Gemeenteblad van Opsterland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Opsterland | Gemeenteblad 2026, 370992 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Opsterland | Gemeenteblad 2026, 370992 | beleidsregel |
Beleidsregels leerlingenvervoer Opsterland 2026
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Opsterland;
gelet op de Verordening leerlingenvervoer Opsterland 2025, zoals vastgesteld door de raad bij besluit van 24 maart 2025;
overwegende dat het college bij de uitvoering van de Verordening leerlingenvervoer de volgende uitgangspunten hanteert:
overwegende dat het college de zelfredzaamheid in het reizen van leerlingen wil vergroten en daarbij het volgende beleid hanteert:
de gemeente Opsterland wil stimuleren dat leerlingen dichtbij huis naar school gaan. Om dit te stimuleren wordt bij de beoordeling van een aanvraag leerlingenvervoer slechts een vergoeding toegekend naar de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school. Dit kan ook een school zijn die bij een ander samenwerkingsverband hoort, omdat de school in het samenwerkingsverband niet de dichtstbijzijnde toegankelijke school is;
de gemeente onderzoekt met ouders en scholen wat de leerling nodig heeft om zelfstandig te kunnen reizen. Met als doel om helder te krijgen wat de mogelijkheden en onmogelijkheden van de leerling zijn op het gebied van zelfstandig reizen, kan door de gemeente contact worden opgenomen met de school die de leerling bezoekt om informatie op te vragen. Ook kunnen ouders en de leerling in dit kader worden uitgenodigd voor een vervoersgesprek. Ouders worden gestimuleerd en gemotiveerd om met hun kind te oefenen, en om hun kind te (laten) begeleiden bij het zelfstandig reizen. Daarnaast faciliteert en ondersteunt de gemeente zo nodig en zo mogelijk bij het leerproces;
overwegende dat de gemeente Opsterland wil investeren in andere vervoersvoorzieningen. De gemeente ziet het verstrekken van een vergoeding voor aangepast vervoer niet als vanzelfsprekend. Door middel van gesprekken worden ouders gemotiveerd om hun kind op een meer zelfstandige wijze te laten reizen. De verordening biedt bovendien ruimte om een passende voorziening aan te bieden die goedkoper is dan de bekostiging van het openbaar vervoer. Dit kan bijvoorbeeld een vergoeding zijn voor een driewielfiets, handbike, aankoppelfiets, tandem, elektrische rolstoel of een andere voorziening;
overwegende dat de gemeente Opsterland zoekt naar een maatwerkoplossing. Dit kan betekenen dat wanneer een leerling strikt formeel geen recht heeft op een vergoeding van het aangepaste vervoer, maar er omwille van gezinsomstandigheden, onzekerheden bij de leerling of nog onvoldoende vertrouwen om zelfstandig te reizen, conform artikel 6 lid 7 van de verordening, onder voorwaarden tijdelijk toch een vergoeding voor aangepast vervoer wordt verstrekt;
overwegende dat de gemeente het eigen initiatief van ouders wil stimuleren door van ouders te vragen om ook zelf bij te dragen in het vervoer van hun kind. Dit doen we in alle redelijkheid. We stimuleren o.a. het contact tussen ouders onderling;
besluit vast te stellen: Beleidsregels leerlingenvervoer Opsterland 2026.
In sommige gevallen bepaalt de mate van de handicap en de aanwezige reisbeperkingen of er recht bestaat op een vervoersvoorziening leerlingenvervoer en zo ja in welke vorm de vergoeding wordt verstrekt. Er is onderscheid te maken in een structurele of een tijdelijke handicap. Het college vergoedt alleen de vervoerskosten van structureel gehandicapte kinderen. Desgewenst kan het college een daartoe aangewezen instantie om advies vragen.
Wanneer in de verordening gesproken wordt over een handicap, wordt daarmee altijd een structurele handicap bedoeld. Dit kan ook een tijdelijke handicap zijn, maar minstens voor een periode van langer dan 3 maanden. Het college kan een vervoersvoorziening toekennen voor de duur van het herstel of de revalidatie.
Fietsvergoeding voor leerlingen van voortgezet (speciaal) onderwijs is slechts mogelijk indien zij alleen onder begeleiding kunnen fietsen. Voor hen geldt dan geen kilometergrens. Leerlingen die in staat zijn zelfstandig te fietsen naar voortgezet (speciaal) onderwijs kunnen geen fietsvergoeding krijgen.
Artikel 6 Halte openbaar vervoer ontbreekt
In een plattelandsgemeente zoals Opsterland kan het gebeuren dat openbaar vervoer op bepaalde plekken geheel ontbreekt of zo weinig frequent rijdt dat leerlingen daar geen gebruik van kunnen maken. Ook kan het voorkomen dat de afstand tussen huis en de bushalte meer dan twee kilometer bedraagt. In deze gevallen kunnen ouders van een leerling, afhankelijk van de persoonlijke omstandigheden, in aanmerking komen voor een kilometervergoeding voor eigen vervoer of aangepast leerlingenvervoer, tenzij de leerling in staat wordt geacht met de fiets naar school te gaan (artikel 4).
Hoofdstuk 2 Beoordeling recht op leerlingenvervoer
Artikel 7 Ernstige benadeling van het gezin
Wanneer in de onderzoeksfase duidelijk wordt dat een leerling in staat is om onder begeleiding te reizen, is in de verordening aangegeven dat er situaties kunnen zijn waarin begeleiding van de leerling bij het zelfstandig reizen niet kan worden gevraagd. In die gevallen kan er taxivervoer worden toegekend. Dat is onder meer aan de orde, als begeleiding of eigen vervoer leidt tot ernstige benadeling van het gezin en een andere oplossing niet mogelijk is.
Onder ernstige benadeling van het gezin verstaat het college in ieder geval een situatie waarbij:
ouders of de alleenstaande ouder kunnen aantonen dat, vanwege structurele medische redenen die langer dan drie maanden duren, ouder(s) niet in staat zijn hun kind te begeleiden naar school. Desgewenst kan door het college naar een verklaring van een medisch deskundige, niet zijnde de huisarts, worden gevraagd;
Van ouders wordt altijd gevraagd ‘door middel van een verklaring’ aannemelijk te maken wat de ouders hebben ondernomen om de begeleiding van hun kind anders te organiseren en waarom dit niet lukt, inclusief het kunnen regelen van voor- en/of naschoolse opvang van de leerling. Hierover volgt een gesprek, waarbij ook wordt gekeken naar begeleidingsmogelijkheden van mensen uit het sociale netwerk van de ouders en van andere ouder(s) van de school van hun kind(eren).
Artikel 8 Dichtstbijzijnde toegankelijke school
Op basis van artikel 8 van de verordening Leerlingenvervoer gemeente Opsterland kan het samenwerkingsverband PO Friesland en/of samenwerkingsverband VO Zuidoost-Friesland een verklaring afgeven over de dichtstbijzijnde school in relatie tot de betreffende leerling. Er is een provinciale routing opgesteld voor het afgeven van deze verklaring.
Artikel 9 Leerlingenvervoer voor nieuwkomers
Voor nieuwkomers die in het basisonderwijs de internationale schakelklas (isk) volgen, wordt het vervoer naar- en van deze school door de gemeente Opsterland vergoed. Voor de bepaling of zij recht hebben op een vergoeding geldt net als voor andere basisschoolleerlingen de afstandsgrens van artikel 9 van de verordening. Welke vergoeding verstrekt wordt, wordt aan de hand van de onderzoeksfase beoordeeld.
Hoofdstuk 3 Bijzondere situaties
Een stage kan deel uitmaken van het onderwijsprogramma van scholen voor voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs. Wanneer de stage is opgenomen in de schoolgids is het stageadres aan te merken als ‘school’. Komt de leerling in aanmerking voor een vervoersvoorziening naar de school waar hij staat ingeschreven, dan bestaat er in beginsel ook aanspraak op leerlingenvervoer naar het stageadres.
Artikel 13 Tweede ophaal- of brengadres
De gemeente toetst de aanvraag, genoemd in lid 5, aan de eigen verordening leerlingenvervoer, waarbij onder meer wordt bekeken of sprake is van een woning in de zin van de verordening, of de school de dichtstbijzijnde toegankelijke is en of voldaan is aan de afstandsgrens. Het komt voor dat slechts in één van beide gemeenten aanspraak op leerlingenvervoer bestaat.
Wanneer blijkt dat een leerling door zijn wangedrag niet zelfstandig gebruik kan maken van een vervoersvoorziening, kan het college besluiten de vervoerskosten van een begeleider te bekostigen. Ouders zijn in dat geval in beginsel verantwoordelijk voor het organiseren van de begeleiding voor de leerling.
Kinderen kunnen om verschillende redenen uit huis worden geplaatst. Onder crisisplaatsing verstaan we een plotselinge uithuisplaatsing van een kind in een pleeggezin of gezinsvervangend tehuis. Deze plaatsing is van tijdelijke aard en heeft tot doel om de leerling zo snel mogelijk (bij voorkeur binnen 6 weken) terug te plaatsen in het ouderlijk huis dan wel in een andere definitieve huisvesting onder te brengen.
Als een leerling die gebruik maakt van het leerlingenvervoer via een crisisplaatsing tijdelijk naar een andere gemeente verhuist en hij blijft zijn oude school bezoeken, dan wordt het leerlingenvervoer door de nieuwe gemeente uitgevoerd, maar betaalt de gemeente Opsterland nog maximaal 6 weken dit vervoer.
Indien er voorafgaande aan de crisisplaatsing nog geen recht op vergoeding van het leerlingenvervoer bestond, dient de hoofdregel te worden toegepast, namelijk dat in de gemeente waarin de leerling feitelijk verblijft het leerlingenvervoer wordt aangevraagd. Toetsing vindt dan plaats volgens de verordening Leerlingenvervoer in de betreffende gemeente.
Hoofdstuk 4. Bijdrage in de kosten
Het drempelbedrag wordt berekend op basis van kosten voor het openbaar vervoer. Hierbij zijn de kosten van het openbaar vervoer, het tarief dat geldt voor personen (inclusief evt. kortingen) voor het reizen per ov-chipkaart twee keer per dag per bus gedurende 200 schooldagen over de drempelafstand van 6 kilometer. Het kilometertarief is het tarief voor de ov-chipkaart van het streekvervoer in Friesland.
Artikel 26 van de verordening Leerlingenvervoer Opsterland geeft het college de bevoegdheid om van de verordening af te wijken in zeer bijzondere gevallen waarvoor geen passende voorziening volgens de regelgeving mogelijk is. De hardheidsclausule kan dus door het college worden ingezet bij uitzonderingsgevallen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-370992.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.