Gemeente Zwijndrecht – Verkeersbesluit instellen van een verbod voor vrachtverkeer, bussen en landbouwvoertuigen op de stadsbrug naar Dordrecht.

 

De wethouder verkeer en vervoer neemt hierbij het volgende verkeersbesluit:

  • 1.

    Het instellen van een verbod voor vrachtverkeer en bussen/touringcars (met uitzondering van lijnbussen) en land- en bosbouwverkeer op de Stadsbrug Zwijndrecht - Dordrecht;

  • 2.

    Het uitvoeren van dit besluit door het plaatsen van borden C07b en C08 van bijlage 1 van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “uitgezonderd lijnbussen” op de toegangsweg (Brugweg) van de brug;

  • 3.

    Dit besluit in werking te laten treden op 3 juni 2026;

  • 4.

    Voor de periode van de afsluiting van de N3 (Papendrechtsebrug) komt het inrijverbod voor land- en bosbouwverkeer te vervallen voor tractoren onder de 20 ton door onder het bord C08 een onderbord te plaatsen “uitgezonderd tractoren tot 20 ton”;

  • 5.

    De uitzondering genoemd onder 4 in te laten gaan op 15 juli 2026 en te laten vervallen (en de genoemde extra onderborden te verwijderen) zodra de Papendrechtsebrug weer toegankelijk is na de werkzaamheden in april 2027;

  • 6.

    De besluiten te laten vervallen zodra Rijkswaterstaat de brug volledig afsluit voor openbaar verkeer in het kader van de reconstructie die gepland is te starten in 2030.

en overweegt daartoe het volgende.

 

Wettelijk kader

Dit verkeersbesluit is gebaseerd op het artikel 15 lid 1, artikel 18, lid 1, sub d, van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer.

Het besluit wordt genomen om de veiligheid op de weg te verzekeren en de bruikbaarheid van de weg in stand te houden (artikel 2 lid 1 onder a en c van de Wegenverkeerswet 1994).

Mandaat

Burgemeester en wethouders hebben op 10 januari 2017 besloten de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten te mandateren aan het lid van het college dat is belast met verkeer en vervoer.

Overleg

Gelet op artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de Politie Eenheid Rotterdam District Zuid-Holland Zuid inzake de handhaafbaarheid. De politie heeft aangegeven akkoord te gaan met dit besluit.

Motivering

  • 1.

     

    • 1.

      De stadsbrug Zwijndrecht – Dordrecht in het beheer is van Rijkswaterstaat en de aanlanding (Brugweg) in het beheer is van Zwijndrecht;

    • 2.

      Voor de renovatie van de stadsbrug Zwijndrecht – Dordrecht (vanaf 2030) is de afgelopen maanden onderzoek gedaan naar de restlevensduur van de brug, en dan specifiek naar de vakwerkbrug en plaatliggerbrug. Hieruit is gebleken dat zowel de vakwerkbrug als de plaatliggerbrug te maken hebben met verschillende problemen in zowel de stalen als de betonnen constructieve elementen. De betonnen rijdekken zijn einde technische levensduur omdat er wapeningscorrosie aanwezig is. De staalconstructie van de vakwerkbrug kampt met een aantal problemen op het gebied van statische sterkte en vermoeiing. Zo voldoen de dwarsdragers nabij de eindportalen niet aan de gestelde eisen, net als een aantal verbindingen tussen dwarsdragers en vakwerkliggers. Dit betekent dat de brug in zeer slechte staat is;

    • 3.

      Hierdoor is door Rijkswaterstaat (HID en directeur regio WNZ) besloten dat op zeer korte termijn de brug afgesloten moet worden voor vrachtverkeer en touringcars (met uitzondering van lijnbussen) en land- en bosbouwverkeer, En dat per 3 juni 2026. Door het vrachtverkeer en het land- en bosbouwverkeer van de brug te weren wordt de kans op bezwijken van constructieve elementen van de vakwerkbrug en plaatliggerbrug waarschijnlijk in voldoende mate verlaagd. Daarnaast wordt de brug jaarlijks geïnspecteerd om de staat van de brug goed te monitoren en eventueel andere maatregelen te kunnen nemen;

    • 4.

      Voorrangsvoertuigen van hulpdiensten zijn te allen tijde toegestaan op de brug met de geldende landelijke vrijstelling;

    • 5.

      Zodra Rijkswaterstaat de brug volledig afsluit voor openbaar verkeer voor de renovatiewerkzaamheden is het besluit niet meer nodig en wordt dit verkeersbesluit automatisch ingetrokken;

    • 6.

      Het is van belang voor de leefbaarheid van de bewoners dat de brug open blijft voor het autoverkeer tussen Zwijndrecht en Dordrecht door te laten gaan.

    • 7.

      Aangezien verkeersdeelnemers altijd uit moeten kunnen gaan van de aanwezige bebording en markering wordt de inwerkingtreding van het verkeersbesluit hieraan gekoppeld.

Belangenafweging

Gezien het bovenstaande is het college van mening dat het belang om deze weg af te sluiten voor vrachtverkeer, bussen en landbouwverkeer, dient te prevaleren boven de belangen van overige belanghebbenden.

 

Burgemeester en wethouders, namens dezen,

J.R. Pardo Kruidenier

Wethouder Mobiliteit, Verkeer en Vervoer

d.d. 9 juli 2026

 

Bezwaar op dit verkeersbesluit

 

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit bezwaar maken. U doet dat door een brief te sturen aan:

het college van burgemeester en wethouders van Zwijndrecht

t.a.v. Commissie bezwaarschriften

Postbus 15

3330 AA Zwijndrecht.

Dit moet gebeuren binnen 6 weken na officiële bekendmaking van het besluit of na de dag van toezending van het besluit aan de aanvrager van dit verkeersbesluit.

 

Uw brief moet tenminste bevatten:

Uw naam en adres

Een datum

Een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt

De reden(en) van uw bezwaar

Uw handtekening.

 

 

Voorlopige voorziening

 

Als u bezwaar hebt gemaakt kunt u, indien – gelet op de betrokken belangen – onverwijlde spoed dat vereist, een voorlopige voorziening (= voorlopig oordeel van de rechter) aanvragen. U doet dat door een brief te sturen aan:

de Voorzieningenrechter van de Rechtbank, Bestuursrecht

Postbus 50951

3007 BM Rotterdam

 

Uw brief moet tenminste bevatten:

Uw naam en adres

Een datum

Een omschrijving van het besluit waartegen u een voorlopige voorziening aanvraagt

De reden(en) waarom u een voorlopige voorziening nodig heeft

Uw handtekening.

 

Aan een aanvraag om een voorlopige voorziening zijn wel kosten verbonden. Voor natuurlijke personen (individuen) is dat € 200,-- en voor rechtspersonen (bijvoorbeeld bedrijven) is dat € 397,--.

 

Naar boven