Subsidieregeling Vrijwillige Inzet Stichtse Vecht 2027–2031

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht,

gelet op de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, het Integraal Beleidskader Sociaal Domein Stichtse Vecht en de Algemene Subsidieverordening Stichtse Vecht 2026 (ASV),

 

overwegende dat:

  • vrijwillige inzet essentieel is voor leefbaarheid, preventie en sociale samenhang;

  • vrijwilligerswerk bijdraagt aan samenredzaamheid, participatie en inclusie;

  • de beschikbaarheid van vrijwilligers onder druk staat en ondersteuning noodzakelijk is;

  • inwoners behoefte hebben aan laagdrempelige ondersteuning, zoals maatjescontact en vrijwillig vervoer;

  • kwalitatieve ondersteuning, scholing en begeleiding van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties noodzakelijk is;

  • een samenhangende en toekomstbestendige infrastructuur voor vrijwillige inzet nodig is;

  • goede afstemming en inzicht in het vervoersaanbod noodzakelijk is om inwoners passend en efficiënt te ondersteunen;

Voor alles waar deze subsidieregeling niet in voorziet geldt onverkort de Verordening Algemene Subsidieverordening Stichtse Vecht 2026 en de Uitvoeringsvoorschriften Subsidies Stichtse Vecht 2026.

 

besluit de volgende regeling vast te stellen:

Artikel 1. Begrippen

Aanvrager: een rechtspersoon zonder winstoogmerk die activiteiten uitvoert ter ondersteuning van vrijwillige inzet;

ASV: Algemene Subsidieverordening Stichtse Vecht 2026;

College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht;

IBK: Integraal Beleidskader Sociaal Domein Stichtse Vecht;

Infrastructuur vrijwillige inzet: het samenhangend geheel van activiteiten gericht op het ondersteunen van vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties, waaronder bemiddeling, scholing, ondersteuning en signalering;

Maatjescontact: één-op-één ondersteuning door een vrijwilliger gericht op sociaal contact, praktische ondersteuning of participatie;

Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak maximaal beschikbaar is voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling;

Subsidiabele activiteiten: activiteiten die naar het oordeel van het college bijdragen aan de doelstellingen van deze regeling;

Vrijwillige inzet: onbetaalde inzet van inwoners voor anderen of voor de samenleving;

Vrijwilligersorganisatie: organisatie die met vrijwilligers maatschappelijke activiteiten uitvoert;

Vrijwillig vervoer: vervoer door vrijwilligers voor inwoners die niet zelfstandig kunnen reizen, inclusief het inzichtelijk maken van vervoersmogelijkheden en het verbinden van vraag en aanbod;

WMO: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

Artikel 2. Aansluiting bij gemeentelijke doelen

Deze regeling draagt bij aan de doelstellingen uit het Integraal Beleidskader Stichtse Vecht doordat vrijwillige inzet bijdraagt aan een sterke sociale basis, preventie en participatie van inwoners.

 

De regeling sluit in het bijzonder aan bij de volgende gemeentelijke doelen:

  • Voorkomen is beter: vrijwillige inzet helpt bij vroegsignalering en voorkomt zwaardere ondersteuning;

  • Samenredzaam: inwoners worden ondersteund om elkaar te helpen en actief bij te dragen aan de samenleving;

  • Iedereen doet mee: vrijwilligerswerk bevordert participatie en inclusie;

  • Thuis en dichtbij: ondersteuning wordt laagdrempelig en dichtbij inwoners georganiseerd.

Daarnaast sluit deze regeling aan bij de doelstellingen van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, in het bijzonder het versterken van de sociale basis, het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie en het ondersteunen van inwoners om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te wonen.

Artikel 3. Doel van de regeling

Het doel van deze regeling is het versterken en duurzaam organiseren van vrijwillige inzet binnen de gemeente Stichtse Vecht.

 

De regeling beoogt bij te dragen aan:

  • een sterke en samenhangende infrastructuur voor vrijwillige inzet;

  • duurzame inzet en ondersteuning van vrijwilligers;

  • versterking van vrijwilligersorganisaties;

  • ondersteuning van inwoners via vrijwillige inzet;

  • vergroting van zelfredzaamheid en participatie;

  • versterking van sociale samenhang en leefbaarheid.

Artikel 4. Doelgroep en reikwijdte

  • 1.

    Subsidie kan worden aangevraagd door één of meerdere organisaties zonder winstoogmerk.

  • 2.

    De activiteiten richten zich op:

    • inwoners van de gemeente Stichtse Vecht;

    • vrijwilligers;

    • vrijwilligersorganisaties;

    • in het bijzonder kwetsbare doelgroepen.

  • 3.

    Aanvragen kunnen betrekking hebben op één of meerdere onderdelen zoals genoemd in artikel 5.

  • 4.

    Samenwerking tussen organisaties en aansluiting bij bestaande lokale voorzieningen en netwerken wordt gestimuleerd.

  • 5.

    De subsidieontvanger draagt zorg voor een veilige en verantwoorde uitvoering van de activiteiten en voldoet aan de daarvoor geldende wettelijke kwaliteitseisen.

Artikel 5. Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan worden verstrekt voor één of meer van de volgende activiteiten:

  • a.

    Ondersteuning van de infrastructuur vrijwillige inzet

    • bemiddeling en matching van vraag en aanbod van vrijwilligerswerk;

    • beheer van een platform, loket of centrale functie;

    • werving en promotie van vrijwilligers;

    • scholing en deskundigheidsbevordering van vrijwilligers en coördinatoren;

    • ondersteuning en advisering van vrijwilligersorganisaties;

    • versterken van organisatiekracht en continuïteit;

    • netwerkontwikkeling en samenwerking;

    • signalering van trends en knelpunten;

    • advisering aan de gemeente.

  • b.

    Maatjescontact

    • werving, matching en begeleiding van maatjes;

    • ondersteuning van inwoners met een hulpvraag;

    • training en begeleiding van vrijwilligers;

    • kwaliteitsborging en monitoring.

  • c.

    Vrijwillig vervoer

    • aanbieden, organiseren en coördineren van vrijwillig vervoer;

    • koppelen van vraag en aanbod;

    • ondersteunen en begeleiden van vrijwilligers;

    • inzichtelijk maken en actueel houden van vervoersmogelijkheden;

    • informeren en doorverwijzen van inwoners;

    • afstemming met andere vervoersvoorzieningen;

    • bijdragen aan bereikbaarheid en participatie.

  • Niet voor subsidie in aanmerking komen:

    • commerciële activiteiten;

    • professionele zorg of professioneel vervoer;

    • activiteiten buiten de gemeente Stichtse Vecht;

    • activiteiten zonder aantoonbare maatschappelijke meerwaarde;

    • activiteiten waarvoor reeds op andere wijze publieke bekostiging wordt ontvangen.

Artikel 6. Indicatoren

  • 1.

    De subsidieontvanger levert jaarlijks gegevens aan over ten minste:

    • het aantal vrijwilligers;

    • het aantal matches tussen vrijwilligers en inwoners;

    • het aantal trainingen en deelnemers;

    • het aantal ondersteunde vrijwilligersorganisaties;

    • het aantal maatjescontacten/koppelingen;

    • het aantal vervoersvragen en ritten;

    • het bereik van doelgroepen;

    • het gebruik van voorzieningen;

    • kwalitatieve effecten en ervaringen van deelnemers en vrijwilligers.

  • 2.

    Het college kan aanvullende afspraken maken over monitoring, voortgangsgesprekken en tussentijdse rapportages.

Artikel 7. Subsidieplafond

  • 1.

    Het college stelt jaarlijks een subsidieplafond vast voor de activiteiten die binnen deze regeling vallen.

  • 2.

    Het college kan het subsidieplafond verdelen over:

    • infrastructuur vrijwillige inzet;

    • maatjescontact;

    • vrijwillig vervoer.

  • 4.

    Subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd indien:

    • het subsidieplafond is bereikt;

    • of de aanvraag onvoldoende bijdraagt aan het doel van deze regeling.

Artikel 8. Beoordelingscriteria

  • 1.

    Subsidie wordt uitsluitend verleend indien:

    • de aanvrager voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 4;

    • de activiteiten passen binnen de subsidiabele activiteiten genoemd in artikel 5;

    • de aanvrager beschikt over aantoonbare deskundigheid binnen het sociaal domein;

    • de aanvraag past binnen het doel van deze regeling;

  • 2.

    Volledige aanvragen die voldoen aan het eerste lid, worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van onderstaande criteria.

  • 3.

    Per criterium kunnen punten worden toegekend. Het maximaal aantal te behalen punten bedraagt 100.

     

    Criterium

    Max. punten

    Bijdrage aan de doelstellingen van de regeling

    25

    Kwaliteit van aanpak en uitvoerbaarheid

    20

    Deskundigheid en ervaring van de organisatie

    15

    Lokale inbedding en kennis van de sociale kaart

    10

    Samenwerking met relevante partners

    10

    Borging van kwaliteit en continuïteit

    10

    Doelmatigheid en kosteneffectiviteit

    10

    Totaal

    100

  • 4.

    Om voor subsidie in aanmerking te komen dient een aanvraag minimaal 60 punten te behalen.

  • 5.

    Indien meerdere aanvragen voor honorering in aanmerking komen en het subsidieplafond wordt overschreden, wordt subsidie verleend aan de aanvragen met de hoogste score.

 

Het college werkt de beoordelingscriteria nader uit in een afwegingskader dat als bijlage bij deze regeling is opgenomen.

Artikel 9. Aanvraagvereisten

  • 1.

    Aanvragers dienen een subsidieaanvraag in via het door het college vastgestelde aanvraagformulier.

  • 2.

    De aanvraag bevat in ieder geval:

    • een beschrijving van de activiteiten;

    • de doelgroep(en) en beoogde resultaten;

    • een beschrijving van de aanpak en werkwijze;

    • een beschrijving van de samenwerking met partners;

    • een begroting;

    • een plan voor monitoring en verantwoording.

  • 3.

    Het college beslist binnen acht weken na ontvangst van een volledige aanvraag.

  • 4.

    Indien de aanvraag betrekking heeft op een volgend kalenderjaar, beslist het college uiterlijk acht weken na vaststelling van de gemeentebegroting.

Artikel 10. Verantwoording en controle

  • 1.

    De subsidieontvanger legt jaarlijks verantwoording af over de uitvoering van de activiteiten en de besteding van de subsidie.

  • 2.

    Het college kan tussentijdse controles uitvoeren op de voortgang van de activiteiten en de besteding van de subsidie.

  • 3.

    De subsidie wordt verstrekt in de vorm van voorschotten in nader te bepalen termijnen.

  • 4.

    Definitieve subsidievaststelling vindt plaats na afloop van het betreffende kalenderjaar.

Artikel 11. Weigeringsgronden

  • 1.

    De subsidie kan worden geweigerd op grond van de weigeringsgronden uit de verordening;

  • 2.

    De subsidie kan geheel of gedeeltelijk geweigerd worden als de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 4;

  • 3.

    De subsidie kan geheel of gedeeltelijk geweigerd worden als de aanvraag niet past binnen de genoemde subsidiabele activiteiten in artikel 5 en/of de beoordelingscriteria in artikel 8.

Artikel 12. Subsidieverlening

  • 1.

    Beoordeling van de aanvragen vindt plaats na afloop van de indieningstermijn. Als meerdere aanvragen voldoen, wordt de subsidie verstrekt aan de partij die het best aansluit bij de criteria en voorwaarden van artikel 4, 5 en 8.

  • 2.

    De gemeente Stichtse Vecht behoudt zich het recht voor om, indien nodig voor een zorgvuldige beoordeling, aanvullende informatie op te vragen en hierover in gesprek te gaan met de aanvrager. De kwaliteit en volledigheid van deze nadere toelichting, zowel schriftelijk als mondeling, worden betrokken bij de beoordeling van de aanvraag

  • 3.

    De aanvraag moet uiterlijk 1 oktober van het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd schriftelijk zijn ingediend. Het college neemt een besluit binnen acht weken na vaststelling van de gemeentebegroting voor het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft. De subsidie wordt per kalenderjaar in twee voorschotten uitgekeerd.

  • 4.

    De gemeente Stichtse Vecht gaat een subsidierelatie aan voor de duur van één jaar of voor meerdere jaren indien dit in de subsidieaanvraag wordt verzocht. Meerjarige subsidieverlening vindt plaats onder voorbehoud van jaarlijkse begrotingsvaststelling door de gemeenteraad en beschikbaarheid van middelen. Voor ieder subsidiejaar wordt jaarlijks afzonderlijk beoordeeld of voldoende budget beschikbaar is (subsidieplafond). Voortzetting in een volgend jaar is afhankelijk van de beschikbaarheid van middelen. Eventuele indexering van subsidiebedragen vindt plaats conform de bepalingen van de Algemene Subsidieverordening.

Artikel 13. Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule

  • 1.

    In alle gevallen waarin deze subsidieregeling niet of niet voldoende voorziet, beslist het college.

  • 2.

    Het college kan de bepalingen in deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of subsidieontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.

Artikel 14. Inwerkingtreding, looptijd, citeertitel

  • 1.

    Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.

  • 2.

    De looptijd van deze regeling is tot en met 31 december 2031.

  • 3.

    Deze regeling wordt aangehaald als:

    “Subsidieregeling Vrijwillige Inzet Stichtse Vecht 2027–2030”.

  • 4.

    Voor zover deze regeling niet voorziet, gelden de bepalingen uit de Algemene Subsidieverordening Stichtse Vecht 2026 en de Uitvoeringsvoorschriften Subsidies Stichtse Vecht 2026 onverkort.

Bijlage Afwegingskader beoordelingscriteria

Criterium

Lage score

Midden score

Hoge score

Bijdrage aan de doelstellingen van de regeling

Beperkte bijdrage aan vrijwillige inzet, participatie en sociale samenhang.

Draagt aantoonbaar bij aan meerdere doelstellingen van de regeling.

Levert een sterke en aantoonbare bijdrage aan vrijwel alle doelstellingen en heeft een groot maatschappelijk bereik.

Kwaliteit van aanpak en uitvoerbaarheid

Plan is onvoldoende uitgewerkt, weinig concreet of niet realistisch.

Plan is voldoende uitgewerkt en uitvoerbaar.

Plan is zeer helder, realistisch, innovatief en overtuigend onderbouwd.

Deskundigheid en ervaring van de organisatie

Beperkte ervaring of onvoldoende aangetoonde expertise.

Voldoende ervaring en deskundigheid aanwezig.

Ruime ervaring, aantoonbare resultaten en specialistische kennis aanwezig.

Lokale inbedding en kennis van de sociale kaart

Beperkte kennis van lokale voorzieningen en doelgroepen.

Voldoende kennis van de lokale situatie en sociale kaart.

Sterke lokale verankering en aantoonbaar netwerk binnen Stichtse Vecht.

Samenwerking met relevante partners

Samenwerking ontbreekt of is beperkt uitgewerkt.

Samenwerking met enkele relevante partners is aanwezig.

Sterke en structurele samenwerking met meerdere relevante partners en netwerken.

Kwaliteit en continuïteit

Onvoldoende aandacht voor borging van kwaliteit en continuïteit.

Kwaliteit en continuïteit zijn voldoende geborgd.

Kwaliteitsborging, monitoring en continuïteit zijn uitstekend uitgewerkt.

Doelmatigheid en kosteneffectiviteit

Kosten staan onvoldoende in verhouding tot de beoogde resultaten.

Redelijke verhouding tussen kosten en resultaten.

Zeer efficiënte inzet van middelen met aantoonbaar maatschappelijk rendement.

 

 

Naar boven