Gemeenteblad van Maastricht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Maastricht | Gemeenteblad 2026, 334383 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Maastricht | Gemeenteblad 2026, 334383 | beleidsregel |
Bankreglement Kredietbank Limburg
HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
Voor de toepassing van het bij of krachtens dit reglement bepaalde wordt verstaan onder:
HOOFDSTUK II DOEL, TAAKSTELLING, BEHEER EN TOEZICHT
In overeenstemming met artikel 4:37 lid 2 van de Wet wordt het toezicht op de naleving van het bankreglement uitgevoerd door het algemeen bestuur van de Kredietbank, immers de Kredietbank is opgericht door middel van het treffen van een gemeenschappelijke regeling en heeft een publiekrechtelijke rechtsvorm.
Artikel 7 Klachtenprocedure (art. 4:17 Wft)
De Kredietbank draagt zorg voor een adequate behandeling van klachten van klanten over financiële diensten, financiële producten en andere producten van de Kredietbank. De Kredietbank beschikt daartoe over een interne klachtenprocedure, gericht op een spoedige en zorgvuldige behandeling van klachten.
HOOFDSTUK IV FINANCIËLE DIENSTVERLENING
De artikelen 9 tot en met 16 zijn alleen van toepassing op financiële diensten en financiële producten waarop de Wet van toepassing is.
Artikel 11 Integere en beheerste bedrijfsvoering (art. 4:11, 4:13, 4:15, 4:15a Wft)
De Kredietbank ziet erop toe dat de Kredietbank of haar medewerkers in de uitvoering van hun taken integer handelen en geen handelingen verrichten die het vertrouwen in de Kredietbank of in de financiële markten kunnen schaden, waaronder wordt verstaan het tegengaan dat de medewerkers strafbare feiten of andere wetsovertredingen begaan.
De Kredietbank is niet met personen verbonden in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur die in zodanige mate ondoorzichtig is dat deze een belemmering vormt of kan vormen voor het adequaat uitoefenen van toezicht op de Kredietbank. En de Kredietbank is niet met personen verbonden in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur, op wie recht van toepassing is van een staat die geen EU-lidstaat is voor zover dat een belemmering vormt of kan vormen voor het adequaat uitoefenen van toezicht op de Kredietbank.
De Kredietbank beschikt over procedures en maatregelen die waarborgen dat werknemers die werkzaam zijn onder haar verantwoordelijkheid en wier werkzaamheden het risicoprofiel van de Kredietbank wezenlijk kunnen beïnvloeden of die zich rechtstreeks bezighouden met het verlenen van financiële diensten, een eed of belofte afleggen in lijn met de eed of belofte zoals bedoeld in de Regeling eed of belofte financiële sector 2015.
Artikel 12 Zorgvuldig informatie- en communicatiebeleid (art. 4:19, 4:20 Wft)
De Kredietbank draagt er zorg voor dat de door of namens haar verstrekte of beschikbaar gestelde informatie ter zake van een financieel product of financiële dienst, waaronder reclame-uitingen, geen afbreuk doet aan de bij of krachtens de Wet aan de klant te verstrekken of beschikbaar te stellen informatie.
De Kredietbank verstrekt de klant gedurende de looptijd van een overeenkomst inzake een financieel product of een financiële dienst tijdig informatie over wezenlijke wijzigingen in de informatie bedoeld in het derde lid van dit artikel, voor zover deze informatie redelijkerwijs relevant is voor de klant dan wel informatie over bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen andere onderwerpen.
Paragraaf 1 Inleidende bepalingen
Artikel 19 Formulier standaardinformatie inzake consumptief krediet (art. 4:33 Wft)
In het geval dat de klant heeft verzocht de kredietovereenkomst tot stand te laten komen met gebruikmaking van een techniek voor communicatie op afstand waardoor de in lid 1 bedoelde informatie niet schriftelijk of op een duurzame drager kan worden verstrekt voorafgaand aan de totstandkoming van de kredietovereenkomst, verstrekt de Kredietbank de informatie aan de klant onmiddellijk na de totstandkoming van de kredietovereenkomst.
Paragraaf 3 Kredietovereenkomst
Artikel 24 Inhoud van de kredietovereenkomst
Elke kredietovereenkomst dient op papier of een andere duurzame drager te zijn vastgelegd en dient in ieder geval op duidelijke en beknopte wijze te vermelden:
de eventuele kosten voor het aanhouden van één of meer rekeningen voor de boeking van zowel betalingen als kredietopnemingen, tenzij het openen van een rekening facultatief is, tezamen met de kosten voor het gebruik van een betaalmiddel voor zowel betalingen als kredietopnemingen, andere uit de kredietovereenkomst voortvloeiende kosten, alsmede de voorwaarden waaronder de kosten worden gewijzigd;
het al dan niet bestaan van het recht van ontbinding van de kredietovereenkomst en de termijn voor de uitoefening daarvan, alsmede andere uitoefeningsvoorwaarden, zoals informatie over de verplichting voor de klant om het krediet aan de Kredietbank terug te betalen binnen 30 kalenderdagen vermeerderd met de over het krediet eventueel verschuldigde kredietvergoeding tot het moment dat het krediet wordt terugbetaald;
Paragraaf 4 Betalingsregeling (maandlast) en vervroegde aflossing
Artikel 31 Kredietvergoeding (art 7:76 BW)
Indien een krediet met een van tevoren vastgelegde kredietsom c.q. kredietlimiet is overeengekomen kunnen door de Kredietbank enkel vergoedingen in rekening worden gebracht:
Paragraaf 6 Opeisbaarheid en kwijtschelding
Artikel 33 Vervroegde opeisbaarheid (art. 7:77 BW)
De Kredietbank is bevoegd het krediet vervroegd op te eisen, indien:
de klant aan de Kredietbank, met het oog op het aangaan van de kredietovereenkomst, bewust onjuiste inlichtingen heeft verstrekt van dien aard, dat de Kredietbank de kredietovereenkomst geheel niet of niet onder dezelfde voorwaarden zou hebben aangegaan indien de Kredietbank met de juiste stand van zaken bekend zou zijn geweest.
Artikel 34 Recht op inkomen en stil pandrecht aangeschafte zaak (art. 7:77 BW)
De Kredietbank kan op grond van 7:77 BW lid 1 onder d met de klant overeenkomen enig recht op periodieke betaling, verschuldigd uit hoofde van loon of andere inkomsten uit arbeid, van uitkeringen als bedoeld in artikel 475c onder b-i van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, ter zake van een kredietovereenkomst op enigerlei wijze overdraagt, vervreemdt of bezwaart dan wel tot invordering daarvan een onherroepelijke volmacht, in welke vorm of onder welke benaming ook, voor de kredietovereenkomsten:
De Kredietbank is bevoegd om tot zekerheid van de nakoming van een verbintenis van de klant uit hoofde van een kredietovereenkomst, een pandrecht als bedoeld in artikel 237 van Boek 3 te vestigen op een zaak, indien die zaak door de klant met het uit hoofde van de kredietovereenkomst verkregen geld wordt aangeschaft of aan de klant ingevolge de kredietovereenkomst het genot van die zaak wordt verschaft, voor de volgende kredietovereenkomsten:
Paragraaf 7 Schuldregelingsovereenkomst
HOOFDSTUK VI BUDGETBEHEER EN BUDGETBEGELEIDING
Paragraaf 1 Algemene bepalingen
De werkzaamheden van de Kredietbank vinden plaats in overeenstemming met de richtlijnen van de Gedragscode Schuldhulpverlening en de module Budgetbeheer van de NVVK en, indien van toepassing, het in het kader van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening door het Bestuur opgestelde beleidsplan en bijbehorende beleidsregels.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-334383.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.