Gedragscode integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Castricum 2026

De raad van de gemeente Castricum;

 

gehoord het advies van de commissie d.d. 18 juni 2026;

 

gelet op het bepaalde in artikel 15 van de Gemeentewet;

 

b e s l u i t :

 

vast te stellen de navolgende:

 

Gedragscode integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Castricum 2026

Inleiding

Goed bestuur is integer bestuur. Iedereen weet wel wat er ongeveer bedoeld wordt met het begrip ‘integriteit’. Lastiger is te bepalen wanneer iets of iemands gedrag integer is. Er is daarbij onderscheid te maken tussen twee dimensies van handelen, namelijk recht en moraal. Wat is toegestaan volgens wettelijke bepalingen en geboden en verboden? En wat is wenselijk volgens integriteitskaders, verwachtingen en verantwoordelijkheden die horen bij de rol van een raadslid? Integriteit gaat niet alleen over gedrag, over omgangsvormen en over regels, maar ook over beeldvorming en het aanzien van het openbaar bestuur. Het werk van een raadslid vindt als het ware plaats in een glazen huis en staat onder voortdurende aandacht. Integriteitskwesties raken daarom niet alleen het individu, maar kunnen het aanzien van de raad en het vertrouwen van inwoners in de lokale democratie schaden. Integriteit is daarmee een gezamenlijk belang.

 

Volksvertegenwoordigers kunnen op verschillende manieren kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld in relationele, financiële of functionele zin. Juist omdat raadsleden midden in de samenleving staan, kunnen uiteenlopende belangen en rollen elkaar raken. Daarbij kan al snel de schijn van belangenverstrengeling ontstaan. Dat kan een raadslid in een lastige positie brengen. Blijvende aandacht voor integriteit is daarom noodzakelijk – niet uit wantrouwen, maar vanuit zorgvuldigheid.

 

De Gemeentewet verplicht de raad om een gedragscode voor raadsleden vast te stellen. Deze gedragscode heeft als doel de integriteit van raadsleden te waarborgen en biedt een richtsnoer voor hun handelen. De code bevat richtinggevende normen en vormt een kader voor beoordeling bij twijfel, vragen en discussies. De gedragscode is een interne regeling die de wettelijke regels nader invult en op onderdelen aanvult. Aan het niet naleven ervan zijn geen directe rechtsgevolgen verbonden, er is sprake van zelfbinding. Dat betekent echter niet dat de code vrijblijvend is. De regels zijn door de raad zelf vastgesteld en raadsleden kunnen elkaar daarop aanspreken en zich daarover verantwoorden.

 

Integriteit is meer dan het naleven van regels. Het is een grondhouding en een kwestie van mentaliteit, die zich ontwikkelt in het handelen. Daarom is het van belang dat integriteit onderwerp van gesprek blijft binnen de raad. Om die reden wordt het thema periodiek geagendeerd in het presidium en voor de raad als geheel.

 

Integriteit komt tot uitdrukking in de volgende kernbegrippen:

 

Dienstbaarheid

Het handelen is gericht op het belang van de gemeente en haar inwoners en organisaties.

 

Functionaliteit

Het handelen staat in direct verband met de rol als volksvertegenwoordiger.

 

Onafhankelijkheid

Er is geen vermenging met oneigenlijke belangen.

 

Betrouwbaarheid

Afspraken worden nagekomen en informatie wordt zorgvuldig en uitsluitend gebruikt voor het doel waarvoor deze is verstrekt.

 

Openheid

Het handelen is transparant, zodat verantwoording en inzicht mogelijk zijn.

 

Zorgvuldigheid

Inwoners en organisaties worden gelijk en met respect behandeld, en belangen worden zorgvuldig afgewogen.

 

Deze kernbegrippen vormen de basis voor de volgende gedragsafspraken. Verder is het belangrijk dat men bij twijfelgevallen aan de veilige kant van de streep blijft staan. De griffier en de burgemeester kunnen daarbij als klankbord fungeren.

 

Wettelijk kader

Er zijn een aantal belangrijke wettelijke integriteitsnormen waar raadsleden zich aan moeten houden. Deze zijn hierna op een rij gezet. Dit overzicht vormt het wettelijk kader van deze gedragscode.

  • In de Gemeentewet (artikel 15, derde lid) is vastgelegd dat de gemeenteraad een gedragscode vaststelt voor zijn leden.

  • De raad vertegenwoordigt de gehele bevolking van de gemeente (artikel 7, Gemeentewet). Dit betekent dat een raadslid vanuit het algemeen belang moet handelen.

  • Voordat raadsleden hun functie kunnen uitoefenen leggen de raadsleden in de vergadering, in handen van de voorzitter, de eed of belofte af. In deze eed of belofte wordt beloofd dat men zich aan de wet houdt en dat de plichten als lid van de raad naar eer en geweten worden vervuld. (Gemeentewet artikel 14, eerste lid).

  • Een lid van de raad neemt niet deel aan de beraadslaging en stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken en/of de vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij rekenplichtig is of tot welks bestuur hij behoort. (Gemeentewet artikel 28, eerste lid)

  • Een aantal functies zijn verboden om naast het raadslidmaatschap te hebben (Gemeentewet, artikel 13). Dit gaat bijvoorbeeld om het zijn van ambtenaar bij dezelfde gemeente of het bekleden van een ander politiek ambt. Daarnaast zijn er bepaalde verboden handelingen. Zo mogen raadsleden gelijktijdig niet als advocaat, adviseur of gemachtigde werkzaam zijn in geschillen waar de gemeente(bestuur) partij is (Gemeentewet, artikel 15, lid 1 en 2).

  • Het is wettelijk verplicht om nevenfuncties openbaar te maken en bij te houden in een openbaar register. raadsleden zijn zelf verantwoordelijk voor de tijdige aanlevering van de informatie over hun nevenfuncties (Gemeentewet, artikel 12 en 15).

Artikel 1. Algemene bepalingen

  • 1.

    Deze gedragscode geldt voor de raadsleden van de gemeente Castricum tenzij uit de tekst van een gedragsregel anders blijkt. Deze gedragscode is van overeenkomstige toepassing op door de gemeenteraad benoemde commissieleden.

  • 2.

    Het doel van de gedragscode is om de integriteit van raadsleden en de zuiverheid van besluitvorming te bevorderen.

  • 3.

    In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de toepassing niet eenduidig is, vindt bespreking plaats in de gemeenteraad, dan wel in het presidium.

  • 4.

    De code is openbaar en op de website van de gemeenteraad beschikbaar gesteld.

  • 5.

    In een nieuwe raadsperiode wordt een geactualiseerde versie van de Gedragscode Integriteit voorgelegd aan de raadsleden. Deze wordt besproken in een commissievergadering. Na besluitvorming wordt de herziene versie van de gedragscode verspreid onder de raads- en commissieleden.

  • 6.

    Raadsleden zijn door iedereen aanspreekbaar op de naleving van deze code.

Artikel 2. Belangenverstrengeling

  • 1.

    Een raadslid moet actief belangenverstrengeling tegengaan.

  • 2.

    Een oud-raadslid wordt het eerste halfjaar na de beëindiging van zijn ambtstermijn uitgesloten van het tegen beloning verrichten van werkzaamheden voor de gemeente, met uitzondering van het wethouderschap.

  • 3.

    Op voordracht van de burgemeester kan de raad in uitzonderlijke gevallen besluiten van het bepaalde in lid 2 af te wijken.

     

Toelichting

 

Belangenverstrengeling of belangenvermenging is een situatie waarbij iemand meerdere

belangen dient die zo’n invloed op elkaar kunnen uitoefenen dat de integriteit ten

aanzien van het ene of het andere belang in het geding komt.

 

In het eerste lid onder a van artikel 28 van de Gemeentewet wordt bepaald dat een lid van de gemeenteraad niet deelneemt aan stemmingen en beraadslagingen over een aangelegenheid die:

  • -

    hem of haar rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of

  • -

    waarbij hij/zij als vertegenwoordiger is betrokken.

Een raadslid is zelf verantwoordelijk om de afweging te maken of hij/zij - gelet op het bepaalde in artikel 28 van de Gemeentewet - kan deelnemen aan de beraadslagingen dan wel aan de stemmingen. Een raadslid kan hierover overleggen met de griffier.

 

Een term die ook belangrijk is in het kader van belangenverstrengeling, is ‘netwerkcorruptie’. Volksvertegenwoordigers opereren namelijk vaak in diverse (boven)lokale netwerken. Hoewel deze netwerken bijdragen aan het geworteld zijn van het raadslid, ontstaat tegelijkertijd het risico dat een raadslid vanuit het gevoel van sympathie en loyaliteit, de belangen van de eigen netwerken vooropstelt boven het algemeen belang. Dit maakt duidelijk dat het nadenken over de eigen integriteit verder gaat dan het beoordelen van individuele handelingen. Het vraagt ook dat raadsleden zich bewust zijn dat zij altijd verbonden zijn met professionele en persoonlijke netwerken. En dat deze netwerken ‘onbewust’ een invloed kunnen hebben op de keuzes en acties van het raadslid, die mogelijk tot een schending leiden.

Artikel 3. Nevenfuncties

  • 1.

    Onder nevenfuncties worden verstaan alle bezoldigde en onbezoldigde functies die naast het raadslidmaatschap worden vervuld.

  • 2.

    Een raadslid vervult geen nevenfuncties die een risico vormen voor een integere invulling van de politieke functie.

  • 3.

    Het wordt een raadslid ontraden om de volgende nevenfuncties te vervullen:

    • -

      een adviesfunctie ten behoeve van het college van burgemeester en wethouders;

    • -

      deelnemer aan participatiewerkgroepen.

  • 4.

    Een raadslid levert de griffier de informatie aan over de (neven)functies die openbaar gemaakt moeten worden bij aanvang van het raadslidmaatschap, dan wel binnen één maand na aanvaarding van de (neven)functie en geeft de wijzigingen daarin door.

  • 5.

    De informatie betreft in ieder geval de omschrijving van de (neven)functie, de organisatie voor wie de (neven)functie wordt verricht en of de (neven)functie bezoldigd of onbezoldigd is.

  • 6.

    De griffier legt hiervoor een register aan en beheert dit register. Het register is openbaar en via internet beschikbaar.

     

Toelichting

 

De wet gaat ervan uit dat het raadslidmaatschap wordt vervuld naast werk en andere activiteiten, zogenaamde nevenfuncties. Daardoor staan raadsleden midden in de samenleving en hebben zij vaak verschillende rollen en belangen. Nevenfuncties kunnen het onafhankelijk oordeel van het raadslid beïnvloeden. Dat maakt alertheid op integriteit extra belangrijk.

 

In lid 3 worden, naast de wettelijk verboden nevenfuncties (onverenigbare betrekkingen), specifiek twee nevenfuncties ontraden. Het gaat allereerst om nevenfuncties met een adviserende rol richting het college van burgemeester en wethouders. Dit kan namelijk leiden tot een ongewenste dubbele pet bij gerelateerde onderwerpen. Daarnaast wordt deelname aan participatiewerkgroepen ontraden. Artikel 7 van de Gemeentewet bepaalt dat een raadslid besluiten neemt vanuit het algemeen belang. Deelname aan participatiewerkgroepen vindt echter vaak plaats vanuit een persoonlijk belang, wat op gespannen voet kan staan met de plicht te handelen vanuit het algemeen belang.

Artikel 4. Informatie

  • 1.

    Een raadslid gaat zorgvuldig en correct om met de informatie waarover hij of zij uit hoofde van het lidmaatschap van de gemeenteraad beschikt. Het raadslid draagt er zorg voor dat vertrouwelijke en geheime informatie veilig wordt bewaard, dat computerbestanden adequaat zijn beveiligd en dat verantwoord wordt omgegaan met het gebruik van AI. Hiervoor wordt verwezen naar de geldende AI-richtlijn.

  • 1.

    Een raadslid dat de beschikking krijgt over gegevens waarvan het geheime of vertrouwelijke karakter bekend is of waarvan dit redelijkerwijs te vermoeden is, is verplicht tot geheimhouding van die gegevens, behalve als de wet tot mededeling verplicht.

  • 2.

    Een raadslid maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen informatie.

     

Toelichting

 

Raadsleden ontvangen uit hoofde van hun functie een grote hoeveelheid informatie. De leden van de gemeenteraad beschikken over informatie die nodig is om de rol van volksvertegenwoordiger adequaat te kunnen uitoefenen. In een aantal gevallen is deze informatie geheim. Openbaarheid is de regel, geheimhouding is hier de uitzondering op. In de geldende notitie actieve informatieplicht gemeente Castricum zijn het wettelijke kader en de uitgangspunten over de actieve en passieve informatieplicht vastgelegd. De afspraken over de werkwijze bij geheimhouding zijn vastgelegd in de geldende Notitie beslotenheid en geheimhouding. Het is daarnaast belangrijk dat raadsleden de juiste maatregelen treffen om te voorkomen dat onbevoegden vertrouwelijke en/of geheime gegevens kunnen bezitten, raadplegen of beschadigen. Daarbij moet in de digitale setting worden gedacht aan de beveiliging van de computer, smartphone en iPad met toegangscodes en wachtwoorden. Ook mag apparatuur niet onbeheerd worden achtergelaten of uitgeleend aan een ander. Op devices van raadsleden mag geen persoonsinformatie of andere vertrouwelijke informatie opgeslagen worden. De iPad mag alleen via een beveiligde of vertrouwde wifi-verbinding gebruikt worden. Daarnaast draagt het raadslid er zorg voor dat onbevoegden niet op het scherm kunnen meelezen.

Artikel 5. Omgaan met geschenken, faciliteiten, diensten van derden

  • 1.

    Een raadslid accepteert en biedt geen geschenken, faciliteiten of diensten aan als zijn/haar onafhankelijke positie hierdoor kan worden beïnvloed.

  • 2.

    Geschenken en giften die een raadslid uit hoofde van zijn/haar functie ontvangt, meldt hij/zij bij de griffier.

  • 3.

    Geschenken en giften die een raadslid uit hoofde van zijn/haar functie ontvangt en die een geschatte waarde van meer dan € 50 vertegenwoordigen zijn eigendom van de gemeente. Geschenken en giften die een waarde van € 50 of minder vertegenwoordigen worden wel gemeld maar kunnen worden behouden, tenzij het eerste lid van toepassing is.

  • 4.

    De griffier legt een register aan van de geschenken met een geschatte waarde van € 50 of hoger en de bestemming die hieraan door de gemeente is gegeven. Het register is openbaar.

  • 5.

    Het register wordt 1 keer per jaar gedeeld met het presidium.

  • 6.

    Geschenken en giften worden niet op het huisadres ontvangen. Indien dit toch is gebeurd, meldt een raadslid dit aan het presidium, waarna een besluit over de bestemming van het geschenk wordt genomen.

     

Toelichting

 

Geschenken, faciliteiten of diensten van derden kunnen worden gebruikt om de besluitvorming te beïnvloeden of daarvan de schijn hebben. De norm die moet worden gehanteerd bij het omgaan hiermee is de ‘nee, tenzij’-regel; een raadslid neemt dus geen geschenken aan, tenzij er goede redenen zijn om hiervan af te wijken. Een goede reden kan bijvoorbeeld zijn dat het weigeren van een dienst of faciliteit het gemeenteraadswerk onwerkbaar zou maken of dat het teruggeven van een geschenk de gever zou schaden. De afwijkingen moeten vervolgens bekend gemaakt worden bij de griffier, die bepaalt welke vervolgstappen nodig zijn. Er zijn ook situaties denkbaar waarin het aannemen van een geschenk, van welke waarde ook, onacceptabel is. Dit is bij uitstek het geval in onderhandelingssituaties. Het accepteren van faciliteiten of diensten van anderen kan een afhankelijkheid of dankbaarheid creëren die de zuiverheid van het besluitvormingsproces kan aantasten. Ook met het aannemen van faciliteiten en diensten kan een raadslid aangetast raken. Het kan de schijn van corruptie opwekken.

Artikel 6. Deelname aan excursies, evenementen en buitenlandse reizen voor rekening van anderen dan de gemeente

  • 1.

    Een raadslid dat het voornemen heeft uit hoofde van zijn/haar functie op kosten van derden een buitenlandse reis te maken, dan wel deel te nemen aan een excursie of evenement, of is uitgenodigd voor een buitenlandse reis of werkbezoek meldt dit vooraf aan het presidium.

  • 2.

    Informatie wordt verschaft over het doel van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap, de geraamde kosten en de wijze waarop van de reis verslag wordt gedaan.

  • 3.

    Toestemming voor deelname wordt vooraf aan het presidium gevraagd. Het is doorslaggevend voor de besluitvorming dat de deelname niet tot belangenverstrengeling kan leiden.

  • 4.

    De griffier legt hiervoor een register aan en beheert dit register.

  • 5.

    De informatie is via internet beschikbaar.

     

Toelichting

 

Deelname aan excursies, evenementen en buitenlandse reizen zijn bedoeld om raadsleden in de gelegenheid te stellen zich inhoudelijk te informeren en noodzakelijke contacten te leggen en onderhouden binnen en buiten de gemeente. De verplichting om actief het ontstaan van de schijn van corruptie tegen te gaan, betekent dat lunchen, dineren of naar recepties gaan op kosten van anderen waar mogelijk moet worden vermeden. Wanneer een raadslid om toestemming vraagt om op een dergelijke uitnodiging in te gaan wordt door het presidium getoetst of een uitnodiging behoort tot de uitoefening van het gemeenteraadswerk. Daarnaast wordt beoordeeld of de aanwezigheid van het raadslid beschouwd kan worden als functioneel en tegelijkertijd de schijn van beïnvloeding niet aanwezig is.

Artikel 7. Gebruik van voorzieningen van de gemeente

  • 1.

    Het gebruik van gemeentelijke eigendommen of voorzieningen voor privédoeleinden is niet toegestaan, tenzij het de bruikleen van informatie- en communicatievoorzieningen betreft die mede voor privédoeleinden kunnen worden gebruikt.

  • 2.

    Een raadslid declareert geen kosten die reeds op andere wijze worden vergoed.

     

Toelichting

 

Raadsleden krijgen voor hun gemeenteraadswerk de beschikking over een aantal faciliteiten van de gemeente. In Castricum heeft men de beschikking over voorzieningen (zoals een IPad), die primair voor het gemeenteraadswerk ter beschikking zijn gesteld. Regels met betrekking tot het gebruik van de tablet zijn opgenomen in de bruikleenovereenkomst die bij de overhandiging door de gemeente en het raads- of commissielid is getekend. Een raadslid houdt zich aan de regels met betrekking tot het gebruik van interne voorzieningen van algemene aard, zoals vergaderkamers en kopieermachines. Men houdt zich aan de verordeningen en regels met betrekking tot onkostenvergoedingen en declaraties.

Artikel 8. Bedreiging, intimidatie en agressie

  • 1.

    Bedreiging, intimidatie en agressie mogen geen belemmering vormen voor zorgvuldige besluitvorming. In het geval een raadslid hiermee te maken krijgt dient dit gemeld te worden bij de burgemeester en/of de griffier.

  • 2.

    Voor de werkwijze rond meldingen in dit kader wordt verwezen naar het geldende Agressieprotocol voor volksvertegenwoordigers.

     

Toelichting

 

Politici krijgen, ook op decentraal niveau, steeds vaker te maken met vormen van ongewenst gedrag, intimidatie of agressie (verbaal, psychisch of lichamelijk). Bedreiging, intimidatie en agressie kunnen leiden tot oneigenlijke invloeden op de besluitvorming, bijvoorbeeld wanneer een raadslid zich niet meer vrij voelt in beraadslagingen of besluitvorming. Ondermijning en de vermenging van de onder- en bovenwereld staat een zuiver proces in de weg. In het Agressieprotocol voor volksvertegenwoordigers staat beschreven hoe te handelen in een situatie waarin een volksvertegenwoordiger te maken krijgt met grensoverschrijdend gedrag.

Artikel 9. Meldingen van vermoedens van integriteitsschending

Voor de werkwijze rond meldingen in dit kader wordt verwezen naar het Meldingsprotocol vermoedens van schendingen integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Castricum 2026.

 

Toelichting

 

Integriteit vormt een belangrijke basis voor het functioneren van de gemeenteraad en vraagt om zorgvuldigheid van alle betrokkenen. Daarbij past ook terughoudendheid in de wijze waarop met vermoedens van integriteitsschendingen wordt omgegaan. Integriteit mag geen politiek instrument worden. Integritisme, de neiging om te snel iets als integriteitskwestie of integriteitsschending aan te merken, kan schadelijke gevolgen hebben voor zowel betrokken personen als het vertrouwen in het openbaar bestuur.

 

Het is belangrijk dat raadsleden elkaar kunnen aanspreken op integriteit en vermoedens van integriteitsschendingen serieus nemen. Tegelijkertijd moet een raadslid zich bewust zijn van de mogelijke gevolgen van openbare uitingen over dergelijke vermoedens. Beeldvorming speelt daarbij een belangrijke rol. Een openbare vergadering is daarom niet de aangewezen plek om vermoedens van integriteitsschendingen te bespreken of aantijgingen te doen.

 

Om een zorgvuldige en passende behandeling van meldingen te waarborgen, bevat het Meldingsprotocol vermoedens van schendingen integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Castricum 2026 de procedure en werkwijze voor het melden en behandelen van vermoedens van integriteitsschendingen.

Artikel 10. Uitvoering gedragscode

  • 1.

    De gemeenteraad ziet erop toe dat deze gedragscode wordt nageleefd.

  • 2.

    De griffier ondersteunt de gemeenteraad hierbij onder meer door tweemaal per gemeenteraadsperiode een bijeenkomst te organiseren over integriteit.

  • 3.

    Het onderwerp integriteit is viermaal per jaar een agendapunt van het presidium.

Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De gedragscode Integriteit volksvertegenwoordigers 2022, vastgesteld door de gemeenteraad op 9 juni 2022, wordt ingetrokken.

  • 2.

    Deze gedragscode treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

  • 3.

    Deze gedragscode wordt aangehaald als “Gedragscode integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Castricum 2026”

Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Castricum in de openbare gemeenteraadsvergadering van 2 juli 2026.

De griffier,

Mw. R. Slootweg MSc

De burgemeester,

Dhr. B.A. Tap

Naar boven