Besluit cameratoezicht Haarlemmerbuurt 2026

Overwegende:

 

dat de burgemeester van Amsterdam op grond van artikel 2.24 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), juncto artikel 151c Gemeentewet, de bevoegdheid heeft om te kunnen besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats als dat naar haar oordeel noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de openbare orde;

 

Proportionaliteit

In de Haarlemmerbuurt is sprake van structurele overlast. De druk op de leefomgeving in de Haarlemmerbuurt is vanwege de overlast hoog. De problematiek betreft onder meer overlast door dak- en thuisloze personen, verslaafde personen, het openlijk gebruik van drugs en alcohol, fysiek en intimiderend gedrag richting bewoners, bezoekers en ondernemers, wildplassen en openbare ontlasting, misbruik van openbare voorziening en verloedering van de openbare ruimte. Uit de veiligheidsindex blijkt dat de ervaren overlast sterk is toegenomen. Daarnaast zijn er in de maand juli meerdere geweldsincidenten in de buurt geweest.

 

Subsidiariteit / andere maatregelen

Ter voorkoming en bestrijding van overlast en criminaliteit en ter handhaving van de openbare orde in en rondom de Haarlemmerbuurt zijn de volgende maatregelen getroffen:

 

  • Gerichte inzet van politie (in uniform en burger), THOR en Veldwerk;

  • Inzet van het doelgroepenteam van politie op straatdealers, straatroof en zakkenrollerij;

  • Aanwijzing van het gebied als Algemeen Overlastgebied, als Dealeroverlastgebied en als Alcoholverbodsgebied;

  • Herinrichting van de openbare ruimte, zoals het verwijderen van bankjes en het verbeteren van de verlichting;

  • Persoonsgerichte aanpakken zoals de veelplegersaanpak, Veilig Alternatief en Aanpak verwarde verdachten;

  • Uitvoering van het Haarlemmerbuurtproject.

Belangenafweging

Het inzetten van cameratoezicht is in aanvulling op de bestaande maatregelen noodzakelijk ter handhaving van de openbare orde.

 

De burgemeester heeft het belang van een effectieve handhaving van de openbare orde enerzijds en de daarmee gepaard gaande mogelijke inperking van het recht op privacy anderzijds tegen elkaar afgewogen. In die afweging moet aan het algemene belang om de verstoring van de openbare orde te herstellen meer gewicht worden toegekend dan aan het belang om geen inmenging te dulden in de privacy.

 

De burgemeester volgt de (verstoringen van de) openbare orde in en rondom de Haarlemmerbuurt permanent en het besluit tot het instellen van cameratoezicht zal onmiddellijk worden ingetrokken indien het cameratoezicht niet meer noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde.

 

Besluit

Gelet op artikel 151c Gemeentewet juncto artikel 2.24 APV;

 

Brengt ter algemene kennis dat zij op 21 juli 2026 heeft besloten:

 

  • 1.

    Op en rondom de Haarlemmerbuurt cameratoezicht in te stellen. De begrenzing van het gebied waar de camera’s worden ingezet is aangegeven in bijgevoegde plattegrond;

 

  • 2.

    Te bepalen dat dit besluit geldt voor de periode van 21 juli 2026 tot en met 1 januari 2028;

 

  • 3.

    Te bepalen dat dit besluit wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad en in werking treedt op 21 juli 2026.

Femke Halsema b/a Sofyan Mbarki

Burgemeester van Amsterdam

Op grond van de Algemene Wet Bestuursrecht kan binnen zes weken na publicatie van dit besluit een bezwaarschrift worden ingediend bij de Burgemeester. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. U kunt een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening (schorsing) indienen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam, Sector Bestuursrecht, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam.

Naar boven