Artikel I Wijziging verordening
De Algemene plaatselijke verordening Dordrecht wordt als volgt gewijzigd.
A.
Artikel 2:27, aanhef en onder 1, komt te luiden als volgt.
Artikel 2:27 Begripsbepalingen
In deze afdeling wordt verstaan onder:
1. inrichting:
1°. de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, niet zijnde een seksinrichting als bedoeld in artikel 3:1, waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was dranken, rookwaren of spijzen voor gebruik ter plaatse worden verstrekt, zoals in ieder geval een restaurant, café, cafetaria, snackbar, coffeeshop, discotheek, buurthuis, kantine of clubhuis, alsmede een hierbij behorend terras en andere aanhorigheden, tenzij deze expliciet zijn uitgezonderd;
2°. een afhaalcoffeeshop, alsmede een afhaal- en/of bezorgrestaurant waaronder wordt verstaan de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waar bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was in hoofdzaak ter plekke bereide en voor directe consumptie geschikte spijzen en/of dranken worden verstrekt uitsluitend voor gebruik elders dan ter plaatse.
B.
In artikel 2:28, tweede lid, komen de woorden 'een inrichting, waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet is verleend en' te vervallen.
C.
In artikel 2:28, derde lid, wordt na de eerste volzin een zin toegevoegd, luidende: 'Onverminderd het bepaalde in de voorgaande volzin, geldt het eerste lid niet voor inrichtingen die worden geëxploiteerd door paracommerciële rechtspersonen indien zij niet geopend zijn tussen 22:00 uur en 07:00 uur.'.
D.
Na artikel 6:5 wordt het volgende artikel ingevoegd.
Artikel 6:5 A Overgangsbepalingen exploitatievergunning horeca
- 1.
Voor inrichtingen als bedoeld in artikel 2:27 die op grond van artikel 2:28, tweede lid, waren vrijgesteld van de vergunningplicht als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, omdat zij over een Alcoholwetvergunning beschikten, en die als gevolg van de wijziging van artikel 2:28, tweede lid, niet langer onder deze vrijstelling vallen, gaat de vergunningplicht als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, gelden negen maanden na inwerkingtreding van de 'Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 26e wijziging'. Deze overgangstermijn geldt alleen voor inrichtingen die op het moment van de inwerkingtreding van de 'Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 26e wijziging' reeds werden geëxploiteerd.
- 2.
Voor afhaal- en/of bezorgrestaurants als bedoeld in artikel 2:27, aanhef en onder 1 sub 2°, gaat de vergunningplicht als bedoeld in artikel 2:28, eerste lid, gelden twaalf maanden na inwerkingtreding van de 'Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 26e wijziging', waardoor zij onder het begrip 'inrichting' zijn komen te vallen. Deze overgangstermijn geldt alleen voor inrichtingen die op het moment van de inwerkingtreding van de 'Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 26e wijziging' reeds werden geëxploiteerd.
- 3.
In afwijking van artikel 2:28 D, eerste lid, aanhef en onder a, wordt een vergunning niet geweigerd wegens strijd met het omgevingsplan, indien de inrichting op het moment van de inwerkingtreding van de 'Algemene plaatselijke verordening Dordrecht, 26e wijziging' reeds werd geëxploiteerd en de aard of omvang van de exploitatie sindsdien niet is gewijzigd.
- 4.
Dit artikel vervalt van rechtswege op 1 januari 2028.