Beleid kleinschalige zonnevelden voor eigen elektriciteitsgebruik 2023

De raad van de gemeente De Ronde Venen gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders (raadsvoorstel nr. 00000/00 van 20 april 2023).

 

Besluit

 

  • 1.

    Het ‘Beleidsplan grootschalige zonnevelden De Ronde Venen 2023’ vast te stellen met dien verstande dat:

     

    • In het beleidsplan grootschalige zonnevelden De Ronde Venen 2023 de randvoorwaarde C.3 wordt veranderd in: Initiatiefnemer treedt aantoonbaar in contact met pachters en huurders om uit te sluiten dat ze niet onevenredig geschaad worden door de komst van het zonneveld. Initiatiefnemer treedt ook aantoonbaar in contact met omliggende grondeigenaren om gezonde agrarisch bestemde grond zoveel mogelijk te behouden voor agrarische doeleinden doormiddel van eventuele grondruil. Dit legt initiatiefnemer vast in het participatieverslag.

  • 2.

    Het beleidsstuk ‘Voorwaarden voor zonnevelden en windmolens’ in te trekken.

  • 3.

    Het beleidsstuk ‘Zoekgebieden voor zonnevelden’ in te trekken.

  • 4.

    De gewijzigde beleidsnota ‘Kleinschalige zonnevelden voor eigen elektriciteitsgebruik 2023’ vast te stellen.

  • 5.

    Een algemene verklaring van geen bedenkingen op grond van artikel 2.27 Wabo te verlenen voor zonnevelden (groot- en kleinschalig) die passen binnen het beleid.

  • 6.

    Het ook onder de omgevingswet niet als verplicht te stellen dat de raad advies geeft over aanvragen voor zonnevelden (groot- en kleinschalig) die passen binnen het beleid.

lnleiding

In dit beleid worden regels gesteld voor kleinschalige zonnevelden voor eigen elektriciteitsgebruik. Onder kleinschalige zonnevelden wordt verstaan: een afgebakend perceel waarop, in maximaal één laag, zonnepanelen op een zo compact mogelijke wijze worden geplaatst.

Aanleiding

Voorzien in de eigen energiebehoeften is een actueel onderwerp. Afgelopen jaar hebben we verschillende aanvragen voor kleinschalige zonnevelden ontvangen. Het gaat om particuliere initiatieven voor het aanleggen van kleine zonnevelden met enkele tientallen tot ongeveer 250 panelen. Mensen willen deze panelen met veldopstellingen realiseren. Het vergunnen van dit soort veldopstellingen past niet in het bestemmingsplan. Met dit voorstel bieden we een toetsingskader om in afwijking van het bestemmingsplan, initiatieven te beoordelen.

 

Waar dit beleid over gaat: kleinschalige zonnevelden voor eigen gebruik tot 350 m2

Het beleid gaat over zonnepanelen in veldopstellingen die komen naast de plaatsing van panelen op gebouwen. Of om plaatsing van panelen die (gedeeltelijk) niet op gebouwen kunnen worden geplaatst. De oppervlakte van het veld is maximaal 350 m2. De opgewekte elektriciteit is bedoeld voor eigen gebruik van de particulier of het bedrijf.

Samenhang met bestemmingsplan/omgevingsplan

Bij een aanvraag voor een zonneveld toetsen we eerst of dit project past binnen het bestemmingsplan. In vrijwel alle gevallen zal het niet passen. In dat geval is dit beleid het toetsingskader om te beoordelen of we het zonneveld in afwijking van het bestemmingsplan kunnen toestaan. Bij het nieuw vast te stellen omgevingsplan nemen we dit beleid hierin op.

Samenhang met duurzaamheidsbeleid

De gemeente De Ronde Venen wil in 2040 klimaatneutraal zijn. Naast besparing en windenergie is zonne-energie een belangrijke energiebron om tot klimaatneutraliteit te komen.

Zonne-energie kan grootschalig worden opgewekt met zonneparken. Het beleid is er ook op gericht dat inwoners en bedrijven zelf energieneutraal worden. Zon op dak heeft daarbij de voorkeur. Zonnepanelen op daken hebben de voorkeur boven zonnepanelen op de grond. En we streven naar zoveel mogelijk dubbel ruimtegebruik.

Samenhang met landschapsbeleid

Het landschapsbeleid van de gemeente staat in de Structuurvisie De Ronde Venen 2030.

De Landschapsnota is het ruimtelijke toetsingskader waaraan we ruimtelijke initiatieven toetsen. Het landschapsbeleid streeft naar het behoud van de landschappelijke waarden. In de structuurvisie is ruimtelijk een indeling gemaakt in acht kenmerkende gebieden:

 

  • Veen en Klei: landbouw; Broekzijdse polder, Baambrugge Oostzijde Baambrugge Westzijde

  • Veen: landbouw, natuur; Botshol, Nellestein

  • Plassen: recreatie en natuur; Vinkeveense plassen

  • Veen: landbouw en natuur; Groot Wilnis Vinkeveen

  • Veen: landbouw, natuur, groene contour; Mijdrechtse Bovenlanden en Blokland

  • Veen: natuur; Wilnisse Bovenlanden

  • Droogmakerij: landbouw; eerste, tweede, derde bedijking, Groot Mijdrecht-west, Wilnis Veldzijde

  • Droogmakerij: natuur; Groot Mijdrecht (oostelijke delen)

Voorwaarden waaraan een initiatief wordt getoetst

Onze definitie van een kleinschalig zonneveld is:

Een kleinschalig zonneveld is een afgebakend perceel waarop, in maximaal één laag, zonnepanelen op een zo compact mogelijke wijze worden geplaatst.

 

Met compact bedoelen we dat de zonnepanelen zo opgesteld staan dat de tussenruimte tussen de panelen beperkt is. De zonnepanelen worden in één laag opgesteld. Dat betekent dat ze niet boven elkaar worden geplaatst (meerdere panelen op één stellage). Hierdoor wordt het kleinschalige karakter van het zonneveld in het landschap behouden. Daarnaast mag de plaatsing van het zonneveld de biodiversiteit niet aantasten.

 

We maken onderscheid tussen:

 

  • A.

    kleinere zonnevelden met een oppervlakte tot 50 m2 met een beperkte ruimtelijke uitstraling

  • B.

    grotere zonnevelden met een oppervlakte van maximaal 350 m2. Hiervan kan de ruimtelijke uitstraling op de omgeving groter zijn

  • C.

    overige kleinschalige zonne-energie initiatieven voor eigen gebruik

A. Zonnevelden tot 50 m2 + dakvlak

Voor een zonneveld tot 50 m2 gelden in ieder geval de volgende voorwaarden:

 

  • o

    Het zonneveld wordt alleen gebruikt om te voorzien in het eigen energiegebruik van de woning of het bedrijf op het perceel waar het zonneveld op of bij komt. De energiebehoefte moet aannemelijk gemaakt worden, bijvoorbeeld met een energierekening. Bij de bepaling van de benodigde zonnepanelen wordt ook de opgewekte energie meegenomen van eventueel reeds aanwezige zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen.

  • o

    De oppervlakte van het zonneveld is niet groter dan voor de eigen energiebehoefte nodig is. De maximale oppervlakte is 50 m2.

  • o

    De maximale bouwhoogte van een zonneveld is 1,5 m.

  • o

    Zonnepanelen worden op een constructie geplaatst, die eenvoudig kan worden verwijderd om impact op de bodem te beperken.

  • o

    De afstand van een zonneveld tot het aangrenzende perceel is minimaal 2 meter.

  • o

    Uitzondering hierop is het aangrenzende perceel met de woon- of bedrijfsbestemming waarbij het zonneveld hoort.

  • o

    Een zonneveld mag nooit meer dan 50% van het oppervlak van het onbebouwde deel van het perceel achter de voorgevel beslaan.

  • o

    Een zonneveld mag na aanleg ter plaatse gedurende 30 jaar aanwezig zijn. Het moet voor het einde van die termijn geheel verwijderd worden. Deze termijn kan verlengd worden. Dit kan als de eigenaar van het zonneveld uiterlijk 3 maanden voor het einde van deze termijn een aanvraag doet tot verlenging van de termijn én het college op basis van de dan geldende regels besluit om deze termijn te verlengen.

  • o

    De laatste 2 voorwaarden worden ook als voorwaarde opgenomen in de omgevingsvergunning.

Hieronder worden verdere voorwaarden gesteld voor particulieren en voor bedrijven.

 

1. Particulieren

Dak > binnen 'bouwvlak' > bestemming 'wonen' achterzijde > achtererfgebied

 

 

  • o

    De mogelijkheden voor het (vergunningsvrij) plaatsen van zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen worden eerst benut. We wijken hier alleen van af als bewezen wordt dat het ondoelmatig is om (alleen) zonnepanelen op deze daken te plaatsen.

    Bijvoorbeeld door schaduwwerking van dakkapellen en schoorstenen of de constructie (draagkracht, materiaal) van het dak.

  • o

    Voor de plaatsing van het zonneveld geldt de volgende rangorde:

    • 1)

      binnen het bouwvlak

    • 2)

      binnen het deel van de woonbestemming buiten het bouwvlak

    • 3)

      binnen het overige deel van het achtererfgebied.

      Het zonneveld wordt dus bij voorkeur binnen het bouwvlak neergezet. Voor zover dat niet mogelijk is, kan het zonneveld deels buiten het bouwvlak van de betreffende woonbestemming worden gebouwd. Als dat ook niet (in voldoende mate) mogelijk is, kan het zonneveld (gedeeltelijk) op het eventuele overige deel van het achtererfgebied worden gebouwd.

  • o

    Het zonneveld wordt niet voor de voorgevel van de woning geplaatst.

2. Bedrijven

Dak > binnen 'bouwvlak' > bestemming 'bedrijf' achterzijde > achtererfgebied

 

  • o

    lnitiatiefnemer benut eerst de mogelijkheden voor het (vergunningsvrij) plaatsen van zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen. Afwijking hiervan kan alleen als bewezen wordt dat het ondoelmatig is om zonnepanelen (alleen) op deze daken te plaatsen.

  • o

    Bij een agrarisch bedrijf wordt het zonneveld in het bouwvlak geplaatst.

  • o

    Voor de plaatsing van het zonneveld bij niet agrarische bedrijven geldt de volgende rangorde:

    • 1)

      binnen het bouwvlak

    • 2)

      binnen het deel van de bedrijfsbestemming buiten het bouwvlak

    • 3)

      binnen het overige deel van het achtererfgebied

Het zonneveld wordt dus bij voorkeur binnen het bouwvlak neergezet. Voor zover dat niet mogelijk is, kan het zonneveld deels buiten het bouwvlak van de betreffende bedrijfsbestemming worden gebouwd. Als dat ook nog niet (in voldoende mate) mogelijk is, kan het zonneveld gedeeltelijk) op het eventuele overige deel van het achtererfgebied worden gebouwd. Het zonneveld wordt niet voor de voorgevel van het hoofdgebouw geplaatst.

 

 

1 In diverse bestemmingsplannen zijn tuinen bij woningen bestemd met de bestemming Tuin- landschappelijk. Deze tuinen dienen volledig vrij te blijven van bebouwing. In de planregels van deze bestemming is bepaald dat deze tuinen geen onderdeel uit maken van het erf. Dat betekent dat gronden met deze bestemming ook in het kader van deze notitie niet behoren tot het achtererfgebied waarop plaatsing van zonnevelden mogelijk is.

B. Zonnevelden van 50 m2 tot 350 m2 + dakvlak

Voor een zonneveld tot 350 m2 gelden in ieder geval de volgende voorwaarden:

 

  • o

    Het zonneveld wordt alleen gebruikt om te voorzien in het eigen energiegebruik van de woning of het bedrijf op het perceel waar het zonneveld op of bij wordt gerealiseerd. De energiebehoefte moet aannemelijk gemaakt kunnen worden, bijvoorbeeld met een energierekening. Energie opgewekt bij de woning of bij het bedrijf, met zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen, wordt bij de bepaling van dat gebruik mede daarbij in aanmerking genomen, c.q. daarbij betrokken.

  • o

    De oppervlakte van het zonneveld is niet meer dan voor de eigen energiebehoefte nodig is. De maximale oppervlakte is 350 m2.

  • o

    De maximale bouwhoogte van een zonneveld bedraagt 1,5 m of zoveel lager als nodig is om zichtlijnen en de openheid van het landschap te behouden. o De ordening van de zonnepanelen is in lijn met de langste perceelsgrens van het perceel met de woon- of bedrijfsbestemming waarbij het zonneveld hoort.

  • o

    Zonnepanelen worden geplaatst op een constructie die eenvoudig kan worden verwijderd om de impact op de bodem te beperken.

  • o

    De toename van verhard oppervlak door het zonneveld is zo klein mogelijk. Onder en rand de zonnepanelen wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van beplantingen.

  • o

    De afstand van een zonneveld tot het aangrenzende perceel is minimaal 2 meter. Uitzondering hierop is het aangrenzende perceel met de woon- of bedrijfsbestemming waarbij het zonneveld hoort.

  • o

    De plaatsing en het gebruik van het zonneveld heeft geen significante nadelige gevolgen voor de in de omgeving aanwezige flora en fauna. o Er vindt geen onevenredige aantasting plaats van in de omgeving aanwezige functies en waarden. Het gaat hierbij onder meer om landschappelijke waarden zoals de openheid van het gebied en de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap Groene Hart.

  • o

    Een zorgvuldige landschappelijke inpassing is vereist. De inpassing moet bij de aanvraag omgevingsvergunning worden onderbouwd en gevisualiseerd in een terrein-/ beplantingsplan.

  • o

    De landschappelijke inpassing gebeurt bij voorkeur met het gebruik van gebiedseigen middelen. Wanneer beplanting wordt gebruikt, dan is deze inheems en bladverliezend.

  • o

    Een zonneveld mag nooit meer dan 50% van het oppervlak van het onbebouwde deel van het perceel achter de voorgevel beslaan.

  • o

    Een zonneveld mag na aanleg ter plaatse gedurende 30 jaar aanwezig zijn. Het moet voor het einde van die termijn geheel verwijderd worden. Deze termijn kan verlengd worden. Dit kan als de eigenaar van het zonneveld uiterlijk 3 maanden voor het einde van deze termijn een aanvraag doet tot verlenging van de termijn én het college op basis van de dan geldende regels besluit om deze termijn te verlengen.

  • o

    De laatste 2 voorwaarden worden ook als voorwaarde opgenomen in de omgevingsvergunning.

Hieronder worden verdere voorwaarden gesteld voor particulieren en voor bedrijven.

 

1. Particulieren

Dak > binnen 'bouwvlak' > bestemming 'wonen' achterzijde > achtererfgebied > agrarisch gebied grenzend aan wonen of tuin, (uitgebreide procedure)

 

  • o

    lnitiatiefnemer benut eerst de mogelijkheden voor het (vergunningsvrij) plaatsen van zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen. Afwijking hiervan kan alleen als bewezen wordt dat het ondoelmatig is om zonnepanelen (alleen) op deze daken te plaatsen.

  • o

    Voor de plaatsing van het zonneveld geldt de volgende rangorde:

    • 1)

      binnen het bouwvlak

    • 2)

      binnen het deel van de woonbestemming buiten het bouwvlak

    • 3)

      binnen het overige deel van het achtererfgebied

    • 4)

      binnen agrarisch gebied zonder bouwvlak direct grenzend aan de woonbestemming

Het zonneveld wordt dus bij voorkeur binnen het bouwvlak neergezet. Voor zover dat niet mogelijk is, kan het zonneveld (deels) buiten het bouwvlak van de betreffende woonbestemming worden gebouwd. Als dat ook nog niet (in voldoende mate) mogelijk is, kan het zonneveld (gedeeltelijk) op het eventuele overige deel van het achtererfgebied worden gebouwd. Tenslotte kan het zonneveld (gedeeltelijk) op het agrarisch gebied achter de woning worden geplaatst. Bijvoorbeeld als er geen of onvoldoende ruimte is binnen de eerste drie hiervoor genoemde locaties.

 

  • o

    Bij (gedeeltelijke) plaatsing van het zonneveld in agrarisch gebied gelden de volgende regels:

    • 1)

      het zonneveld op het agrarisch gebied ligt achter de woning / woonbestemming

    • 2)

      het zonneveld wordt zo compact mogelijk neergezet waardoor het ruimtebeslag op het agrarisch gebied minimaal is.

  • o

    Het zonneveld wordt niet voor de voorgevel van de woning geplaatst.

 

2. Bedrijven

Dak > binnen 'bouwvlak' > bestemming 'bedrijf" achterzijde > achtererfgebied > agrarisch gebied grenzend aan wonen of tuin (uitgebreide procedure)

 

  • o

    lnitiatiefnemer benut eerst de mogelijkheden voor het (vergunningsvrij) plaatsen van zonnepanelen op het dak van gebouwen en overkappingen. Afwijking hiervan kan alleen als bewezen wordt dat het ondoelmatig is om zonnepanelen (alleen) op deze daken te plaatsen.

  • o

    Voor de plaatsing van een zonneveld bij een agrarisch bedrijf geldt de volgende rangorde:

    • 1)

      binnen het bouwvlak

    • 2)

      binnen agrarisch gebied zonder bouwvlak direct grenzend aan het bouwvlak met inachtneming van de volgende regels:

  • o

    Het zonneveld op het agrarisch gebied ligt achter of in het verlengde van de agrarische bedrijfsbebouwing.

  • o

    Het zonneveld wordt zo compact mogelijk neergezet waardoor het ruimtebeslag op het open agrarisch gebied minimaal is. o Voor de plaatsing van het zonneveld bij niet-agrarische bedrijven geldt de volgorde rangorde:

    • 1)

      binnen het bouwvlak

    • 2)

      binnen het deel van de bedrijfsbestemming buiten het bouwvlak

    • 3)

      binnen het overige deel van het achtererfgebied o Het zonneveld wordt niet voor de voorgevel van het hoofdgebouw geplaatst.

  • o

    Het zonneveld wordt niet voor de voorgevel van het hoofdgebouw geplaatst.

C. Overige kleinschalige zonne-energie initiatieven voor eigen gebruik

Er zijn ook initiatieven denkbaar die kleinschalig en voor eigen gebruik zijn, maar die niet passen binnen de categorieën 'Zonneveld max 50 m2 + dakvlak' of 'Zonneveld max 350m2 + dakvlak'. Denk aan zonnepalen op palen, kunstobjecten of bewegende panelen. Beoordeling van deze initiatieven is maatwerk. Daarom beoordelen we deze aanvragen per geval.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente De Ronde Venen, d.d 20 april 2023.

De raad voornoemd,

de griffier,

de voorzitter,

Toelichting

Omvang

  • o

    De maximale oppervlakte van een kleinschalig particulier zonneveld bedraagt 350 m2 • Mede door de koppeling aan het eigen energieverbruik verwachten we dat dit genoeg is voor het overgrote deel van de huishoudens. Een gemiddeld huishouden zal in veel gevallen aan 50 m2 + dakvlak voldoende hebben voor de eigen elektriciteits- en warmtebehoefte.

  • o

    De maximale oppervlakte van een kleinschalig zonneveld voor eigen bedrijfsmatig gebruik is 350 m2. We gaan ervan uit dat met deze oppervlakte (350 m2 exclusief het dakvlak) de meeste kleinschalige initiatieven van bedrijven kunnen worden gebouwd.

Landschappelijke inpassing

Zonnevelden groter dan 50 m2 zijn alleen mogelijk met een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Hiermee bedoelen we dat het zonneveld opgenomen wordt in het landschap. Er vindt zo min mogelijk aantasting van gebiedswaarden plaats en de biodiversiteit wordt niet aangetast. Door bijvoorbeeld het gebruik van sloten, riet en grandwalletjes kan een zonneveld in veel gevallen op een waardevolle landschappelijke manier in het landschap worden geplaatst. Landschappelijke inpassing kan in bepaalde gevallen ook gebeuren door het gebruik van inheemse beplanting. Voor zonnevelden binnen een agrarische bestemming is het aanleveren van een inrichtingsplan waaruit de landschappelijk inpassing blijkt, verplicht.

 

Aspecten waaraan aandacht besteed moet worden zijn in ieder geval:

 

  • o

    De kleurstelling van het zonneveld. Felle kleuren van panelen of installatie passen niet in het landschap.

  • o

    Het hekwerk random een zonneveld. We gaan ervan uit dat het niet noodzakelijk is een hek te plaatsen, omdat de panelen binnen het erf komen. Als een hek aantoonbaar noodzakelijk is, geven we de voorkeur aan een hek met een natuurlijke en landschappelijke uitstraling. Dit hekwerk moet een open karakter hebben zodat met name kleine dieren zich kunnen verplaatsen. Dit is belangrijk voor het behoud van de biodiversiteit van het gebied. Een goed voorbeeld is een hekwerk van houten palen in combinatie met schapengaas of een schapenhek.

  • o

    Zichtlijnen en openheid van het landschap. De hoogte van het zonneveld moet zo gekozen worden dat zichtlijnen en de openheid van het landschap behouden blijven.

Met dit beleid wordt de zonneladder gevolgd

In dit beleid is de zonneladder uitgewerkt op kavelniveau. De zonneladder is een beleidsinstrument dat in Nederland veel wordt gebruikt. Het gaat uit van:

 

  • 1.

    Benutting van het dak

  • 2.

    Vrije ruimte op het erf, binnen het bouwvlak

  • 3.

    Onbenutte deel buiten het bouwvlak

  • 4.

    Uitbreidingsmogelijkheden buiten de bestemming

Hieronder een visualisatie van de ladder:

 

  • 1.

    Op het dak

     

  • 2.

    Vrije ruimte op het erf, binnen het bouwvlak

     

  • 3.

    Op het onbenutte deel buiten het bouwvlak

     

  • 4.

    Uitbreidingsmogelijkheid buiten de bestemming bedrijf

Naar boven