Verkeersbesluit instellen onverplicht fietspad 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat te Rotterdam

Rotterdam, Delfshaven, AS26/01431 – 26/0005229

 

De directeur van cluster Stadsontwikkeling,

 

overwegende,

 

dat de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat zijn gelegen in de wijk Middelland binnen het gebied Delfshaven van de gemeente Rotterdam;

dat op de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat sinds begin 2026 een maximumsnelheid van 30 km/u geldt;

dat langs delen van de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat in de huidige situatie verplichte fietspaden aanwezig zijn, aangeduid met borden G11 van bijlage I van het RVV 1990;

dat deze fietspaden worden gebruikt door verschillende groepen weggebruikers, waaronder kinderen, scholieren, ouders met kinderen, senioren en gebruikers van onder meer kinderfietsen, elektrische fietsen, fatbikes, bakfietsen en racefietsen;

dat daarnaast ook snorfietsers gebruikmaken van de aanwezige fietspaden;

dat de aanwezige fietspaden relatief smal zijn en druk worden bereden;

dat hierdoor sprake is van een combinatie van verschillende typen gebruikers en snelheidsverschillen binnen een beperkte beschikbare ruimte;

dat de wijkraad Middelland – Nieuwe Westen in haar Jaaractieplan 2025 de actie heeft opgenomen om de veiligheid op de fiets- en voetpaden in de wijk te verbeteren;

dat de gemeente Rotterdam in overleg met de wijkraad Middelland – Nieuwe Westen deze wens concreet heeft gemaakt door het uitvoeren van een pilot op de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat;

dat deze pilot erop is gericht om fietsers die met een hogere snelheid rijden, zoals gebruikers van elektrische fietsen, fatbikes en racefietsen, meer gebruik te laten maken van de rijbaan;

dat de recent ingestelde maximumsnelheid van 30 km/u op dit traject mogelijkheden biedt om fietsers die met een hogere snelheid rijden op de rijbaan te laten rijden;

dat met de pilot ervaring wordt opgedaan met het tijdelijk wijzigen van het verplichte fietspad naar een onverplicht fietspad, waarbij fietsers de keuze krijgen om gebruik te maken van het onverplichte fietspad of de rijbaan;

dat er in het kader van het landelijke Meerjarenplan Fietsveiligheid 2025-2029 ook in andere gemeenten middels vergelijkbare pilots ervaring is opgedaan met deze wijze van geleiding van fietsverkeer;

dat de pilot betrekking heeft op het weggedeelte van de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat tussen de Van der Poelstraat en de Jan Sonjéstraat, in west-oostelijke richting;

dat de pilot tevens betrekking heeft op het weggedeelte van de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat tussen de Duivenvoordestraat en de Aleidisstraat, in oost-westelijke richting;

dat het wenselijk is om binnen deze pilot het huidige verplichte fietspad tijdelijk te wijzigen in een onverplicht fietspad;

dat bestuurders van snorfietsen met verbrandingsmotor een onverplicht fietspad slechts met uitgeschakelde motor mogen gebruiken;

dat het wijzigen van het verplichte fietspad naar een onverplicht fietspad er daarmee toe leidt dat snorfietsers met verbrandingsmotor, wanneer zij gemotoriseerd willen blijven rijden, gebruik moeten maken van de rijbaan;

dat elektrische snorfietsers gebruik kunnen blijven maken van het onverplichte fietspad;

dat de verwachting is dat ook elektrische snorfietsers en fietsers die met een hogere snelheid rijden vaker gebruik zullen maken van de rijbaan, omdat het fietspad druk en smal is;

dat het wenselijk is om op het onverplichte fietspad een adviessnelheid van maximaal 20 km/u kenbaar te maken;

dat deze adviessnelheid wordt aangegeven door onder de borden G13 onderborden te plaatsen met de tekst “20 km/u”;

dat hiermee wordt beoogd gebruikers van het onverplichte fietspad te attenderen op de gewenste snelheid op het fietspad en fietsers die met een hogere snelheid willen rijden te stimuleren gebruik te maken van de rijbaan;

dat de locaties waar fietsers vanaf het fietspad naar de rijbaan kunnen rijden met blauwe markering worden aangeduid;

dat deze blauwe markering ondersteunend is aan de pilot en bijdraagt aan de herkenbaarheid van de overgang van het fietspad naar de rijbaan;

dat op en rond het pilot-traject informatieborden worden geplaatst;

dat met deze informatieborden weggebruikers worden geïnformeerd over de tijdelijke aard en de werking van de pilot;

dat de pilot start op 15 september 2026, of zoveel eerder of later als mogelijk of noodzakelijk en eindigt op 15 maart 2027 of zoveel eerder of later als mogelijk of noodzakelijk;

dat de pilot gedurende de looptijd wordt gemonitord en geëvalueerd;

dat de uitkomsten van de pilot kunnen worden gebruikt om te beoordelen of de maatregel bijdraagt aan een veiligere en comfortabelere verdeling van fietsverkeer op de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat;

dat het wenselijk is de tijdelijke verkeersmaatregelen in te stellen om de verkeersveiligheid en bruikbaarheid van de fietspaden te verbeteren en om fietsers die met een hogere snelheid rijden beter te geleiden;

dat de maatregel, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:

  • het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

  • het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • het beschermen van weggebruikers en passagiers;

dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;

dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie positief heeft geadviseerd.

 

Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2022 (gemeenteblad 2022-187, zoals nadien gewijzigd);

Besluit:

namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

 

Tot het tijdelijk instellen van een onverplicht fietspad langs de 1e Middellandstraat en 2e Middellandstraat tussen de Van der Poelstraat en de Jan Sonjéstraat, in west-oostelijke richting, alsmede tussen de Duivenvoordestraat en de Aleidisstraat, in oost-westelijke richting, middels

  • het verwijderen van twee borden G11, verplicht fietspad, zoals bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van de kruising 1e Middellandstraat – Claes de Vrieselaan en de kruising 1e Middellandstraat – Duivenvoordestraat;

  • het plaatsen van zeven borden G13, onverplicht fietspad, zoals bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, voorzien van onderborden met de tekst “20 km/u”, op de kruisingen van de 1e en 2e Middellandstraat en het Middellandplein met de Van der Poelstraat, Hendrick Sorchstraat, Joost van Geelstraat, Claes de Vrieselaan, Jan Porcellisstraat, Duivenvoordestraat en Witte van Haemstedestraat.

De bovengenoemde verkeersmaatregelen zullen duren van 15 september 2026 tot en met 15 maart 2027, dan wel zoveel eerder of later als mogelijk of noodzakelijk is.

 

De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

Dit besluit wordt zowel in het Gemeenteblad als op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.

 

Rotterdam, 1 juli 2027

Namens het college van Burgemeester en Wethouders

de directeur van het cluster Stadsontwikkeling,

voor deze, het hoofd Mobiliteit,

Remco de Goederen

Hoofd van de afdeling Mobiliteit

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na datum van publicatie, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders.

 

Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:

- naam en adres van de indiener

- datum bezwaarschrift

- de gronden van het bezwaar

- een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.

 

Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar:

Het college van burgemeester en wethouders,

t.a.v. de Algemene Bezwaarschriftencommissie, postbus 1011, 3000 BA te ROTTERDAM.

Faxnummer Algemene Bezwaarschriftencommissie: (010) 2676300.

 

U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen op: www.rotterdam.nl/bezwaar

U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:

Rechtbank Rotterdam, sector Bestuursrecht, postbus 50951, 3007 BM te ROTTERDAM.

Voor een dergelijk verzoek is griffiegeld verschuldigd.

Naar boven