijven, winkels en horeca. Wat hierbij kan helpen is bijvoorbeeld overzichtelijkheid en verlichting in de openbare ruimte. Sociale Veiligheid wordt onderdeel van het ontwerp in alle geplande ontwikkelingen. We hanteren hierbij de richtlijnen Sociaal veilig ontwerpen en CPTED (Crime Prevention Through Environmental Design).

De verschillende deelgebieden in Putten vragen allemaal om een andere aanpak en het is niet altijd even makkelijk om veiligheid in bestaande gebieden aan te pakken. Zo moet thuis voor iedereen een veilige plek zijn. Als dit niet mogelijk is zal deze veilige plek ergens

anders gecreëerd moeten worden. We zetten in op veilige vakantieparken door verdergaande samenwerking met team veiligheid, brandweer en politie. De verblijfsrecreatie in Putten houden we vrij van permanente bewoning

en ondermijning. We zetten ons in voor een veilig (agrarisch) buitengebied. De risico’s zoals ondermijning en druggerelateerde criminaliteit bij leegstaande bebouwing of opstallen bij agrariërs hebben de aandacht. We zetten ons verder in om sociale veiligheid in en rondom het stationsgebouw te garanderen. In het kader van het tegengaan van onder andere ondermijning hebben we een samenwerkingsverband met het PVO, het Platvorm Veilig Ondernemen.

Preventie is uiteraard ook erg belangrijk. Verrommeling in algemene zin zorgt bijvoorbeeld voor een onbehagelijk gevoel. Het voorkomen hiervan is een taak voor gemeente en handhaving en niet voor politie. We zorgen voor goede informatievoorziening over veiligheidsrisico’s voor inwoners. We zorgen dat we specifieke veiligheidsrisico’s voor de jeugd of geluidsoverlast goed in beeld krijgen en hier een passende aanpak voor vormgeven. In Putten wonen inwoners veilig en groeien kinderen veilig op. Inwoners kijken naar elkaar om en proberen te zorgen voor elkaar. Waar er zorgen zijn over de veiligheid van inwoners en/ of hun omgeving kunnen inwoners dit melden bij de gemeente. De gemeente draagt zorg voor een passend vervolg op deze meldingen.

In Putten ben je veilig

In Putten zorgen we dat de fysieke veiligheid en een veilige inrichting van onze leefomgeving op orde is. De Omgevingswet staat voor een veilige fysieke leefomgeving en ziet toe op de ontwikkeling van een goede Omgevingsveiligheid. Omgevingsveiligheid (onder de Wro heette dit Externe Veiligheid) gaat over het maken van goede afwegingen bij het toelaten van activiteiten met een veiligheidsrisico, zoals een bedrijf met gevaarlijke stoffen of het vervoer hiervan. Putten is zodanig veilig ingericht dat mensen die er wonen of werken, voldoende beschermd zijn bij een mogelijk ongeval. Dichte bebouwing kan problemen geven als mensen gebouwen of de omgeving willen ontvluchten bij een incident. Om dit te ondervangen, wordt de omgeving zo ingericht dat evacuatie van gebouwen en ook het ontvluchten van het hele gebied mogelijk is. We maken veilige routes naar centrale plekken. Bij (her)ontwikkelingen wordt rekening gehouden met de aandachtsgebieden voor brand, explosie en gifwolken. Dit geldt onder meer voor gebieden in de buurt van risicobronnen, zoals specifieke bedrijven, buisleidingen en transportroutes (weg, spoor, buisleidingen). In beginsel worden er geen nieuwe risicobronnen toegelaten, tenzij uit onderzoek gebleken is dat er geen belemmeringen zijn of ongewenste ruimtelijke effecten ontstaan. Gebouwen voor het verblijf van zeer kwetsbare groepen personen (zoals kinderdagverblijven, scholen en zorgbehoevenden) en vitale infrastructuur plaatsen we op een grotere afstand van mogelijke risicobronnen en dus niet binnen de aandachtsgebieden. Dit vergroot de mogelijkheid om mensen die niet zelfredzaam zijn in veiligheid te brengen. Door nabij de risicobron minder (kwetsbare) gebouwen toe te staan, zorgen we ervoor dat bij een calamiteit het aantal slachtoffers, letsel, hinder, overlast en economische schade beperkt blijven. Te allen tijde is een aanvaardbaar groepsrisico (GR) leidend. Natuurbrandrisico’s beperken we en de crisisbeheersing is op orde. We zorgen voor voldoende bereikbaarheid van hulpdiensten in de gehele gemeente, ook in autoluwe omgevingen en de vakantieparken.

afbeelding binnen de regeling

 

 

 

3.3.4 Natuurlijk en groen Putten
Afwisselend landschap

Putten wordt gekenmerkt door een groen, landelijk gebied met afwisselende landschappen. Het groen is van de bossen, polders en landgoederen. Er is ook water in de vorm van beken en randmeren. De natuurlijke omgeving is één van de belangrijkste kwaliteiten van het wonen en leven in Putten en reden waarom bezoekers hier komen. De kwaliteiten van deze landschappen willen we behouden en waar mogelijk versterken in onderlinge samenhang. Het landschap wordt versterkt op basis van de historische landschappelijke structuren, waarmee de oorspronkelijke cultuurlandschappen herkenbaar zijn.

Vanuit Groen en Erfgoed beschermen we dit cultuurlandschap. We zetten ons samen met onze partners van het buitengebied in op het herstellen van oude beken en waterlopen.

Dit is een grote uitdaging gezien de huidige droogteproblematiek. Ontwikkelingen die een negatieve impact hebben op het behoud van beken en waterlopen worden geweerd, terwijl initiatieven die deze herstellen worden verwelkomd. 

De natuur is van waarde en wordt in haar waarde behouden. Een van de uitdagingen hierbij is het vinden van een goede balans. Enerzijds zetten we in op het behouden en versterken van natuur en landschap. Anderzijds zoeken we in ons buitengebied naar ruimte voor de opgaven van energietransitie, klimaatverandering, stikstofproblematiek en de landbouwtransitie. Als gemeente willen we graag integraal kijken naar deze problematiek, wat betekent dat we op zoek gaan naar gezamenlijke oplossingen en mogelijke koppelkansen. Hierin trekken we samen op met de provincie, waterschap, landeigenaren en andere betrokkenen.

Om ook in de toekomst economische dragers te vinden voor de natuur is verweving met andere functies zonder bebouwingsmogelijkheden mogelijk, mits de te beschermen natuurwaarden behouden blijven.

afbeelding binnen de regeling
Water en bodem sturend

In de afgelopen decennia zijn steeds vaker keuzes gemaakt die los stonden van de natuurlijke systemen (bodem, water, grondstoffen en klimaat). Door allerlei technische oplossingen was dat minder noodzakelijk. De keerzijde van technische oplossingen is dat die – mede onder de invloed van klimaatverandering – kwetsbaar zijn gebleken en niet erg duurzaam. Door bodem en water (weer) sturend te laten zijn in de ruimtelijke ordening, kunnen we ook  in de toekomst (met een ander en grillig klimaat) blijven leven, wonen en werken. In een veilige omgeving, met een gezonde bodem en voldoende en schoon water. Als bijdrage aan deze doelstelling kan worden gedacht aan het inrichten van brede bufferstroken in beekdalen (van 100-250 meter aan beide zijden van de beek) voor waterberging, de bossenstrategie, groenblauwe dooradering en vertraging van de waterafvoer in de zomer naar lager gelegen gebieden1. De gemeente Putten volgt daarmee het landelijke besluit dat mede is genomen op basis van de adviezen van de Deltacommissaris en de heer Remkes. De komende jaren richten we ons hierbij op de volgende opgaven:

  • De gemeente neemt de regie op de inrichting van de ondergrond en legt dat vast in het nog op te stellen omgevingsplan

  • De gemeente gaat natuur-inclusief (kringloop) bodemgebruik en -beheer stimuleren en waar mogelijk zelf toepassen

  • De gemeente draagt bij aan het realiseren van voldoende water

  • Verbeterde weerbaarheid tegen droogte (o.a. door afkoppelen, water vasthouden, etc.)

  • Beter inzicht in grondwateronttrekkingen (in samenwerking met waterschap en provincie)

  • Inzetten op waterbesparing door bewoners en bedrijven (o.a. door communicatie)

  • De gemeente draagt bij aan het realiseren van schoon en gezond water door een goede invulling van de zorgplichten ten aanzien van afvalwater (rioolbeleid), door maatregelen in het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW) bijzondere aandacht voor grondwaterbescherming in en rond het drinkwaterwingebied

  • De gemeente draagt bij aan het realiseren van ruimte voor water, o.a. door gebiedsgericht ruimte te maken voor vasthouden, bergen en afvoeren van water (mede op basis van de uitkomsten van  de uitgevoerde klimaatstresstest)

 

Uiteraard blijft de gemeente Putten bij al deze opgaven samenwerken met anderen: provincie, waterschap, Omgevingsdienst (ODV), buurgemeenten en bewoners en bedrijven. Het beleid ten aanzien van bodem, milieu, water, riolering en klimaatadaptatie wordt uitgewerkt binnen de voorgestelde programmastructuur. Daarbij wordt ook gekeken naar de regelgeving. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden de mogelijkheden om lokaal af te wijken van de landelijke milieunormen vergroot. Zo wordt een groot aantal Rijksregels overgedragen aan de gemeenten (de zogenaamde “bruidsschat”). Gemeenten kunnen daarbij zelf besluiten of ze deze regels willen behouden, willen aanpassen of willen schrappen. De (nieuwe) regels worden van kracht door het vaststellen van een omgevingsplan. Hiervoor hebben gemeenten enkele jaren de tijd en is er tot die tijd sprake van een overgangsfase (“overgangsrecht”).

Duurzaam, veilig en efficiënt gebruik van bodem en ondergrond: 3-D Ordening

De gemeente Putten werkt op grond van de omgevingsvisie ook aan een duurzaam, veilig en efficiënt gebruik van bodem en ondergrond. Doelstelling is dat een zorgvuldige  afweging van gebruik en bescherming van bodem en ondergrond in de komende jaren structureel onderdeel wordt van alle relevante ruimtelijke planprocessen. Naast het bovengrondse (twee dimensionaal – 2D) gebruik van de fysieke leefomgeving, vormt ‘bodem  en  ondergrond’ de derde dimensie van ruimtelijke ordening. Dit geheel wordt aangeduid als ‘3D-Ordening’. Dit betekent dat bovengrondse ruimtelijke ordening wordt afgestemd met de ondergrondse (on) mogelijkheden ten aanzien van bodemkwaliteit, grondwater (kwantiteit en kwaliteit), kabels en leidingen, ondergrondse energiesystemen, archeologie, etc. Deze 3D-ordening is een opgave voor ons als gemeente in samenwerking met provincie, omgevingsdiensten en vele andere partijen. Onze speciale aandacht bij het beheer en gebruik van de ondergrond gaat uit naar de volgende zaken:

  • Bodemkwaliteit: De bodem kent verschillende kwaliteiten en functies (zie afbeelding).

    Het is belangrijk dat de milieuhygiënische bodemkwaliteit past bij de beoogde functie. We streven naar een meer integrale benadering van de bodem, waarbij meer ruimte is om, naast de chemische kwaliteit van de bodem, ook fysische en biologische aspecten mee te wegen. Een vitale bodem is een bodem waarin zowel de chemische, biologische als fysische kwaliteit op orde is. Dit maakt de bodem weerbaar voor veranderingen zoals droge of juist hele natte periodes en weerbaar tegen plagen en ziekten.

  • Invasieve exoten: In het beheergebied van Putten komen, net als elders in Nederland ‘invasieve exoten’ voor: planten die hier niet van nature voorkomen, maar door de mens zijn geïntroduceerd. Een voorbeeld is de Japanse Duizendknoop. De plant kan veel schade aanrichten aan infrastructuur en biodiversiteit, verspreidt zich  makkelijk en is moeilijk te bestrijden. Het is dan ook onwenselijk, en bij wet verboden, dat de plant zich door grondverzet verspreidt. Bij grondverzet moet ook worden geverifieerd of de Japanse Duizendknoop, Sachalinse Duizendknoop en de Bastaardduizenknoop voorkomen op locatie.

  • Zeer Zorgwekkende Stoffen: Opkomende verontreinigingen zijn de laatste decennia veelvuldig in het nieuws geweest; denk aan DDT, asbest, PCB’s, dioxinen, MBTE, Chroom IV, lood en PFAS. Het zijn vaak stoffen die we al heel lang gebruikt hebben en die de bodem historisch en diffuus belast hebben of geleid hebben tot lokale hotspots. Het zijn de nieuwe inzichten die maken dat we in actie moeten komen om middels goed bodembeheer de toekomstige effecten te mitigeren. Onder de Omgevingswet zal de gemeente als beheerder van de fysieke ruimte een verantwoordelijkheid hebben.

  • Niet gesprongen explosieven: Op sommige plaatsen in Nederland bevinden zich nog onontplofte explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in de bodem. Deze leveren een gevaar op,  vooral als ze verplaatst of aangeraakt worden, bijvoorbeeld  bij  graaf- of baggerwerkzaamheden.

    Door vooraf te onderzoeken of er mogelijk niet gesprongen explosieven aanwezig zijn in een gebied, kan voorkomen worden dat een project onverwachts onderbroken moet worden.

  • Asbest: In onze regio is vaak sprake van sloop van panden  met asbesthoudende/asbestverdachte daken. Ook al worden de asbesthoudende daken al op een goede manier aangepakt, de (mogelijk) asbesthoudende druppelzone wordt hierbij dikwijls vergeten. Uit onderzoek blijkt dat in een aanzienlijk deel van onderzochte asbest-inspoelzones sterk verhoogde asbestconcentraties worden aangetroffen. We streven naar een verplichting voor bodemonderzoek naar asbest voorafgaande aan sloop om risico’s voor de gezondheid te minimaliseren.

afbeelding binnen de regeling
Groenblauwe klimaatadaptieve woon- en leefomgeving

Een woon- en leefomgeving met een grote hoeveelheid groen en water dient meerdere doelen. Eén daarvan is de omgang met het veranderende klimaat. Het is onze taak als gemeente om te zorgen voor een leefbare omgeving, daarom werken we toe naar

een klimaatbestendige en waterrobuuste (gebouwde) inrichting van onze leefomgeving2. Hierin voorkomen we schade door hitte, droogte en hevige neerslag dankzij de verkoelende sponswerking van groen. In dit kader dragen we zorg voor een veilige en efficiënte waterhuishouding en een robuust en duurzaam bodem- en watersysteem. In onze leefomgeving geven we hier invulling aan door water vast te houden, te bergen en vertraagd af te voeren.

Zo kunnen we ruimte bieden aan extra hemel- water en hebben we een buffer in tijden van droogte. Bovendien kiest Putten voor behoud en waar mogelijk uitbreiding van de bestaande groenstructuren binnen de bebouwde kom. Hierbij gaan we uit van de 3‑30‑300 vuistregel (zie kader). Hemelwater dient ook in deze groene zones gebufferd te worden en niet direct naar het riool te stromen. Daar zijn aanpassingen voor nodig in de ondergrond, zoals wadi’s. Dit nemen we standaard mee wanneer we werken aan de (her)inrichting van een gebied. Ook is er voldoende ruimte nodig voor de wortelgroei van bomen in de ondergrond. Kabels en leidingen clusteren we zoveel mogelijk om deze ruimte te behouden. Verder kunnen ook groene daken bijdragen aan het vertraagd afvoeren van water. We lichten bewoners in over de mogelijkheden en beschikbare subsidies voor het installeren van een groen dak.

afbeelding binnen de regeling

Als gemeente geven we invulling aan de grondwaterzorgplicht en het beschermen van het grondwater, zowel kwantitatief als kwalitatief, in het win- en beschermingsgebied Krachtighuizen en daarbuiten. Grondwatertekorten dienen we te voorkomen. We borgen de drinkwaterbelangen en vinden een goede balans tussen beschermen van het grondwater en benutten van de omgeving. Afgelopen jaren is er een traject doorlopen rond Aanvullende Strategische Voorraden (ASV) drinkwater binnen de gehele provincie. Dit heeft destijds nog geen opgave opgeleverd voor Puttens grondgebied. Op langere termijn is het mogelijk dat er (alsnog) 10% meer winning komt in Putten. We blijven de noodzaak en mogelijkheden hiertoe in de gaten houden en zetten maximaal in op (bewustwording t.a.v.) zuinig omgaan met water.

Een manier om de hoeveelheid groen binnen de bebouwde kom te vergroten is het stimuleren van groeninitiatieven. We faciliteren het vergroenen van private ruimte (tuinen en terreinen) en schoolpleinen en zetten maximaal in op het vergroenen van de openbare ruimte, waar mogelijk in samenwerking met private partijen. Een succesverhaal is bijvoorbeeld het boomadoptieplan1. We bieden mogelijkheden aan bewoners om stukjes openbaar groen in eigen beheer te nemen, zodat het voor bewoners mogelijk is hier meer biodiversiteit toe te voegen en op een leuke manier gebruik van te maken.



Daarnaast bestaat een groot deel van het Puttense groen uit tuinen. Er is dus ook veel winst te behalen in het behouden en stimuleren van groene tuinen van Puttenaren. We onderzoeken manieren om dit vast te leggen in ons nog op te stellen omgevingsplan. Te denken valt aan strengere kapvergunningen, betere handhaving en het vastleggen van maximale percentages verharding in tuinen.

Biodiversiteit en ecologie

De groenstructuur bestaat uit vitaal groen en ecologisch waardevol groen, zowel in het buitengebied als binnen de bebouwde kom. Hiervoor is een gezonde bodem in de hele gemeente een randvoorwaarde. Ook is het van belang dat groene gebieden met elkaar verbonden zijn. Onnodige doorsnijding doorinfrastructuur dient voorkomen te worden en waar nodig leggen we nieuwe verbindingen aan. Hierbij hoort ook dat we bij (her)inrichten van de openbare ruimte het hoogwaardig groen vanuit de Veluwe de wijken intrekken om deze gebieden met elkaar te verbinden.

Binnen de bebouwde kom werken we aan ecologisch groen door een rijke variatie aan klimaatbestendige beplanting te kiezen in onze groenstructuren. Waar mogelijk kiezen we voor soorten die oorspronkelijk in het gebied voorkomen, maar steeds meer is het belangrijk om soorten te kiezen die ook bestand zijn tegen droogte. Een rijke variatie in de natuur zorgt ervoor dat deze ook beter bestand is tegen ziekten en plagen. We passen dit zelf toe maar vragen dit ook aan ontwikkelaars. Bij nieuwe initiatieven nemen we deze vorm van beplanting als eis op, inclusief een instandhoudingsverplichting voor de initiatiefnemer.

In de gehele gemeente houden we goed in de gaten of er invasieve exoten zijn die om een gerichte aanpak vragen. Ook de manier waarop we ons groen beheren kan bijdragen aan biodiversiteit. We passen ecologisch maaibeheer toe. Zo ontstaan er wilde bermen, die zowel leefgebied voor insecten bieden als een aantrekkelijke uitstraling hebben. Bovendien stimuleren we bloemrijke akkerlanden op boerenerven en percelen.

De vakantieparken hebben een belangrijke positie tussen het bosgebied en de rest van het buitengebied. Door hier in te zetten op meer natuurontwikkeling dienen ze als een natuurlijke overgang tussen de twee zones. Ook hier vergroten we het aandeel loofbos door een deel van de naaldbossen hier naartoe om te vormen. Zo vergroten we biodiversiteit en verkleinen we natuurbrandrisico’s. We helpen de ondernemers de juiste deskundigheid en financiële ondersteuning te vinden om dit goed vorm te geven.

In het buitengebied helpt recreatiezonering om bepaalde gebieden te ontzien van recreanten op tijden waarop dit nodig is. Binnen bos- en natuurgebieden zetten we in op gerichte sturing aan soortsamenstelling en bosstructuur. We zorgen voor een gevarieerd heidegebied om biodiversiteit te verhogen.

Slim bosbeheer

In het boscomplex in de gemeente Putten streven we naar versterking van de natuur en natuurwaarden. Inzet op recreatie en natuur hebben prioriteit boven houtoogst. We werken toe naar een vitaal bosareaal met afwisseling tussen loof- en naaldbos. Het aanbrengen

van meer variatie in loof- en naaldbomen draagt namelijk bij aan een toename in biodiversiteit, maar ook aan droogtebestrijding en natuurbrandpreventie. In het boscomplex vindt alleen uitdunning van het bos plaats in het kader van duurzaam bosbeheer.

Uitgangspunten bomenbeleid

In de gemeente Putten staan talrijke bomen in eigendom van particulieren of van de gemeente. Samen zorgen ze niet alleen voor een aantrekkelijk straatbeeld. Ze hebben ook waarde in de zin van verkoeling en schaduw. Ze filteren schadelijke stoffen uit de lucht, vangen regenwater op, verminderen stress, en hebben onder andere een positief effect op de gezondheid en het herstelvermogen van mensen. Kortom, bomen zijn onmisbaar en van essentieel belang voor een gezonde leefomgeving voor mens en dier. De slogan ‘Putten bomendorp’ moet recht gedaan worden door de boomstructuur en de waardevolle bomen als groen geraamte van Putten (zoals aangegeven op kaart Natuurlijk en Groen Putten in dit hoofdstuk) te behouden en waar mogelijk uit te breiden. De gemeente neemt de verantwoordelijkheid door het groene geraamte met de belangrijke boomstructuren, monumentale en andere beschermwaardige, waardevolle bomen te beschermen door niet te kappen tenzij strikt noodzakelijk. Hierbij worden de leeftijd, conditie en het kroonvolume van de boom meegenomen als belangrijke criteria voor behoud van die boom. Er mogen nieuwe waardevolle bomen worden aangewezen (met een verhoogde beschermingsstatus) indien de geschatte leeftijd van de boom minstens 40 jaar is, deze in goede conditie verkeert en geen risico voor de omgeving vormt. Hiervoor kunnen bewoners nominaties inbrengen. 

De visie op bomen zet in op de volgende ontwikkelpunten;

  • Invulling geven aan de slogan ‘Putten bomendorp’; een duurzaam, divers, vitaal en veilig boombestand.

  • Het groene geraamte van Putten vastleggen en beschermen; behoud, beschermen en waar mogelijk uitbreiding van het bomenareaal.

  • Duurzaam en toekomstbestendig beheer van het bomenareaal; een opmaat voor beleid en  beheer van bomen

  • Waar mogelijk ontbrekende bomen in de bomenstructuur aanvullen; om een samenhangende structuur te creëren. Dat betekent bij ruimtelijke plannen waar mogelijk het complementeren van bomenlanen en pleinen

Het uitgangspunt voor versterking en uitbreiding van de boomstructuur is: de juiste boom op de juiste plaats. De groeiplaats van een boom biedt voldoende voeding, vocht, lucht en ruimte om uit te kunnen groeien tot een volwassen (> 35 jaar) en duurzame boom. De boom blijft gezonder, is minder vatbaar voor ziektes en plagen en vormt minder snel dood hout.

Daarom kiezen we ook vaker voor meerdere, indien mogelijk, inheemse boomsoorten in een laan. Hiermee vergroten we ook de biodiversiteit in straten en parken. Kwaliteit in plaats van kwantiteit. We focussen niet op de individuele boom maar op het totale kroonvolume omdat dat bijdraagt aan verkoeling, biodiversiteit (insecten en nestplaatsen voor vogels) en groenbeleving. Kiezen voor kwaliteit betekent dat herplant niet altijd één op één wordt uitgevoerd.

Het kan ook zijn dat alternatieve locaties worden gezocht om de beste groeiplek te vinden. Voor elke boom die binnen de kom gekapt wordt, komen er ergens binnen de kom van Putten twee bomen terug. Een knelpunt voor herplant is de aanwezige en uit te breiden ondergrondse infrastructuur.

afbeelding binnen de regeling

 

 

afbeelding binnen de regeling

 

3.3.5 Energieneutraal Putten
Een duurzaam energiesysteem in 2040

Gemeente Putten onderschrijft de landelijke doelstelling van een klimaatneutrale energievoorziening in 2050. Klimaatneutraal geeft aan dat een product of dienst niet bijdraagt aan klimaatverandering. De uitstoot van alle broeikasgassen binnen de gemeente Putten wordt tot nul teruggebracht. In 2030 zetten we als tussentijds doel in op 55% minder CO2 uitstoot ten opzichte van de niveaus van 1990. Om deze ambities te realiseren zal worden ingezet op een combinatie van maatregelen op het terrein van energiebesparing, energieopwekking en gedrag.

We willen de energietransitie integraal benaderen door rekening te houden met de bijkomende effecten van ingrepen.

Voorbeelden zijn bodemkwaliteit bij realisatie van bodemenergiesystemen, mogelijke geluidsoverlast bij warmtepompen en geluid en slagschaduw bij windturbines. Indien onwenselijke effecten optreden, treffen

de initiatiefnemers de nodige overlast

verminderende maatregelen.

Bij de energietransitie houden we ook rekening met het gebruik van de ondergrond (3D ordening). Er wordt rekening gehouden met de huidige infrastructuur in de ondergrond. Voor de keuze voor mogelijke energiesystemen wordt rekening gehouden met de mogelijke interferentie tussen de systemen. Regels over de plaatsing en verplaatsing van het systeem worden gecentraliseerd en op elkaar afgestemd.

Het is onze wens om het draagvlak voor de energietransitie onder inwoners te vergroten. Hiervoor is het noodzakelijk dat er ruimte is voor lokaal eigenaarschap bij energieprojecten. We gaan voor een zo lokaal mogelijke financiële participatie in energieprojecten. Waarbij

we streven naar 50% lokaal eigenaarschap conform de nationale klimaatdoelstellingen. Dit verhoogt het draagvlak en zorgt dat de lokale Puttenaar ook meeprofiteert van lokale energie initiatieven. Dit kunnen bedrijven maar ook individuele bewoners zijn. 50% lokaal eigenaarschap,  ofwel in een fonds ofwel in een coöperatie, is een eis voor het toestaan van nieuwe initiatieven. Daarnaast willen we meer ruimte bieden aan initiatieven vanuit de samenleving die bijdragen aan de ambities van de gemeente. Dit doen we door in een vroeg stadium van de planvorming samen te werken en op zoek te gaan naar de beste vorm en randvoorwaarden.

 

afbeelding binnen de regeling

 

Energiebesparing

De allereerste stap is ervoor te zorgen dat het energieverbruik naar beneden gaat. Dit is de stap die het meeste oplevert. Alle energie die minder verbruikt wordt is namelijk directe besparing. Voor de gemeente Putten betekent dit dat de grootste winst te behalen valt in het isoleren van al onze woningen. Waarbij minder verbruik minder impact en minder kosten betekent. Dit is winst voor iedereen.

De ambitie is om voor 2030 alle huizen in Putten op BENG niveau conform bouwbesluit te hebben geïsoleerd. Het stimuleren van energiebesparing in de bestaande bouw of in de nieuwbouw kan soms via juridische instrumenten, soms via financiële, en meestal met goede communicatie. We zorgen voor goede handhaving bij het monitoren van juridische instrumenten (zoals BENG en de toepassing van energiebesparende maatregelen binnen het bedrijfsleven). Er moet goed gecommuniceerd worden over landelijke en provinciale regelingen

en subsidies die beschikbaar zijn ten behoeve van energiebesparing. Hierin werkt Putten samen met haar partners in de regio. Gemeente Putten kiest er daarnaast voor om binnen de eigen organisatie een voorbeeldrol te vervullen en op te treden als kansenmakelaar.

Grootschalige energieopwekking

Om klimaatneutraal te worden is het van belang dat onze elektriciteitsvoorziening uit groene stroom gaat bestaan. Hiervoor moeten we lokaal duurzame energie opwekken. In eerste instantie zetten we in op het stimuleren van zonne-energie onder bewoners, bedrijven, maatschappelijk vastgoed en agrariërs. Minimaal 45% van het totale dakoppervlak in de gemeente is geschikt voor zonne-energie (volgt uit Beleidsplan Klimaatneutrale gemeente 2050). We streven binnen de RES-regio naar 100 hectare zon op dak. Putten draagt daar haar steentje aan bij met 10 hectare aan zon op dak voor 2040, te rekenen vanaf peiljaar 2022. We stellen eisen aan nieuwe bedrijfsdaken om constructief sterk genoeg te zijn voor PV-installaties op dak. Ook stellen we eisen aan nieuw te vestigen bedrijven voor het plaatsen van zon op dak. Door middel van voorlichting aan bewoners stimuleren we het plaatsen van PV-installaties op particuliere daken. We stimuleren actief zon op dak bij bedrijven en ondernemers door hen te benaderen met het project Zon op Dak.

Naast het gebruik van bestaande bebouwing is ook in het buitengebied plaats voor duurzame energiebronnen, mits dit de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten niet onevenredig schaadt. De gemeente Putten heeft een doelstelling voor Grootschalige Energieopwekking gesteld binnen de Regionale Energiestrategie en staat open voor de ontwikkeling van zonnevelden en windmolens. Deze zullen per initiatief getoetst worden aan het beleidskader Grootschalige Energieopwekking. Hier wordt, vooraf aan de formele procedure tot vergunningverlening, participatie meegenomen en gekeken naar welke ruimtelijke randvoorwaarden er gelden op de voorgestelde locaties. Op basis van de inbreng van het participatietraject wordt de overweging opgesteld. Dan wordt het plan ter advisering voorgelegd aan de gemeenteraad. Bij een positief advies kan de vergunning worden verleend. Hiermee doelt de gemeente Putten op het stellen van groot belang in participatie, naast het zich ten doel stellen te helpen de nationale klimaat doelstellingen

te halen. Tot slot wordt er alles aan gedaan om dit in samenwerking te laten gebeuren met de omgeving, inpasbaar in de omgeving. Multifunctioneel (meervoudig) ruimtegebruik krijgt de voorkeur boven enkelvoudige aanvragen bij grootschalige energieprojecten.

Energieopwekking met bijvoorbeeld agrarische activiteiten, of pure stroom opwekking met stroom opslag en bij voorkeur lokaal gebruik van stroom bijvoorbeeld door elektrisch laden.

Windenergie levert een belangrijke bijdrage aan het behalen van de ambitie om klimaatneutraal te worden. Hier is in Putten beperkt ruimte voor, gezien de waardevolle landschappen met cultuurhistorische waarden.

In de Regionale Energie Strategie (RES) is het zoekgebied Wind Nuldernauwkust (met eventueel uitbreiding langs de A28) opgenomen als mogelijke locatie voor het grootschalig opwekken van windenergie. Hier is in ieder geval ruimte voor zeven windmolens. We

zien dit als kansrijke locatie om aan onze energiedoelen te kunnen voldoen. Uit de participatie is gebleken dat de bevolking hiertoe mogelijkheden ziet.

De komende 10 jaar is netcongestie waarschijnlijk één van de grootste infrastructurele uitdagingen. We hebben als gemeente korte lijntjes met netbeheerder Liander en leveren systematisch nieuwe ontwikkelingen die relevant zijn voor de netcapaciteit aan. Samen streven we ernaar obstakels in de netcapaciteit zo spoedig mogelijk op te lossen en verdere opstopping te voorkomen. Naast zon en wind kan ook gedacht worden aan de mogelijkheid om biogas op te waarderen tot groen gas met de kwaliteit van regulier aardgas.

Hoeveel duurzame energie kunnen we opwekken?

De energievraag van Putten is 0,17 TWh.

Zon

Moderne zonnepanelen hebben een vermogen van 1.000 kW per hectare (100x100 meter). Er is ruimte voor 10 ha aan zon op dak in Putten (peildatum 2022). 10 ha zon op dak levert 9 miljoen kWH per jaar aan stroom. 10 hectare zon op dak levert stroom voor 3000 huishoudens. Nu zijn er 9.900 huishoudens in Putten. Met het volledig benutten van de potentie voor zon op dak (10ha) kan er dus voor 30% in de stroomvraag van Puttense huishoudens worden voorzien.

Wind 

  • Moderne windmolens hebben eengebruikelijk vermogen van 6MW 

  • 1 molen van 6MW levert19,4 miljoen kWH per jaar aan stroom

  • 1 huishouden verbruikt ongeveer 3.000 kWH per jaar

  • 1 6MW molen levert stroom aan 6474 huishoudens per jaar

  • 7 6MW molens leveren stroom aan bijna 45.000 huishoudens In 2022 zijn er 9.900 particuliere huishoudens in Putten (Bron: CBS).

 

Met het plaatsen van 7 windmolens kan er dus ruimschoots aan de energiebehoefte van huishoudens in Putten worden voldaan. Hierbij wordt in 2022 nog geen rekening gehouden met de warmtevraag. Zodra dit volledig op stroom wordt overgezet kan een stroomvraag stijging van minimaal 60 % worden verwacht (Bron: Liander). Daarnaast is de grootste energievraagbehoefte de bedrijvigheid in Putten. Gebaseerd op cijfers uit 2019 voorzien 7 windmolens van 6MW in ongeveer 20% van de totale energiebehoefte van gemeente Putten.

 

 

afbeelding binnen de regeling

 

Opslag van energie

Zonder opslag van duurzame energie overschotten, worden wij in Putten niet energieneutraal. Dit betekent dat wij bij alle energie opwekkingsinitiatieven gaan nadenken over slimme manieren van energie opslag.

Dit kan bijvoorbeeld door waterstof. Er zijn ook andere varianten, zoals het omzetten van energie in warmte of dat je ervoor zorgt dat de

energie leverancier in de buurt zit en afgestemd is op de gebruiker. Zo zorgen we voor een nuttig gebruik van accu’s in de gebouwde omgeving, zoals accu’s van elektrische voertuigen. We stimuleren mogelijkheden voor stroomopslag bij huishoudens en bij bedrijven. Dit zijn voorbeelden om de buffercapaciteit van ons stroomnet te vergroten.

De warmtevraag

Naast een behoefte aan duurzame elektriciteit, hebben we een behoefte aan duurzame warmte. Het bestaande gasnet zal de komende jaren (voor een groot deel) vervangen worden door een alternatieve energie-infrastructuur. In de Transitievisie Warmte wordt onderzocht hoe de verschillende wijken van Putten het beste kunnen verduurzamen en van het gas af kunnen gaan. De wijken Bijsteren/Husselerveld en Putten Zuid-West zijn aangewezen om als eerst samen gebiedsontwikkelingsprocessen vorm te geven om van het gas af te gaan. Onderdeel van deze processen zijn niet alleen de wijken, maar ook omliggende natuurgebieden en agrarische gebieden. We willen samen met de bewoners tot een plan voor het gebied komen.

Bij herinrichting van gebieden wordt ruimte gereserveerd voor het optimaal functioneren van bodemenergiesystemen. Hierbij moet voorkomen worden dat grondboringen te dicht bij elkaar zitten en met elkaar interfereren. Deze interferentie is niet alleen voor warmte- koudeopslag (WKO) putten maar ook voor ondiepe en diepe geothermie van belang. Voor gemeente Putten is diepe geothermie zeer kansrijk, ondiepe geothermie wordt niet als kansrijk gezien vanwege de hoge grondwatersnelheid. Aandachtspunt is dat dit niet overal in de gemeente mogelijk is. In de boringvrije zone rondom het waterwingebied is dat verboden (zie kaartbeelden in 3.3.4.)

3.3.6 Cultureel en historisch Putten
Rijke historie beschermen

 

De geschiedenis bepaalt deels de identiteit van een gemeenschap. Cultuurhistorische waarden zijn dragers van de identiteit van de gemeente Putten. Dit kunnen gebouwen zijn, archeologische relicten en cultuurlandschappen. De waarden zijn van alle tijden en openbaren zich bijvoorbeeld in het landschap als kastelen, grafheuvels en houtwallen. Zo dragen ze bij aan de ruimtelijke kwaliteit van onze leefomgeving. Dit is ons erfgoed. Minder in het oog springend, zijn de archeologische waarden in de ondergrond. De archeologische waarden kunnen ons het verhaal van Putten vertellen. Al deze kwaliteiten worden behouden en waar mogelijk verder versterkt en beter zichtbaar gemaakt. Daarnaast kunnen de kwaliteiten ingezet worden als inspiratiebron voor nieuwe ontwikkelingen. Hiervoor is goed beheer van belang en waar nodig het wegwerken van achterstallig onder- houd van cultuurhistorisch erfgoed. Een deel van ons erfgoed is beschermd, maar er is ook waardevol erfgoed dat (nog) niet officieel beschermd is. We inventariseren om welk erfgoed het gaat en kijken hoe we deze erfgoedwaarden het beste kunnen borgen. Op korte termijn zal een erfgoednota opgesteld worden, waarin uitvoering gegeven zal worden aan de gestelde doelstellingen. We baseren ons erfgoedbeleid op archeologische en cultuurhistorische deskundigheid. Door gebruik te maken van citizen-science projecten betrekken we ook onze inwoners bij onderzoeken. Daarnaast zijn vrijwilligers welkom op opgravingen om een handje te helpen.

afbeelding binnen de regeling

 

Beleefbare cultuurhistorie

We willen onze bijzondere historie beleefbaar maken door hier aandacht aan te besteden in onze openbare ruimte. We hebben respect voor de cultuurhistorische elementen van een plek bij de inrichting van dat gebied. Dit zie je terug aan het ontwerp en onderhoud van gebouwen en op straatniveau. Door middel van informatievoorziening vertellen we onze bijzondere lokale verhalen. We willen graag meer samenhang tussen erfgoed en cultuur. Erfgoed is daarbij het verhaal en cultuur kan dat verhaal op een boeiende en bijzondere wijze vertellen. Zo zorgt cultuur voor een hedendaagse beleving van erfgoed en vergroot cultuur de betrokkenheid van kinderen en volwassenen bij die geschiedenis. Om het verhaal van Putten goed over te brengen aan de inwoners en bezoekers moet het toegankelijk en aanstekelijk zijn. Zo kan elke inwoner trots zijn op de geschiedenis van Putten. We werken de komende jaren aan het realiseren van een regionaal archeologisch belevingscentrum (ABC). Hier wordt het verhaal van het belevingsgebied Veluws Verleden verteld.

Dit zal geen fysiek nieuw gebouw worden, maar gedragen worden door een netwerk van bestaande locaties/ondernemingen. De tastbare archeologische relicten worden binnen uitgelegd en buiten beleefd.

Cultuur en evenementen

Er is al veel te beleven in Putten op alle gebieden van kunst en cultuur. Vele instellingen en initiatieven spelen in dat aanbod een belangrijke rol. In de gemeente kent men elkaar en weet men elkaar te vinden. Deze twee elementen willen we samenbrengen en samenwerking tussen en binnen de verschillende culturele disciplines stimuleren. 

Wij willen cultuurbeleving en cultuurparticipatie bevorderen door aan de ene kant te werken aan breed gedragen activiteiten van hoge kwaliteit voor inwoners, schoolkinderen en toeristen. En aan de andere kant te zorgen voor een stevig netwerk op lokaal en bovenlokaal niveau. Door middel van deze twee ingrediënten dragen wij eraan bij om de Veluwe de komende jaren tot een bruisende culturele omgeving voor inwoners en toeristen te maken.

Op evenementen stimuleren we de samenwerking tussen verschillende culturele disciplines. We brengen erfgoed tot leven en geven het een hedendaagse tint op verschillende evenementen door het jaar heen. Hier bieden we ook ruimte aan kunstuitingen zoals theater, muziek en beeldende kunsten. Als gemeente faciliteren we graag initiatieven uit de samenleving op dit vlak. Specifiek voor jongeren is er ruimte voor nieuwe soort evenementen en activiteiten in Putten. Wij maken ons er sterk voor dat iedereen participeert in het culturele leven in Putten en op de Veluwe. Dat begint al bij de leerlingen van de basisscholen. De gemeente vindt het belangrijk dat ieder Puttens kind op school in aanraking komt met cultuur en met het verhaal van Putten. De leerlingen van het basisonderwijs krijgen zo een stevige basis mee op het gebied van kunst, cultuur en muziek. Dit kan ook bijdragen aan talentontwikkeling binnen de gemeente.

afbeelding binnen de regeling
3.3.7 Ondernemend Putten
Economische analyse Putten

Putten is een ondernemend dorp met een vitale economie. Er zijn in Putten ruim 10.000 banen, waarvan de meeste in de zorg, industrie, bouw en dienstverlening (zakelijke en overige diensten). Deze banen zijn in Putten verdeeld over ruim 2.500 bedrijven, waarvan 800 bedrijven met personeel en 1.700 ZZP bedrijven.

De groot- en detailhandel en de overheid- onderwijs-zorgsector zijn de grootste sectoren qua werkgelegenheid. De agrarische sector en toerisme en recreatie zijn met het midden- en kleinbedrijf (MKB) van Putten beeldbepalend voor de gemeente. De afgelopen 10 jaar

zijn de overheid, onderwijs en zorgsector sterke groeisectoren (zorg zelfs 67%); andere groeisectoren zijn vervoer en opslag (40%), industrie en nutsbedrijven (23%) en de horecasector (21%).

 

afbeelding binnen de regeling

 

 

afbeelding binnen de regeling
Ondernemend Putten 2040: waar toekomstbestendig ondernemerschap en brede welvaart hand in hand gaan

Putten is in 2040 een ondernemende gemeente. De vrijetijdseconomie (kwaliteitstoerisme), een toekomstbestendige agrifoodsector, sterk lokaal mkb (industrie, logistiek en groothandel, bouw, zorg) en ondernemers in het dorpshart zijn belangrijke dragers van de lokale economie. Deze sectoren hebben in 2040 een transitieslag gemaakt en hebben de ruimte benut om te werken aan innovatie,  modernisering en verduurzaming, dankzij een sterk lokaal ondernemersklimaat.

Dankzij de natuur, de open landschappen, de randmeren, het vitale dorpshart, het lokaal ondernemerschap  en de gastvrijheid  is het in 2040, prettig wonen, werken en recreëren in Putten. Dit trekt inwoners, werknemers en bezoekers aan.

Economische ontwikkeling draagt bij aan brede welvaart in Putten. Banen zorgen voor inkomen, sociale zekerheid en zingeving, en zijn van groot belang voor de brede welvaart van de gemeente Putten. Het bedrijfsleven draagt bij aan sociale cohesie en heeft zo een grote maatschappelijke functie. Economische ontwikkeling vindt plaats in balans met andere aspecten van brede welvaart (zoals gezondheid, duurzaamheid, biodiversiteit, ruimtelijke kwaliteit, veiligheid en meer).

Daarbij biedt Putten aan het lokale bedrijfsleven voldoende en kwalitatief goede ruimte voor werken, zowel op bedrijventerreinen (Keizerswoert, Hoge Eng en vanaf 2024 Henslare) als elders in de gemeente. Putten faciliteert zo economische ontwikkeling in balans met demografische ontwikkeling (ratio banen/beroepsgeschikte  bevolking  blijft gelijk).

De gemeente is bovendien zichtbaar en benaderbaar voor  ondernemers, werkt met hen samen aan een sterke lokale economie en stimuleert vernieuwing en verduurzaming. Ook regionale samenwerkingen met partijen o.a. de

regio Noord-Veluwe en de Foodvalley draagt bij aan een sterke economie.

Toekomstbestendige vrijetijds- economie, agrifood en breed MKB

De vrijetijdseconomie en de agrifood zijn beeldbepalende sectoren in Putten. Ze zijn bovengemiddeld vertegenwoordigd in de Puttense economie en bepalen mede het economisch profiel van Putten. Tegelijkertijd is het brede MKB de kurk waar de Puttense economie op drijft. Het gaat dan over bedrijven in diverse sectoren, waaronder de logistiek en groothandel, de industrie, de bouw, de retail en meer. Bedrijven zijn door heel Putten verspreid, met concentraties op de Puttense bedrijventerreinen en in het dorpshart (retail).

De vrijetijdseconomie, agrifood én het brede MKB staan voor opgaven op het gebied van modernisering, verduurzaming, ruimte, human capital en meer. Daarom is de economische inzet van Putten erop gericht, deze sectoren te ondersteunen om toekomstbestendig te worden.

De vrijetijdseconomie wordt in Putten toekomstbestendig dankzij:

  • Regionale onderscheiding van Putten binnen de (Noord)-Veluwe dankzij gebiedsmarketing gericht op het aanwezige winkelaanbod, het dorpse karakter, de rust en de cultuurhistorische landschappen.

  • Spreiding van de recreatieve druk en recreatiezonering: Putterpoorten als recreatieve hotspots.

De agrifood sector krijgt een impuls dankzij (zie ook de agrifood sector verandert):

  • Behoud van agrarische functies in het buitengebied.

  • De gemeente ondersteunt agrarische bedrijven in de zoektocht naar economisch haalbare verdienmodellen die ook op lange termijn (juridisch) houdbaar zijn.

  • Er wordt ingezet op een gebiedsmakelaar, die partijen bij elkaar brengt en zoekt naar oplossingen voor de hele breedte van de problematiek in een regionale context.

  • Het faciliteren van nieuwe ontwikkelingen en/of verdienmodellen in het landelijk gebied, met behoud van de agrarische functie en – waar dat niet mogelijk is – met andersoortige functies.

  • Het MKB als economische trekker en maatschappelijk partner in Putten dankzij:

  • Gemeente ondersteunt MKB-ondernemers op bedrijventerreinen, in het dorpshart, en ook daarbuiten (waaronder in het landelijk gebied) in innovatie en verduurzaming.

  • Voldoende ruimte voor werken in de gemeente Putten.

De agrifood sector verandert

We zijn trots op het agrarische karakter van Putten. De agrifoodsector – waarbij het zowel gaat om primaire productie (akkerbouw, veeteelt) als om voedselverwerking – is een beeldbepalende sector in de gemeente.

Deze sector zorgt voor werkgelegenheid, verdienvermogen, voedselvoorziening en leefbaarheid van het platteland.



Er komen vele uitdagingen op het buitengebied af (zie ook 3.1). Er zijn fysieke omstandigheden die het boerenbedrijf zoals we dat tot nu toe hebben gekend zullen veranderen. Stikstofuitstoot in Putten zal moeten worden gereduceerd. Hoeveel precies is nog niet duidelijk, maar we bevinden ons nabij veel stikstofgevoelige Natura2000 gebieden. Dit maakt het vraagstuk in onze gemeente extra urgent. Daarnaast zien we dat de huidige economische omstandigheden voor boeren vaak wisselend zijn en voor een deel van hen ongunstig zodat zij hun bedrijf niet zelfstandig kunnen behouden. De zeer grote regeldruk bij boerenbedrijven leidt tot verdere vermindering van het aantal boeren. Boeren hebben een duidelijk toekomstperspectief nodig. Wij vinden het

belangrijk om dit aan boeren te kunnen geven, aangezien ze een belangrijk onderdeel van ons karakter en onze identiteit vormen. Dit vindt ook de bevolking van Putten bleek uit onze enquête onder Puttenaren van november 2021. Onze gemeentelijke visie op dit toekomstperspectief delen we in deze paragraaf. Verdere uitwerking geven we graag vorm samen met onze partners in een programma ‘Vitaal platteland Putten’.

We zetten in op een gevarieerd buitengebied met de nodige landschaps- en natuurwaarden (zoals robuuste houtwallen etc.). Agrariërs vervullen een belangrijke rol als beheerders van het landschap en variatie in het gebied.

Voedselproductie is daarbij een belangrijke functie van het gebied. De gemeente gaat graag in gesprek met agrariërs die plannen hebben voor kringlooplandbouw met lokale voedselketens, natuurinclusieve landbouw en biologisch ondernemen om te kijken hoe de gemeente daarin kan ondersteunen. We zijn hierbij bereid om ‘out of the box’ te denken op zoek naar werkbare oplossingen. Dit laat onverlet dat er (ontwikkel)ruimte is en blijft voor bestaande agrarische bedrijven.

Daarnaast is er ruimte voor nevenactiviteiten op het vlak van bijvoorbeeld recreatie en toerisme, zoals mini-campings, overnachten, workshops en meekijken bij de boer. Voor bewoners en toeristen wordt ingezet op een verdere ontsluiting en toegankelijkheid van het buitengebied. Ook op het vlak van (tijdelijk) wonen staan we open voor innovatieve ideeën. Andere zaken waar we ruimte voor zien zijn zorgboerderijen of andere aan zorg gerelateerde activiteiten in het buitengebied.

Ook op het vlak van energieopwekking bieden we ruimte aan boeren, mits dit past in de regels die voor de gehele gemeente gelden (zie 3.3.5). Op dit moment heeft zon op land niet de voorkeur in Putten. Voordat dit een aantrekkelijke optie wordt, is het belangrijk dat de netbeheerder extra aandacht geeft aan het buitengebied zodat het plaatsen van zonnepanelen daar ook mogelijk is qua netbelasting. We stimuleren lange termijn verdienmodellen voor boeren op het vlak van natuurontwikkeling en klimaatadaptatie. Het Coöperatief Agrarisch Natuur Collectief Veluwe en de landelijke regelingen zoals het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid faciliteren hierin. Vanuit de gemeente is er geld beschikbaar voor Bloemrijke akkerranden. Hierdoor is er ruimte voor de biodiversiteit langs de akkers waarin vaak één gewas wordt geteeld. Zo wordt de balans gezocht.

We blijven ontwikkelingen binnen de stikstofcrisis goed in de gaten houden en hebben geregeld overleg met de provincie. Daarbij is de insteek om zoveel mogelijk de agrarische sector te behouden en te ondersteunen in Putten. Wij juichen de toepassing van beschikbare technieken en innovaties om de stikstofbelasting vanuit agrarische bedrijven te minimaliseren toe.

Hoe de gemeente Putten omgaat met vrijkomende agrarische bebouwing staat beschreven in het regionale functieveranderingsbeleid. Het functieveranderingsbeleid richt zich op (voormalige) agrarische bedrijfsbebouwing. We bekijken steeds goed of de woningen vanuit functieverandering van agrarische bedrijven aan de randen van het dorp gebouwd kunnen worden in plaats van op het boerenerf en in het reguliere buitengebied. Zo blijft het buitengebied zoveel mogelijk agrarisch. Voor die situaties waar het functieveranderingsbeleid niet op toeziet, kunnen gemeenten wel volgens de gedachte van het functieveranderingsbeleid maatwerk mogelijk maken.

Overzicht agrarische begrippen

Natuurinclusieve landbouw

Natuurinclusieve landbouw is een manier van boeren waarbij gewerkt wordt binnen de grenzen van de natuur. Boeren waardoor de biodiversiteit, de rijkdom aan planten en dieren, toeneemt. Een vorm van kringlooplandbouw met aandacht voor natuur en landschap

Biologische landbouw

Landbouw, gecertificeerd door SKAL. Na een aantal jaren van omschakeling wordt op het bedrijf o.a. geen kunstmest en chemische gewasbeschermingsmiddelen toegepast. Daarnaast is het veevoer ook biologisch. De betiteling ‘Biologisch’ houdt in dat de grondstoffen soms van verder weg moeten komen, vanwege de benodigde certificering van voedsel en grondstoffen die aantonen dat het daadwerkelijk biologisch is.

Extensieve landbouw

Het produceren van voedsel op meer hectare grond met minder input van buiten zoals kunstmest, veevoer en gewasbeschermingsmiddelen.

Intensieve landbouw

Het produceren van voedsel op een zo’n efficiënt mogelijke manier. Het gebruik van input van buiten, zoals kunstmest, veevoer en gewasbeschermingsmiddelen is onderdeel van deze werkwijze.

Kringlooplandbouw

Kringlooplandbouw is een vorm van duurzame landbouw waarbij de kringloop van stoffen gesloten is. Dit houdt in dat alle stoffen die door de landbouw uit een gebied verdwijnen ook weer teruggebracht worden in het gebied. Er wordt zuiniger omgegaan met grondstoffen en energie.

Natuurlijke landbouw

Natuurinclusieve landbouw

Circulaire landbouw

Hiermee wordt kringlooplandbouw bedoeld.

Verduurzamen landbouw

Het duurzamer maken van de landbouw door bijvoorbeeld het verhogen van het dierenwelzijn, het versterken van de biodiversiteit of voorbereiden op de klimaatverandering. Dit kan op verschillende manieren en moet passen bij de ondernemer.

Ecologische landbouw

Boeren met aandacht voor biodiversiteit, het zoveel mogelijk sluiten van de kringloop. Zorg voor de bodem is een belangrijk punt, net als het zoveel mogelijk gebruiken van de korte ketens met direct contact met de consument.

Vitaal dorpshart en leefbare gemeente

Dankzij een vitaal en bruisend dorpshart, verbeterde bereikbaarheid, en behoud van natuur en landschap, staat Putten in 2040 nog steeds bekend als leefbare en aantrekkelijke woon-, werk, en recreatiegemeente.

Tegengaan van leegstand in het dorpshart is een belangrijk aandachtspunt. Nu al is er enige (langdurige) leegstand in het dorpshart. Dat zorgt voor verminderde uitstraling en beleving bij bezoekers, maar ook tot verminderde omzet bij andere ondernemers, omdat het winkelgebied meer verspreid is dan nodig.

Ook zijn er nog te veel winkels buiten het centrumgebied. Het centraliseren van winkels (van een B-locatie buiten het centrum naar een A-locatie in het centrum) is daarom een belangrijk thema in het dorpshart van Putten, ook om leegstand tegen te gaan in het kernwinkelgebied. Hiertoe is de gemeente Putten voornemens om mee te werken aan transformatie van winkelpanden als dat ervoor zorgt dat het winkelgebied beter geconcentreerd wordt. Daarbij is het belangrijk dat de plannen gesteund worden door de relevante stakeholders en dat er adequate oplossingen voor parkeren en behoud van groen zijn. Tevens is verduurzaming van winkelpanden op energetisch vlak essentieel bij transformatie. Om het dorpshart vitaal te houden, is ook het toevoegen van beleving en reuring van belang. Daar past een hoge ruimtelijke kwaliteit bij, evenementen die passen bij het karakter van Putten, een vitale weekmarkt, goede en aantrekkelijke (en geconcentreerde) horecavoorzieningen, en een sterke relatie tussen het landelijk gebied en het dorpshart, bijvoorbeeld door het aanbieden van streekproducten. Een goede organisatiegraad van ondernemers in het dorpshart is belangrijk voor de vitaliteit van het centrum. De gemeente ondersteunt WCP hierin. Het bestaande ondernemersfonds (SOP) is actief en effectief en wordt goed gewaardeerd.

Bereikbaarheid is belangrijk voor het functioneren van de lokale economie in brede zin. De gemeente Putten zet zich er in provinciaal verband voor in om de bereikbaarheid op de

N-wegen naar Putten te verbeteren (zie ook 3.3.9 bereikbaar Putten). Tegelijkertijd vormen ook andere vormen van mobiliteit – fietsverkeer, openbaar vervoer (OV), deelmobiliteit – delen van de oplossing. Dit geldt ook voor de bereikbaarheid van economische plekken van belang – de bedrijventerreinen van Putten en het dorpshart.

Ruimte voor werken

In 2040 beschikken lokale ondernemers binnen de Puttense speerpuntsectoren (de vrijetijdseconomie, de agrifood en het MKB) over voldoende en kwalitatief geschikte ruimte

voor werken, zowel op bedrijventerreinen als op andere plekken in de gemeente. Ieder bedrijf op de juiste plek is daarbij het uitgangspunt.

Clusters aan werkgelegenheid zijn met name te vinden in het centrum van Putten en daarnaast op de drie bedrijventerrein (Bedrijventerrein Keizerswoert, Hoge Eng, Ambachtstraat) die de gemeente rijk is. De bedoeling is dat de Ambachtstraat wordt getransformeerd naar een woonfunctie, net als het voormalige Sligro/Emtéterrein (project de Bosrande) aan de Voorthuizerstraat. Om vervangende ruimte voor bedrijvigheid te creëren wordt een nieuw bedrijventerrein (Henslare) ontwikkeld. Dit nieuwe terrein voorziet slechts voor een deel in de vraag die via onderzoek aangetoond is (bron RPW Noord Veluwe en Ladderonderbouwing Henslare (Stecgroep, 2019). Gezien de groei van de (lokale) economie is de uitdaging om ook in de toekomst voldoende ruimte voor ondernemers in de gemeente te behouden. De bedrijventerreinen zijn goed voor 60 tot  70 procent van de werkgelegenheid. Daarom zijn ze van belang voor de economische en maatschappelijke toekomst van Putten. Nieuwe bedrijvigheid komt op locaties die het best passend zijn in relatie tot wonen en natuur. In de regel is dat niet (meer) nabij het dorp Putten maar juist langs of bij bestaande verkeersstructuren.

Er is vooral behoefte aan ruimte voor bedrijfsuitbreiding en daar mee bedrijfsvoortzetting van gevestigde bedrijven. Dat betekent dat grootschalige uitbreidingen van bedrijventerreinen niet nodig zijn. Henslare wordt ontwikkeld. Er wordt binnen de RPW- regio Noord-Veluwe een actuele regionale behoefteraming voor bedrijventerreinen opgesteld in 2023. Op de nieuwe regionale RPW-raming volgt een lokale Puttense verdieping: een doorvertaling naar de lokale vraag op het niveau van de gemeente Putten, afgezet tegen het lokale aanbod. Hiermee wordt de Puttense uitbreidingsbehoefte kwantitatief in beeld gebracht. De uitkomsten van deze onderzoeken wachten we af om potentiële zoekgebieden te bepalen.

Binnengemeentelijke verplaatsing geeft ruimte voor slimmer en flexibeler gebruik van de bestaande bedrijven en gebouwen. Bij lichte bedrijvigheid en kantoren wordt zoveel mogelijk ingezet op (her)gebruik van bestaande gebouwen binnen de bebouwde kom. Op de bedrijventerreinen in Putten is geen ruimte voor detailhandel en zelfstandige kantoren. Nieuwe bedrijventerreinen behoren wel duurzaam te zijn en voorzien van parkmanagement. Vitale bedrijventerreinen zijn namelijk ook voorbereid op de toekomst.

De ‘basis op orde’ voor een duurzaam ontwikkelperspectief voor onze bedrijven

Putten heeft in 2040 de basis voor een sterke lokale economie als gemeente op orde. Hiertoe behoren, (i) stimulering van verduurzaming van bedrijven, (ii) regionale samenwerking, (iii) gemeentelijke samenwerking met bedrijven. Bedrijven die niet verduurzamen in hun bedrijfsmodellen zullen door de markt straks buiten spel worden gezet. Daarom helpt de gemeente sectoren in Putten zo goed mogelijk hun werk om te zetten naar duurzame alternatieven. Hieronder vallen de overgang naar duurzame energiebronnen, verstandig gebruik van grondstoffen, betrokkenheid van de omgeving, behoud van de waarde van het landschap en goede economische omstandigheden voor de ondernemers. De gemeente heeft hierbij verschillende rollen: deels gaat het om wettelijke basistaken (in de sfeer van infrastructuur, handhaving) en deels gaat het om een stimulerende rol. De basistaken betreffen het organiseren en implementeren van de aanleg van elektrische (laad)infrastructuur, verduurzamen van de inkoop (circulair), handhaving en samenwerking binnen de Regionale Energie Strategie (RES). Daarbovenop zet de gemeente in op actieve stimulering van verduurzaming, middels voorlichting aan ondernemers (wijzen op regionale en nationale subsidies), het stellen van ruimtelijke eisen rondom duurzaamheid en milieu (waaronder bij de ontwikkeling van bedrijventerrein Henslare) en het stimuleren van samenwerking (bijvoorbeeld gezamenlijke inkoop of opwek van groene stroom op bedrijventerreinen).

Regionale samenwerking is belangrijk voor thema’s als verduurzaming, kennisdeling en innovatie, regionale profilering, regionale bereikbaarheid en arbeidsmarktvraagstukken. We willen bijdragen aan goede triple-helix samenwerking (overheid, onderwijs en ondernemers) in regionaal verband. Putten is in deze gremia een kleinere, landelijke gemeente. Om zaken gedaan te krijgen, moeten we in regionaal verband optrekken. We zetten in op het onderhouden van nauwe(re) banden met buurgemeenten en samenwerkingsverbanden.

Als gemeente zijn we een belangrijke partner voor Puttense ondernemers. Om die rol zo goed mogelijk te kunnen vervullen zetten we in op een sterk bedrijfscontactpunt voor optimale dienstverlening voor ondernemers. Daarnaast willen we de informatievoorziening voor ondernemers verbeteren. We evalueren de digitale en fysieke informatievoorziening, waaronder het ondernemerspunt, en waar mogelijk verbeteren we deze. Om beter zichtbaar en vindbaar te zijn voor Puttense ondernemers investeren we de komende jaren meer in deze samenwerkingsrelaties, op ambtelijk en bestuurlijk niveau. Het Puttense ondernemerswezen is goed georganiseerd, met bedrijvenkring BKP, winkeliersvereniging WCP, Jonge ondernemersvereniging Putten (JOOP), agrariërs (in LTO). We continueren het structurele overleg met deze partijen, en brengen daarbij helder onderscheid aan tussen wat ambtelijk wordt opgepakt en wat aan de bestuurlijke tafel wordt behandeld.

Overlast en negatieve milieubelasting

In Putten wordt gewoond én gewerkt. In Putten mag (nieuwe en bestaande) bedrijvigheid niet leiden tot overmatige overlast of negatieve milieubelasting. Dit houdt bijvoorbeeld in dat we overlast van geur, geluid of het onttrekken van grondwater waar mogelijk tot een minimum willen beperken en bodemverontreiniging willen voorkomen. Uit de participatie bleek ook dat er goed gekeken moet worden naar problematiek van bedrijven met een hogere milieucategorie. Een deel van de bevolking vindt dat dit buiten de woonkern een plek moet krijgen.

We werken aan een gebiedsgerichte uitwerking van het geluidsbeleid met variatie in toegestane geluidsbelasting en het aanwijzen van stiltegebieden. In de komende jaren gaan we aan de gang met het definiëren van de milieuambities voor de verschillende gebiedstype. Wonen en werken kunnen meer met elkaar verenigd worden zolang voldaan kan worden aan de milieudoelstellingen behorend bij het desbetreffende gebied. We gaan flexibel om met nieuwe startende ondernemers en blijven hiervoor kansen bieden. We streven naar het vergroenen van bedrijventerreinen.

Ondernemend Putten
afbeelding binnen de regeling
3.3.8 Recreatief Putten
Putten heeft een vitale recreatiesector

Kwalitatieve groei van de recreatiesector is mogelijk met behoud van de identiteit. In Putten is ruimte voor dag- en verblijfsrecreatie. We zetten ons in om het onderhoudsniveau van dag recreatieve voorzieningen op orde te houden en vitale recreatievoorzieningen te behouden. Recreatie en toerisme zijn en blijven belangrijke economische groeisectoren in Putten. De kwaliteit van de recreatie wordt op een hoger peil gebracht. Rust, ruimte en beleving zijn de kracht van het bosgebied en de landgoederen. Langs de Randmeerkust is meer ruimte voor dynamiek en (ont)spanning, uiteraard rekening houdend met de nabij gelegen kwetsbare natuur.

De opgave is om een meer samenhangend recreatief gebied van Putten te maken.Het zijn nu vooral aparte locaties, veel weginfrastructuur, weinig groen, gedateerde groeninrichting uit de jaren ’80. Een aantrekkelijkere toegang tot het Puttense stuk van Veluwe aan Zee en de verbinding met het dorp Putten is een grote wens en onderdeel van het ‘Inspiratiedocument Dorpsentrees’, met als doel groenere, gastvrije ontvangstlocaties. 

In het poldergebied is ruimte voor een verbreding van agrarische activiteiten, waaronder recreatieve activiteiten. De recreatiesector blijft ook in de toekomst een belangrijke sector in Putten. Ingezet wordt op de kwaliteitsverbetering van de verblijfsrecreatie en de versterking en waar mogelijk uitbreiding van de dagrecreatie. Er mag meer nadruk komen op innovatieve initiatieven en nieuwe ontwikkelingen die passen bij de Puttense kernkwaliteiten. Zeker als dit een meerwaarde voor de omgeving oplevert; natuurwaarden versterkt, landschap versterkt of landschappelijk kan worden ingepast, nieuwe doelgroepen aantrekt, een meerwaarde heeft voor het recreatief product en duurzaam is. De verschillen in toeristische beleving tussen de Veluwe en de Randmeerkust worden aangezet, maar waar mogelijk worden ook de kansen benut om beide gebieden tot elkaar te brengen, zodat zij elkaar kunnen versterken.

 

afbeelding binnen de regeling

 

 

 

Vitale Vakantieparken

Putten zet zich in voor een aantrekkelijk recreatielandschap door onder andere te werken aan Vitale Vakantieparken. Via een handhavingsspoor voorkomen we misstanden in de fysieke leefruimte en via een innovatief (economisch) spoor stimuleren en inspireren we vakantieparken zich om te vormen tot duurzame, toekomstbestendige vitale recreatieparken. We stimuleren ondernemers de kwaliteit van hun terrein en gebouwen te verbeteren. De vakantieparken ondervinden soms druk vanuit de immense woningbehoefte in Nederland (en ook in Putten), en het huisvesten van arbeidsmigranten en (mogelijke) vluchtelingen. We staan voor de ambitie ‘recreatie blijft recreatie’. Permanente bewoning van recreatieverblijven wordt in de toekomst ook niet toegestaan. Waar nodig wordt ruimte geboden aan tijdelijk ander gebruik. Er wordt verder ingezet op ‘recreatief ondernemerschap’ en innovatieve initiatieven omarmen we. Hierin trekken we samen op met ondernemers, vakantieparken en de gehele recreatiesector. Dit doen we op zowel parkniveau als op recreatief landschapsniveau. Dit samenspel zorgt voor een optimale Veluwebeleving.

Recreatiezonering; de balans tussen rust en reuring

We realiseren ons goed dat de belangen vanuit natuur en recreatie soms van elkaar verschillen of sterker nog: met elkaar botsen. Dit leidt soms tot beperkingen van recreatieve ontwikkelingen. Een nieuwe recreatiezonering moet meer inzicht geven welk belang in welk gebied de voorrang krijgt. Hierbij hoort een indeling in functies en gebieden. Op een aantal plekken zetten we in op gastvrije Veluwse ontvangstlocaties door middel van het Project Putterpoorten. Op andere plekken willen we juist rust en ruimte behouden, en zijn stiltegebieden aangewezen. Over het algemeen willen we overlast van mobiliteit en parkeren in natuurgebieden zoveel mogelijk beperken.

Toeristisch Putten

Er is aandacht voor het verknopen van het toeristische aanbod in Putten en de regio. In Putten kun je van alles doen. In het centrum komt men samen. Dit is het hart van toeristisch Putten. Gesteund wordt op historie, kwaliteit, gastvrijheid en een breed aanbod aan activiteiten en bezienswaardigheden.  We zetten in op het behoud van een aantrekkelijk centrum en winkelgebied. We hebben een Toeristisch Samenwerkingsverband en vanuit het platform Dromenlab behouden we het toeristisch aanbod en ontwikkelen deze door. De toeristische sector kan elkaar lokaal blijven versterken door samenwerking, gezamenlijke productontwikkeling en ambassadeurschap. Dit gaat al ontzettend goed in Putten.

Recreatieve netwerken en entrees

Putten heeft een prachtig en hooggewaardeerd recreatienetwerk. De routenetwerken voor wandelaars, fietsers, ruiters en mountainbikers willen we blijven ontwikkelen. Ook willen we het netwerk van klompenpaden verder uitbreiden tot een samenhangend geheel. Het recreatieve netwerk in Putten wordt daarbij vervolmaakt, waarbij met name de verbindingen tussen het bosgebied en de Randmeerkust, via het dorpscentrum, worden versterkt. Ook een goede aansluiting op het bestaande OV-netwerk is een belangrijke opgave. Door het aanleggen en onderhouden van gastvrije, groene dorpsentrees verwelkomen we onze gasten nog gastvrijer. Aan de rand van het Veluwe bosgebied ontwikkelen we drie Putterpoorten. Gastvrije ontvangstlocaties, met recreatieve functies, natuurverbeteringen en informatievoorziening, waar belevingsthema Veluws Verleden een rode draad vormt.

De Putterpoorten dienen als hoogwaardige startlocaties voor wandelingen en fietstochten met goede aansluiting op de Veluwse routenetwerken.

3.3.9 Bereikbaar Putten
Putten blijft bereikbaar voor alle modaliteiten, met speciale aandacht voor langzaam verkeer

We bevorderen een duurzame, vlotte, veilige verkeersafwikkeling voor alle verkeersdeelnemers. We blijven werken aan

een toegankelijk en hoogwaardig wandel- en fietsnetwerk, OV-netwerk en autonetwerk. De kwaliteit van de aanwezige fietsvoorzieningen in Putten wordt relatief goed beoordeeld. Er is echter nog geen helder fietsnetwerk. We verbeteren daarom de fietsverbindingen van het hoofdfietsnetwerk. We realiseren aantrekkelijke fiets- en wandelroutes die lichaamsbeweging stimuleren en autoverkeer in de woonwijken (o.a. rond scholen) beperken. Het fietsverkeer door bewoners en toeristen wordt verder gestimuleerd. Verder verkennen we een mogelijk nieuwe snelfietsroute in de regio. We behouden de huidige kwaliteit van het openbaar vervoer en zetten ons in voor verbetering. De verbindingen naar het NS-station en tussen het bosgebied en de Randmeerkust worden verbeterd voor het langzaam verkeer. De bebouwde kom in de Nijkerkerstraat wordt uitgebreid, met als doel de verschillende delen van Putten beter met elkaar te verbinden. Verder zetten we in op het bereikbaar houden van de kleine kernen en het afsluiten van zandwegen zonder doorgaande functie. We waarborgen een goede ontsluiting van nieuwe woonwijken. We waarborgen ook een goede ontsluiting op de A28. Negatieve effecten van het verkeer op de leefbaarheid in woonomgevingen willen we waar mogelijk aanpakken (o.a. effecten van doorgaande N-wegen). We ontmoedigen sluipverkeer/doorgaand verkeer om verkeersoverlast te verminderen. We optimaliseren de routering naar parkeerplaatsen en monitoren de parkeerdruk in heel Putten. In het Verkeerscirculatieplan zetten we deels in op het autovrij maken van het centrum met afgesproken tijden voor de bevoorrading van winkels. Mobiliteit en bereikbaarheid nemen we te allen tijde mee in nieuwe ontwikkelingen.

afbeelding binnen de regeling

 

We werken aan een duurzaam mobiliteitsnetwerk

We zetten in op duurzaam vervoer en transport. We faciliteren het opladen van elektrische voertuigen in de woongebieden. Een groei in het aantal oplaadpunten voor de elektrische fiets zou een stimulans kunnen zijn voor fietsgebruik in de gemeente. Stimuleren van fietsgebruik door uitnodigende en efficiënte infrastructuur waarbij we oplaadpunten voor elektrische fietsen faciliteren waar dit mogelijk is. Er is in Putten verder nog relatief weinig draagvlak voor duurzame (deel)mobiliteitsconcepten. Wel faciliteren we dus actief openbare oplaadpunten voor elektrische auto’s. Het stimuleren van duurzame brandstoffen (biogas, waterstof) gebeurt nu vooral nog vanuit het Rijk. We werken aan een veilig mobiliteitsnetwerk.

Ingezet wordt op het verbeteren van de verkeersveiligheid op de bestaande wegen, met name op de doorgaande wegen in het dorp en in het landelijk gebied. We maken een duidelijkere verkeersstructuur en geven meer prioriteit aan fietsen en wandelen. Fietspaden leggen we zoveel mogelijk vrijliggend aan. Bij de verkeersveilige fietsstructuur hebben we speciale aandacht voor de routes naar scholen en sportparken. Binnen en buiten de kern zijn of worden de doorgaande routes  van veilige oversteekplaatsen voorzien om de

verkeersveiligheid te verbeteren. Altijd worden de kruispunten individueel beoordeeld. De oplossing van de verkeersdrukte en onveiligheid die het gemotoriseerd verkeer op gezette tijden veroorzaakt moet hoofdzakelijk in regionaal verband worden gevonden.

We werken aan een gastvrij en gezond Putten

We zetten in op ‘Veluwse ontvangstlocaties’. Dit zijn een beperkt aantal, goed herkenbare parkeerplaatsen en openbaar vervoerhaltes waar bezoekers gastvrij worden ontvangen. We realiseren geen nieuwe woningen binnen 300m van een snelweg. Voor zones langs 80km/u en 50 km/u wegen moet een basisgeluidskaart gemaakt worden en monitoring plaatsvinden. Bij realisatie van nieuwe woningen binnen de invloedsfeer van deze wegen worden de maatregelen betrokken zoals vastgelegd in het beleidsstuk ‘Geluidbeleid bij ruimtelijke

ontwikkelingen’. Dit beleidsstuk is nog opgesteld onder de oude wetgeving. Zodra nieuw beleid onder de Omgevingswet is opgesteld voor dit punt, komt dit beleid hiervoor in de plaats. In dit beleidsstuk is onder andere geregeld dat per woning minstens één aangename zijde (geen overlast) aanwezig is. Kwetsbare groepen worden gemeden in de nabijheid van wegen. Geluid reducerend asfalt passen we toe bij gebiedsontsluitingswegen in de bebouwde kom, waar een 50 km/uur regime geldt. Bij de plaatsing van verkeersdrempels letten we op de locatie op voorkoming van trillinghinder. Een beweegvriendelijke leefomgeving daagt inwoners uit om zich per fiets of wandelen door de omgeving te verplaatsen. Bij ontwikkelingen langs de spoorlijn is naast geluid en fysieke veiligheid ook aandacht voor trillingshinder. Bij het beoordelen van trillingshinder wordt de Handreiking Nieuwbouw en Spoortrillingen betrokken.

Veranderingen in de wegenstructuur

De wegenstructuur is maar beperkt meegegroeid met Putten zelf, en de bereikbaarheid staat onder druk. De bestaande wegenstructuur is leidend voor de afwikkeling van het toekomstige verkeer. Het verbeteren van de verbindingen tussen dorp, station en Strand Nulde / Veluwe aan Zee voor het langzaam verkeer heeft prioriteit. We voorzien toenemende verkeersstromen door de ontwikkeling van Halvinkhuizen in Putten-Zuid. In het kader van de ontwikkeling Halvinkhuizen is daarom onderzoek uitgevoerd naar ontsluitingsmogelijkheden voor de nieuwe woonwijk. Hierbij zetten we in op het aanleggen van een nieuwe zuidelijke ontsluitingsweg, ten zuiden van de nieuwe woonwijk en tussen de N303 en N798. Niet alleen vanwege de verkeersstromen, maar ook om de leefbaarheid in het dorp te verbeteren. De verkeersveiligheid van de scholen Hoef en Diermen die aan de N798 liggen is belangrijk. Voor de bereikbaarheid van Putten is bovendien een goede verbinding naar de A28 belangrijk.

Daarom zetten we in op het verbeteren van de route via de N798 en N301 naar afslag Nijkerk. Samen met de gemeente Nijkerk gaan we bij de provincie aandringen op een grondige aanpak van de N798, voor een betere doorstroming en verkeersveiligheid. Specifiek letten we op de rotonde Putterweg – Berencamperweg – Vetkampstraat. De capaciteit van deze rotonde is onvoldoende om (in de ochtendspits) het verkeer vlot te kunnen afwikkelen. Daarnaast vormt de spoorwegovergang op de Nijkerkerstraat (N798) steeds meer een belemmering voor de doorstroming. Mogelijk is een ongelijkvloerse kruising gewenst als zowel het treinverkeer als autoverkeer blijft toenemen. De Engweg wordt afgewaardeerd van een 50 km/u regime naar een 30 km/u regime en krijgt een hierbij passende inrichting. Reconstructie van bestaande wegen wordt integraal ingestoken. Uiteraard zijn verkeersveiligheid en goede verkeersafwikkeling belangrijk, maar er liggen ook koppelkansen voor verbetering van de leefomgeving en klimaatadaptief ontwerpen.

 

 

 

afbeelding binnen de regeling
afbeelding binnen de regeling

4 Visie op kaart; hier gaan we voor

In dit hoofdstuk laten we zien hoe we de ambities en opgaven beschreven in hoofdstuk 3 ruimtelijk uitwerken op de integrale visiekaart (4.1). In 4.2 wordt de visie per deelgebied uitgewerkt (de gebiedsgerichte uitwerking).

4.1 De Puttense koers op kaart; het integrale visiebeeld Putten 2040

Inleiding

We hebben op basis van het huidige karakter een indeling gemaakt in verschillende deelgebieden. De kaart met de deelgebieden vormt de basis (de onderlegger) voor de omgevingsvisiekaart, omdat het uitgangspunt steeds is dat we het huidige karakter in de toekomst willen behouden en waar mogelijk versterken. Voor elk deelgebied hebben we een koers geformuleerd, aan de hand waarvan we richting hebben gegeven aan toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, die passen bij het karakter van het deelgebied. De koersen voor de verschillende deelgebieden met de belangrijkste ontwikkelingen en opgaven voor de periode tot 2040 staan beschreven in H 4.2 en zijn ook gedeeltelijk verbeeld op de integrale omgevingsvisiekaart.

De integrale omgevingsvisiekaart is gebaseerd op bestaande kwaliteiten, vigerend beleid en lopende plannen en voegt daaraan enkele nieuwe keuzes toe (symbolen, pijlen en arceringen). Het is belangrijk vast te stellen dat de omgevingsvisiekaart geen

bestemmingsplan-/omgevingsplankaart is en dat deze kaart geen ontwikkelingen onwrikbaar vastlegt. Het gaat om de hoofdlijnen van beleid, die verder worden uitwerkt in het omgevingsplan en programma’s. De raad kan periodiek (bijvoorbeeld ieder jaar) de plannen

bijstellen. Dit kan mede op basis van monitoring en ontwikkelingen in de uitvoering.

Zie voor het toekomstbeeld van de gebieden binnen Putten 2040 de integrale omgevingsvisiekaart hieronder of via deze link voor de interactieve kaart: Integrale visiekaart | Omgevingsvisie Putten .

afbeelding binnen de regeling

4.2 De koers per deelgebied

4.2.1 Inleiding
Inleiding

Voor de omgevingsvisie is het nodig om te beschikken over een gedegen gebiedsindeling. Er zijn meerdere redenen om goed na te denken over een dergelijke gebiedsindeling:

(1) Gebiedseigen opgaven kunnen zo goed in beeld worden gebracht; (2) Het bevordert gebiedsgericht werken en; (3) Het is straks nodig om per gebied ambitie te bepalen, wat ook weer doorwerking krijgt in het stellen van planregels in het op te stellen omgevingsplan. Denk bijvoorbeeld aan regels op het gebied van geur. 

Voor agrarische gebieden gelden andere geurnormen dan voor woongebieden. De gebiedsindeling is gemaakt op basis van functies en activiteiten. Hierbij is goed gekeken naar de huidige bestemmingen. Er is op enkele onderdelen ook een eigen interpretatie losgelaten. Belangrijke opmerking is ook dat de gebiedsindeling geen visiekaart is. Met het maken van een gebiedsindeling is ook niet beoogd ander gebruik weg te bestemmen. De indeling is enkel een middel om verschillende typen gebieden inzichtelijk te maken.  

De onderbouwing van de negen deelgebieden van Putten is als volgt:
  • Gebiedstype centrum: Dit is het gebied waar met name centrumfuncties gevestigd zijn. Dit is nadrukkelijk een groter gebied dan enkel het kernwinkelgebied van het dorp Putten.

  • Gebiedstype woongebied: Dit betreft het gebied van het dorp Putten waarin overwegend gewoond wordt (bebouwde kom) inclusief ‘wonen in het bos’.

  • Gebiedstype agrarisch buitengebied: Een groot gebied met overwegend de enkelbestemming ‘agrarisch’. De begrenzing is grotendeels gebaseerd op het bestemmingsplan ‘Westelijk buitengebied’.

  • Gebiedstype bosmassief Veluwe: Een bosrijk onderdeel van de Veluwe. De begrenzing volgt hier de zonering van het Natura 2000 gebied en het bestemmingsplan ‘Oostelijk buitengebied’.

  • Gebiedstype bedrijventerreinen: De terreinen waar overwegend bedrijven gevestigd zijn; Hoge Eng, Keizerswoert en Ambachtstraat. We ontwikkelen Henslare (4.1 Integrale visiekaart: Gebiedstype bedrijventerrein in ontwikkeling).

  • Gebiedstype natuurlijke landschaps- en landgoederenzone: Een gebied dat overwegend in gebruik is als landgoed, natuur, of de bestemming ‘agrarisch met landschapswaarden’ heeft. De begrenzing is grotendeels gebaseerd op het bestemmingsplan ‘Westelijk buitengebied’.

  • Gebiedstype open landschap en randmeerzone: Een landschapsgebied met de waarde grootschalig waardevol open gebied en een zone van 500 meter (aan de zuidoostzijde) buiten de A28 als randmeerzonering. In dit gebied zijn met name de bestemmingen ‘agrarisch met landschapswaarden’ en ‘verblijfsrecreatie’ van toepassing.

  • Gebiedstype Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen: Een zone waarbinnen overwegend recreatieve functies en bedrijven gevestigd zijn. De begrenzing volgt hier de N303 en de zonering van het naastliggende Natura 2000 gebied.

  • Gebiedstype enclave Koudhoorn: Een voormalig agrarische enclave gelegen in het bosmassief Veluwe. Hier wordt  gewoond, gerecreëerd en in kleinschalige vorm vinden hier agrarische activiteiten plaats.

 

De deelgebieden van de gemeente Putten zijn te zien op de volgende kaart (en via de link: https://experience.arcgis.com/experience/0ae11bde2e2442babbcfa571dc5bfa64/page/Deelgebiedenkaart)

afbeelding binnen de regeling
4.2.2 Centrum
4.2.2.1 Inleiding 

Inleiding prioritering ambities Centrum

Het Centrum heeft relatief veel zelfstandige ondernemers binnen een compact gebied en een redelijk compleet aanbod van winkels en voorzieningen. Dit wordt ook door consumenten gewaardeerd, gelet op de mate van koopkrachttoevloeiing uit de regio. Het centrumgebied van Putten is goed met de auto bereikbaar en gratis parkeervoorzieningen zijn in voldoende mate in en nabij het centrum aanwezig.

Met de meeste supermarkten aan de randen van het kernwinkelgebied is de consument in staat om de dagelijkse boodschappen snel in te slaan en is combinatiebezoek met de voorzieningen in het kernwinkelgebied eveneens mogelijk. Binnen het kernwinkelgebied zijn de meer op recreatief winkelen gerichte voorzieningen binnen een compact gebied aanwezig.

De modische sector is relatief sterk aanwezig en trekt vanuit de regio koopkracht aan. Dit geldt eveneens voor de weekmarkt op woensdagochtend die sinds haar start in 1928 is uitgegroeid tot een begrip in de regio.

4.2.2.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (5);

Het centrum is de huiskamer van de gemeente waar men elkaar ontmoet en waar ieder zich thuis voelt. We zetten in op een levendig centrum met menging van functies en een breed aanbod van voorzieningen voor verschillende doelgroepen. Zowel recreatieve, als economische, als maatschappelijke en zorgfuncties komen hier bijeen.

Veilig (5);

Het centrum is de veilige huiskamer van de gemeente. Goede handhaving op fysieke veiligheid. Om het veiligheidsgevoel te stimuleren in de openbare ruimte wordt gebruik gemaakt van Crime Prevention Through Environmental Design (CPTED).

Aangenaam wonen (3);

Inbreiden in het centrum en verdichten en herontwikkeling van bepaalde locaties met transformatie naar wonen, mits passend bij het karakter van Putten. Ruimte voor gestapelde bouw van 3 lagen, met als doelgroepen senioren en jongeren. Op specifieke plekken, zoals knooppunten of zichtlijnen, is ook een accent in de hoogte mogelijk van in beginsel maximaal vier lagen. Dit is altijd onderhevig aan een streng welstandsbeleid. De kwaliteit van de openbare ruimte heeft blijvend aandacht nodig, het is van belang dat dit hoog is in het centrum zodat dit een prettig verblijfsgebied blijft. de centrumfunctie met een levendig karakter staat voorop in het centrum. Dit kan enige overlast met zich brengen in de vorm van geluid, hetgeen passend is bij wonen in het centrum.

Natuurlijk en groen (4);

Klimaatbestendige openbare ruimte inrichten, onder andere door onnodige verharding te vervangen voor groen. Waar mogelijk creëren van ondergrondse groeiruimte voor bomen, door kabels en leidingen bij werkzaamheden te verleggen en bij elkaar te clusteren. Stimuleren van geveltuinen. Afkoppelen hemelwater (onderdeel Centrumplan).

Cultureel en historisch (3); 

We maken de historie van het dorp beter bekend. Dit doen wij door het vertellen van verhalen. Het niveau van culturele voorzieningen is vrij hoog. Er wordt bekeken welke panden bescherming behoeven om het dorpse karakter te behouden.

Energieneutraal (4);

Veel inzet op de energietransitie, collectieve warmtevoorziening en energiebesparing bij winkels, voorzieningen en woningen. Grootschalig stimuleren van isolatie van gebouwen. Renovatie en verbouw momenten aangrijpen als moment voor verduurzaming. Inzet op verduurzaming van het maatschappelijk vastgoed in het centrum.

Ondernemend (4);

Het kernwinkelgebied is compact, kent een aaneengesloten winkelfront en kent naast de functie van detailhandel ook (winkelonder- steunende) (dag) horeca en publieksgerichte dienstverlening zoals kappers, uitzendbureaus, reisbureaus etc. Het kernwinkelgebied is primair gericht op recreatief winkelen. Lokale winkels met unieke producten geven een boost aan de lokale omgeving, stimuleren sociale cohesie (ons kent ons), zorgen voor vernieuwing en goede profilering van het dorp. We stimuleren de lokale verkoop van agrarische producten uit het buitengebied van Putten hier extra. Dit door bijvoorbeeld flexibeler te zijn met vergunningen. Ook versterken we het daghoreca aanbod, en blijven we inzetten op de modische sector. Langdurige leegstand wordt vermeden door flexibele functies toe te staan.

Bereikbaar (2);

In het verkeerscirculatieplan zetten we deels in op het autovrij maken van het centrum met afgesproken tijden voor de bevoorrading van winkels. Toewerken naar een autoluwe omgeving en een autovrij kernwinkelgebied is het streven. Het huidige niveau is hoog met een goede bereikbaarheid en voldoende parkeerplaatsen. Met gratis parkeren en enkele blauwe zones is parkeren in Putten aantrekkelijk voor bezoekers. De Engweg wordt afgewaardeerd tot 30 km/u weg. Het centrum is goed toegankelijk voor voetgangers en fietsers. Het fietsverkeer binnen het kernwinkelgebied wordt als gast en op alle wegen in het centrum in twee richtingen, toegelaten.

Recreatief (4);

Graag willen we meer bezoekers naar het centrum trekken, door een hoge kwaliteit van de openbare ruimte te waarborgen evenals een aantrekkelijk winkelaanbod (zie centrum: Ondernemend Putten). Ten aanzien van de toeristische fietsroutes in/ rond Putten wordt voorgesteld te bezien in hoeverre deze zo dicht mogelijk langs de centrumvoorzieningen geleid kunnen worden.

4.2.2.3 Afwegingskader Centrum

Figuur afwegingskader Centrum

afwegingskader Centrum
afbeelding binnen de regeling
4.2.3 Woongebied
4.2.3.1 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (4);

Bij het Woongebied zetten we in op meedoen, beweging en ontmoeting binnen een gezonde leefomgeving. Dit doen we door positieve gezondheid als uitgangspunt te gebruiken. Routing voor groene ommetjes, hardlooprondjes of andere manieren van bewegen in de wijk is hier onderdeel van. Ook een goed toegankelijke openbare ruimte voor eenieder.

Veilig (4);

Veiligheid is een randvoorwaarde voor een fijne fysieke leefomgeving.

Aangenaam wonen (3);

Bij het zoeken van extra plancapaciteit hebben nieuwe inbreidingslocaties prioriteit, maar wel met behoud van het groene karakter van ons dorp. We hebben uitleglocaties nodig omdat onze plancapaciteit niet toereikend is om in de behoefte te voorzien. Plannen iets verder buiten het centrum lenen zich voor de invulling van de woonbehoefte van starters (goedkope en betaalbare koop), of voor grondgebonden woningen voor vitale senioren. Zoveel mogelijk mixen van verschillende doelgroepen binnen wijken en waar mogelijk binnen gebouwen. Toestaan van vernieuwende bouwvormen, zoals modulair bouwen.

Natuurlijk en groen (4);

Natuurinclusief en klimaatadaptief maken van de woonwijken, Veluwe de wijken in trekken, kwalitatief (bio-divers) groen toevoegen. Inwoners stimuleren hun tuin of pand te vergroenen door te wijzen op subsidies.

Cultureel en historisch (2); 

Verhalen vertellen door de geschiedenis van plekken tot leven te laten komen in de inrichting van de buitenruimte of met informatievoorzieningen. Bijvoorbeeld over archeologische vondsten die in het gebied zijn gedaan.

Energieneutraal (5);

De energietransitie is een belangrijk maar uitdagend thema, omdat het voor de gemeente moeilijk is om duurzaamheidsmaatregelen af te dwingen. Daarom zetten we in op voorlichten, stimuleren en faciliteren. Er is ook voldoende aandacht nodig voor de potentieel negatieve neveneffecten van de energietransitie voor een aangenaam woonklimaat bijvoorbeeld warmtepompen die geluid maken. Cumulatieve effecten dienen geen overlast te veroorzaken.

Ondernemend (1);

Ondernemers aan huis blijven we toestaan.

Bereikbaar (4);

Energietransitie naar schone vormen van mobiliteit, een dekkend netwerk van laadpalen dat aansluit op de behoefte. Ook voldoende bereikbaarheid van voorzieningen garanderen met openbaar vervoer. Ruimte voor deelmobiliteit in de wijken, vaste parkeerplekken voor deelauto’s. Verkeersveiligheid garanderen we door waar nodig maatwerk te leveren op plekken waar dat nodig is gebaseerd op de verkeerssituatie. De bebouwde kom in de Nijkerkerstraat wordt uitgebreid, met als doel de verschillende delen van Putten beter met elkaar te verbinden.

Recreatief (1);

Het woongebied is geen recreatiekernzone. Wel wordt hier ingezet op het creëren van gastvrije entrees en het verder ontwikkelen van recreatieve routes die ook door de wijken lopen. Er zijn mogelijkheden voor B&B’s.

4.2.3.2 Afwegingskader Woongebied

Figuur afwegingskader Woongebied

afbeelding binnen de regeling
4.2.4 Agrarisch buitengebied
4.2.4.1 Inleiding

Inleiding prioritering ambities Agrarisch buitengebied

Het Agrarisch buitengebied ligt centraal binnen de gemeente. Het is gelegen tussen het dorp en het Veluwemassief en de Randmeerkust en de landgoederenzones. Binnen het agrarisch gebied liggen de meeste buurtschappen, zoals Diermen, Steenenkamer, Hoef, Huinen, Huinerbroek, Halvinkhuizen, Hell, Gerven en Veenhuizerveld. Het is een vrij vlak gebied met een afwisselend open tot half-open landschap. Er komen diverse functies verspreid in het gebied voor, maar de agrarische bedrijvigheid is er beeldbepalend. Het gebied wordt doorsneden door tal van plattelandswegen waaraan de hoofdzakelijk agrarische bedrijven zijn gelegen. Verspreid door het gebied komen niet-agrarische functies voor, met name in en rondom de buurtschappen. Als gevolg van het agrarisch gebruik en de ruilverkavelingen die hebben plaatsgevonden, is het historische landschap in dit gebied sterk veranderd. Het relatief wat lager gelegen gebied wordt verder ontwaterd door enkele hoofdwatergangen die afwateren richting het randmeer via de Schuitenbeek en de Volenbeek.

4.2.4.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (3);

Focus op sociale en vitale buurtschappen.

Veilig (3);

Focus op buurtschappen, veilige langzaamverkeerroutes, voorlichting criminaliteit. Veiligheid is een belangrijk thema, met name vanwege ondermijnende criminaliteit (schuren die voor illegale doeleinden worden gebruikt).

Aangenaam wonen (3);

Agrarische activiteiten staan voorop. In geval van vrijkomende agrarische bedrijvigheid (functieverandering) houden we focus op leefbaarheid buurtschappen. Optimaal gebruik maken van bestaande erven.

Natuurlijk en groen (3);

Ecologisch boeren en het vergroten van biodiversiteit met inheemse soorten en verbeteren van duurzaam bodem- en watersysteem, vermindering uitstoot etc. Het toepassen van natuurlijke akkerranden.

Cultureel en historisch (3); 

We blijven zoeken naar dragers in het landschap.

Energieneutraal (5);

Energietransitie en koppelen aan de landbouwtransitie, mogelijkheden voor energieboeren. Bij voorkeur zon op schuurdaken. We ondersteunen initiatieven voor de opwekvan biogas via mestvergisting.

Ondernemend (5);

Nieuwe technieken en verdienmodellen voor boeren, circulair boeren, biologisch boeren, korte ketens, waar mogelijk ruimte voor uitbreiding of nieuwvestiging van agrarische bedrijven. Ruimte voor het ontplooien van nevenactiviteiten op het gebied van recreatie, toerisme, zorg en onderwijs. Stimuleren van mogelijkheden voor het lokaal afzetten van agrarische producten in winkels en horeca in Putten en omgeving.

Bereikbaar (3);

Bij een groot aantal wegen in het buitengebied is de inrichting en/of constructie van wegen niet berekend op het huidige gebruik van de weg. Onder andere door grote/zware voertuigen t.b.v. agrarische bedrijven. Dit vraagt om aanpassing van wegen op het gebruik of aanpassing van het gebruik op de wegen. De nieuwe ontsluitingsweg ligt in dit gebied. Hoge score van ondernemend en recreatief Putten (B&B), treft vervoersbewegingen, dus bereikbaarheid.

Recreatief (3);

Recreatief routenetwerking door het buitengebied. Nevenfuncties voor boeren blijven we toestaan.

4.2.4.3 Afwegingskader agrarisch buitengebied

Figuur afwegingskader agrarisch buitengebied

afwegingskader agrarisch buitengebied
afbeelding binnen de regeling
4.2.4.4 Pilot buurtschap Steenenkamer

Pilot buurtschap Steenenkamer

Voor de Pilot Buurtschap Steenenkamer zijn bewoners bevraagd om de belangrijkste opgaven van het gebied te benoemen. Dit is gedaan met een online vragenlijst en met gesprekken op locatie met inwoners van de

buurtschap. De bevindingen zijn samengebracht in de Gebiedsagenda Buurtschap Steenenkamer. De Pilot is doorlopen in het voorjaar van 2022. De resultaten worden aangeboden aan het bestuur van de gemeente Putten en meegenomen in de Omgevingsvisie Putten 2040. De belangrijkste bevindingen zijn als volgt:

  • Vanuit inwoners bestaat de wens om het woningaanbod op kleinschalige wijze uit te breiden op bestaande erven, onder andere om het wonen met meerdere generaties op één erf mogelijk te maken.

  • Men spreekt zich uit voor het behoud van het open landelijk karakter met ruimte voor versterking van de biodiversiteit door (het stimuleren van) meer variatie aan beplanting.

  • In het licht van de energietransitie zien bewoners het liefst zon op dak. Zonneparken op vruchtbare landbouwgrond zijn niet wenselijk. Ook zijn grote windmolens in de buurtschap zelf niet wenselijk, al ziet men wel mogelijkheden langs strand Nulde.

  • Uitbreiding van het recreatieve routenetwerk, zoals het Klompenpad in de buurtschap wordt als kansrijk gezien.

    Het toevoegen van meer bankjes en rustpunten en betere verbindingen richting bijvoorbeeld strand Nulde draagt bij aan aantrekkelijkheid. Men ziet mogelijkheden voor kleinschalige verblijfsrecreatie bij de boer.

  • Al is er veel onvrede over de huidige wegafsluitingen en de communicatie daarover, de bereikbaarheid wordt in algemene zin als voldoende ervaren. Men wil graag dat de fietsstraat behouden blijft. Wel is er een wens naar een rechtstreekse verbinding naar de A28. Bovendien zorgt sluipverkeer nu voor overlast en vraagt verkeersveiligheid vooral voor fietsers nog om de nodige aandacht.

    De meerderheid van de inwoners ziet kansen m.b.t. kleinschalige bedrijvigheid in Steenenkamer, met name door functieverandering in samenwerking met boeren. Grootschalige industrie is echter onwenselijk (ook in Henslare). Bedrijventerrein verplaatsen nabij de A28 wordt genoemd als alternatief.

  • De pilot was ook bedoeld om te kijken op welke manier bewonersparticipatie het beste kan worden georganiseerd in het buitengebied van Putten. Er is gebleken dat gesprekken op locatie als positief worden ervaren. De open vraagstelling van de enquête vraagt nog om verdere aanscherping en toelichting. Bovendien is er geconstateerd dat er een vertrouwensbreuk is ontstaan tussen de inwoners van Putten en de gemeente Putten. Er is behoefte aan meer aandacht vanuit de gemeente om de onderlinge communicatie te verbeteren.

4.2.5 Bosmassief Veluwe
4.2.5.1 Inleiding

Inleiding prioritering ambities Bosmassief Veluwe

Aan de oostzijde van de gemeente Putten ligt het Veluwemassief. Dit Bosmassief Veluwe bestaat hoofdzakelijk uit bosgebied met her en der verspreid enige woningbouw en agrarische gronden die hoofdzakelijk als grasland in gebruik zijn. Aan de grens met de gemeente Barneveld ligt het buurtschap Koudhoorn midden in het bosgebied. Het gebied maakt deel uit van het grootst aaneengesloten natuurgebied in Nederland: de Veluwe.

Enkel de doorgaande weg naar Garderen doorsnijdt dit gebied. Verder ligt er een fijnmazig netwerk van fiets- en wandelpaden van onverharde en halfverharde paden. Het Veluwemassief behoort tot één van de oudste gebieden binnen de gemeente en de regio waar mensen zich gevestigd hebben. Sporen van dit verleden zijn onder en boven de grond te vinden binnen het gebied.

Op 9 mei 2023 zijn de herstelprogramma’s Bossen, Beken, Heiden & Stuifzanden en Vennen & Venen door Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland vastgesteld. De herstelprogramma’s moeten bijdragen aan het herstellen en sterker maken van de stikstofgevoelige natuur op de Veluwe. Ze geven daarbij aan welke maatregelen (voor specifieke locaties) nodig zijn en voor welke activiteiten een vergunning (volgens de Wet Natuurbescherming) moet worden aangevraagd. De programma’s zijn een uitwerking van het huidige Natura 2000-beheerplan Veluwe. De maatregelen in de herstelprogramma’s gaan dus niet over bronmaatregelen om stikstof te verminderen of over gebieden buiten de N2000- begrenzing.

4.2.5.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (3);

Het bosmassief nodigt uit om te sporten en bewegen. Dit draagt bij aan een betere fysieke en mentale gezondheid. Frisse lucht is erg belangrijk voor inwoners en (dag)recreanten. Om meer beweging te stimuleren zijn goede, veilige, efficiënte en duidelijke routes vanuit woongebieden binnen de bebouwde kom het buitengebied in essentieel. Heldere routenetwerken met duidelijke bebording zijn nodig.

Veilig (2);

Extra aandacht voor het voorkomen van bosbranden, maar ook het omgaan met het gebruik van elektrische fietsen (en bijbehorende ongelukken).

Aangenaam wonen (1);

Weinig tot geen woningen hier aanwezig, ook niet stimuleren en niet uitbreiden van de woonfuncties. Verrommeling (door bijvoorbeeld opstalletjes, bouwsels, teveel paardenbakken, hekken en opslag) willen we zo veel mogelijk beperken.

Natuurlijk en groen (5);

In dit gebied moet een sterke binding zijn met het beleid en beheer dat de provincie voor de Veluwe heeft opgesteld (versterkingsplan, beheerplannen, recreatiezonering de Herstelprogramma’s voor de Veluwe, e.d.). De gemeente Putten draagt waar mogelijk bij aan de genoemde plannen en herstelprogramma’s. Dat geldt in het bijzonder voor de Herstelprogramma’s Bossen en Heiden & Stuifzanden en het Puttense bos- en heideareaal dat onder ons beheer valt. We zetten hierbij in op het herstel van biodiversiteit en veerkracht, goed duurzaam bosbeheer (samenstelling loof- versus naaldbos). Dit doen we ook in het belang van klimaatadaptatie (verdamping, natuurbrandrisico’s). We stimuleren waar mogelijk houtwinning t.b.v.lokaal gebruik (bio- based bouwen). Herstellen sprengen en beken door overmatige grondwateronttrekkingen te voorkomen en zorgen voor berging en vertraagde afvoer vanregenwater bij hevige buien.

Cultureel en historisch (4); 

Wijzoeken dragers voor culturele en recreatieve activiteiten. Het Archeologisch Bezoekers Centrum (ABC) kan hierin drager zijn voor grafheuvels, partner musea en Erfgoed Gelderland!

Energieneutraal (1);

Geen energiemaatregelen. Eventueel multifunctioneel grondgebruik, zoals zonnepanelen boven parkeerplaatsen.

Ondernemend (1);

Weinig ondernemingen aanwezig; begrijpelijk waaromdeze opgave laaguitvalt (demotiveren ondernemers om te vestigen), maarer komen veel toeristen op af wat ook weer kansenbiedt voor ondernemers. Goed om onderscheid te maken (binnen het deelgebied) tussen de bosmassieve enclave en de randen (waar wel meer ruimte is voor ondernemerschap), kansen voor circulariteit en kleinschalige houtwinning voor houtbouw uit het Puttense bos.

Bereikbaar (3);

Langzaamverkeerverbindingen stimuleren, Putterpoorten belangrijk maken, niet alle delen van het bos bereikbaar maken (zonering), maar wel goede bewegwijzering van de toegankelijke gebieden. Rol van parkeren om bereikbaarheid te reguleren. Afsluiten zandwegen zonder verbindingsfunctie voor gemotoriseerd verkeer.

Recreatief (4);

Putterpoorten belangrijk maken, recreatieve verbindingen versterken, kleinschalige recreatie aan de randen van het bosmassief. Recreatiezonering toepassen en handhaven.

4.2.5.2.1 Afwegingskader Bosmassief Veluwe

Figuur afwegingskader Bosmassief Veluwe

afbeelding binnen de regeling
4.2.6 Bedrijventerrein
4.2.6.1 Inleiding

Inleiding prioritering ambities Bedrijventerrein

In de gemeente Putten bevindt zich een drietal Bedrijventerreinen: Keizerswoert, De Hoge Eng en de Ambachtstraat. Op de bedrijventerreinen zijn met name bedrijven in de (groot)handel, de bouwnijverheid en de industrie gevestigd. Het gaat in totaal om circa 1.500 bedrijven, bijna de helft van het totale aantal bedrijven in Putten. Op Keizerswoert zijn vooral productiebedrijven gevestigd. Op dit bedrijventerrein is ruimte voor relatief hinderlijke bedrijvigheid. Het bedrijventerrein Hoge Eng kent vooral wat lichte industrie en kleinere ambachtelijke bedrijven met kantoren. De bedrijventerreinen Keizerswoert en de Hoge Eng zijn gerevitaliseerd. Ten aanzien van het bedrijventerrein aan de Ambachtstraat wordt ingezet op transformatie waarbij het terrein zal verkleuren naar een woongebied. Er lopen momenteel plannen om een nieuw bedrijventerrein te ontwikkelen: Henslare (Bedrijventerrein in ontwikkeling)

4.2.6.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (2);

We stimuleren ondernemers om aandacht te hebben voor een prettigen gezond werkklimaat. We stimuleren initiatieven om mensen meteen afstand tot de arbeidsmarkt aan te nemen.

Veilig (3);

Veiligheid garanderen. We werken samen met Securitas aan toekomstbestendige beveiliging. Door inzet van (slimme) camera’s en ander soortige maatregelen is het de wens om de beveiliging minder arbeidsintensief te maken.

Aangenaam wonen (1);

Algemeen: gescheiden houden van wonen en werken. bedrijfswoningen op de bedrijventerreinen worden niet toegestaan. Bestaande bedrijfswoningen worden waar mogelijk gesaneerd. Bij uitzondering kunnen op de Hoge Eng bedrijfswoningen worden toegestaan, mits geen beperkingen ontstaan voor het functioneren van omliggende bedrijven. Wel grote ambitie om de Ambachtstraat te transformeren naar wonen (locatie Ambachtstraat naar wonen). Voor de Ambachtstraat geldt dat we uitgaan van een bedrijventerrein totdat functieverandering is doorgevoerd. Ook het voormalig Sligroterrein wordt op termijn een woonlocatie (project Bosrande, locatie Transformatie Sligro naar wonen).

Natuurlijk en groen (3);

Vergroenen van de  bedrijventerreinen en bedrijfsdaken vermindert  hittestress in de gebieden. Dit draagt ook bij aan klimaatadaptatie. De negatieve gevolgen voor natuur dienen zoveel mogelijk beperkt te worden. Bedrijventerreinen nabij natuur hebben minder ontwikkelmogelijkheden.

Cultureel en historisch (1); 

Weinig verhalen te vertellen in dit deelgebied en weinig cultuurhistorie aanwezig.

Energieneutraal (5);

Energieneutrale bedrijvensector, groen en zon op dak. Bedrijventerreinen als energiehubs voor gemeente Putten op het gebied van opwek, warmtedelen en opslag van energie. Daken optimaal benutten voor energieopwekking en waterberging. Afspraken maken over duurzaamheid en verduurzaming met eigenaren en verplicht stellen bij nieuwvestiging.

Ondernemend (5);

De bedrijventerreinen zijn primair bestemd voor industrie, handel en ambachtelijke bedrijvigheid. Bij uitbreiding van een bedrijf en/of het bedrijventerrein worden negatieve gevolgen voor de omgeving zoveel mogelijk beperkt en wordt gestreefd naar een zuinig gebruik van ruimte, energie, water en grondstoffen en een goed woon- en leefklimaat voor de omliggende woningen/woongebieden. Aantrekkelijk vestigingsklimaat stimuleren door een hoogwaardige inrichting van de terreinen, met o.a. veel groen en door het stimuleren van ondernemerschap met een focus op circulaire economie. We onderzoeken in het kader van de Economische Visie de mogelijkheden voor uitbreiding van bedrijventerreinen.

Bereikbaar (4);

Schone mobiliteit stimuleren op bedrijventerreinen, OV-bereikbaarheid garanderen, langzaamverkeer aantrekkelijk maken, snelfietsroutes aanleggen en bedrijventerreinen hier op aansluiten.

Recreatief (1);

Niet van toepassing.

4.2.6.3 Afwegingskader Bedrijventerrein

Figuur afwegingskader Bedrijventerrein

afbeelding binnen de regeling
4.2.7 Natuurlijke landschaps- en landgoederenzone
4.2.7.1 Inleiding

Inleiding prioritering ambities Natuurlijke landschaps- en landgoederenzone

De Natuurlijke landschaps- en landgoederenzone bestaat uit een zone in het noorden en in het zuiden van de gemeente. Beide gebieden liggen tegen de gemeentegrens aan. In het noorden is de zone gelegen rondom de Volenbeek, waar ook sprengen voorkomen. In het zuiden is de landgoederenzone breder en globaal gelegen rondom de Schuitenbeek en de Veldbeek. In beide zones liggen meerdere landgoederen. De historische huizen, boerderijen en het lommerrijke landschap geven deze gebieden een geheel eigen

en aantrekkelijke sfeer. Het is een coulissenlandschap waar de beken, natuur en agrarische activiteiten op een relatief kleinschalige manier samenkomen. In de gebieden liggen fijnmazige wandel- en fietsnetwerken. In de noordelijke landgoederenzone is het Bosbad Putten gelegen, terwijl in de zuidelijke landgoederenzone de Putter Golfbaan is gelegen. Dit deelgebied is onderdeel van een ecologische verbindingszone en onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk. Samen met de eigenaren van de landgoederenen partners als Natuurmonumenten, Gelders Genootschap en Stichting Landschapsbeheer Gelderland blijven we werken aan de vitaliteit van de landgoederen.

4.2.7.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (3);

Publiekstrekker, ontmoeting en beweging stimuleren.

Veilig (2);

Niet van toepassing.

Aangenaam wonen (2);

Eris geen ruimte voor het toevoegenvan nieuwe bouwmogelijkheden in het gebied. Behouden wat er is en functieverandering. Onderzoek naar toestaan van nieuwe woonvormen en flexibel wonen. Verrommeling (door bijvoorbeeld opstal letjes, bouwsels, teveel paardenbakken, hekken en opslag) willenwe zo veel mogelijkbeperken.

Natuurlijk en groen (5);

In dit deelgebied staan het landschap, de cultuurhistorie, de natuur en de waterkwaliteit centraal; behoud en versterking van bestaande waarden en ontwikkeling van natuurwaarden staan hier voorop: landschap versterken door behoud van de groene hoofdstructuur en het versterken van de karakteristieke streekeigen erfbeplanting zoals een hoogstam boomgaard, hagen en houtwallen. Zo neemt de gelaagdheid van het landschap toe. Bovendien bevordert dit de biodiversiteit. Daarnaast is het herstellen van de beken hier een belangrijke ambitie, door grondwateronttrekking te minimaliseren (o.a. verloofing van het bos) en waterberging te stimuleren.

Cultureel en historisch (5); 

Aanwezige cultuurhistorie laten spreken. Ingezet wordt op de instandhouding en het versterken van de bestaande landgoederen en het creëren van ‘kamers’ in het landschap.

Energieneutraal (4);

We zetten in op zon op stallen en bedrijfsbebouwing. Door middel van regionale samenwerking stimuleren we de verduurzaming van de landgoederen.

Ondernemend (3);

Bestaande agrarische bedrijven kunnen zich blijven ontwikkelen. In dit kaderstimuleren we in dit gebied ook natuurinclusieve landbouw, evenals kringlooplandbouw. Er is ruimte voor recreatieve activiteiten als nevenactiviteit van agrarische bedrijven of landgoederen, of als gevolg van functieverandering, mits dit geen ongewenste gevolgen heeft voor natuur, water en landschap. Te denken valt aan horeca, verblijfstoerisme of zorgboerderijen.

Bereikbaar (2);

Blijvend beheer en onderhoud aan klinkerwegen. Ook speelt hier het probleem dat bij een aantal wegen de inrichting en/of constructie niet berekend is op het huidige gebruik van de weg.Dit vraagt om aanpassing van wegen op het gebruikof aanpassing van het gebruikop de wegen.

Recreatief (4);

Mengvormen m.b.t. recreatie toestaan, onder andere als nevenactiviteit van aanwezige bestaande functies. Hierbij is behoud van de kleinschaligheid van het landschap belangrijk. De oude kern van het erf dient beleefbaar te blijven. Bebouwing voor de voorgevelrooilijn (voorhuis) van de boerderij moet voorkomen worden. Landschappelijke inpassing en een passende beeldkwaliteit blijven daarnaast ook altijd een belangrijke randvoorwaarde: het voorkomen van verrommeling, behouden van het onderscheid tussen bij- en hoofdgebouw en het toepassen van de karakteristieke zwarte schuren. Grootschalige recreatieve ontwikkelingen zijn niet toegestaan in dit gebied. Ook in dit gebied wordt recreatiezonering toegepast om bepaalde stukken heide te ontzien en juist naar andere plekken meer bezoekers te trekken.

4.2.7.3 Afwegingskader Natuurlijk landschaps- en landgoederenzone

Figuur afwegingskader Natuurlijk landschaps- en landgoederenzone

afbeelding binnen de regeling
4.2.8 Open landschap en randmeerzone
4.2.8.1 Inleiding

Inleiding prioritering ambities Open landschap en randmeerzone

Het Open landschap en randmeerzone beslaat het westelijk deel van  het buitengebied. Het is het meest open landschap binnen de gemeente Putten en bestaat uit de polder Arkemheen en het open weidegebied

ten zuiden van de A28, dat aansluit op de landgoederenzone bij Oldenaller. Aan de noordzijde grenst het Open landschap aan het Randmeer en aan de oostzijde loopt het gebied geleidelijk over in het meer besloten en bebouwde landschap van het agrarisch gebied. In het verleden grensde het gebied aan de Zuiderzee. Bij stormvloeden kwam het voor  dat het gebied tot aan de landgoederenzone overstroomde.

De polder Arkemheen is nu een Nationaal Landschap en wordt gekenmerkt door een middeleeuwse rationele verkaveling. Het is een vrijwel geheel open landschap, waarbij de bebouwing zich langs de dijk bevindt. Hier staat ook het cultuurhistorisch waardevolle Putter stoomgemaal. Vanwege de openheid is het gebied zeer in trek bij vele weidevogels, waaronder de kleine

zwaan en de tafeleend. Om deze reden is een deel van de polder aangewezen als te beschermen gebied in het kader van de Vogelrichtlijn, waarmee het tevens is aangewezen als Natura 2000-gebied.

De Randmeerzone is het gebied langs het Randmeer. Veluwe aan Zee (voorheen strand Nulde) is een lange smalle recreatiestrook tussen het randmeer en de A28. In dit recreatiegebied bevinden zich een hotel, een camping met verblijfsaccommodaties, een jachthaven, een benzinestation en dagrecreatieve voorzieningen in de vorm van strandjes, toiletgebouwen en parkeerterreinen. Het recreatiegebied is uitstekend direct te bereiken vanaf de eigen afrit van de A28. Ten opzichte van de watersportdynamiek bij Strand Horst, is het in Nulde rustiger en meer gericht op families.

4.2.8.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (3);

Dit is bij uitstek een plek voor ontmoeting en om beweging te stimuleren, voor recreanten en lokale bewoners.

Veilig (4);

Veel recreanten hier in dit gebied, waardoor aandacht voor veiligheid extra belangrijk is. Focus op verkeersveiligheid voor meerdere modaliteiten en omgevingsveiligheid op recreatieterreinen in de randmeerzone. Tevens is er aandacht voor de omgevingsveiligheid van mensen op buitenlocaties nodig.

Aangenaam wonen (1);

Open landschap behouden en windmolens aan de A28.

Natuurlijk en groen (4);

Aandacht voor open provinciaal landschap/ polder Arkemheen en het groene kruispunt. Aansluiten bij Beheerplan Arkemheen van de provincie. Polder Arkemheen is ook Natura 2000 gebied, onderdeel van een ecologische verbindingszone. Hier is het versterken en behouden van de natuur en de biodiversiteit een belangrijk speerpunt. In de Randmeerzone is waterkwaliteit een aandachtspunt. Inzetten op natuurlijke middelen om de waterkwaliteit te verhogen. Daarnaast moeten vervuilers die zorgen voor overmatige waterplantengroei, worden aangepakt.

Cultureel en historisch (3);

Behoud van het cultuurhistorische landschap. Het Stoomgemaal, Oldenaller, en de polder Arkemheen-Eemland hebben een hoge cultuurhistorische waarde. Deze behouden en versterken we.

Energieneutraal (5);

Het plaatsen van grote windturbines in de randmeerzone is kansrijk, ruimte voor plaatsing van 3-8 windmolens. Daarnaast wordt energie opwekken met bijvoorbeeld aquathermie of zonnevelden (in de randmeerzone) als kansrijk gezien.

Ondernemend (4);

Juiste balans tussen groei en ondernemersdrift en beleving door bewoners. Het beleid is gericht op versterking van de (melk)veehouderijsector. In dit gebied is melkveehouderij de meest passende functie, met een efficiënt gebruik van de agrarische gronden vanwege de landschaps- en natuurwaarden. In dit gebied wordt al veel agrarisch natuurbeheer toegepast. Agrarisch natuurbeheer is een vorm van beheer die past bij de rol van agrariërs in het gebied.

Bereikbaar (4);

Focus op schone mobiliteit, OV en langzaam verkeer.

Recratief (5);

Dit is een belangrijk recreatiecluster voor Putten. Het open provinciaal landschap (Arkemheen) dient voornamelijk voor landschapsbeleving en (extensieve) vormen van recreatie. In de randmeerzone vindt met de strandzone meer (intensieve) recreatie plaats. Deze intensieve recreatie met voorzieningen breiden we voorlopig niet uit aangezien dit strijdig is met de beheerplannen van de provincie voor het bijzondere open landschap en polder Arkemheen. We zetten in op een transitie naar meer (eco)toerisme gericht op water en watersport. De activiteiten en evenementen moeten in balans zijn met de natuur en niet strijdig zijn met de natuurwetgeving.

4.2.8.3 Afwegingskader Open landschap en randmeerzone

Figuur afwegingskader Open landschap en randmeerzone

afwegingskader Open landschap en randmeerzone
afbeelding binnen de regeling
4.2.9 Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen
4.2.9.1 Inleiding

Inleiding prioritering Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen

Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen beslaat de gebieden Krachtighuizen en Veenhuizerveld. 

Krachtighuizen is een buurtschap die net iets ten zuidoosten van het dorp Putten is gelegen. Het ligt tussen de N303 en de bosflank van de Veluwe. Het vormt ruimtelijk gezien een overgangsgebied tussen de bosgebieden en het meer agrarische kampenlandschap in het westen. De buurtschap heeft zich in de loop van de tijd ontwikkeld tot recreatiegebied. Het gebied wordt voor het grootste deel in beslag genomen door diverse verblijfsrecreatieve terreinen van verschillende grootte. Deze parken en terreinen worden afgeschermd door houtopstanden. Tussen de recreatieterreinen bevinden zich verspreid door het gebied woningen en bedrijven. In het gebied Krachtighuizen bevindt zich een drinkwaterwingebied en een (groter) grondwaterbeschermingsgebied.

Veenhuizerveld is ook een buurtschap in de gemeente Putten. Het ligt aan de oostzijde van  de provinciale weg tussen Putten en Voorthuizen. Veenhuizerveld grenst aan de oostzijde aan het buurtschap Huinen. In dit buurtschap bevindt zich een kleine clustering van winkels. Veenhuizerveld heeft een recreatief en agrarisch karakter met recreatieve/agrarische bedrijvigheid, enkele recreatieparken en een saunacomplex. 

4.2.9.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (4);

Het behouden van de goede sociale samenhang in Veenhuizerveld, Krachtighuizen en  in de buurtschap Huinen vinden we belangrijk. We willen deze sociale cohesie behouden en er in investeren indien nodig.

Veilig (3);

Dit thema blijft een aandachtspunt in de zin van ondermijning op vakantieparken, oneigenlijk gebruik van recreatieverblijven (wonen, criminele activiteiten) en het samengaan van functies als bedrijvigheid, (vracht)autoverkeer versus wonen en recreatief gebruik. Inzet op handhaving op vakantieparken voortzetten blijft van belang voor het behoud van een goede leefbaarheid en ter voorkoming van verpaupering in het gebied. Dit doen we door het programma Vitale Vakantieparken.

Aangenaam wonen (2);

Transformatie van vakantieparken naar natuur mogelijk, waarbij beperkt ontwikkeling van woningen. Tijdelijke bewoning is onder voorwaarden mogelijk. Bij het toevoegen van woningen sluiten we aan op de schaal van Krachtighuizen. Het toevoegen van woningen gaat om kleine aantallen en niet om projectmatige bouw. 

Veenhuizerveld: wonen in het landschap. Toevoeging van woningen hier niet echt aan de orde behalve ook met functieverandering.

Natuurlijk en groen (4);

Groene karakter gebied zoveel mogelijk behouden en versterken. Vergroenen recreatieterreinen; Krachtighuizen en Veenhuizerveld bevinden zich langs de Veluwe. Er zijn hier veel vakantieparken en er is veel recreatie. Groen is voor de beleving van de recreanten erg belangrijk. Bescherming van de natuur (heide) belangrijk. Fungeert als “groene bufferzone”. Momenteel loopt er een Pilot in Veenhuizerveld met de provincie waarbij o.a. wordt gekeken naar natuurinclusief boeren, waar mogelijk stikstofreductie en het herstel van de waterhuishouding. Voor Veenhuizerveld liggen er ook kansen om de groenstructuur te verbeteren door in te zetten op een goede natuurlijke corridor tussen de Veluwe en landgoederen in het westen1. Klimaatadaptieve inrichting van vakantieparken en woningen is een speerpunt. Krachtighuizen is een grondwaterbeschermingsgebied (= brede zone rondom het winningsgebied) – bescherming zowel kwalitatief als ook kwantitatief (inclusief verhogen bewustwording bij de bewoners, bedrijven, bezoekers).

Cultureel en historisch (2);

De recreatieparken zijn de uitvalsbasis voor recreanten. Op de vakantieparken beleef je niet veel cultuurhistorie. Er liggen weinig kansen om dit te versterken of verbeteren. Doel is wel hier nog meer natuur te beleven. Hier zetten we in op het Veluwe-gevoel.

Energieneutraal (4);

Er ligt een grote opgave voor de energietransitie voor de vakantieparken. Het gebied is minder geschikt voor grootschalige opwekking omdat dit impact heeft op een aantrekkelijk recreatief landschap

Ondernemend (4);

Veel ondernemers in de recreatiezone, ruimte voor vernieuwing en innovatie. Voor ondernemers op vakantieparken liggen hier grote kansen maar andersoortige bedrijven zijn hier in beginsel niet passend. Dit leidt vaak tot conflicten met rustige functies zoals wonen en recreëren. Bij de nieuw te ontwikkelen entrees is er ruimte voor bedrijvigheid gelieerd aan recreatie. Denk aan horeca voor fietsers/ wandelaars.

Bereikbaar (3);

Bereikbaarheid en goede, veilige wegen zijn voor de bewoners ook belangrijk. We willen hard rijden en parkeren langs de bermen met onveilige situaties tot gevolg waar mogelijk ontmoedigen. We versterken de aantrekkelijkheid van de entrees in het gebied. We houden rekening met wandelaars en fietsers wanneer we met de infrastructuur bezig gaan.

Recreatief (5);

De recreatiezone; in dit gebied liggen verreweg de meeste vakantieparken, circa 45 van de 60 vakantieparken in Putten. De ontwikkeling van de Veluwe-entree Krachtighuizerheide en mogelijk nog een Veluwe entree meer naar het zuiden zijn belangrijke ontwikkelingen.

4.2.9.3 Afwegingskader Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen

Figuur afwegingskader Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen

afbeelding binnen de regeling
4.2.10 Enclave Koudhoorn
4.2.10.1 Inleiding

De Enclave Koudhoorn wordt omgeven door de bossen van het Veluwemassief. In deze buurtschap komen verschillende functies voor in de vorm van wonen, agrarische bedrijven, niet- agrarische bedrijven, en maatschappelijke voorziening en recreatie. De buurtschap heeft een rustieke uitstraling met open landerijen, visueel gescheiden door kleine bosschages, erfbeplanting en wegbeplanting. Koudhoorn ligt aan de doorgaande weg tussen Putten en Garderen.

4.2.10.2 Prioritering van ambities per thema:

Sociaal en Vitaal (3);

Het is belangrijk aandacht te houden voor de sociale samenhang en leefbaarheid in deze omgeving.

Veilig (3);

Dit thema blijft een aandachtspunt in de zin van ondermijning op vakantieparken, oneigenlijk gebruik van recreatieverblijven (wonen, criminele activiteiten) en het samengaan van functies als bedrijvigheid, (vracht)autoverkeer versus wonen en recreatief gebruik. Inzet op handhaving op vakantieparken voortzetten blijft van belang voor het behoud van een goede leefbaarheid en ter voorkoming van verpaupering in het gebied.

Aangenaam wonen (4);

Bespreken wens uitbreiding en kleinschalig wonen toevoegen. We kijken hierbij naar een aanvulling op het type woning.

Natuurlijk en groen (4);

Koudhoorn is een eiland in het groen. We streven naar een open en groen karakter. Verrommeling (door bijvoorbeeld opstalletjes, bouwsels, teveel paardenbakken, hekken en opslag) willen we zo veel mogelijk beperken. Wegstructuren (lanen) versterken we in de kern. We streven naar een landschappelijke inpassing van recreatiebedrijven en we beperken waar mogelijk de milieudruk vanuit agrarisch gebruik op het Natura2000-gebied. Vanwege de ligging midden in het Veluwe massief heeft deze opgave een hoge prioriteit. We zetten in op een geleidelijke groene overgang naar de overige natuurgebieden (groene bufferzone).

Cultureel en historisch (3);

We willen hier meer verhalen vertellen en het cultuurhistorische landschap latenspreken. Vanuit cultuur-maatschappelijk oogpunt is dit een heel ander gebied. Het bestaat uit een stuwwal landschap, met grafheuvels en akkercomplexen (celtic fields), een juweeltje voor de archeologie. Koudhoorn is ook een Wildforsters plaats, waar de jachtopzieners dienden in de middeleeuwen (erg oude plek, zoals Boeschoten). We streven naar een van oudsher open en groenkarakter.

Energieneutraal (3);

De openheid bewaren vinden we in dit deelgebied erg belangrijk. Er liggen kansen voor lokale energievoorzieningen t.b.v. eigengebruik van de gemeenschap. Geen grootschalige opwekking op open velden maar uitsluitend als initiatief voor hele enclave. Opgave voor energietransitie van een aantal terreinen/campings.

Ondernemend (3);

Recreatie is sterk aanwezig in dit gebied, hier blijft ruimte voor uitbreiding, mits passend in het landschap en bij de karakteristieken van Koudhoorn.

Bereikbaar (2);

De wegen binnen de bebouwde kom van Koudhoorn hebben een maximumsnelheid van 50 km/h. Dit past niet bij de vormgeving en het gebruik van deze wegen. Een maximumsnelheid van 30 km/h is wenselijk. Voor de geloofwaardigheid van deze maximumsnelheid zijn aanpassingen aan deze wegen nodig. Daarom gaan we 30 km/hinstellen en de wegen daarvoor aanpassen. Dit doen we in combinatie met groot wegonderhoud.

Recreatief (4);

Na het gebied Krachtighuizen/Veenhuizerveld hier de hoogste concentratie aan vakantieparken. Opgave voor verdere innovatie van een aantal terreinen/campings.

4.2.10.3 Afwegingskader Enclave Koudhoorn
afbeelding binnen de regeling
afwegingskader Enclave Koudhoorn

5 Werken met de omgevingsvisie

Inleiding

De Omgevingsvisie Putten 2040 is het overkoepelend kader op hoofdlijnen voor de ontwikkeling, het beheer, het gebruik en de bescherming van de fysieke leefomgeving in Putten. Het realiseren van de geformuleerde ambities en doelstellingen willen we in samenwerking doen met anderen: bewoners, bedrijven, initiatiefnemers en ketenpartners. De rol die we hierbij als gemeente innemen, kan verschillende vormen aannemen: we voeren soms zelf uit, we reguleren, regisseren, stimuleren, faciliteren en laten soms ook los. Dit hoofdstuk laat zien hoe de Omgevingsvisie Putten 2040 te gebruiken is, voor onszelf en voor anderen. Hoe komen we van een visie met ambities en globale doelstellingen tot concrete uitvoering en realisatie?

5.1 (Be)sturingsfilosofie, samenwerking en rol van de gemeente en partners

We vinden het in Putten belangrijk dat inwoners, ondernemers en andere partijen zoveel mogelijk de ruimte krijgen om initiatieven in de leefomgeving te nemen. Ook vinden we het van belang dat de omgeving in een vroeg stadium wordt betrokken bij het maken van plannen en bij het beoordelen van initiatieven. Met een open houding staan we klaar voor wie ons nodig heeft. Hierbij gaan we niet uit van het principe ‘nee, tenzij’ maar van het ‘ja, mits’. Als het nodig is zoeken we hiervoor de rek in de regels. We willen maatwerk bieden waar dit nodig is. Ook willen we – in lijn met de doelen van de Omgevingswet – komen tot een manier van werken die slimmer, beter en sneller is, samen met anderen. De gemeenteraad in Putten is ervan overtuigd dat er veel kracht en kennis aanwezig is in de lokale gemeenschap. Die kan nog beter gemobiliseerd en benut worden. Tegelijkertijd zijn er inwoners die kwetsbaar zijn en minder goed voor zichzelf kunnen zorgen. Zij moeten kunnen rekenen op ondersteuning. Dit vraagt om een overheid die enerzijds vertrouwen geeft, meer ruimte laat en minder bureaucratisch is en tegelijkertijd om een betrouwbare overheid die opkomt voor de belangen van kwetsbare inwoners en zich inzet voor kwetsbare natuur.

Het realiseren van deze visie vereist ander gedrag en een andere houding van de gemeentelijke overheid: de cultuur en rol van gemeenteraad, college en gemeentelijke organisatie dienen hierop in te spelen. Deze verandering van houding en gedrag is één van de belangrijkste opgaven voor onze gemeentelijke overheid voor de komende jaren. Het moet leiden tot realistische verwachtingen ten aanzien van de rollen en taken van de lokale overheid. Deze verandering vraagt tijd en dient rustig en geleidelijk aan te verlopen. Kwaliteit gaat boven snelheid. In dit uitvoeringsproces is een goede communicatie essentieel. Gaandeweg communiceren wij stelselmatig met betrokkenen. De mate waarin en de manier waarop hangt daarbij af van de specifieke stappen in het proces. Daarbij is het van groot belang dat we duidelijkheid scheppen over verwachtingen.

Rollen van de gemeente
  • In de samenwerking met de Puttense samenleving heeft de gemeente verschillende rollen:

    De gemeente is zelf initiatiefnemer, bijvoor- beeld bij grond die zij in bezit heeft en tot ontwikkeling wil brengen en maatschappelijke doelen die ze wil realiseren.

  • De gemeente is het eerste aanspreekpunt voor initiatiefnemers met plannen voor de fysieke leefomgeving. De gemeente kan als belanghebbende meedoen met initiatieven van anderen in een publiek-private samenwerking, waarbij zij het algemeen belang bewaakt.

  • Bij een ontwikkeling brengen de initiatiefnemers de belangen van de directe omgeving in beeld en zijn ze zelf verantwoordelijk voor het gesprek hierover. Op basis van een afweging van alle (deel)belangen moet de gemeente uiteindelijk een definitief besluit nemen. Als eindbeslisser bepaalt ze of een initiatief daadwerkelijk door mag gaan. De gemeente hakt knopen door en maakt duidelijk hoe ze de verschillende (deel)belangen heeft afgewogen in haar besluit.

  • De gemeente ondersteunt/faciliteert bij initiatieven uit de samenleving, bijvoorbeeld door een bedenker van een sociaal-maatschappelijk waardevol plannen te helpen om dit verder te brengen en/of wegwijs te maken bij procedures rondom vergunningen.

Van 'zorgen voor' naar 'zorgen dat'

Wettelijk verplichte taken voeren wij uit

Onze kerntaak is het garanderen van de uitvoering van onze wettelijke taken.

Organiseren van de kracht en kennis die in de samenleving aanwezig is

Onze gemeentelijke rol zal steeds meer bestaan uit het organiseren van de kracht en kennis die in onze lokale gemeenschap aanwezig is. Doel is het benutten van deze kracht. Tevens willen wij inspelen op ontwikkelingen in en initiatieven uit de gemeenschap. Het gemeentebestuur en de ambtelijke organisatie zullen vooral vanuit regie, partnerschap en samenwerking (gaan) opereren. Het zelf uitvoeren van werkzaamheden wordt minder belangrijk: we gaan als (lokale) overheid van “zorgen voor” naar “zorgen dat”. Hierbij moet het gemeentebestuur en de ambtelijke organisatie anticiperen op de kracht in de samenleving, omgevingsgericht zijn, maatwerk leveren en integraal, interactief en vraaggericht werken. De gemeente Putten stelt zich hierbij op als “Partner in Putten”. Binnen de samenwerkingsnetwerken is behoefte aan wat wel de drie musketiers worden genoemd: ‘trekkers’ die iets initiëren en mensen enthousiast maken, ‘verbinders’ die partijen en ideeën met elkaar weten te verbinden en ‘duwers’ die er voor zorgen dat het proces niet stilstaat en iedereen enthousiast blijft. De gemeente wil steeds één van deze rollen spelen, afhankelijk van de situatie.

De gemeente is de ‘eerste overheid’

Voor inwoners gaat de gemeentelijke overheid steeds meer functioneren als het startpunt voor contact met de gehele overheid. De gemeente is het eerste aanspreekpunt. We streven ernaar op een persoonlijke wijze te communiceren (inzet van gastheer/-vrouw, geen belmenu, e.d.) en tegelijkertijd te zorgen voor een goede automatisering om daarmee ook buiten kantooruren informatie te ontsluiten en (eenvoudige) diensten te kunnen leveren. De organisatie zal daarbij meer gaan “kantelen” en gericht zijn op de vragen en de activiteiten in de gemeenschap en minder vanuit de sectorale beleidsindeling van de overheid.

De financiële middelen zetten wij zo efficiënt en effectief mogelijk in

Ons gemeentebestuur wordt de komende jaren naar alle waarschijnlijkheid geconfronteerd met bezuinigingen door de rijksoverheid

en met uitbreiding van het takenpakket. De ambtelijke organisatie zal daarom blijvend efficiënt, effectief en kostenbewust moeten zijn. De gemeentelijke bureaucratie beperken we waar mogelijk. Onze maatregelen en subsidies richten zich steeds meer op het op gang helpen van initiatieven en activiteiten van inwoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers. Uiteraard moeten deze initiatieven en activiteiten passen binnen de prioriteiten van ons gemeentelijk beleid. Ruimtelijke subsidies krijgen vooral de functie van – tijdelijk – ‘vliegwiel’ of ‘aanjager’.

Gemeentebestuur en ambtelijke organisatie voldoen aan onze kernwaarden

De kerntaak en -rol van de gemeente vereist een verandering van de werkwijze, houding en gedrag van gemeentebestuur en organisatie. Om dit te realiseren, hanteren we de volgende kernwaarden:

  • Gastvrijheid

  • Moed

  • Ontvankelijkheid

  • Plezier

De toekomstige rol en positie van onze partners

In de samenwerking met de Puttense samenleving hanteren we de volgende uitgangspunten:

We doen een groter beroep op de verantwoordelijkheid van partners voor zichzelf en voor elkaar

We vragen onze inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers om meer verantwoordelijkheid voor zichzelf en voor elkaar te nemen. Dit betekent ook dat we van onze partners vragen oog te hebben voor verschillende belangen en bereid te zijn om die in het kader van het algemeen belang een plek te geven. Deze keuze sluit aan bij de toenemende mondigheid van onze inwoners.

Partners krijgen ruimte voor participatie én vertrouwen

We bieden onze partners meer ruimte voor deelname, door als gemeentelijke overheid open te staan voor hun initiatieven en ideeën. We kiezen nadrukkelijk voor  samenwerking en partnerschap, waarbij het geven van vertrouwen vanzelfsprekend is. Daarnaast zijn heldere communicatie en het nakomen van afspraken van groot belang. De mogelijkheden die eigentijdse media en nieuwe technologieën bieden, gaan we zoveel mogelijk benutten.

We gaan intensiever samenwerken met anderen 

Putten zoekt de samenwerking met andere overheden vanuit de overtuiging dat je samen verder komt met betrekking tot kansen, kwaliteitsverbetering, het verminderen van

de kwetsbaarheid van onze relatief kleine ambtelijke organisatie en kostenreductie (minder meerkosten). Gezamenlijk zijn we beter opgewassen tegen de uitbreiding van het gemeentelijke takenpakket en de verwachte bezuinigingen door de Rijksoverheid. Samen kunnen we ook beter inspelen op de vergrijzing van onze bevolking. Ketenpartners voor de omgevingsvisie zijn: provincie Gelderland, Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG), Waterschap Vallei en Veluwe, GGD Noordoost Gelderland en de Omgevingsdienst Veluwe (ODV). We opereren steeds meer als één overheid, want veel (gemeentegrensoverschrijdende) vraagstukken vragen om regionale samenwerking.

5.2 Operationalisering instrumenten van de Omgevingswet

Inleiding

De omgevingsvisie maakt deel uit van het instrumentarium van de Omgevingswet. Door deze instrumenten in samenhang te ontwikkelen en te gebruiken, wordt de beleidscyclus op een goede wijze geborgd:

  • ambities/doelen omgevingsvisie worden uitgewerkt in (uitvoerings)programma’s,

    regels worden vastgelegd in het omgevingsplan,

  • vergunningen worden verleend,

  • toezicht en handhaving krijgenvorm en

  • door een goede monitoring en tijdige evaluatie worden de ambities en doelstellingen periodiek bijgesteld.

afbeelding binnen de regeling

 

Omgevingsvisie

Hierin staan de ambities, doelstellingen en uitgangspunten ten behoeve van de (ontwikkeling van de) fysieke leefomgeving. Het visiedocument op hoofdlijnen is zelfbindend en wordt door de gemeenteraad vastgesteld. Dit geeft de raad haar kaderstellende en sturende rol. De visie heeft tevens een functie als inspiratie- en afwegingskader voor het al dan niet toestaan van ontwikkelingen. Hierbij is het principe “ja, mits” het uitgangspunt.

Ontwikkelperspectief

Aan de wettelijke kerninstrumenten hebben we gemeend een instrument te moeten toevoegen: het ontwikkelperspectief. Ten opzichte van de omgevingsvisie zijn ontwikkelperspectieven gedetailleerder, onder meer in de typering van gewenste woon- en werkmilieus in verschillende buurten en het gewenste aanbod van functies en voorzieningen. Beide producten doen uitspraken op hoofdlijnen en zijn zelfbindend voor de gemeente. De gemeenteraad is voor beide documenten het bevoegd gezag it geeft de gemeenteraad haar kaderstellende en sturende rol.

Omgevingsprogramma

Een programma is een thematische of gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie. Het bevat maatregelen voor de ontwikkeling, het beheer, het gebruik, de bescherming en/of het behoud van (een deel van) het Puttense grondgebied. In het programma wordt beschreven hoe de ambities en doelstellingen, die door de raad zijn vastgesteld, kunnen worden behaald. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd gezag voor de programma’s. Indien een programma beleidsmatige kaders bevat, worden deze kaders ook voorgelegd aan de raad. Uiteraard is en blijft de gemeenteraad (vanuit het budgetrecht) verantwoordelijk voor het toekennen vanfinanciële middelen doorhet vaststellen van de (programma)begroting.

Omgevingsplan

Indien nodig worden de ambities en keuzes uit de omgevingsvisie juridisch geborgd in het omgevingsplan. Daarmee wordt (juridisch) uitvoering gegeven aan het vastgestelde beleid. Het omgevingsplan vervangt (op termijn) het bestemmingsplan en wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Daarmee kan de raad zelf controleren of het beleid voldoende en (juridisch) juist is geborgd en (indien nodig) bijsturen. Het omgevingsplan is een wettelijk verplicht middel.

Omgevingsvergunning

Het verlenen van een omgevingsvergunning (voor het afwijken van het omgevingsplan) en het daarmee samenhangende toezicht en

handhaving is een bevoegdheid van het college van B&W. De gemeenteraad heeft (in specifieke gevallen) adviesrecht in het kader van haar controlerende functie.

Kort samengevat
  • de gemeenteraad heeft (als lokale volksvertegenwoordiging) een kaderstellende en controlerende rol;

  • het college van burgemeester en wethouders geeft invulling aan hoe de ambities en doelstellingen worden behaald.

5.3 Uitvoeringsprogramma

Inleiding

De gemeente biedt door het opstellen van de Omgevingsvisie Putten 2040 duidelijke kaders voor de toekomst. In de omgevingsvisie wordt het belang benadrukt van slimme combinaties en samenwerkingen bij de aanpak van de (toekomstige) opgaven. De inhoudelijke uitwerking per thema en/of deelgebied binnen Putten vraagt om een (ver)nieuw(d) beleidshuis en ook de ambtelijke organisatie moet meer “opgavegericht” gaan denken/werken en daarbij “adaptief” zijn om snel te kunnen anticiperen op veranderingen.

Beleidshuis “in de steigers”

In de omgevingsvisie staat het Puttens Wiel centraal met daarin de drie (3) ambities en negen (9) hoofdopgaven. De in de omgevingsvisie opgenomen hoofdopgaven zijn de basis voor het nieuwe Puttense beleidshuis voor de fysieke leefomgeving. In het beleidshuis worden géén sectorale beleidsplannen meer opgesteld, maar worden opgaven integraal benaderd en ingevuld volgens een programmatische werkwijze. In het volledige Puttense beleidshuis is vanwege de integrale benadering dan ook deels sprake van een overlap met de opgaven vanuit het sociale domein. Het programma Sociaal &Vitaal is hier een goed voorbeeld van. De programmastructuur moet nog nader worden uitgewerkt, maar in de basis ziet dit er als volgt uit:

Omgevingsvisie Putten:

De stip op de horizon voor 2040.

Missie:

Sociale-, ecologische- en economische duur- zaamheid is in balans.

“Putten wil een veilige, gezonde, groene en gast- vrije gemeente zijn waarin inwoners hun hele leven kunnen wonen. Putten wil een zorgzame samenleving zijn, waar we oog hebben voor elkaar en waarbij iedereen mee kan doen en zich daarbij optimaal ondersteund voelt. Deze samenleving willen we in samenwerking met bewoners, bedrijven en andere overheden realiseren”.

Ambities:

  • De mens centraal, als gebruiker van de ruimte:

  • Rentmeester van onze (dorpse en natuurlijke) leefomgeving:

  • Werken aan een vitale en gastvrije economie:



Hoofdopgaven:

De (3) ambities – gebaseerd op de drie elementen “people, planet, profit” die samen leiden tot duurzame ontwikkeling – worden gekoppeld aan de (9) thematische hoofdopgaven. Ambities en hoofdopgaven vormen samen het Puttens Wiel. Binnen elke ambitie en binnen elke opgave wordt indien noodzakelijk de verbinding gelegd met de meerjarige visie Samenleving.

Doelen en deelopgaven:

Per hoofdopgave is een ER-doel geformuleerd, bijvoorbeeld “Putten wordt nog duurzamer en groener”. Deze globale doelen worden vervolgens zo concreet (SMART) mogelijk vertaald in doelstellingen waar Putten – gezamenlijk met partners – aan wil gaan werken. De wijze waarop deze doelstellingen kunnen worden bereikt, wordt in een aantal programma’s uitgewerkt. In een programma wordt het beleid uit de omgevingsvisie (indien nodig) nader uitgewerkt en staat verder vooral de uitvoering centraal: hoe gaan we de ambities en doelstellingen bereiken? De definitieve programmastructuur is nog niet bepaald, maar het nieuwe beleidshuis staat al wel in de steigers. Hierbij wordt (op basis van de 3 ambities) gedacht aan de volgende indeling:

De mens centraal, als gebruiker van de ruimte:

1.    Programma Integrale Veiligheid

2.    Programma Sociaal & Vitaal: In dit programma richten we ons op ontmoeting, inclusieve wijken en het behouden van het bestaande voorzieningenniveau. Daarnaast zorgen we voor een verbinding met de meerjarige visie Samenleving.

3.    Programma Wonen

Rentmeester van onze (dorpse en natuurlijke) leefomgeving

4.    Programma Duurzaamheid: Hierin zal (op korte termijn) vooral de uitvoering van de energietransitie centraal staan.

5.    Programma Fysieke Leefomgeving: Als opvolger van het Beleidsplan Integraal Beheer Openbare Ruimte (IBOR). Wellicht wordt er nog een separaat Programma Water en Klimaatadaptatie toegevoegd (opvolger ZAP)

6.    Programma Vitaal Platteland Putten: De grote opgaven in het buitengebied vragen om een gebiedsgerichte aanpak

Werken aan een vitale en gastvrije economie:

7.    Programma Economie (incl. landbouw en toerisme & recreatie): De Economische Visie waar nu aan wordt gewerkt, wordt als Programma aangeboden.

8.    Programma Mobiliteit: Het Gemeentelijk Verkeer en Vervoerplan (GVVP) zal op termijn een programma worden.

9.    Programma Bedrijfsvoering: Ook beleid en uitvoering rond de organisatie(ontwikkeling) wordt op termijn een programma.

Het betreft in alle gevallen vrijwillige programma’s. Deze zijn vormvrij. Bij de uitwerking van de verschillende programma’s trachten we te komen tot een eenduidige opbouw/structuur ten behoeve van overzicht en samenhang. Deze samenhang wordt ook geborgd door het opstellen van een Strategische Agenda Putten (SAP). De SAP moet mede bewaken dat de verschillende opgaven (bijv. de stikstofopgave) integraal worden opgepakt. Dit vraagt om afstemming tussen de verschillende programma’s.

Een voorzet van hoe de verschillende elementen van de (basis)uitvoeringsparagraaf zich  tot elkaar verhouden is opgenomen in de volgende spreadsheet;

afbeelding binnen de regeling
Organisatieontwikkeling

In juni 2021 is een eerste aanzet gegeven tot een organisatieontwikkeling die vorm en inhoud moet geven aan een “opgavegerichte en adaptieve” ambtelijke organisatie. In maart 2022 en in november 2022 heeft het college de eerste besluiten genomen ten aanzien van deze ontwikkeling. Begin 2023 wordt nader invulling gegeven aan de wijze waarop de gewenste 

veranderingen (wat betreft organisatiestructuur en -cultuur) kunnen worden gerealiseerd. 

In de Visie Organisatieontwikkeling (juni 2021) wordt de VPNG-notitie “Opgavegericht werken” als een inspiratiedocument benoemd. Hierin wordt een opgave beschreven als “een maatschappelijk vraagstuk dat vraagt om een oplossing”. Volgens de notitie komen opgaven veelal voort uit (noodzakelijke) veranderingen: transities en transformaties. Per opgave moet inzichtelijk worden gemaakt wat de rol is die de gemeente wil innemen en met welke organisaties moet worden samengewerkt. 

Vervolgens krijgt de rol van de gemeentelijke overheid vorm door het inzetten van de wettelijke kerninstrumenten en het invullen en uitvoeren van de programmatische werkwijze. 

In ieder programma wordt ten aanzien van de uitvoering gekozen voor de juiste inzet van projecten, processen en regulier werk en wordt er bovendien rekening gehouden met eventueel noodzakelijke improvisaties. In de eerste ideeën rond het (ver)nieuw(d)e Puttense beleidshuis wordt zoveel mogelijk uitgegaan van de terminologie en beoogde werkwijze vanuit deze VPNG-notitie. Daarnaast is het idee opgevat om voor de middellange termijn een Strategische Agenda Putten (SAP) op te stellen, waarin de programmatische werkwijze en de wijze waarop deze wordt gemonitord visueel wordt gemaakt voor zowel het fysieke als het sociale domein. Hierdoor zou meer overzicht en samenhang moeten ontstaan. Tot slot wordt er (op langere termijn) gekeken naar afstemming met de programmabegroting, zodat er eenduidig financieel en inhoudelijk kan worden verantwoord richting de gemeenteraad.

5.4 Financiele uitvoerbaarheid

De gemeente Putten heeft in de omgevingsvisie ambities en opgaven opgenomen waarvoor investeringen nodig zijn. De gemeente zal als trekker van deze maatschappelijke opgaven (een deel zal door andere partijen worden uitgevoerd) delen hiervan bekostigen.

Ontwikkelaars van bouwlocaties hebben echter ook profijt van (een deel van) die investeringen. Daarom is de gemeente op grond van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) verplicht om de kosten die zij als gemeente maakt voor een bouwinitiatief, te verhalen op de initiatiefnemers. Dit gebeurt naar proportionaliteit, profijt en toerekenbaarheid (PPT). In grote lijnen is dit systeem overgenomen in het nieuwe stelsel (Omgevingswet) maar er zijn ook wijzigingen. De gemeente Putten heeft ervoor gekozen de onderbouwing in een afzonderlijk, nog op te stellen, ‘programma kostenverhaal’ op te nemen. In het ‘programma kostenverhaal’ zijn de wijzigingen van de kostenverhaalsystematiek uit de Omgevingswet meegenomen. Voor het kostenverhaal vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet (Gebaseerd op de Wro) wordt verwezen naar de Nota kostenverhaal. Binnen deze systematiek behoudt de raad uiteraard haar budgetrecht en kan via deze weg nog sturing geven aan de uitvoering.

De financiële uitvoerbaarheid van de in de omgevingsvisie opgenomen ambities en opgaven is dynamisch en voortdurend aan verandering onderhevig. Enerzijds is dit omdat nog niet alle ambities zijn uitgewerkt. Anderzijds is dit het geval, omdat er in de loop der tijd vaak ook projecten afvallen en/of nieuwe projecten bijkomen. Ook de daadwerkelijke kosten en opbrengsten van projecten kunnen veranderen op basis van prijsontwikkelingen en aangescherpte eisen en regelgeving. Het is dan ook belangrijk om de financiële uitvoerbaarheid  op basis van dit soort nieuwe inzichten en projecten - periodiek te evalueren, te actualiseren en waar nodig bij te stellen.

5.5 Een levend document

Monitoring

Met de omgevingsvisie hebben we als gemeente een koers en een integraal afwegingskader voor de inrichting van onze fysieke leefomgeving. We beschouwen de omgevingsvisie, en in het verlengende daarvan alle Omgevingswetinstrumenten, als levende documenten. De wereld verandert continu en daarom moeten we dus ook regelmatig onze instrumenten herijken. Liggen we nog op koers, zijn er nieuweontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden, halen we onze ambities en doelen wel met onze huidige aanpak? Met de Omgevingswet krijgt iedereen de ruimte voor initiatieven in de leefomgeving. De overheid is niet alleen aan zet. Maar als overheid willen we wel grip houden. En kunnen bijsturen indiennoodzakelijk. Met een monitoringssysteem houden we als gemeente zicht op de voortgang van onze koers. Hierbij kan monitoringsinformatie (meten= weten) en evaluatie aanleiding zijn om de omgevingsvisie iets bij te stellen. Het gebruikmaken van meetbare indicatoren is een logische stap bij de verdere aanscherping van de omgevingsvisie.

De ambities uit de omgevingsvisie werkendoor in het omgevingsplan en de onderliggende programma’s en projecten. Monitoring en sturing binnen de programma’s en projecten heeft dus direct effect op de voortgang van het behalen van de ambities in de omgevingsvisie. Monitoring is binnen alle niveaus van groot belang.

De monitoring is nog in ontwikkeling in samenhang met de Strategische Agenda Putten. We hechten er waarde aan hier in deze versie van de omgevingsvisie al iets over te zeggen, om iedereen mee te nemen in het proceswaar we mee bezig zijn. In de Omgevingsvisie 2.0 nemen we de resultaten van de inspanningen op het gebied van monitoring en data-gedreven werken op.

Data-gedreven werken en sturen

Met monitoring worden beschikbare data ingezet om te begrijpen wat er in het verleden is gebeurd om hier in de toekomst van te lerenen het beter te doen. Er is daarnaast nog veel meer mogelijk als de data nog effectiever worden ingezet. Dit zogenaamde data-gedreven werken en sturen zorgt er voor dat de organisatie bestuurd en ingericht wordt op basis van feitelijkheden in plaats van onderbuikgevoel.

Denk aan benchmarking, herkennen van trends, extrapoleren van historische data, etc. De gemeente Putten staat aan het begin van deze ontwikkeling. Het besef dat data beter benut kunnen worden is er inmiddels. In 2023 worden initiatieven ontwikkeld om te experimenteren met data-gedreven werken en sturen. Hier kunnen de processen rond de Omgevingswet hun voordeel mee behalen.

Evaluatie

Er is geen wettelijke actualiseringstermijn meer zoals dat bij de structuurvisie en bestemmingsplannenwel altijd het geval was. Op enig moment zullen we tot de conclusie komen dat een bepaald thema toch nog onvoldoende is uitgewerkt of dat de situatie voor een gebied dusdanig is veranderd dat herziening van de visie nodig is. De kans hierop is vooral in het begin nog extra groot, nu het beleidshuis van Putten nog volop in ontwikkeling is en er wordt gewerktaan het

gebiedsdekkende omgevingsplan. We kiezen als gemeente voor een actualiseringscyclus van in beginsel eens per jaar, om de omgevingsvisie voldoende scherp en bij de tijd te houden. We kiezen nu voor deze korte cyclus, omdat de Omgevingswet en bijbehorende instrumenten nieuw zijn. Op termijn bekijken we of we de tijdsdoorloop van de cyclus verlengen.

Stap richting Omgevingsvisie 2.0

Deze eerste omgevingsvisie voor de gemeente Putten zet een stap richting volledige strategische beleidsintegratie. Het uiteindelijke doel is een heldere structuur, waarbij de omgevingsvisie de centrale plek word voor al het strategisch ruimtelijk beleid. We zoeken hierin de verbinding met de meerjarige visie Samenleving als centrale plek voor het strategisch beleid binnen het sociaal domein. Een volledige beleidsintegratie betekent dat er naast de visie voor het

fysieke domein en die van het sociale domein op termijn geen andere thematische visiesmeer als losstaand beleid worden vastgesteld. Om die beleidsintegratie te realiseren beschouwen we de omgevingsvisie als een ‘levend’ document dat continu aangescherpt wordt. Vanzelfsprekend gaan we als gemeente wel verder met het uitwerken van bepaalde the- ma’s parallel aan de omgevingsvisie. Dit wordt dan alleen niet opgenomen in losstaande beleidsstukken, maar integraal meegenomen in een herziening van deze omgevingsvisie. Via programma’s werken we aan de uitwerking van een bepaald thema, een specifieke gebiedsuitwerking of anderszins. De strategische uitspraken van een verdiepingsslag moeten uiteindelijk weer landen in de omgevingsvisie en vanwege eventuele juridische consequenties verwerkt worden in het omgevingsplan.

In deze zogenaamde 1.0 versie van de omgevingsvisie hebben we alle ruimtelijke thema’s en de verschillende (bestaande) beleidstrajecten en ontwikkelingen met elkaar verbonden. In de omgevingsvisie 2.0 zetten we een volgende stap in het integreren van nieuw strategisch ruimtelijk beleid en de aangegeven thematische/gebiedsgerichte programma’s.

Vanaf 2024 starten we met de eerste actualisatieslag. In de versie 2.0 integreren we de onderwerpen die nu nog volop in ontwikkeling zijn, zoals:

  • Het programma Economie

  • Erfgoednota Putten

  • Gebiedsvisie Brinkstraat

  • Meerjarige visie Samenleving 2024-2027

  • Programma "Visie toekomst landelijk gebied gemeente Putten"

  • Programma wonen

  • De strategische Agenda Putten

  • Het Puttense beleidshuis

  • Monitoring

  • Data-gedreven werken

5.6 Spelregels voor nieuwe initiatieven

Inleiding

Vanaf het moment dat de Omgevingswet in werking treedt, wordt het verlenen van vergunning bij complexe initiatieven anders:

  • Voor nog meer initiatieven wordt de standaardprocedure van 8 weken van toepassing. Hierdoor wordt de besluitvorming sneller.

  • Bij een aanvraag voor meerdere overheden is de gemeente aanspreekpunt en verantwoordelijk voor de afhandeling in de keten.

  • Bij de beoordeling van een vergunningaanvraag wordt integraal naar alle aspecten van de fysieke leefomgeving gekeken.

  • Bij het aanvragen van een vergunning moet de initiatiefnemer aangeven of en hoe er is geparticipeerd.

  • Insteek van de Omgevingswet is nadrukkelijk om mee te denken met initiatiefnemer. De overheid neemt daarbij zoveel mogelijk een adviserende rol in en denkt daarbij in mogelijkheden.

Omgevingstafel

Om de nieuwe wijze van vergunningverlening onder de Omgevingswet mogelijk te maken, heeft de VNG samen met gemeenten de Omgevingstafel als oplossing ontwikkeld. De insteek van gemeente Putten is vooral om in een vroeg stadiummet elkaar om tafel te gaan en te overleggen wat wel en niet kan en welke aspecten belangrijk zijn. Het overleg vindt plaats met meerdere disciplines, zodat ook evt. koppelkansen voor het initiatief aan bod kunnen komen. Het gaat hierbijom vergunningplichtige complexeinitiatieven.

Spelregels als hulpmiddel voor het goede gesprek

De spelregels zijn een hulpmiddel om een goed zicht te kunnen krijgen op het initiatief en daarover het gesprek te kunnen voeren met  de relevante disciplines. Aan de hand van de spelregels, die bedoeld zijn als ‘inspiratie-handreikingen’, kan een inschatting gemaakt worden voor welke disciplines zouden moeten aansluiten bij het gesprek. Met een toenemende druk op de schaarse ruimte moeten we onszelf bij nieuwe initiatieven en ontwikkelingen continue de vraag stellen: draagt dit initiatief bij aan de doelen van de omgevingsvisie? Deze vraag geldt zowel voor de gemeente als voor de niet-gemeentelijke initiatiefnemers. Om antwoord op deze vraag te kunnen geven, leggen we met elkaar en voor zowel de gemeente als andere initiatiefnemers, een aantal spelregels vast voor nieuwe initiatieven waarvoor een vergunning aangevraagd dient te worden. Deze spelregels zijn gebaseerd op de belangrijkste beleidsuitgangspunten van de omgevingsvisie.

Aan de hand van een nadere verdieping van de abstractere visie is met de spelregels wat inkleuring gegeven, om aan te geven wat de visie inhoudt voor nieuwe initiatieven. De spelregels zijn bedoeld als middel voor het goede gesprek tussen initiatiefnemer en gemeente. Hierbij gaan we uit van het ‘ja, mits’ principe. De spelregels zijn bedoeld als input voor een dialoog waarin het initiatief wordt besproken vanuit de gedachte om het mogelijk te maken.

De spelregels zijn gebaseerd op het Puttense Wiel. Initiatiefnemers mogen hier op hun eigen manier invulling aan geven. Voor verdere verdieping over wat er bedoeld word per spelregel, verwijzen we naar de thematische uitwerking in H3.3. In de bijlagen is een inspiratiedocument opgenomen met voorbeelden als hulpstuk voor initiatiefnemers bij het invulling geven aan de spelregels bij de onderbouwing van een initiatief voor een principeverzoek.

Logischerwijs zullen niet alle spelregels relevant zijn voor ieder initiatief. Als dit tevoren kort onderbouwd wordt door de initiatiefnemer helpt dit bij het gesprek.

De afwegingskaders per deelgebied in H4.2 laten zien waar de prioriteiten per deelgebied liggen voor de gemeente Putten. Dat geeft inzicht in welke spelregels vervolgens het meest belangrijk zijn voor het initiatief.

Participatie

Naast op een passende manier invullinggeven aan deze spelregels, is het betrekken van de omgeving belangrijk bij het slagen van een initiatief. De gemeente Putten adviseert initiatief- nemers om de omgeving vroeg bij een initiatief betrekken. Daarmee bedoelen we het tijdig inwinnen van de inbreng van omwonenden en andere betrokkenen over het voorgenomen initiatief. Een zorgvuldig participatieproces zorgt voor een effectiever verloop, betere besluiten, betere verhoudingen en meer vertrouwen tussen de inwoners, gemeente en initiatiefnemer.

De gemeente Putten vraagt initiatiefnemers in ieder geval of er aan participatie is gedaan. Als dat het geval is, wordt gevraagd hoe dit is gedaan en wat de resultaten zijn. Bij de door de raad aangewezen lijst met categorieën omgevingsactiviteiten is het opleveren van een participatieverslag verplicht. Bij overige activiteiten is geen sprake van participatieplicht, maar ook dan is participatie wel wenselijk, aangezien het kan helpen een initiatief te verbeteren. De gemeente kan zelf participatie ter hand nemen en zienswijzen opvragen of de aanvrager stimuleren om dit alsnog te doen. De gemeente Putten wil namelijk oprecht luisteren naar de inbreng van inwoners en belanghebbenden, zodat rechten, belangen en wensen op een goede manier op tafel komen. Voor meer informatie en het stappenplan voor participatie verwijzen we naar de Participatieleidraad van de gemeente Putten. U vindt de Participatieleidraad op www.putten.nl/ikhebeenplan.

 

De spelregels

De volgende spelregels per hoofdopgave kunnen concreet gebruikt worden om initiatieven te bespreken. Ze zijn nadrukkelijk bedoeld om initiatiefnemers te inspireren om het initiatief mogelijk aan te scherpen en vormen voor de gemeente een concreet kader bij de bespreking van het plan. De initiatiefnemer wordt gevraagd om per spelregel of set van spelregels een

onderbouwing aan te leveren over op welke manier het initiatief (al dan niet) een bijdrage levert. Het biedt de basis voor het verdere gesprek tussen gemeente en initiatiefnemer.

Aangenaam wonen – hoofdstuk  3.3.1

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Aangenaam wonen in Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

1.    Nieuwbouw is in beginsel alleen mogelijk binnen de grenzen van de bebouwde kom van het dorp (inbreiding), of via de rood voor rood regeling.

2.    De uitstraling van de woning of het gebouw draagt bij aan het dorpse / landelijke karakter van Putten.

3.    Nieuwe gebouwen moeten in massa, hoogte en ruimtelijke kwaliteit passend zijn in de omgeving. De kwaliteit en leefbaarheid van de bestaande leefomgeving blijft tenminste gelijk en wordt bij voorkeur beter.

4.    Er wordt een bijdrage geleverd aan een evenwichtige woningvoorraad die inspeelt op de (toekomstige) behoeften van Puttenaren qua woontypologie en prijsklasse. Indien het initiatief uit meer dan 20 woningen bestaat; zie het gedetailleerde woningbouwprogramma in de Woonvisie Putten.

5.    Het woonprogramma houdt rekening met de draagkracht van het bestaande voorzieningenniveau en van de vitaliteit van de bestaande wijk.

6.    De ontwikkeling kan zichzelf volledig financieren inclusief de eventueel noodzakelijke aanpassingen in de omgeving. Zo niet, is er een passende financieringsconstructie gevonden met relevante partners.

7.    Er wordt een bijdrage geleverd aan de duurzaamheidsambities van gemeente Putten, zie spelregels 16-23.

8.    Er wordt een bijdrage geleverd aan de ambities van Bereikbaar Putten, zie spelregels 33-36.

Sociaal en vitaal – hoofdstuk  3.3.2

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Sociaal en vitaal Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

9.    Het initiatief draagt bij aan maatschappelijke meerwaarde.

10.    Het initiatief bevordert het sociale, mentale en fysieke welbevinden van de inwoners in Putten, vanuit het gedachtegoed van Positieve Gezondheid (hoofdstuk 3.3.2)

11.    Het initiatief en daarbij behorende publiek toegankelijke buitenruimte nodigen alle doelgroepen uit tot ontmoeten, spelen, bewegen en verblijven. Voldoende groen, speel- en ontmoetingsplekken hebben prioriteit bij aanpassingen of ontwikkelingen in de publiek toegankelijke buitenruimte.

12.    Het initiatief en daarbij behorende publiek toegankelijke buitenruimte is toegankelijk voor iedereen, dus ook voor mensen met een beperking.

13.    Het initiatief draagt bij aan een goede spreiding van maatschappelijke voorzieningen door de gemeente.

Veilig Putten – hoofdstuk  3.3.3

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Veilig Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

14.    Het initiatief zorgt voor een inrichting van de openbare ruimte die sociale veiligheid bevordert.

15.    Het initiatief is zich bewust van mogelijke veiligheidsrisico’s en treft hier de nodige (preventieve) maatregelen voor.



Natuurlijk en groen Putten – hoofdstuk  3.3.4

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Natuurlijk en groen Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

16.    Het initiatief wordt op een goede manier ingepast in het landschap en versterkt de aanwezige landschappelijke kwaliteiten. Voor ruimtelijke ontwikkelingen zijn bodem en water sturend.

17.    Waardevolle bomen worden behouden. Dit geldt ook zoveel mogelijk voor reguliere bomen. Indien kap van een boom toch onvermijdelijk is, worden er twee bomen terug geplant.

18.    Het initiatief kiest voor een robuuste groeninrichting, waarbij bestaand groen zoveel mogelijk behouden wordt en nieuw groen wordt toegevoegd in aansluiting op omringende groenstructuren. Hierbij wordt van de 3‑30‑300 regel uitgegaan.

19.    De buitenruimte en gebouwen van het initiatief hebben een klimaatbestendige inrichting met voldoende ruimte voor het opvangen, bergen en vertraagd afvoeren van hemelwater. Ook is er aandacht voor het voorkomen van hittestress.

20.    De gekozen groeninrichting draagt bij aan biodiversiteit dankzij een rijke variatie aan gebiedseigen (en klimaatbestendige) beplanting.

Energieneutraal Putten – hoofdstuk  3.3.6

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Energieneutraal Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels (N.B. er dient in eerste instantie aan spelregel 21 voldaan te worden, alvorens aan 22 voldaan wordt):

21.    Het initiatief heeft een zo laag mogelijke energiebehoefte. Hiervoor zijn de nodige maatregelen getroffen.

22.    De energiebehoefte van het initiatief wordt door een zo groot mogelijk deel ingevuld met hernieuwbare energie.

23.    Bij een initiatief met meer dan 20 woningen, dient er een creatieve oplossing voor aansluiting op het energienet onderzocht te worden.



Cultureel en beleefbaar Putten – hoofdstuk 3.3.6  

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Cultureel en beleefbaar Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

24.    Het initiatief heeft respect voor de cultuurhistorische waarden van de plek bij de inrichting van de locatie. Dit zie je terug aan het ontwerp en onderhoud van gebouwen en op straatniveau.

25.    Het streven is om aanwezige archeologische waarden in situ te behouden. Als dat niet lukt, kunnen er eisen gesteld worden aan het initiatief m.b.t. de archeologische waarden.

26.    Het initiatief maakt cultuur toegankelijk voor inwoners en bezoekers van Putten.

 

Ondernemend Putten – hoofdstuk  3.3.7

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Ondernemend Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

27.    Het initiatief draagt bij aan de economische vitaliteit van Putten.

28.    Het initiatief draagt bij aan de vermindering van afvalstromen of het hergebruik van reststromen in de gemeente Putten / de regio.

29.    Nieuwe bedrijvigheid (met een effect op de leefomgeving) komt op locaties die het best passend zijn

in relatie tot wonen, andere gevoelige objecten als scholen, kinderdagverblijven etc. en natuur. In de regel is dat niet (meer) nabij het dorp Putten of in het buitengebied maar juist langs of bij bestaande verkeersstructuren rondom de kern Putten.

 

Recreatief Putten – hoofdstuk  3.3.8

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Recreatief Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

30.    Initiatieven binnen de recreatiesector vergroten de vitaliteit en toekomstbestendigheid van de sector door een kwaliteitsverhoging te realiseren (o.a. programma Dorpsentrees).

31.    Initiatieven binnen de recreatiesector dragen bij aan het behoud van de identiteit van Putten (zie kernkwaliteiten en gebiedsuitwerking).

32.    Initiatieven binnen de recreatiesector dragen bij aan Putten als samenhangend recreatief gebied.

 

Bereikbaar Putten – hoofdstuk  3.3.9

Het initiatief draagt bij aan de ambities van Bereikbaar Putten door invulling te geven aan de volgende spelregels:

33.    Het initiatief draagt bij aan de mobiliteitstransitie en stimuleert minder autogebruik en meer wandelen, fietsen en OV-gebruik.

34.    Het initiatief is in voldoende mate ontsloten en bereikbaar voor alle relevante modaliteiten (inclusief hulpdiensten), de bestaande infrastructuur kan de extra verkeersbewegingen aan en de verkeersveiligheid is voldoende gewaarborgd.

35.    Het initiatief past binnen de parkeeropgave, d.w.z. er is een bevredigende parkeeroplossing voor zowel auto, elektrische auto, deelauto en fiets.

36.    In de buitenruimte van het initiatief is kwalitatief hoogwaardige, veilige en aantrekkelijke inrichting van langzaam verkeerroutes integraal onderdeel van de ontwerpopgave. Fietspaden zijn vrijliggend.

5.7 Bijlagen

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

Agrarisch buitengebied

/join/id/regdata/gm0273/2026/92e7a110276643ff994245d59c28bbcb/nld@2026‑08‑10;13460132

Ambachtstraat naar wonen

/join/id/regdata/gm0273/2026/aa73d57135b943c78f785b01c46ff504/nld@2026‑08‑10;13460132

Bedrijventerrein in ontwikkeling

/join/id/regdata/gm0273/2026/6cd8170b85934a3d9e89cccd436d2c64/nld@2026‑08‑10;13460132

Bedrijventerreinen

/join/id/regdata/gm0273/2026/9a95a8324ef7430381fb44b405c51496/nld@2026‑08‑10;13460132

Bosmassief Veluwe

/join/id/regdata/gm0273/2026/e1960d581fd24f24877e131d0f2887a5/nld@2026‑08‑10;13460132

Centrum

/join/id/regdata/gm0273/2026/e7c46d0001f04da5982c101eb171807a/nld@2026‑08‑10;13460132

Enclave Koudhoorn

/join/id/regdata/gm0273/2026/2becad859aa044459ca9eb91390b5e44/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype agrarisch buitengebied

/join/id/regdata/gm0273/2026/078cd2bd38184c51b8d5389dff07de13/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype bedrijventerrein in ontwikkeling

/join/id/regdata/gm0273/2026/5535cf75a909496c894197adacffdd19/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype bedrijventerreinen

/join/id/regdata/gm0273/2026/2ebb54e835ef4609aac850d24ab360dc/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype bosmassief Veluwe

/join/id/regdata/gm0273/2026/dcab270d7147433b9cc87d22284ff676/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype centrum

/join/id/regdata/gm0273/2026/e847101cc2eb460990d4c1239c0f782f/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype enclave Koudhoorn

/join/id/regdata/gm0273/2026/0753942e2e5643fbb57ac0bf706c4526/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype natuurlijke landschaps- en landgoederenzone

/join/id/regdata/gm0273/2026/9566008fa5464600ae8a90f6616a6dd1/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype open landschap en randmeerzone

/join/id/regdata/gm0273/2026/2ba4369ac6644c1489a162267919d39c/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen

/join/id/regdata/gm0273/2026/9b216efeec514fa1b94be3b70fb36910/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype woongebied

/join/id/regdata/gm0273/2026/ce85463b03c54b8190cfdae0bc1527e3/nld@2026‑08‑10;13460132

Gebiedstype woongebied in ontwikkeling

/join/id/regdata/gm0273/2026/55b682c02ffa40899d9b3999a3bc8f74/nld@2026‑08‑10;13460132

Natuurlijke landschaps- en landgoederenzone

/join/id/regdata/gm0273/2026/e5b0d49857a14a7180d5da4b650ef0c8/nld@2026‑08‑10;13460132

Open landschap en randmeerzone

/join/id/regdata/gm0273/2026/3b51a8b26578486ebc21ce704512e2c9/nld@2026‑08‑10;13460132

Transformatie Sligro naar wonen

/join/id/regdata/gm0273/2026/6aaa8582c8b541feab739502e3c9a20f/nld@2026‑08‑10;13460132

Uitbreidingslocatie Halvinkhuizen

/join/id/regdata/gm0273/2026/af802132c2ed4e0ebc6fdb95a4f8d863/nld@2026‑08‑10;13460132

Veenhuizerveld en recreatiezone Krachtighuizen

/join/id/regdata/gm0273/2026/6c584e791a1c445c904cd926990d63b8/nld@2026‑08‑10;13460132

Woongebied

/join/id/regdata/gm0273/2026/47e6f3aef73d4f11ae632d8ae28bd333/nld@2026‑08‑10;13460132

Naar boven