Gemeenteblad van Beesel
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Beesel | Gemeenteblad 2026, 368075 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Beesel | Gemeenteblad 2026, 368075 | beleidsregel |
Beleidsregel bekostiging leerlingenververvoer gemeente Beesel 2026
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beesel;
De beleidsregels in dit document geven aan hoe de bevoegdheden van het college binnen de regels van de Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Beesel worden uitgevoerd. Het zijn zowel handvatten voor de uitvoering als leidraad voor de eenduidige motivering van besluiten. Hierbij zijn de uitgangspunten:
De taak van de gemeente betreft uitsluitend een wettelijke zorgplicht om, onder bepaalde voorwaarden, een passende regeling te bieden waarmee aanspraak kan worden gemaakt op een voorziening voor leerlingenvervoer. In beginsel is de gemeente alleen verantwoordelijk voor de bekostiging van het leerlingenvervoer. Onder specifieke omstandigheden draagt de gemeente echter ook zorg voor het regelen van een vervoersvoorziening.
Waar mogelijk wordt het zelfstandig reizen per fiets of met het openbaar vervoer gestimuleerd, omdat dit de autonomie en het welbevinden van de leerling vergroot; het college of een onafhankelijke medische adviseur beoordeelt in hoeverre de leerling hiertoe in staat is—al dan niet met begeleiding—en kijkt daarbij tevens naar mogelijkheden om de zelfredzaamheid verder te ontwikkelen, met als uiteindelijk doel dat de leerling zo zelfstandig mogelijk naar school reist. Er wordt vanuit gegaan dat iedere ouder een eigen inzet kan leveren bij het vervoer van en naar school. Daarbij wordt ten minste uitgegaan van een verplichte minimale eigen inzet van 2 momenten per week.
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Draagkrachtafhankelijke bijdrage: eigen bijdrage van de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt. Ouders zijn verantwoordelijk voor een bepaald deel van de (werkelijk gemaakte) kosten van het vervoer, hiermee wordt de zogenaamde drempel bedoeld. De eerste 6km dienen zelf bekostigd te worden op basis van de kosten van het openbaar vervoer voor zover deze kosten boven het inkomen gaan.
Drempelbedrag: Dit bedrag is bedoeld voor de kosten van het vervoer wanneer de afstand tot de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer is dan twintig kilometer. Deze bijdrage kan alleen worden gevraagd wanneer het een school voor basisonderwijs betreft. De bijdrage is afhankelijk van de financiële draagkracht van de ouders.
Artikel 2. Algemene bepalingen en wijzigingen leerlingenvervoer
Een aanvraag voor het bekostigen van het leerlingenvervoer kan worden toegekend voor de duur van de schoolperiode tot en met groep 8, dan wel tot het jaar van verwachte uitstroom. De toekenning geldt voor een maximale periode van vier jaar. Na afloop van deze periode moet een nieuwe aanvraag worden ingediend.
Het college kan een onafhankelijk deskundige inschakelen wanneer specifieke deskundigheid noodzakelijk wordt geacht. De deskundige brengt advies uit over de individuele situatie van de leerling en diens netwerk. Ouders en leerling verlenen medewerking aan het onderzoek dat door de deskundige wordt uitgevoerd.
Indien de dichtstbijzijnde toegankelijke school niet naar wens is dan zijn ouders vrij om het kind naar de school van hun keuze te laten gaan. Aanvullende kosten voor vervoer naar de verder weggelegen school zijn voor rekening van de ouders. In de situatie waarin gekozen wordt voor een verder weggelegen school dan de dichtstbijzijnde toegankelijke school, is de voorziening in de vorm van aangepast vervoer niet mogelijk
Artikel 5. Vervoersvoorziening tijdelijke beperking of handicap
Het college is verantwoordelijk voor vervoer van leerlingen die een blijvende lichamelijke, verstandelijke, zintuigelijke of psychische handicap hebben. Het kan echter voorkomen dat een leerling een groot gedeelte van het schooljaar niet zelfstandig school kan bereiken vanwege herstel of revalidatie. In dat geval kan een leerling, indien noodzakelijk, wel een beroep doen op het leerlingenvervoer. Hierbij gelden de volgende voorwaarden:
Artikel 9. Vervoer crisissituatie/acute noodsituatie
Wanneer een leerling vanwege een crisissituatie tijdelijk of voor langere tijd wordt opgevangen in een pleeggezin, bij familie of in een opvangvoorziening in een andere gemeente, komt deze in principe niet in aanmerking voor leerlingenvervoer als de bezochte school, vanuit de verblijfsgemeente, niet als de dichtstbijzijnde school wordt beschouwd.
Er is sprake van een hoge uitzondering wanneer:
Ouders aantonen dat ouders en/of de leerling door fysieke beperkingen of (over)belasting belemmeringen ervaren bij het gebruik van de opstapplaats, en er geen andere oplossingen zijn om deze beperkingen weg te nemen en het gezin hierdoor ernstig en meer dan anderen in een vergelijkbare situatie, wordt benadeeld. De consulent kan daarbij besluiten nader onderzoek te doen, bijvoorbeeld door informatie op te vragen bij betrokken hulpverleners of door onafhankelijk medisch advies aan te vragen.
In de volgende gevallen kan het college afwijken van de plicht tot eigen inzet:
Ouders aantonen dat ouders en/of de leerling door fysieke beperkingen of (over)belasting belemmeringen ervaren bij de eigen inzet en er geen andere oplossingen zijn om deze beperkingen weg te nemen en het gezin hierdoor ernstig en meer dan anderen in een vergelijkbare situatie, wordt benadeeld. De consulent kan daarbij besluiten nader onderzoek te doen, bijvoorbeeld door informatie op te vragen bij betrokken hulpverleners of door onafhankelijk medisch advies aan te vragen.
Artikel 13. Afstands- en reistijdbepaling
Artikel 15. Bekostiging openbaar vervoer (met eventuele begeleiding)
Ouders kunnen verzoeken om de VEP voor het OV om te zetten in een financiële vergoeding. Met deze financiële vergoeding worden ouders in staat gesteld de leerling zelf te vervoeren. Het bedrag van deze financiële vergoeding is gebaseerd op artikel 15.8. Hiermee zijn de kosten voor de vergoeding gelijk aan het bedrag wat de gemeente anders zou hebben betaald om gebruik te kunnen maken van het openbaar vervoer, dit noemen we de abonnementskosten.
Artikel 16. Bekostiging aangepast vervoer
Het is mogelijk dat een individuele leerling tijdens het aangepast vervoer (medische) begeleiding nodig heeft. Er wordt een zitplaats ter beschikking gesteld voor de (medische) begeleiding.
Voor de begeleiding geldt dat het ophaal/brengadres gelijk is aan het adres van de te begeleiden leerling. Na de ochtendrit en voor de middagrit wordt de begeleider niet thuisgebracht/opgehaald. Bijkomende kosten voor de begeleiding worden niet bekostigd door het college.
In beginsel gaan we ervan uit dat een leerling in staat is om met taxivervoer met meerdere leerlingen samen te reizen. Slechts in uitzonderlijke gevallen kan het voorkomen dat een leerling om medische en/of psychosociale reden individueel vervoerd moet worden. Met individueel vervoer wordt bedoeld dat een leerling om medische en/of psychosociale reden niet samen met andere leerlingen kan worden vervoerd. Als dit type vervoer noodzakelijk is, wordt dit in de aanvraag vermeld en gemotiveerd onder overlegging van een deskundig advies. De consulent kan met toestemming van de ouders beslissen om nadere informatie op te vragen bij betrokken hulpverlener(s) en/of het opvragen van onafhankelijk medisch advies.
Vervoer op afwijkende schooltijden, bijvoorbeeld door lesuitval, schoolreisje, sportdag, proefwerkweek valt niet binnen het vervoer. De leerlingen worden alleen op de normale vastgestelde begin- en eindtijd gebracht dan wel opgehaald. Uitzonderingen worden gemaakt voor leerlingen waarbij in het Ontwikkelingsperspectiefplan staat dat er een afwijking nodig is voor onderwijstijd. Dit moet aangetoond worden door de ouders en kan gecontroleerd worden bij de leerplichtconsulent.
Wanneer een leerling door ziekte of om andere redenen geen gebruik maakt van het vervoer, dient de ouder dit tijdig en volgens de richtlijnen van de vervoerder door te geven. Dit kan telefonisch of via de ouderlogin op de website of app van de vervoerder. Ook een betermelding (na ziekte) moet op dezelfde manier worden gemeld. Zonder tijdige betermelding kan er geen vervoer worden ingezet.
Bij de vaststelling van de eigen bijdrage wordt uitgegaan van de bij de gemeente bekende inkomensgegevens. Ouders worden jaarlijks schriftelijk verzocht om wijzigingen in het inkomen, voor zover deze van invloed kunnen zijn op de hoogte van de eigen bijdrage, uiterlijk vóór 1 mei aan de gemeente door te geven. Daarnaast vindt jaarlijks een herindexering plaats ten behoeve van de herberekening van de eigen bijdrage. Ter verificatie van de verstrekte gegevens kan de gemeente nadere bewijsstukken opvragen, waaronder een inkomensverklaring.
De eigen bijdrage van het drempelbedrag wordt vastgesteld op basis van de periode waarop de vergoeding betrekking heeft, ongeacht het daadwerkelijke gebruik van de vergoeding (bijvoorbeeld als gevolg van ziekte). Het verschuldigde drempelbedrag zal daarbij nooit hoger zijn dan de daadwerkelijk gemaakte vervoerskosten.
Draagkrachtafhankelijke bijdrage:
De draagkrachtafhankelijke bijdrage wordt gebaseerd op de periode waarop de vergoeding betrekking heeft, ongeacht het daadwerkelijk gebruik van de voorziening (bijv. als gevolg van ziekte). De draagkrachtafhankelijke bijdrage mag de feitelijke vervoerskosten niet overstijgen.
Artikel 19. Onacceptabel gedrag tijdens het aangepast vervoer en ontzegging aangepast vervoer
Procedure bij onacceptabel gedrag
Overleg en eerste waarschuwing:
Het college haalt informatie op bij de ouders en de vervoerder. Naar aanleiding hiervan kan het college besluiten een schriftelijke waarschuwing te geven. Een waarschuwing wordt schriftelijk vastgelegd en heeft een geldigheidsduur van drie maanden, gerekend vanaf de datum van verzending.
Wanneer toepassing van deze regels tot een onbillijkheid van overwegende aard zou leiden, kan het college van de bepalingen van deze regeling afwijken. Daarvan is sprake als het gaat om een gevolg dat het college had voorkomen als hij dat bij het maken van deze regeling had voorzien en de geboden ruimte voor maatwerk hierin geen oplossing biedt.
Indien de aanvrager zich beroept op de hardheidsclausule moet deze bij de aanvraag onderbouwen waarom er sprake is van een bijzondere situatie.
3. Voor de berekening van de afstand tussen de woning van de leerling en de school en het bepalen of het de dichtstbijzijnde school betreft, wordt de ANWB-routeplanner op www.anwb.nl gebruikt, instelling ‘kortste route’ met de auto of fiets, zonder gebruik van veerboot.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-368075.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.