Gemeenteblad van West Betuwe
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| West Betuwe | Gemeenteblad 2026, 354399 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| West Betuwe | Gemeenteblad 2026, 354399 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere regels ter uitvoering van de Huisvestingsverordening West Betuwe 2026
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In deze nadere regels wordt verstaan onder:
Uitvoerende en operationele functies (vitale beroepen): functies binnen de door de raad aangewezen vitale sectoren (zorg, brandweer, politie, onderwijs en kinderopvang) waarbij de kerntaak van de medewerker direct is gericht op de feitelijke, persoons- of locatie gebonden levering van de primaire publieke dienst. De functie vereist de structurele, fysieke aanwezigheid van de medewerker op de standplaats in de kern of het cluster (thuiswerkfuncties uitgesloten) en omvat als hoofddoelstelling direct fysiek contact met de patiënt, leerling, burger of het kind.
Beleidsmatige, administratieve en ondersteunende functies (vitale beroepen - uitgesloten): functies die niet zijn gericht op de directe, fysieke uitvoering van de vitale publiekstaak aan de burger, maar op het ontwerpen, evalueren, beheren, aansturen of administratief faciliteren van de organisatie. Deze taken zijn strategisch, tactisch of ondersteunend van aard en kennen geen structureel, operationeel cliënten- of burgercontact als primaire taakstelling.
Hoofdstuk 2 Reikwijdte vergunningplicht en quotumbeheer
Artikel 2.1 Bevestiging en afbakening van de vergunningplicht
De vergunningplicht is uitsluitend van toepassing op nieuwbouwkoopwoningen met een koopprijs tot ten hoogste de op grond van de Verordening geldende koopprijsgrens van 420.000,- euro (prijspeil 2026), gelegen in de door de gemeenteraad in artikel 2 van de Verordening limitatief aangewezen kernen en clusters, waarvan:
In overeenstemming met artikel 3, tweede lid, onder f van de Verordening is de vergunningplicht niet van toepassing op woningen die specifiek zijn geprogrammeerd voor de doelgroep ouderen, zijn uitgevoerd als nul-tredenwoning en planologisch en bouwkundig onlosmakelijk zijn ingericht voor mantelzorgondersteuning c.q. gekoppeld zijn aan een zorgcontract.
Hoofdstuk 3 Toewijzingscriteria en rangorde
Artikel 3.1 Rangorde van aanvragers
Voor zover het in artikel 2.2 bedoelde quotum nog niet is bereikt, worden geschikte aanvragers achtereenvolgens ingedeeld en beoordeeld volgens de navolgende rangorde:
Bak 1 – Maatschappelijke binding
In overeenstemming met artikel 1 en artikel 10 van de Verordening is van maatschappelijke binding sprake indien de aanvrager voldoet aan één van de volgende criteria:
Ingezetenencriterium: De aanvrager is op de datum van aanvraag gedurende ten minste zes aaneengesloten jaren ingezetene van de betreffende kern of het betreffende cluster, óf is gedurende de tien jaren voorafgaand aan de aanvraag gedurende ten minste zes aaneengesloten jaren ingezetene geweest van de betreffende kern of het betreffende cluster. (Bewijsmiddel: een historisch uittreksel uit de Basisregistratie Personen - BRP).
Eerstegraads familierelatie: De aanvrager is in het verleden zelf ten minste zes jaar onafgebroken ingezetene geweest van de desbetreffende kern én heeft een eerstegraads bloed- of aanverwant (beperkt tot: biologische ouders, adoptieouders, stiefouders, echtgenoot/geregistreerd partner, biologische of geadopteerde kinderen) die op het moment van de aanvraag al langer dan twee jaar onafgebroken ingezetene is van die specifieke kern. (Bewijsmiddelen: BRP-uittreksel van het familielid en een officieel document waaruit de verwantschap blijkt).
Bak 2 – Economische binding met een vitaal beroep
In overeenstemming met artikel 10, vijfde lid van de Verordening is van deze binding sprake als de aanvrager werkzaam is in een vitaal beroep binnen de betreffende kern of het betreffende cluster.
(Bewijsmiddelen: een werkgeversverklaring van maximaal drie maanden oud met vermelding van de feitelijke standplaats binnen de kern of het cluster, en bewijs van een structureel dienstverband van minimaal 18 contracturen per week. Arbeidsovereenkomsten zonder vooraf gegarandeerde arbeidsomvang, zoals nuluren-, oproep- of min-max-contracten, worden afgewezen).
Bak 3 – Reguliere economische binding
Van reguliere economische binding is sprake indien de aanvrager beschikt over een structureel dienstverband van ten minste 18 uur per week en werkzaam is bij een onderneming of instelling die feitelijk gevestigd is binnen de betreffende kern of het betreffende cluster. (Bewijsmiddelen: een werkgeversverklaring en de drie meest recente loonstroken).
Tot deze categorie behoren alle meerderjarige aanvragers die niet voldoen aan de bindingseisen van Bak 1, Bak 2 of Bak 3. Toewijzing aan deze categorie vindt plaats nadat het quotum van 50 procent is bereikt, óf indien de woning overeenkomstig artikel 6 van de Verordening gedurende ten minste dertien weken zonder succesvol resultaat aan de voorrangscategorieën is aangeboden.
Artikel 3.2 Toewijzing bij gelijke rangorde
Indien binnen dezelfde rangordecategorie (Bak 1, Bak 2 of Bak 3) meerdere geschikte aanvragers aanwezig zijn voor een specifieke beschikbare woning, vindt de selectie van de 'meest geschikte aanvrager' als bedoeld in artikel 4, tweede lid onder c van de Verordening plaats door middel van een geautomatiseerde aselecte loting.
Artikel 3.5 Inkomensgrenzen en renteclausule
In overeenstemming met artikel 4, eerste lid onder b van de Verordening geldt voor de vergunningverlening een maximaal bruto huishoudinkomen van 70.149 euro voor eenpersoonshuishoudens en 93.531 euro voor meerpersoonshuishoudens (prijspeil 1 januari 2026, onderhevig aan de indexatie ex artikel 5 van de Verordening). Het inkomen wordt aangetoond via de meest recente definitieve inkomensverklaring van de Belastingdienst.
Ter uitvoering van de afwijkingsbevoegdheid in artikel 4, vierde lid van de Verordening kan het college besluiten de inkomensgrenzen per nieuwbouwproject projectmatig te verhogen als de gemiddelde hypotheekrente voor NHG-hypotheken met een rentevaste periode van tien jaar gedurende een volledig kalenderkwartaal hoger is dan 4,0 procent.
Hoofdstuk 5 Hardheidsclausule en slotbepalingen
Het college kan in bijzondere gevallen gemotiveerd afwijken van de bepalingen in deze nadere regels indien strikte toepassing, gelet op het doel van deze regeling, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard of tot gevolgen die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze nadere regels te dienen doelen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-354399.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.