Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge;
Gelezen het voorstel van 30 juni 2026;
gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en [de ]artikel[en] [3.2.10], 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;
B E S L U I T :
vast te stellen: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Halderberge
Artikel 1. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing
1. De burgemeester of de wethouder die een vergoeding wil ontvangen in verband met de deelname aan niet partijpolitiek georiënteerde scholing voor de uitvoering van zijn functie (zoals bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris.
2. Bij dit verzoek worden documenten (papier of digitaal) met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitsverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
3. Het college beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken en na toetsing aan de kaders van deze regeling, het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers.
Artikel 2. Informatie- en communicatievoorzieningen
1. De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2. Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
2. De burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorziening na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Artikel 3. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964
Artikel 4. Betaling en declaratie van onkosten
1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,
b. betaling vooruit uit eigen middelen of
c. betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.
2. Een verzoek om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen 3 maanden na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de secretaris.
4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan burgemeester of wethouders binnen 2 maanden/bij de eerst volgende salarisrun na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 5: Titel en inwerkingtreding
1. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouder gemeente Halderberge en treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst.
2. De regeling rechtspositie burgemeester en wethouder gemeente Halderberge van 2025 wordt ingetrokken.