Gemeenteblad van Hoorn
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoorn | Gemeenteblad 2026, 340567 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoorn | Gemeenteblad 2026, 340567 | ander besluit van algemene strekking |
Definitief aanwijzingsbesluit voor 16 bestaande ondergrondse containers en 18 te plaatsen bovengrondse GFE-cocons nabij hoog- en stapelbouw in de binnenstad, gemeente Hoorn
Definitief aanwijzingsbesluit voor 16 bestaande ondergrondse containers en 18 te plaatsen bovengrondse GFE-cocons nabij hoog- en stapelbouw in de binnenstad, gemeente Hoorn
In artikel 10.26 van de Wet milieubeheer staat dat gemeenten, in het belang van de doelmatigheid, huishoudelijke afvalstoffen mogen inzamelen nabij elk perceel.
In artikel 10 van de Afvalstoffenverordening 2020 van de gemeente Hoorn in combinatie met artikel 6 van het Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening 2020 gemeente Hoorn wordt aangegeven dat het college aanwijst via welk al dan niet van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt. Daarbij wordt rekening gehouden met een aantal aandachtspunten. In het aanwijzingsbesluit worden deze aandachtspunten besproken en gemotiveerd waarom de voorgestelde locaties zijn gekozen.
Er wordt gekozen voor inzameling door middel van een ondergrondse containers voor huishoudelijk restafval en er wordt gekozen voor bovengrondse cocons voor huishoudelijk GFT/GFE afval.
Dit aanwijzingsbesluit is voor de binnenstad van de gemeente Hoorn, dit betreft een groot gedeelte van het postcodegebied 1621.
In dit definitiefbesluit wordt ten aanzien van de definities aangesloten bij de definities zoals omschreven in de Afvalstoffenverordening 2020 gemeente Hoorn en het Uitvoeringsbesluit 2020 en diens rechtsopvolgers.
Aangewezen locaties ondergrondse containers voor rest en bovengrondse GFE cocons
*: Aantal adressen is per (verzamel)locatie die toegang hebben tot de OGC/GFE-cocon
Voor een aantal locaties zijn kleine wijzingen doorgevoerd, dit heeft vooral met praktische overwegingen te maken zodat GFE-cocons altijd makkelijk bereikbaar zijn voor zowel gebruikers als de ophaalservice. Hierbij worden andere belanghebbenden en gebruikers niet méér benadeeld.
Bij het plaatsen van inzamelvoorzieningen op grond van artikel 10, eerste lid, van de verordening wordt, indien van toepassing rekening gehouden met een aantal aandachtspunten. Hieronder worden deze aandachtspunten beschreven en toegelicht op welke wijze er rekening mee is gehouden.
1. De fysieke bereikbaar van de voorziening voor gebruikers
De nu al aanwezige ondergrondse containers zijn al in een eerder stadium getoetst aan gewenste loopafstanden. Omdat gebruikers al gewend zijn aan deze locaties is het van belang om de betreffende GFE-cocons bij een al reeds aanwezige ondergrondse container te plaatsen.
1. De fysieke geschiktheid van de locatie en zijn omgeving.
In alle gevallen is rekening gehouden met de noodzakelijke verkeersveiligheid gedurende het periodiek ledigen van de containers op de locaties. Enig overlast voor het verkeer is daarbij onvermijdelijk. Belangrijke toegangsroutes naar de binnenstad voor fietsers zijn zoveel mogelijk ontzien.
Het beperken van overlast en voorkomen van schade.
Deskundigen binnen de gemeente op het gebied van stedelijk beheer, historisch erfgoed, bruggen en kades en openbaar groen (bomen) zijn betrokken geweest bij de aanwijzing van de locaties. Met hun adviezen is rekening gehouden.
2. Voldoende laagdrempeligheid wat betreft toegankelijkheid.
Bij de realisatie van de plaatsing van de containers zal rekening worden gehouden met de gewenste toegankelijkheid voor gebruikers. Waar nodig zal daarbij ook gebruikgemaakt worden van inritbanden.
3. De voorziene aanpassing van de omgeving.
Met stedelijk beheer zal de inpassing en realisatie van de locaties worden afgestemd met aandacht voor een goede inpassing in de betreffende stedelijke omgeving.
4. Doelmatige bedrijfsvoering van de inzameldienst.
Daar waar de capaciteit van de container vergroot moet worden in verband met het aantal aangewezen gebruikers, zal deze capaciteit vergroot worden door de container te voorzien van perscontainers. Daarnaast zal de inzameldienst het aantal ledigingen per week afstemmen op de geconstateerde vullingsgraad.
5. Gezichtsbepalende objecten in historische kernen.
De binnenstad van Hoorn heeft de status van rijks beschermd stadsgezicht. De bescherming heeft tot doel het typerende karakter, ook voor de toekomst, te waarborgen. Het historische karakter van de gebouwen en de openbare ruimte zijn van hoge waarde voor de ruimtelijke kwaliteit van de binnenstad.
Belangrijk is om toenemende ruimtevragers, zoals containers voor afvalinzameling, zorgvuldig in te passen. Hierbij dient niet alleen rekening gehouden te worden met de locatie van de containers, maar is ook de vormgeving en inpassing in de openbare ruimte van de containers van belang.
De inpassing van iedere container is per locatie maatwerk. Per locatie moet worden beoordeeld welke ruimtelijke aanpassingen noodzakelijk zijn om de containers zo goed mogelijk in het straat- en bebouwingsbeeld op te nemen. Deze aanpassingen zijn voorwaardelijk voor een goede plaatsing. In sommige gevallen dient er alleen een aanpassing gedaan te worden aan het straatwerk dat dient aan te sluiten op de bestaande materialisatie. Wanneer containers in of nabij groen worden geplaatst, zullen ze worden voorzien van een haag of andere groene inpassing, waarbij het bestaande groen zoveel mogelijk behouden blijft of gecompenseerd wordt.
Voor de eenduidigheid van de aangewezen locaties en het gebruik van beide containers is ervoor gekozen om de bovengrondse GFE-cocons in een straal van 5 meter rondom de restafvalcontainers te plaatsen. Hiermee is de plaatsing van de bovengrondse GFE-cocon gebonden aan de locatiekeuze van de restafvalcontainers.
In sommige gevallen is het niet wenselijk de ondergrondse container en bovengrondse GFE-cocon naast elkaar te plaatsen. Daarom wordt per plek bekeken wat de beste oplossing is. Dit geldt ook voor de locaties aan de Grote Noord. Daarom komen de twee gewenste GFE-cocons aan de Nieuwe Noord, en niet naast de nieuwe ondergrondse containers aan de Grote Noord.
De Grote Noord is een belangrijke straat voor bezoekers van Hoorn. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is het niet wenselijk om hier ondergrondse containers te plaatsen. Veel woningen aan de Grote Noord hebben hun ingang via straten erachter, zoals het Achterom en de Nieuwe Noord. De ondergrondse containers zijn alleen bedoeld voor bewoners en niet voor bezoekers. Omdat veel bezoekers in deze straat lopen en verblijven, werd dit niet passend gevonden.
Toch is door grote beperkingen in de grond aan het Achterom en door de bereikbaarheid aan de Nieuwe Noord besloten om hier twee ondergrondse containers te plaatsen. Voor het legen van deze containers is namelijk een grotere wagen nodig.
Om te voorkomen dat de Grote Noord rommeliger wordt, is geadviseerd om de bovengrondse GFE-cocons wel aan de Nieuwe Noord te plaatsen. Deze cocons zijn niet afhankelijk van de situatie in de grond. Ook worden ze geleegd met een kleiner voertuig, waardoor deze plekken beter bereikbaar zijn. Zo blijft de impact op de winkelstraat kleiner en staan de GFE-cocons beter ten opzichte van de ingangen van woningen.
Naast de inpassing is ook de kleurstelling van de (ondergrondse) container en onderliggende traanplaat belangrijk voor een goede inpassing in het straat- en bebouwingsbeeld. In de historische binnenstad wordt gewerkt met een standaardkleur, namelijk RAL6012 (groen) zodat deze goed aansluiten op het overige straatmeubilair. De traanplaat wordt in staal uitgevoerd.
Uniforme openbare voorbereidingsprocedure
Gekozen is om de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing te verklaren. Gelet op artikel 3:10 van de Algemene wet bestuursrecht is met dit besluit deze procedure toepassing verklaard. De reden hiervoor is dat het besluit een grote doelgroep raakt en door toepassing van deze procedure met veel zorgvuldigheid het aanwijzingsbesluit kan worden voorbereid. Zoveel mogelijk is ter voorbereiding op het ontwerp aanwijzingsbesluit al door bewonersavonden en voorlichting rekening gehouden met de vele belangen die spelen in de beperkte publieke ruimte in de historische binnenstad. Het definitieve besluit wordt bekend gemaakt.
Bent u het niet eens met dit besluit? En bent u belanghebbende? Dan kunt u binnen zes (6) weken na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt in het Gemeenteblad een beroepschrift sturen aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Hiervoor dient u een bedrag aan griffierecht te betalen.
Verzoek om voorlopige voorziening
Het indienen van een beroepschrift schort de werking van dit besluit niet op. Kunt u de behandeling van uw beroepschrift niet afwachten? Dan kunt u de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoekschrift stuurt u aan de Raad van State, ter attentie van de Voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. Voor het doen van een verzoek tot voorlopige voorziening zijn griffierechten verschuldigd.
Het college van Burgemeester en Wethouders
de secretaris, de burgemeester,
Bijlage 1; uitwerking OGC bestaand en GFE cocons binnenstad en Bijlage 3; Zienswijzeverslag zijn terug te vinden onder wetstechnische informatie onder externe bijlagen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-340567.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.