Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek

Besluit van: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek tot vaststelling van beleidsregel: Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek;

 

Gelezen het voorstel van: 30-06-2026;

 

Gelet op de bepalingen in titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1 onder c van de Algemene subsidieverordening gemeente Laarbeek;

 

Overwegende dat:

  • -

    er vanuit het Rijk financiële middelen (SpUk Lokale Aanpak Isolatie) zijn ontvangen voor het nemen van energiebesparende maatregelen in slecht geïsoleerde koopwoningen met een WOZ-waarde tot € 477.000,- (peildatum 1 januari 2022);

     

  • -

    het gewenst is om energiebesparende maatregelen zoals glasisolatie, gevelisolatie, dakisolatie en (zolder)vloerisolatie, in bestaande particuliere woningen te stimuleren omdat deze maatregelen bijdragen aan de doelstelling om de energievraag in de gemeente Laarbeek te reduceren en energiearmoede te verminderen;

     

  • -

    het wenselijk is om voor de uitvoering van deze lokale aanpak isolatie een subsidieregeling vast te stellen om de middelen van de specifieke uitkering Lokale Aanpak Isolatie van het Nationaal Isolatieprogramma ter beschikking te stellen.

Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek

Artikel 1. Definities

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

 

  • a.

    College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek.

  • b.

    Doelgroep van de Lokale Aanpak Isolatie: eigenaar-bewoners van grondgebonden slecht geïsoleerde koopwoningen, bouwjaar tot 1992, met een WOZ-waarde tot € 477.000,- (peildatum 1-1-2022).

  • c.

    Eigenaar-bewoner: natuurlijk persoon die een woning in eigendom, die voor permanente bewoning is bestemd en waarin hij zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben.

  • d.

    Grondgebonden koopwoning: woning (in de zin van artikel 1, 3e lid van de Woningwet), in bezit van een eigenaar-bewoner, die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau en waarvan één van de bouwlagen aansluit op het maaiveld.

  • e.

    Slecht geïsoleerde woning: een woning met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn:

    • a.

      de vloer en de bodem;

    • b.

      de gevel, waaronder de spouwmuur;

    • c.

      het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;

    • d.

      de ramen (glas), panelen in kozijnen en deuren.

  • f.

    Energielabel: een energielabel als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen.

  • g.

    Slecht geïsoleerd bouwdeel: Bouwdelen zijn slecht geïsoleerd wanneer ze niet voldoen aan de huidige isolatie-eisen. Voor de verschillende bouwdelen geldt de volgende indicatie als slecht geïsoleerd conform de SPUK lokale aanpak:

    • -

      Dak

      Hellend / plat dak: Geen, slechte en matige isolatie (minder dan 9 cm isolatiemateriaal aanwezig / Rc ≤ 2,0)

    • -

      Zolder-/vlieringvloerisolatie: als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is, als alternatief voor dakisolatie. Alleen toe te passen bij een onverwarmde zolder en gesloten vlieringluik of gesloten toegangsdeur. (Rc ≤ 2,0)

    • -

      Gevel: geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig (Rc ≤ 1,1)

    • -

      Vloer-/bodemisolatie: geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig, aanpakken bij matige vloerisolatie niet perse noodzakelijk (minder dan 5 cm isolatiemateriaal aanwezig, Rc ≤ 1,3)

    • -

      Ramen (Glas): enkel glas, oud dubbelglas en HR glas (Ug waarde ≥ 1,6).

  • h.

    WOZ-waarde: de waarde taxatie van een woning gebaseerd op de Wet waardering onroerende zaken. In deze subsidieregeling is de WOZ-waarde gebaseerd op gegevens uit het meetjaar 2022.

  • i.

    Isolatiemaatregelen: isolatiemaatregelen ten behoeve van het reduceren van aardgasverbruik van de woning, die voldoen aan de voorwaarden van de SPUK Lokale Aanpak Isolatie. De isolatiemaatregelen moeten aantoonbaar gebouw gebonden en fysiek zijn aangebracht in de woning van de eigenaar-bewoner waarvoor de subsidie is aangevraagd.

  • j.

    Energiezuinige ventilatiemaatregel: energiezuinige ventilatiemaatregel die voor de eerste keer wordt aangelegd, zoals omschreven in de SPUK LAI. Het betreft een systeem voor balansventilatie met warmte terugwinning met een rendement van ten minste 90%;

  • k.

    Biobased isolatiemateriaal: isolatiemateriaal dat is gemaakt van hernieuwbare, natuurlijke grondstoffen.

  • l.

    Zelf-een-bedrijf-regelen: de keuzemogelijkheid van de eigenaar-bewoner om voor de uitvoering van de energiebesparende isolatiemaatregelen en energiezuinige ventilatiemaatregelen zelf een bouwbedrijf in te schakelen.

  • m.

    Doe-het-zelf isolatiemaatregelen: isolatiemaatregelen die door de eigenaar-bewoner zelf in de woning worden aangebracht;

  • n.

    Energiecoaches: energiecoaches van de Stichting Duurzaam Wonen Laarbeek adviseren hoe inwoners energiezuiniger kunnen wonen en kunnen besparen op hun energierekening.

  • o.

    Advies aan huis: activiteit waarbij een onafhankelijk energiecoach een woningopname doet inclusief een voorstel voor de best passende isolatiemaatregelen en -materialen (zonder prijsindicatie).

  • p.

    Declaratieformulier: een formulier waarmee bewoners zelfstandig met een eigen bedrijf/aannemer/installateur de getroffen isolatiemaatregel kan declareren en zo aanspraak kan maken op de subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek.

  • q.

    ISDE: investeringssubsidie duurzame energie en energiebesparing als bedoeld in titel 4.5 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.

  • r.

    Meldcode: code beschikbaar gesteld door de Minister.

  • s.

    Natuurvrij maken: het voorbereiden van isolatiewerkzaamheden om te voorkomen dat beschermde dieren, zoals vleermuizen en vogels, worden verstoord of gedood. Dit gebeurt volgens de landelijke richtlijnen voor natuurvriendelijk isoleren en wordt uitgevoerd door een deskundig bedrijf.

  • t.

    SpUk Lokale Aanpak Isolatie: Specifieke Uitkering (SpUk) vanuit het Nationaal Isolatie Programma van het ministerie van Binnenlandse Zaken voor gemeenten. Deze regeling is beschikbaar voor het financieren van lokale isolatieprogramma’s van gemeenten, en bedoeld voor het verbeteren van slecht geïsoleerde woningen van eigenaren die moeite hebben hun woning te verduurzamen.

  • u.

    Subsidieplafond: het bedrag dat de gemeente Laarbeek maximaal beschikbaar heeft op grond van de Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie.

  • v.

    Subsidieregeling: de Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek.

Artikel 2. Doel subsidieregeling

Het doel van deze regeling is het bevorderen van verduurzaming van slecht geïsoleerde woningen door het (gedeeltelijk) subsidiëren van energiebesparende isolatiemaatregelen en energiezuinige ventilatiemaatregelen, en daarmee de energielasten van de eigenaar-bewoners te verlagen.

Artikel 3. Doelgroep van de subsidie

Een subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan eigenaar-bewoners met een slecht geïsoleerde grondgebonden woning in de gemeente Laarbeek met een WOZ-waarde van maximaal € 477.000,- (op 1 januari 2022) en het bouwjaar tot en met 1991.

Artikel 4. Maatregelen die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Een subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor de uitvoering van één of meerdere energiebesparende isolatiemaatregelen eventueel in combinatie met energiezuinige ventilatiemaatregelen. Een energiezuinige ventilatiemaatregel komt alleen voor subsidie in aanmerking als deze wordt gecombineerd met minimaal één energiebesparende isolatiemaatregel.

  • 2.

    De eigenaar-bewoner kan de maatregelen als bedoeld in het eerste lid uitsluitend op één van de volgende manieren (laten) uitvoeren:

    • A.

      Op basis van de zelf-een-bedrijf-regelen-route voor het treffen van één of meerdere van de volgende energiebesparende isolatiemaatregelen:

      • I.

        Spouwmuurisolatie;

      • II.

        Schuin dakisolatie binnenzijde of zolder-/ vlieringvloerisolatie;

      • III.

        Vloer- of bodemisolatie;

      • IV.

        Glasisolatie, eventueel in combinatie met kozijnpaneel- of deurisolatie.

    • B.

      Op basis van de doe-het-zelf-route voor het treffen van één of meerdere van de volgende energiebesparende isolatiemaatregelen:

      • I.

        Gevelisolatie, excl. spouwmuurisolatie;

      • II.

        Schuin dakisolatie binnenzijde of zolder-/ vlieringvloerisolatie;

      • III.

        Vloer- of bodemisolatie;

      • IV.

        Glasisolatie, eventueel in combinatie met kozijnpaneel- of deurisolatie.

    • C.

      Op basis van terugwerkende kracht. Dit geldt enkel voor één of meerdere van de volgende energiebesparende isolatiemaatregelen die uitgevoerd zijn na 1 oktober 2023:

      • I.

        Spouwmuurisolatie;

      • II.

        Schuin dakisolatie binnenzijde of zolder-/ vlieringvloerisolatie;

      • III.

        Vloer- of bodemisolatie;

      • IV.

        Glasisolatie, eventueel in combinatie met kozijnpaneel- of deurisolatie.

De technische specificaties voor deze isolerende maatregelen zijn terug te vinden in bijlage 1.

Artikel 5. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Voor subsidie komen in aanmerking de in redelijkheid gemaakte directe kosten inclusief btw voor de uitvoering van een maatregel(en) als bedoeld in artikel 4.

  • 2.

    Er wordt geen subsidie verleend voor de aanschaf, huur of het gebruik van onder meer (elektrische) gereedschappen en ladders voor het monteren en plaatsen van de maatregelen als bedoeld in artikel 4.

  • 3.

    Met betrekking tot materiaalkosten komen alleen nieuwe, ongebruikte materialen die voor energiebesparing worden aangebracht voor subsidie in aanmerking (geen tweedehands en constructiematerialen of materialen voor de afwerking).

  • 4.

    Arbeidsuren zijn niet subsidiabel als de maatregel via doe-het-zelf wordt uitgevoerd.

Artikel 6. Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De hoogte van de subsidie als bedoeld in artikel 4, lid 2 onder A, B en C bedraagt 100% van de subsidiabele kosten, tot maximaal € 2.000,- inclusief BTW per slecht geïsoleerde woning.

  • 2.

    Het maximale bedrag in lid 1 wordt opgehoogd met € 500,- indien biobased isolatiemateriaal wordt toegepast.

  • 3.

    Indien de eigenaar-bewoner in 2022 energie armoede toeslag heeft ontvangen is de subsidie 100% van de subsidiabele kosten, tot maximaal € 3.000,- inclusief BTW per slecht geïsoleerde woning.

  • 4.

    Het maximale bedrag in lid 3 wordt opgehoogd met € 500,- indien biobased isolatiemateriaal wordt toegepast.

  • 5.

    De subsidie is te stapelen/combineren met andere subsidieregelingen zoals de landelijk beschikbare Investeringssubsidie Duurzaam Energie en Energiebesparing (ISDE). Het te verstrekken subsidiebedrag tezamen met die van andere subsidieregelingen bedraagt nooit meer dan 100% van de totale en daadwerkelijk gemaakte kosten.

Artikel 7. Subsidieplafond

  • 1.

    Voor de toekenning van subsidies geldt het volgende subsidieplafond: € 3.063.350.

  • 2.

    Het moment van ontvangst van een ontvankelijke en volledige aanvraag is bepalend voor de volgorde van binnenkomst en behandeling van aanvragen. Dit betreft tevens de verdeelwijze als bedoeld in artikel 4:26 tweede lid Algemene wet bestuursrecht.

  • 3.

    Als het subsidieplafond is bereikt, worden geen subsidieaanvragen meer in behandeling genomen. Daaronder vallen ook reeds ontvangen subsidieaanvragen waarover nog geen besluit is genomen.

Artikel 8. Subsidievoorwaarden

Om voor de subsidie in aanmerking te komen, dient aan alle navolgende criteria te worden voldaan:

  • 1.

    De maatregelen zoals gedefinieerd in artikel 4 komen alleen voor subsidie in aanmerking als de isolatiemaatregel wordt aangebracht op een slecht geïsoleerd bouwdeel van de woning.

  • 2.

    De eigenaar-bewoner heeft een grondgebonden koopwoning in Laarbeek met energielabel D, E, F of G. Heeft een woning geen geldig energielabel? Dan is de woning een slecht geïsoleerde woning als minimaal 2 bestaande bouwdelen niet of slecht zijn geïsoleerd. Zoals beschreven in artikel 1, onder e.

  • 3.

    De eigenaar-bewoner heeft een koopwoning in Laarbeek met een WOZ-waarde die op 1-1-2022 niet hoger was dan € 477.000. De WOZ-waarde is terug te vinden op www.woz-waardeloket.nl.

  • 4.

    De woning is legaal opgericht voor 1992 en voor bewoning bestemd.

  • 5.

    Het eindresultaat van de isolatie moet leiden tot een minimale isolatiewaarde zoals beschreven in bijlage 1. Dit kan door de aannemer/glaszetter in de offerte te laten verklaren welke isolatiewaarde bereikt wordt en bij doe-het-zelf werkzaamheden door productinformatie en toegepaste diktes van de materialen door middel van relevante foto’s aantoonbaar te maken.

  • 6.

    Per grondgebonden koopwoning kan aanspraak gemaakt worden op deze regeling tot het maximum is bereikt van € 2.000,- (of € 2.500,- in geval van biobased) per woning.

  • 7.

    Eigenaar-bewoners ontvangen alleen subsidie voor isolatie als zij dit laten uitvoeren door isolatiebedrijven die de training Natuurvrij maken hebben gevolgd en beschikken over het daarbij behorende certificaat (zie Externe link:Natuurvriendelijk isoleren).

  • 8.

    Eigenaar-bewoners ontvangen alleen subsidie voor isolatie indien er voldaan wordt aan de voorwaarden van de werkwijze van natuurvriendelijk isoleren óf (pre-) Soortenmanagementplan. Hierbij geldt dat het maximum percentage van de te isoleren woningvoorraad in die CBS-bevolkingskern nog niet bereikt mag zijn.

  • 9.

    Verder gelden de navolgende aanvullende voorwaarden voor specifieke isolerende maatregelen:

    • a.

      Eigenaar-bewoners ontvangen alleen subsidie voor isolerende deuren en/of isolerende panelen in kozijnen als zij dat in combinatie met HR++, triple- of vacuümglas toepassen.

    • b.

      Bij een doe-het-zelfmaatregel:

      • -

        komen alleen de kosten van isolatiemateriaal, dat op de Meldcodelijst isolatie ISDE staat, voor subsidie in aanmerking;

      • -

        moet dit isolatiemateriaal zijn aangeschaft bij Hubo Wilhelminaweg 5, 5741 HL in Beek en Donk, bij Bouwcenter Swinkels, Deense Hoek 8, 5737 PC in Lieshout of bij Aarlese Bouwmaterialen, Havenweg 17, 5735 SH in Aarle-Rixtel;

      • -

        wordt geen subsidie verstrekt voor spouwmuurisolatie;

      • -

        heeft de eigenaar-bewoner de met subsidie aangeschafte isolatiemaatregelen binnen 6 maanden op de juiste wijze aangebracht;

      • -

        levert de eigenaar-bewoner na het uitvoeren van de isolatiemaatregelen bewijslast aan door middel van foto’s van de uitgevoerde maatregel en een kopie van de factuur van de aangeschafte materialen.

Artikel 9. Aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling kan vanaf 1 september 2026 worden ingediend.

  • 2.

    Een aanvraag kan worden ingediend voor reeds uitgevoerde isolatiewerkzaamheden die zijn uitgevoerd na 1 oktober 2023.

  • 3.

    De aanvraag wordt ingediend via de website van de gemeente.

  • 4.

    De aanvraag is volledig voor vaststelling van subsidie wanneer het college beschikt over de volgende informatie:

    • a.

      naam aanvrager, adresgegevens en routekeuze;

    • b.

      energielabel (of inzicht geven in welke bouwdelen nog te isoleren zijn);

    • c.

      WOZ-waarde op 1-1-2022;

    • d.

      bouwjaar;

    • e.

      vermelding van de hoeveelheid van het te isoleren of al geïsoleerde oppervlakte in m2 per maatregel;

    • f.

      meldcodes en isolatiewaarden van het gebruikte isolatiemateriaal;

    • g.

      foto’s van vóór, tijdens en na de werkzaamheden;

    • h.

      IBAN rekeningnummer waarop de subsidie kan worden uitbetaald d.m.v. kopie bankpas;

    • i.

      een factuur van het bouwbedrijf waaruit de uit te voeren maatregelen, de kosten, de isolatiewaarden en netto oppervlakte van de isolatiemaatregelen in m2 zijn af te lezen (conform de door het Rijk gestelde eisen te vinden in bijlage 1);

    • j.

      natuurvriendelijk isoleren garantie van het isolatiebedrijf;

    • k.

      in geval van doe-het-zelf: een factuur van de aangeschafte materialen en oppervlakte voor de aan te brengen isolatiemaatregel(en);

    • l.

      een betaalbewijs.

Artikel 10. Directe subsidievaststelling

  • 1.

    Conform het bepaalde in artikel 9, lid 1 van de Algemene subsidieverordening Laarbeek, neemt het college op een aanvraag om een subsidie op grond van deze subsidieregeling, direct een besluit tot vaststelling van de subsidie, dus zonder voorafgaande beschikking tot subsidieverlening.

  • 2.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 6, lid 2 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Laarbeek hoeft de aanvraag niet uiterlijk zes weken voorafgaand aan de activiteit te worden ingediend.

  • 3.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 10, lid 2 onder b kan een subsidie op grond van deze regeling met terugwerkende kracht tot 1 oktober 2023 ingediend worden.

Artikel 11. Beslistermijn

  • 1.

    Het college neemt binnen 4 weken na ontvangst van de volledige aanvraag een beslissing over de vaststelling van de subsidie.

  • 2.

    Het college kan de beslissing voor ten hoogste twee weken verdagen, indien de gecompliceerdheid van de aanvraag een verlenging rechtvaardigt. Van de verdaging wordt voor de afloop van de eerste termijn schriftelijk gemotiveerd mededeling gedaan aan de aanvrager.

Artikel 12. Beslissing op de aanvraag

  • 1.

    Het college toetst volledige aanvragen op de relevante bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht, Algemene Subsidieverordening Laarbeek en bepalingen van deze subsidieregeling c.q. de Wet natuurbescherming.

  • 2.

    Het college kan een controle uitvoeren. Indien bij de controle blijkt dat de activiteiten niet of niet geheel zijn verricht conform de aanvraag of anderszins niet is voldaan aan enige bepaling van deze subsidieregeling, kan het college de subsidie intrekken ofwel ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen en overgaan tot het terugvorderen van de teveel betaalde subsidie.

  • 3.

    Alvorens tot terugvordering te besluiten, stelt het college de subsidieontvanger in de gelegenheid binnen een termijn van vier weken alsnog de projectactiviteiten uit te voeren conform de ingediende aanvraag respectievelijk subsidieverplichtingen alsnog na te komen, tenzij aanstonds duidelijk is dat de verlangde prestatie blijvend onmogelijk is.

Artikel 13. Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger is verplicht:

    • a.

      Originele facturen en andere bewijsstukken ten minste vijf jaren te bewaren na vaststelling van de subsidie;

    • b.

      Medewerking te verlenen aan steekproefsgewijze controles, al dan niet ter plaatse, door of vanwege het college.

Artikel 14. Weigeringsgronden

Onverminderd het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening Laarbeek, kan het college de subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren indien:

  • a.

    Reeds eerder dezelfde subsidie uit hoofde van deze subsidieregeling is verstrekt door het college, waarbij het maximaal toe te kennen subsidiebedrag van € 2.000,- en in geval van biobased isolatiemateriaal € 2.500,- is bereikt.

  • b.

    De subsidie hoger is dan de werkelijk gemaakte kosten na aftrek van andere aangevraagde of verleende subsidies voor dezelfde subsidiabele activiteiten.

  • c.

    De kosten voor de uitvoering van de voorzieningen waarvoor een subsidieaanvraag wordt gedaan naar het oordeel van het college niet in redelijke verhouding staan tot het beoogde resultaat.

  • d.

    De activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd niet bijdragen aan de realisatie van het doel van de regeling.

  • e.

    De maatregel waarvoor subsidie wordt aangevraagd een nieuw element aan de woning toevoegt en niet dient ter vervanging van een verouderde maatregel.

  • f.

    Niet voldaan wordt aan de voorwaarden om voor subsidie in aanmerking te komen als bedoeld in artikel 8 van deze subsidieregeling.

  • g.

    Isolatiemaatregel niet is uitgevoerd door bedrijven met een natuurvriendelijk isoleren keurmerk.

  • h.

    De maatregel zonder bijzondere inspanning terug te draaien is.

  • i.

    Het subsidieplafond is bereikt.

Artikel 15. Uitbetaling.

  • 1.

    Het college gaat uiterlijk binnen 4 weken na vaststelling van de subsidie als bedoeld in artikel 11, over tot betaling van het subsidiebedrag.

Artikel 16. Hardheidsclausule

Het college is bevoegd af te wijken van deze regeling indien bijzondere omstandigheden een strikte toepassing van deze regeling naar het oordeel van het college zou leiden tot een onredelijke beslissing.

Artikel 17. Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na de wettelijke bekendmaking en werkt terug tot 1 oktober 2023, voor zover het subsidies betreft als bedoeld in artikel 4, lid 2, onder D van deze subsidieregeling.

  • 2.

    Deze subsidieregeling heeft een looptijd tot en met 31 december 2028, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op aanvragen die al voor die datum zijn ingediend en waarop nog niet is beslist of al wel een beslissing is genomen, maar die nog niet onherroepelijk is geworden.

Artikel 18. Citeertitel

Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie Laarbeek.

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek. In de vergadering van: 30 juni 2026

Het college van burgemeester en wethouders,

gemeentesecretaris

J.W.M. van de Ven

burgemeester

L.A.G.P. van der Aa

Bijlage 1 Maatregelenlijst

 

Nr.

Isolatie maatregelen

Criterium

1

Gevelisolatie

  • 1.

    U kunt kiezen voor gevelisolatie door voorzetwand aan de binnenzijde van de buitengevel aan te brengen of door isolatie aan de buitenzijde van de buitengevel aan te brengen.

  • 2.

    U moet minimaal 10 m2 gevel hebben laten isoleren. Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 3,5 [m2 K/w].

  • 3.

    De nieuwe isolatie moet voldoende dik zijn aangebracht om aan de isolatiewaarde te voldoen. U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

  • 4.

    Het isoleren van binnenmuren en scheidingswanden komt niet in aanmerking voor subsidie.

2

Spouwmuurisolatie

  • 1.

    U moet minimaal 10m2 spouwmuur isoleren.

  • 2.

    Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 1,1 [m2 K/w].

  • 3.

    U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

  • 4.

    U laat de isolatiemaatregelen uitvoeren door een gespecialiseerd bedrijf met natuurvriendelijk isoleren keurmerk.

3

Vloerisolatie

  • 1.

    U heeft geïsoleerd door een laag isolatiemateriaal tegen de onderkant of aan de bovenkant van een bestaande vloer aan te brengen.

  • 2.

    U moet minimaal 20 m2 van de bestaande vloer isoleren.

  • 3.

    Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 3,5 [m2 K/w].

  • 4.

    De nieuwe isolatie moet voldoende dik zijn aangebracht om aan de isolatiewaarde te voldoen. U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

  • 5.

    Het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR is uitgevoerd met HFK-vrije blaasmiddelen.

4

Bodemisolatie

  • 1.

    U heeft geïsoleerd door een laag isolatiemateriaal op de bodem van de kruipruimte aan te brengen.

  • 2.

    Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 3,5 [m2 K/w].

  • 3.

    U moet minimaal 20 m2 van de bestaande bodem isoleren.

  • 4.

    De nieuwe isolatie moet voldoende dik zijn aangebracht om aan de isolatiewaarde te voldoen. U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

  • 5.

    Het aanbrengen van lokaal gespoten PIR of PUR is uitgevoerd met HFK-vrije blaasmiddelen.

5

Dakisolatie

  • 1.

    Bij dakisolatie kiest u het isoleren van het bestaande dak aan de binnen- of buitenzijde van het dak.

  • 2.

    U moet minimaal 20 m2 van het bestaande dak isoleren.

  • 3.

    Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 3,5 [m2 K/w].

  • 4.

    De nieuwe isolatie moet voldoende dik zijn aangebracht om aan de isolatiewaarde te voldoen. U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

6

Zolder- of vlieringvloerisolatie

  • 1.

    De zolder of vliering moet onverwarmd zijn om voor subsidie in aanmerking te komen. Dit betekent dat er geen voorzieningen aanwezig mogen zijn waarmee u de zolder verwarmt, ook al gebruikt u die voorzieningen (bijna) niet.

  • 2.

    U moet minimaal 20 m2 van de bestaande zolder- vlieringvloer isoleren.

  • 3.

    Het nieuw aangebrachte isolatiemateriaal moet een minimale isolatiewaarde (Rd-waarde) hebben van 3,5 [m2 K/w].

  • 4.

    De nieuwe isolatie moet voldoende dik zijn aangebracht om aan de isolatiewaarde te voldoen. U mag de dikte van isolatie dat al aanwezig was vóór het uitvoeren van de isolatiemaatregel niet meerekenen om aan de minimale isolatiewaarde te voldoen.

7

Triple glas

  • 1.

    Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2.

  • 2.

    U geeft alleen het aantal m2 op die oude ramen, panelen of deuren vervangen. Glas wat bijvoorbeeld is geplaatst in een raam waar eerder een gevel zat komt niet in aanmerking.

  • 3.

    De isolatiewaarde (U-waarde) voor het Triple glas is maximaal 0,7 W/m2K.

  • 4.

    Bij de toepassing van Triple glas moet u verplicht ook de kozijnen vervangen door isolerende kozijnen met een Uf-waarde van maximaal 1,5 W/m2K.

  • 5.

    Als u heeft geïnvesteerd in HR++ glas, Triple glas, isolerende panelen en deuren dan geldt dit als één maatregel. De oppervlaktes worden bij elkaar opgeteld in het aanvraagformulier om te bepalen of u aan de oppervlakte-eisen voldoet.

8

HR++ glas

  • 1.

    Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2.

  • 2.

    U geeft alleen het aantal m2 op die oude ramen, panelen of deuren vervangen. Glas wat bijvoorbeeld is geplaatst in een raam waar eerder een gevel zat komt niet in aanmerking.

  • 3.

    De isolatiewaarde van het HR++ glas (U-waarde) is maximaal 1,2 W/m2K nodig.

  • 4.

    Als u heeft geïnvesteerd in HR++ glas, Triple glas, isolerende panelen en deuren dan geldt dit als één maatregel. De oppervlaktes worden bij elkaar opgeteld in het aanvraagformulier om te bepalen of u aan de oppervlakte-eisen voldoet.

  • 5.

    Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2. Het oppervlak van het HR++ glas telt hierin mee.

9

Isolerend paneel in kozijn

  • 1.

    Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2.

  • 2.

    U krijgt alleen subsidie voor een isolerend paneel in een kozijn als u ook HR++-glas of Triple glas heeft laten aanbrengen

  • 3.

    U kunt bij HR++ glas en Triple glas een isolerend paneel toepassen met een lage isolatiewaarde (Ud-waarde) van maximaal 1.2 W/m2K of met een hoge isolatiewaarde van maximaal 0,7 W/m2K.

  • 4.

    Past u een isolerend paneel in een kozijn toe met de hoge isolatiewaarde van maximaal 0,7 W/m2K dan moet u een verklaring van het bouwbedrijf meesturen om dit aan te tonen.

  • 5.

    Als u heeft geïnvesteerd in HR++ glas, Triple glas, isolerende panelen en deuren dan geldt dit als één maatregel. De oppervlaktes worden bij elkaar opgeteld in het aanvraagformulier om te bepalen of u aan de oppervlakte-eisen voldoet. Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2. Het oppervlak van het isolerende paneel telt hierin mee.

10

Isolerende deur

  • 1.

    U krijgt alleen subsidie voor een isolerende deur als u ook HR++-glas of Triple glas heeft laten aanbrengen.

  • 2.

    U kunt bij HR++ glas en Triple glas een isolerende deur toepassen met een lage isolatiewaarde (Ud-waarde) van maximaal 1.5 W/m2K of met een hoge isolatiewaarde van maximaal 1,0 W/m2K.

  • 3.

    Past u een isolerende deur toe met de hoge isolatiewaarde van maximaal 1,0 W/m2K dan moet u een verklaring van het bouwbedrijf meesturen om dit aan te tonen. U krijgt dan het hogere subsidiebedrag voor het Triple glas.

  • 4.

    Als u heeft geïnvesteerd in HR++ glas, Triple glas, isolerende panelen en deuren dan geldt dit als één maatregel. De oppervlaktes worden bij elkaar opgeteld in ons aanvraagformulier om te bepalen of u aan de oppervlakte-eisen voldoet. Het minimaal geïsoleerde oppervlak bedraagt 3 m2. Het oppervlak van de isolerende deur telt hierin mee.

11.

Ventilatiesysteem

  • 1.

    Een (bouw)installatiebedrijf voert de volledige installatie uit. De installatie mag u niet zelf uitvoeren.

  • 2.

    U krijgt alleen subsidie voor ventilatie als u de ventilatiemaatregel combineert met een of meer isolatiemaatregelen.

  • 3.

    De ventilatie-unit is een nieuw product. Voor een tweedehands of gebruikt product krijgt u geen subsidie.

  • 4.

    U kunt subsidie krijgen voor een van de 3 typen ventilatie-units. Lees de verschillende voorwaarden per type ventilatie-unit hieronder.

    • -

      Centrale CO2-gestuurde afzuigventilator:

      • De ventilatie-unit heeft een minimale capaciteit van meer dan 125 m3/h.

      • De ventilatie-unit heeft minimaal 2 CO2-sensoren.

    • -

      Centrale balansventilatie met warmteterugwinning (WTW-unit):

      • De ventilatie-unit heeft een minimaal rendement van 85%.

      • De ventilatie-unit heeft een minimale capaciteit van 125 m3/h.

    • -

      Decentrale balansventilatie met warmteterugwinning (WTW-unit):

      • De ventilatie-unit wint warmte terug uit afgevoerde lucht door een recuperatieve warmtewisselaar.

      • De ventilatie-unit heeft een minimaal rendement van 80%.

      • De ventilatie-unit heeft een minimale capaciteit van 80 m3/h.

Naar boven